Foto bij H.76.

Het laatste stuk van het vorige hoofdstuk:
En dan gaat mijn telefoon af, zo plotseling dat ik bijna een kreet uit mijn mond laat ontsnappen.
Om de een of andere rede is het eerste wat door mijn hoofd heen gaat dat het Ammay is, dat ze nog leeft, dat het oké is, maar ik weet ook wel dat dat nergens op slaat.
Ze had geen telefoon.
En ze is dood.
Ammay Annelson leeft niet meer, dat is mijn schuld, en ze kan mij nu niet aan het bellen zijn.
Ik denkbare alleen omdat dat is wat ik wil, omdat dat het enige is waar ik nog naar verlang.
Maar dan haal ik hem uit mijn zak, kijk wie mij op dit moment überhaupt zou willen bellen.
Het is een onbekend nummer.

Ik twijfel even.
Een onbekend nummer?
Moet ik opnemen?
Zal ik teruggaan maar Evan?
Wat als het mijn moeder is?
Mijn vader?
Geoff LeNoir?
Maar dan, na een tijdje twijfelen, neem ik op.
‘H-hallo?’ sputter ik.
‘Gioa?’ vraagt een bekende stem.
Ik laat gerustgesteld mijn adem ontsnappen.
‘James.’ verzucht ik gerustgesteld en ik probeer in mijn stem te verbergen dat ik net gehuild heb.
‘Wie verwachte je anders?’
Ik slik.
‘Heb... heb je een nieuw nummer?’
Er klinkt een opgehelderde “o” aan de andere kant van de lijn.
‘Dat was ook zo. Natuurlijk. Dacht je dat het...’ zijnstem sterft weg.
‘Dat het mijn moeder was? Ja.’ zeg ik, net iets te snauwerig, te beschuldigend, maar hij zegt er niets van.
Mijn stem trilt onmiskenbaar.
Heel lang is het stil.
‘Het was op het nieuws.’ zegt hij en ik weet niet precies waarom ik huiver.
Ik krimp lichtjes ineen.
‘Ik weet het.’ prevel ik en mijn onderlip trilt.
‘We gaan haar vinden, oké? Ze gaat eraan.’ kondig hij aan, bijna strijdlustig.
Paniekerig schiet ik overeind, gealarmeerd.
‘Nee!’ roep ik uit en ik hoor dat hij schrikt,’ Alsjeblieft niet. De politie is ook bezig. Als ze jou ook vangen. Ik... alsjeblieft... ik wil niet nog iemand kwijtraken. Alsjeblieft. James. Ik kan niet...’
Op het laatste begin ik te snikken en ik wil het stoppen, maar ik kan het niet.
‘Oké.’ zegt hij dan,’ Oké.’
En ik geloof hem.
‘Heb je een slaapplaats?’ vraagt hij, oprecht bezorgd.
Ik besef me dar hij van alle mensen op aarde, hij het dichtste bij mij in de buurt komt als broer.
‘Ja. Ik slaap bij een vriend.’ zeg ik.
‘Een vriend.’ klinkt het ontevreden, achterdochtig.
Ik zucht.
Jep - grote broer.
‘Ik heb onderdak. Oké?’
‘Oké.’
Het blijft even stil en ik voel me koud, alleen.
‘Gaat het? Gewoon... met alles.’ vraagt hij en ik voel mijzelf de controle verliezen.
Ik begin te huilen.
Ik begin te huilen en word getroost door een drugsdealer.
En ik herken gelijk dat hij echt een jonger zusje heeft gehad.
Hij praat tegen mij zoals ik tegen Ammay praatte.
En die van hem is met als die van mij dood.
Vermoord.
‘Vertel me wat je denkt.’ zegt hij wanneer ik net iets gekalmeerd ben en ik vraag me niet eens af waarom.
Ik vertrouw hem.
Ik weet niet precies waarom, maar ik vertrouw hem.
Nog verder kruip ik ineen.
Mijn hele lijf schokt en alles doet pijn, maar ik kan het onmogelijk stoppen.
‘Het is mijn schuld.’ probeer ik het piepend onder woorden te brengen.
Een aantal seconden is het stil.
‘Hoezo dat?’
‘Omdat... omdat ze verteld had dat ze haar iets aan zou doen als ik door zou vertellen wat ze deed.’ snik ik.
Hij ademt scherp in.
‘Dus het komt omdat ze het ons verteld heb?’ zijn stem klinkt doodsbang, alsof hij met elke cel van zijn lichaam wenst dat het niet zo is.
‘Nee. Ik.. denk het niet. Ik heb het aan een ander verteld. Een paar dagen ervoor.’ prevel ik snel.
‘Dezelfde vriend waar je nu bent?’
‘Ja.’
Hij gromt ontevreden, maar zegt niets.
Ik wil ophouden, maar de tranen blijven onophoudelijk stromen.
‘Ik had het haar beloofd.’ snik ik dan.
‘Wat beloofd?’
Ik trek mijn knieën verder op, haal schokkend adem, in het ritme van mijn snikken.
Het voelt alsof ik uit elkaar val.
‘Dat ik haar zou beschermen. En dat ik... dat ik met haar naar Thailand zou gaan. En dat ik haar naar de Enchanted River zou brengen, omdat ze daar maar niet over ophield. Ze wilde fotografe worden en ik had beloofd dat ik daarvoor zijn zorgen’, huil ik,’ En toen kwam ik thuis en ik hoorde haar schreeuwen. Ze schreeuwde zo hard. En ze bloedde. Ik kon het niet stoppen. Ik wilde het stoppen, maar er was zo veel bloed. Ze had haar neergestoken. Ze heeft haar eigen dochter vermoord. Maar dat is het niet.’
Heel even ben ik stil.
‘Ík heb haar vermoord.’ prevel ik, haast onwerkelijk, alsof ik het niet durf te beseffen.
‘Nee’, stelt James haast boos vast, met trillende stem, niet accepterend dat ik zo denk, waarschijnlijk omdat hij precies hetzelfde dacht toen zijn zusje stierf,’ Waag het niet dat te denken.’
‘Ik moet gaan.’ zeg ik en hang meteen op, zonder op een antwoord te wachten.
Ik hoef helemaal niet te gaan, maar ik wil het niet meer.
Ik wil niet meer horen dat het niet mijn schuld is.
Dat heb ik al genoeg gehoord.
Ik wil dat iemand het gewoon even met mij eens is.
Met bevende handen stop ik mijn telefoon weer weg, ook al gaat hij opnieuw af.
Ik neem niet op, wetende dat het James moet zijn.
Heel lang blijf ik stil zitten, ineengedoken in de grond.
Ik weet niet eens meer precies of ik nog wel echt huil, maar ik ben te uitgeput om het uit te zoeken, te verdoofd.
En dan rent opeens iets naar me toe.
Het is Dexter.
Ik schrik half overeind en hij komt kwispelend bij me staan.
Verward aai ik de hond afwezig wat over zijn korte, grijze vacht en kijk op.
Dan komt Evan aanrennen.
Alert kom ik overeind.
Wat is er aan de hand?
Wat is er aan de hand?
Het blijft door mijn hoofd galmen.
Wanneer hij bij me is trekt hij me nog voordat ik kan vragen wat er is naar zich toe, drukt me tegen zich aan.
‘Is alles oké?’ breng ik zachtjes en vooral half platgedrukt uit.
‘Je was al een uur weg en...’ hij slikt, klinkt zo ontzettend in paniek wanneer hij me vasthoud alsof hij nooit meer los durft te laten,’ En je nam niet op.’
Hij was het.
Nadat ik ophing, was het niet James die me steeds belde, maar hij.
‘Sorry. Ik... ik dacht dat het... het spijt me.’ probeer ik het goed te maken, maar hoe kan ik een uur aan stress goedmaken?
‘Het is gewoon... niet erg. Ik-ik snap het’, zijn stem trilt,’ Ik... ik was gewoon zo bang.’
Ik wil zeggen dat dat niet hoeft, dat alles oké is, maar ik weet het niet.
Ik weet het gewoon echt niet meer.

Reacties (3)

  • GossipGirl21

    Mooi geschreven.

    2 jaar geleden
  • BethGoes

    Ik hoop dat ze altid bij elkaar blijven!

    2 jaar geleden
  • Luckey

    Als maar goed gaat komrn

    2 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen