Foto bij 3 ~ Running

Ik smeet mijn schooltas met veel geweld in de hoek van mijn zolderkamer en trok mijn dikke trui over mijn hoofd. Mijn navelpiercing glinsterde in het licht van mijn lamp. Ik trok een hemdje en een andere trui over mijn hoofd en schopte daarna mijn sneakers uit. Ik prutste aan mijn knoop en trok mijn strakke spijkerbroek uit om een dikke, zwarte joggingbroek aan te trekken. Ik liet mijn telefoon, camera en IPod in de wijde zakker glijden en stopte mijn oortjes goed in. Vlug pakte ik mijn peperdure hardloopschoenen en trok ze aan.
Ik werd gek van mijn vriendinnen, als ik ze zo nog kon noemen. Ik was waarschijnlijk alleen maar een aanhangsel voor ze, maar wat moest ik anders? Af en toe had ik echt zin om ze eens flink de waarheid te zeggen, maar dan zou ik verdoemd zijn. Lindsay was één van de populairste mensen op school. Iedereen wilde met haar omgaan. Iedereen behalve ik.
Mijn blik gleed door mijn kamer. Ik was er blij mee. Mijn kamer was ruim en licht. Ik had twee blauwe muren en twee witten die volhingen met posters, foto’s, tekeningen en tekstjes. Ook had ik een geweldig tweepersoonsbed, een gigantische kast en een bureau met laptop. En ergens, verstopt in een hoekje, stond ook nog een akoestische gitaar. Toen ik zeven was, wilde ik perse op gitaarles. Ik ben er op mijn dertiende vanaf gegaan, maar speel het nu nog af en toe.
Ik stond op en liep op mijn muur af. Ik pakte mijn watervaste stift en streepte een vakje weg. Ik hield bij hoeveel dagen ik nog naar school moest. En het waren er nog steeds ontzettend veel. Ik kon haast niet wachten om naar een universiteit te gaan. Het liefste zou ik naar Hamburg of Berlijn willen. Lekker groot. Ik wilde hier echt weg. Ik had een hekel aan Keulen.
Ik liep op topsnelheid de trap af en trommelde op de kamerdeuren van mijn broers. Dat was het teken dat ik wegging. Giechelend stormde ik ook de andere trap af toen ik gevloek hoorde uit Peters kamer. Naomi zou wel weer op bezoek zijn.
Buiten was het koud. Ontzettend koud. Ik rilde en kroop wat dieper in mijn dikke trui. Ik zette mijn IPod aan en genoot van de muziek. Ik rende de tuin uit en richtte mijn blik vlak voor mijn voeten. Het was spekglad en ik zou makkelijk een been kunnen breken. Toch had ik geen zin om binnen te blijven zitten. Dat deed ik al zo vaak. Ik hield van de buitenlucht. Vooral in de zomer kon je me altijd buiten vinden. Vooral om foto’s te maken en te tekenen.
Al gauw kwam ik bij het gigantische park aan. Normaal was het hier best wel druk, maar vandaag niet. Het was dan ook nog maar middag en er lag veel sneeuw en ijs. Ik sprong op en tikte tegen een overhangende tak aan. De sneeuw die erop lag viel op mijn hoofd. Giechelend schudde ik het er weer af. Stiekem hield ik wel van de sneeuw. Ik had deze winter al heel veel mooie foto’s gemaakt van het witte landschap.
Een eend schoot vlak langs mijn voet voorbij en ik moest vlug reageren om hem te ontwijken. Stomme beesten waren het eigenlijk. Ik keek naar het meertje dat met glinsterend ijs was bedekt. Mijn hard maakte een sprongetje toen ik er een meisje op zag staan, niet ouder dan vijf jaar. Het ijs was niet dik genoeg. Het was al twee dagen aan het dooien. Ik wilde net wat roepen, maar mijn adem stokte. Het ijs brak en het meisje viel in het water.

.

Reacties (2)

  • Jonsu

    Eenden zijn stoer!(cat)Awhh warm meisje. Ik ga snel verder lezen:Y).

    1 decennium geleden
  • uncommon

    Omg, neee.
    Wat zielig voor dat meisje :ó
    hij is prachtig geschreven <3
    ily.

    1 decennium geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen