"Ken jij leuke cafeetjes in de buurt?" vraag ik Matsuda. "Ja," antwoordt hij. "Welke is het dichtst bij?" vraag ik hem. "Even denken... Ik weet het al!" zegt hij als hij begint te lopen. Na zo'n vijf minuten lopen staan we bij een café genaamd: Huve naar binnen. "Wat betekent die naam?" vraag ik, als ik zelf ga nadenken of ik iets weet. "Volgens mij heeft het geen betekenis, gewoon de naam van de eigenaar. Denk ik dan," antwoordt Matsuda weer. "Oké!" zeg ik als ik blij naar binnen loop en ergens ga zitten. Matsuda komt tegenover me zitten. Ik pak de menukaart en ga kijken. Dan komt een iemand onze kant op. "Wat wil je bestellen?" vraagt de man. "Chocoladetaart!" roep ik blij. "Doe mij maar hetzelfde," zegt Matsuda. "Twee stukken chocoladetaart, nog iets?" vraagt de man. Ik schud mijn hoofd. "Nee, bedankt," antwoordt Matsuda en dan loopt de man weer weg. "Waarom wou je eigenlijk naar een café?" vraagt Matsuda. "Ik verveelde me en wou ergens heen," antwoord ik eerlijk. "Waarom stemde je in met meegaan?" vraag ik op mijn beurt. "Ik had niks te doen en naar een café gaan kan nooit erg zijn!" antwoordt Matsuda eerlijk. "Daar denk je hierna wel anders over," zeg ik lachend. Hij kijkt me verward aan. "Ik maak een grapje... Laat maar..." zeg ik maar als iemand de stukken taart brengt.

We eten in stilte onze stukken taart. "Wat doe jij graag in je vrije tijd?" vraagt Matsuda dan. "Van alles... Zolang ik maar iets te doen heb," antwoordt ik. "Irriteer jij je er niet aan dat je niet serieus word genomen door de Task Force?" vraag ik daarna. "Soms wel," antwoordt Matsuda. "Waarom zeg je er dan niks van?" vraag ik door. "Heeft waarschijnlijk toch geen nut," antwoordt hij weer. "Daar kom je toch alleen achter als je het probeert," merk ik op. "Ik denk dat je een punt hebt," zegt Matsuda. "Ik zou nog best blij zijn als ik jou was. Want van de andere kant zit jij nu in een café terwijl de rest zijn hersens breekt op de zaak," merk ik lachen op. "Daar heb je een punt," stemt Matsuda in. Ik moet harder lachen als er weer een man aan onze tafel verschijnt. "De rekening," zegt hij droog als hij een blaadje op onze tafel legt, dan loopt hij weg. "Matsuda... Ik heb misschien geen geld..." zeg ik. "Ik moet dus wel betalen," zegt hij als hij naar de balie loopt en de rekening af betaalt.

Eenmaal terug bij de Task Force ga ik op de bank zitten. "Dus... Enige vooruitgang?" vraag ik als ik naar L kijk. "Nee, er is nog niks gebeurt," mompelt hij. Ik ga ook voor de TVs zitten. Ik zie Misa slapen op de stoel en Light zit op zijn bed voor zich uit te staren. Meneer Yagami komt net terug uit een mini-badkamer en gaat ijsberen door zijn cel. "Ze zien er alle drie niet al te goed uit," merk ik op. "Klopt," stemt L in. Ik kijk om me heen en zie dat Matsuda, Aisawa en Mogi aan het werk zijn aan de zaak. "Heb je trouwens nog iets gevonden van mijn zaak?" vraag ik dan. "Ik heb je buren allemaal gebeld, je overburen wisten me te vertellen dat er die dag inderdaad een onbekend iemand naar binnen ging en heeft me een zo goed mogelijke beschrijving gegeven. Tot zover lijkt de beschrijving overeen te komen met die wat jij hebt gegeven aan de politie en in je dossier staat. Ik ga kijken of meer mensen deze man hebben gezien," zegt L. "Echt?! Dankje!" roep ik als ik L een knuffel geef waardoor hij achteruit valt. "Yadori, je bent nog niet onschuldig..." merkt L op. "Weet ik! Maar je doet nu al meer je best dan de Task Force deed, hun kwamen niet zo ver," zeg ik als ik hem los laat en aan kijk. Hij kijk weer terug naar de schermen waardoor ons oogcontact word verbroken en ik ga weer op de bank zitten als ik de TV aan zet.

Na een tijdje begint Misa weer te praten, wat me afleid van de TV. "Hallo? Meneer de stalker? Waarom doet u dit?" vraagt ze. "Stalker?" herhaal ik. De rest kijkt ook verbaasd op. "Kunt u me laten gaan?" vraagt ze met een kleine stem. Ik heb echt medelijden met Misa. "Nee, dat gaat niet," is het enige wat L laat weten door de microfoon die voor hem staat. "Mag ik dan naar het toilet... Deze touwen doen pijn..." smeekt ze. "Ja," antwoordt L kortaf. Er komen mensen het beeld in die de touwen los maken waarmee Misa vast zit en met haar meelopen het scherm uit. "Ik heb medelijden met die Misa... Ze is zo van slag..." mompel ik. "Of ze doet alsof," brengt L er tegenin als hij op zijn duimnagel bijt. Ik mep hem tegen zijn achterhoofd. "Jij weet ook niks van gevoelens, of wel?" merk ik op. Hij kijkt me verbaasd aan. "I-ik..." begint hij, ik heb kennelijk net raak geslagen. "Maak die arme meid los! Het is niet alsof ze ergens heen kan," zeg ik. Ik snap hoe ze zich voelt, alleen dan ben ik nooit zo verschrikkelijk vast gemaakt. "Dat gaat niet, er is een kans dat ze de tweede Kira is," zegt L. Ik laat me terug op de bank vallen. "Is het trouwens niet illegaal om iemand zo op te sluiten? Weet je wel, mensen rechten en zo," vraag ik. "We hebben toestemming van de overheid," antwoordt L. Ik zucht. Sorry Misa, maar ik heb mijn best gedaan...

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen