Foto bij 077

In the
distance
I loved
her like
the letters
loved
the hand.
- Christopher Poindexter

Lily-Rose Harper


Hysterisch snikkend landde ik op de stoep voor de zwarte, luxueuze sedan toen ik tegenstribbelend uit de armen van de man die me naar buiten had gedragen gleed. Mijn vader zat binnen en checkte zijn gsm met een ongeduldig zucht.
"Kruip in de wagen, Rose." snauwde hij. Ik schudde mijn hoofd en klauwde mijn vingers in de kille stenen; de snijdende wind woei recht door Harry's dunne T-shirt, en de nog steeds deels besneeuwde grond was ijskoud tegen mijn geschaafde naakte benen. De weinige mensen op straat keken verschrikt naar het amper aangeklede, wanhopig protesterende meisje op de grond.
Met een geërgerd knikje droeg mijn vader zijn werknemer op me een handje te helpen. Ik werd omhoog getrokken en ruw in de auto geduwd. Met een hardhandige beweging werd de kraag van mijn zwarte T-shirt gegrepen, en voor ik het wist, zat ik op de zachte autozetel, aan het raampje. Ik snikte en verborg mijn gezicht in mijn handen, terwijl ik vastgegespt werd door mijn kwade vader.
"Droog je tranen. Je bent geen puber meer." snauwde hij, alsof ik enkel aan het huilen was omdat ik mijn zin niet had gekregen. Hij had net mijn reden tot bestaan afgenomen...
Mijn schouders schokten hevig.
"Ma... Mag ik af... afscheid ne... nemen?" snikte ik moeizaam, terwijl ik mijn tranen met bevende vingers wegveegde.
"Nee." snauwde hij bars.
"Alsjeblieft!" smeekte ik radeloos, hem met roodomrande, betraande ogen aankijkend. Hij gromde en nam mijn kin genadeloos hard vast; ik kromp in elkaar door zijn stevige grip.
"Ik kan weer naar binnengaan en afwerken waarmee ik begonnen ben. Is dat wat je wilt? Dat ik je Harry nog meer straf voor jouw koppigheid?" Snel schudde ik mijn hoofd toen hij me losliet.
"Nee!" huilde ik paniekerig.
"Gedraag je dan. En stop met janken, je maakt jezelf belachelijk." Ik wendde mijn gezicht snel af en draaide me weg, zodat ik stilletjes en wanhopig verder kon snikken, zo ongemerkt mogelijk. Na een tijdje kwam ook Marcus terug. Hij nam de laatste plaats in de wagen in en grinnikte geamuseerd toen ik hem angstig aankeek.
"Ik heb hem duidelijk gemaakt dat hij haar nooit meer zal zien." knikte hij. Mijn vader bromde goedkeurend en gaf met een knikje naar de chauffeur aan dat het tijd was om te vertrekken.
Ik verborg mijn gezicht weer in mijn handen, terwijl de auto wegreed van de loft.
De hele rit lang bleef ik rillend en huilend naar buiten kijken, opgekruld tegen de autozetel. Mijn vader had zijn dure blazer over mijn benen gelegd, als om mijn 'onfatsoenlijke naaktheid' af te schermen. Het kon me niet eens iets schelen dat ik er onbetamelijk uitzag. In de plaats klampte ik me wanhopig vast aan mijn T-shirt, het enige dat ik nog had van Harry.
Toen we eindelijk arriveerden in Sands Point en door de grote smeedijzeren poorten ons landgoed opreden, was ik zo uitgeput, dat ik mijn ogen amper kon openhouden. Mentaal was ik compleet gesloopt. De kiezeltjes knarsten onder de banden van de dure BMW toen onze chauffeur afremde. Niet veel later arriveerde ook de SUV met geblindeerde ruiten. Mijn vaders in zwart geklede werknemers stapten uit en beenden naar onze wagen, terwijl Marcus en mijn vader de auto verlieten.
"Help haar naar binnen. En bel daarna naar het vliegveld. Ze moeten mijn jet zo snel mogelijk in gereedheid brengen om naar Connecticut te vliegen. Ik heb vanavond een conferentie en ben nu al bijna te laat." snauwde hij. Hij keek me nog eens beschuldigend aan, maar draaide zich toen om en haastte zich naar binnen met al zijn arrogantie en koelbloedigheid. Marcus slenterde onaangedaan achter hem aan. Mijn portier werd geopend.
"Komaan, lieverd." zuchtte één van de mannen. Wanhopig keek ik op in zijn ogen, en huilde nog wat harder toen ik oprecht medeleven zag. Het was wat te laat voor spijt... Hij had Harry laten afranselen en mij bij hem weggehaald. Was zelfs hij geschrokken dat mijn vader tot zoiets wreeds in staat was?
"Breng me alsjeblieft terug." snikte ik radeloos, maar de man schudde zijn hoofd en trok me de auto uit. Compleet verslagen zakte ik door mijn benen en liet me hard neervallen op de grond; de bevroren steentjes schuurden over mijn tere huid, maar ik voelde het amper. De ijskoude wind woei door de bevroren bomen aan weerszijden van onze oprit en mijn dunne outfit. Rillend en snikkend greep ik enkele kiezeltjes in mijn handen, hard knijpend als om voeling te krijgen met de realiteit. Het hielp allemaal niet. De ondraaglijke kilte, het imposante beeld van ons gigantische huis voor me, mijn brandende geschaafde huid; het deed me niets. Enkel Harry's prachtige, verwonde gezicht zweefde voor mijn ogen. Mijn perfecte jongen...
"Rosa!" Maria kwam paniekerig naar buiten gerend en hurkte naast me neer.
"Oh, bambina! Het komt goed. Het komt goed, liefje. Breng haar naar de keuken, presto!" Haar toon veranderde abrupt toen ze mijn vaders hulpjes snauwend opdroeg me het huis in te helpen.
Ik huilde en klauwde in de grond toen ik moeiteloos opgetild werd. Bevend en onregelmatig ademhalend liet ik me de trappen voor ons magnifieke landhuis opdragen. Mijn snikken weergalmden confronterend in onze reusachtige inkomhal. Elizabeth stond even verder op de marmeren trap en staarde me ontzet aan.
"Rose?" piepte ze. Ik had haar nog nooit zo verbluft zien kijken; voor de eerste keer in haar leven liet ze haar gereserveerde façade varen. Ze bracht haar gemanicuurde hand naar haar mond terwijl ik naar de keuken gebracht werd.
"Haal de EHBO-doos, Rob!" droeg Maria de keukenhulp gejaagd op, achter ons aan snellend. Ik werd op één van de hoge stoelen rond de tafel gezet. Ik snikte onrustig en drukte mijn handpalmen tegen mijn ogen.
"Ma... Maria." huilde ik.
"Ik ben hier, bambina." zei ze bezorgd. Ze sloeg haar armen rond me heen en wiegde me moederlijk heen en weer.
"Hij... Hij... Harry is... Ik..." probeerde ik tevergeefs te vertellen.
"Sssht. Shhht, Rose. Kalmeer." prevelde ze in mijn oor, terwijl ik me aan haar vastklampte.
"Ik moet... Moet terug." huilde ik luid, tussendoor hevig naar adem happend. Ze wreef troostend op en neer mijn rug. Rob rende de keuken weer in met een witte doos.
"Hier." zei hij zacht, terwijl hij me geïntimideerd bestudeerde. Ik kon het niet eens opbrengen me te schamen.
"Droog je tranen, liefje. Toon me je gezicht." Ze wreef voorzichtig over mijn wangen met haar schort en draaide mijn hoofd toen naar het licht met haar vingers rond mijn kin.
"Wat is er gebeurd?" vroeg ze met een zucht, terwijl ze voorzichtig langs mijn gesprongen lip streelde. Ik snikte nog eens onrustig.
"Hij heeft... Ha... Harry geslagen." Maria keek me bezorgd aan en aaide door mijn vernestelde haar.
"Ik ma... mag hem nooit meer zien." Hoofdschuddend liet ze me los, zodat ze de EHBO-kist kon openen. Gebroken dacht ik terug aan het moment dat mijn vader Harry pijn had gedaan. Het liet mijn bloed stollen in mijn aderen. Met elke vuistslag in zijn gezicht was mijn hart iets meer versplinterd. Snijdende scherven hadden me langzaamaan uiteen gereten, tot er niets was overgebleven dan flarden van het meisje dat deze ochtend nog zo gelukzalig in Harry's armen had gelegen. Enkel zijn liefde zou me nog kunnen genezen.
God, ik was het kwijt.
Ik was hem kwijt. Hoe zou ik ooit nog iets anders kunnen voelen dan de diepe wonden die onze gewelddadige scheiding had geslagen? Hoe zou ik ooit nog warmte, of liefde, of geluk kunnen ervaren? Ze hadden alles van me afgenomen.
We hadden hier zo voor gevreesd. Zo vaak had het idee dat ik hem op een dag zou moeten loslaten me angst ingeboezemd. Maar nooit was het reëel geweest. Nooit had het geleken alsof ik op een dag zonder hem verder zou moeten leven. Nu was die dag er, en het was een grotere nachtmerrie dan ik ooit had gedacht.
Ik zat in de hel, wreed weggerukt uit het paradijs met mijn engelenjongen.
Duizelig en uitgeput bleef ik snikken, terwijl Maria me verzorgde. Toen ze klaar was, duwde ze mijn haar uit mijn gloeiende gezicht.
"Je voelt koortsig, Rosa. Je gaat beter wat uitrusten boven." zei ze ongerust. Ik reageerde niet, maar liet me met knikkende knieën van de stoel glijden. Huilend klampte ik me vast aan het tafelblad.
"Ik... Ik zie hem nooit... Nooit meer terug." stootte ik moeizaam uit, en met dit ondraaglijke besef verloor ik mijn bewustzijn. Ik hoorde Maria mijn naam nog verschrikt gillen, voor ik in elkaar stortte en alles zwart werd voor mijn ogen.

Uiteindelijk was ik drie dagen lang zo ziek dat ik amper besef had van de wereld rond me. Koortsig en op het randje van levenloos lag ik in bed, geteisterd door waanbeelden en dromen over Harry. Elke keer dat ik gedesoriënteerd wakker werd, was hij verdwenen. Ik kreeg geen hap binnen, ondanks mijn uitputtende nachtmerries en felle huilbuien.
Woensdagochtend was de eerste dag dat ik met een enigszins scherpe geest wakker werd. Ik veegde de tranen van mijn wangen toen ik ruw losgerukt werd uit mijn gruwelijke droom, waarin ik Harry na jaren vol gemis eindelijk opnieuw had gevonden, maar waarin hij me niet langer herkende. Indi, één van onze dienstmeisjes, was mijn kamer binnengekomen. Ze opende de lange, zware gordijnen voor mijn hoge ramen met zicht op onze gigantische tuin en het bosje erachter. Zonlicht stroomde binnen. Toen ze mij oververmoeid rechtop zag zitten in mijn bed, glimlachte ze verontschuldigend.
"Sorry dat ik je wakker maak, juffrouw Harper. Je moeder zei dat het tijd was om uit bed te komen." Ik fronste en haalde mijn trillende handen door mijn vernestelde golven. Voor zover ik wist, had mijn 'moeder' me niet één keer komen opzoeken de voorbije dagen. Zelfs toen Maria maandag paniekerig had vastgesteld dat ik gevaarlijk hoge koorts had en even had gevreesd voor de ernst van mijn toestand, had ik naast de bedienden niemand gezien in mijn kamer. Een dokter was langsgekomen, maar daar herinnerde ik me zelfs niets meer van.
"Geeft niet. Dankjewel, Indi." mompelde ik. Ze knikte vriendelijk en maakte zich toen snel uit de voeten. Vlakbij de deur hield ik haar met een gehaaste uitroep van haar naam weer tegen. Haar korte zwarte haar zwiepte kort rond haar oren toen ze haar hoofd draaide.
"Zeg alsjeblieft Rose." glimlachte ik geforceerd, ook al wist ik dat het tevergeefs was en dat mijn moeder erop bleef aandringen dat onze hulpen ons met formele titels aanspraken.
Ze reageerde niet, maar zei in de plaats: "Ik haal Maria even."
"Bedankt." zei ik nog snel, voor ze zich snel uit de voeten maakte. Met een verslagen zucht liet ik me weer achterover vallen in mijn zachte, zijden kussens. Ik reikte erachter naar de zwarte stof van Harry's T-shirt. Toen ik het op de tast vond, nam ik het stevig vast en trok het naar me toe. Tranen sprongen alweer in mijn ogen toen ik ging liggen en het tegen mijn gezicht drukte. Ik kon zijn parfum slechts lichtjes meer ruiken, tot mijn paniek.
Ik wilde niets van hem vergeten: niet de vorm van zijn gezicht, het gevoel van zijn ruwe vingers op mijn huid, zijn warme zachte mond, zijn verslavende geur... Als ik zelfs mijn herinneringen aan hem niet meer had, wat was er dan nog over om voor te vechten? Ik snikte en knuffelde de T-shirt stevig, terwijl ik me rillend wat meer onder mijn dekbed verborg. Ik had nog steeds een scherpe hoofdpijn en mijn koorts was allesbehalve verdwenen, maar ik was wel aan de betere hand. De muren leken niet langer op me af te komen, het plafond golfde niet misselijkmakend boven me, en de weinige kleuren in mijn kamer leken niet meer die karikaturale felheid te hebben. En, tot mijn grote spijt, wanneer ik mezelf toeliet me te verliezen in mijn ziekelijke agitatie, kreeg ik geen levensechte hallucinaties van Harry meer. De afgelopen dagen had ik hem af en toe in mijn kamer teruggevonden, ontspannen relaxend in mijn bed, of rokend bij het raam, of me teder kussend en vertellend dat alles goed zou komen. Niets van dat alles...
Het leek alsof ik door te genezen mijn grip op hem aan het verliezen was.
"Rose? Ben je beter vandaag?" hoorde ik de lieve stem van Maria na een kleine tien minuten. Ik draaide me met natte wangen en roodomrande ogen om toen ik haar hoorde.
"Oh, bambina." zuchtte ze, terwijl ik mezelf rechtop duwde en verloren huilde. Ze wandelde hoofdschuddend naar me toe en ging op de rand van mijn bed zitten. Troostend knuffelde ze me, als de moederfiguur die ze voor me was.
"Sssht, Rosa." fluisterde ze in mijn oor. Ik snikte en klampte me vast aan haar versleten uniform.
"Ik mis hem zo." snikte ik. Langzaam streelde ze op en neer mijn rug.
"Rose..." begon ze moeilijk.
"Ik kan niet overleven als ik hem niet bij me heb." stotterde ik wanhopig Mijn stem sloeg over. Het leek alsof een grote duisternis langzaamaan op me af kwam, klaar om me op te slokken. Waar was mijn Harry met al zijn licht en liefde om me veilig te houden?
"Hij zou willen dat je gelukkig wordt, lieverd. Ook zonder hem." probeerde ze me op te fleuren, maar ik schudde slechts mijn hoofd.
"Ik kan niet gelukkig worden zonder hem." prevelde ik tegen haar schort. Ik ging met mijn hoofd op haar schoot liggen en drukte zijn T-shirt tegen mijn neus. Schokkerig ademhalend snoof ik zijn vaag achtergebleven geur op. Gekweld zuchtend aaide Maria door mijn haar.
"Bambina, ik... Ik moet iets zeggen. Van je ouders." Verward draaide ik mijn hoofd en keek naar haar op, snel onder mijn neus wrijvend.
"Wat?"
"Het is misschien moeilijk om..." Onmiddellijk paniekerig kneep ik in de dunne stof in mijn hand. Moeilijk? Was er iets met Harry? Had mijn vader hem iets aangedaan?
"Wat, Maria?" Ik duwde me rechtop en duwde mijn warrige haar uit mijn gezicht. Ze zuchtte diep en aaide kort over mijn wang.
"Ze hebben me gevraagd deze namiddag naar New York te rijden. Om je spullen op te halen. Je kleren en gsm en laptop..." Ik haalde scherp adem.
"Wil je me meenemen?" vroeg ik hoopvol. Met een moeilijk gezicht nam ze mijn handen in die van haar.
"Dat gaat niet, lieverd. Je ouders zouden weten wat ik aan het doen ben. Daarbij, jullie zijn uitgenodigd voor thee bij de Lawsons." Ik trok mijn neus teleurgesteld op.
"Ik wil niet naar de Lawsons." zeurde ik. Ik veegde een verloren traan op mijn wang weg, voor ik Maria met een smekende blik aankeek.
"Wil je iets zeggen tegen Harry van me?" Ze glimlachte onmiddellijk.
"Zeg hem dat ik van hem hou. En... En dat ik hem nooit ga vergeten. Dat hij iemand anders moet zoeken, die wel altijd bij hem zal kunnen blijven. En dat... Dat ik hem mis, maar dat..." Maria legde snel haar hand op mijn been en maakte een sussend geluidje.
"Waarom schrijf je het niet voor hem op, hmm? Dan kan ik het hem geven, en heeft hij iets om bij te houden." Mijn ogen flitsten kort tussen die van haar, maar toen knikte ik snel. Maria stond recht en ging briefpapier en een pen voor me halen. Ik glimlachte nerveus toen ze het me overhandigde.
"Neem je tijd, Rose. Ik vertrek pas binnen enkele uren." zei ze, vervolgend: "En maak een lijst met al je spullen die je nodig hebt, zodat ik daar niets laat liggen. Dat vroegen je ouders." Ik zuchtte, maar maakte toen een kort bevestigend geluidje.
"Dankjewel, Maria." fluisterde ik. Na een bemoedigend klopje op mijn schouder wandelde ze weg met de boodschap dat ze een licht ontbijt voor me zou halen. Ik staarde naar het papier in mijn handen; ik wist niet waar ik moest beginnen. Hoe vatte ik alles wat ik momenteel voelde samen in één brief?
Terwijl ik mijn ogen sloot en mezelf met tegenzin de horror van de laatste dagen liet herbeleven om correct te kunnen beschrijven wat ons dramatisch afscheid met me had gedaan, viel een eerste traan op het lichtroze papier.
Een halfuur later, vol moeizaam snikken en trillend neerpennen wat ik ervoer, was ik klaar. Ik vouwde de brief dubbel en drukte er nog een zachte kus op, voor ik het bevend in de witte envelop op mijn nachtkastje schoof.
'Harry', schreef ik er in sierlijke letters op. Toen legde ik het neer en begroef mijn gezicht weer in mijn kussen. Ik bleef even radeloos huilen, tot ik opgeschrikt werd door mijn kamerdeur die openging.
"De brief ligt op mijn nachtkastje. Als hij niet thuis is, dan kan je het aan één van zijn huisgenoten geven, of onder zijn kamerdeur schui..." begon ik al zwakjes te snikken, maar ik werd onderbroken door de laatste persoon die ik aan mijn ziektebed had verwacht.
"Rose." Ik hief mijn hoofd verschrikt op, en bracht mijn hand ontzet naar mijn mond toen ik mijn jongere zus zag.
"Elizabeth." stootte ik uit. Snel droogde ik mijn tranen en verstopte Harry's T-shirt onder mijn laken. Ze bleef een paar seconden onwennig in de deuropening staan, maar toen wandelde ze toch langzaam naar binnen. Ze droeg een donkerblauw mantelpakje en een paar zwarte stiletto's. Ik trok mijn laken snel onzeker over mijn amper aangeklede, verwaarloosde lichaam.
"Mag ik?" vroeg ze, wijzend op mijn bed. Met rode wangen uit diepe schaamte knikte ik. Zuchtend kwam ze op mijn matras zitten. Ze merkte de brief op mijn nachtkastje op.
"Nee, niet...!" begon ik al verschrikt, maar ze ontweek mijn graaiende handen, griste het van het meubel en haalde het briefpapier uit. Kort gleden haar ogen over de eerste zinnen, voor ze hard op haar lip beet en het weer opborg. Vervolgens duwde ze het in mijn handen.
"Geef het zo snel mogelijk aan Maria, voor moeder en vader het ontdekken." Ik slikte moeilijk en keek haar onrustig aan.
"Je... Je gaat het hen niet vertellen?" vroeg ik kleintjes. Ze schudde haar hoofd.
"Elizabeth..." begon ik al beschaamd, maar ze reikte naar mijn gezicht en veegde snel een nieuwe traan weg.
"Ik was zo bang voor je de voorbije dagen, Rose. Maria zei dat het slecht met je ging." zei ze geëmotioneerd. Ik fronste en keek haar verbluft aan.
"Moeder liet me niet bij je. Ze is nog steeds woedend." Hoofdschuddend keek ik naar beneden, zenuwachtig met mijn vingers spelend.
"Ik kan het uitleggen." fluisterde ik.
"Je houdt van hem." knikte ze. Verrast keek ik op in haar ogen toen ik geen veroordeling in haar stem hoorde.
"Ik begrijp het, oké?" Ongelovig liet ik mijn ogen over de anders zo koele vijftienjarige voor me glijden. Haar ijzige blauwe ogen keken me voor de eerste keer ooit geduldig aan, en haar rood gestifte lippen krulden tot een aantrekkelijke, oprechte glimlach.
"Wel, nee... Ik begrijp het niet. Maar ik ken je, Rose. Ik weet heel goed dat je niet gemaakt bent voor een leven in ons milieu." zei ze met een schouderophaal. Ik zuchtte diep en gleed wat meer onderuit, zodat ik mijn hoofd in mijn kussens kon laten rusten.
"Maar ik moet wel. Toch? Ze laten me nooit zomaar ontsnappen aan mijn sociale verplichting." mompelde ik, terwijl ik aan mijn nagels pulkte. Elizabeth slaakte een diepe zucht.
"Dat wist je al voor je gevoelens voor hem kreeg." beschuldigde ze me voorzichtig.
"Hmmm." Het was even stil. Uiteindelijk slikte ze en legde haar hand aarzelend op die van mij.
"Waarom hem? Uit alle jongens die je had kunnen kiezen, word je verliefd op iemand zoals... Wat is zijn naam?"
"Harry." zuchtte ik. Ze knikte.
"Juist, Harry. Waarom ben je voor Harry gevallen? Hij is zo... anders." vroeg ze op zachtaardige toon. Anders... Ik wist heel goed dat ze onhandig rond het woord 'ordinair' probeerde te dansen. Hoe lief ze nu ook mocht lijken, ik besefte heel goed dat mijn zusje de visie van mijn ouders deelde als het ging om klasse en stand. Harry bleef beter ver weg van mij en mijn geprivilegieerde leven, en keerde als het van hen afhing het liefst onmiddellijk terug naar de smerige goot, waar hij volgens hen hoorde. Vermoeid zuchtend wreef ik over mijn voorhoofd.
"Weet ik." Elizabeth zuchtte en liet me los.
"Vader en moeder haten hem. Hij is alles wat onze wereld verafschuwt, dat besef je toch?" Ik trok mijn neus op en kruiste mijn armen koppig voor mijn borstkas.
"Hij is duizend keer beter dan iedereen in onze wereld samen. Het kan me niet schelen wat ze ons wijsmaken over mensen die niet met zoveel luxe geboren worden als wij, Elizabeth. Harry heeft me geleerd wat echt belangrijk is. Het laatste wat ik wil, is trouwen met Marcus en het leven leiden dat ze voor me uitgestippeld hebben." Elizabeth lachte ongelovig.
"God, Rose. Je bent zo..." Ze schudde haar hoofd en slikte haar woorden in. Fronsend bestudeerde ik mijn kleine zusje.
"Ik weet dat we het niet altijd even goed kunnen vinden hebben, oké? Maar we blijven familie. En toen ik de voorbije dagen even dacht dat ik je zou verliezen..." Verloren haalde ze haar schouders op. Ik legde mijn hand troostend op haar onderarm.
"Je zal me niet verliezen, Elizabeth." fluisterde ik snel. Het voelde vreemd om opnieuw een sprankeltje hoop te voelen. Was ik toch niet alleen? Haar woorden deden me meer dan ik onder woorden kon brengen; ik kon de schaars verspreidde liefde rond me wel gebruiken nu ik mijn Harry kwijt was.
"Mooi zo." Ze ging rechtstaan en veegde enkele onbestaande kreuken uit haar rok.
"Probeer die jongen uit je hoofd te zetten. Je weet dat het nooit iets kan worden met iemand zoals hem." zei ze. Ik schudde mijn hoofd met een zucht. Ze was volledig gebrainwasht door de elitaire ideeën van onze ouders, en te jong om te beseffen hoe fout het was zichzelf als superieur te zien. Indi klopte op mijn deur en kwam met een schuchtere glimlach binnen.
"Jullie moeder vroeg me te melden dat jullie je klaar moeten maken voor thee bij de Lawsons." Ze wandelde naar binnen en begon de resten van mijn half opgegeten ontbijt op een plateau te verzamelen, zodat ze het mee kon nemen naar de keuken. Elizabeth wierp me nog een gemaakte, oogverblindende lach toe.
"Vraag Maude om binnen een kwartier naar mijn kamer te komen. Ze moet mijn haar doen." zei ze kortaf tegen ons dienstmeisje, voor ze zich omdraaide en in een walm van duur parfum weg wandelde. Wankelend ging ik rechtop staan; ik moest me kort aan Indi's schouder vasthouden. Buiten voor een zeldzame douche of een kort toiletbezoek was ik mijn bed de voorbije dagen niet uitgekomen. Mijn knieën knikten vervaarlijk toen ik mijn stramme spieren voelde protesteren.
"Juffrouw Harper! Voorzichtig!" snakte Indi naar adem, terwijl ze mijn middel greep en me met grote ogen staande probeerde te houden.
"Rose. En het gaat wel." zuchtte ik kort, voor ik hurkte en mijn lege tas opraapte.
"Hier, laat me je helpen." zei ik zachtjes. Ongemakkelijk keek ze me aan.
"Nee, dat is... Dat is oké." stotterde ze snel, maar ik negeerde het en hielp haar de etensresten en het bestek op te stapelen. Toen ze klaar was, zette ze alles op mijn nachtkastje en draaide zich naar me om.
"Ik leg even je outfit klaar. Zal ik binnen tien minuutjes terugkomen om je te helpen?" vroeg ze vriendelijk. Ik zuchtte en sloeg mijn armen rond mijn rillende lichaam. Mijn oog viel op de verfomfaaide envelop met Harry's naam op, rustend tussen mijn kussen en laken.
"Ik... Eh... Nee. Maak er maar een halfuurtje van. Ik moet eerst nog een douche nemen." zei ik zacht. Indi knikte en wandelde naar de witte, fluwelen zitbank naast mijn grote raam, dat tot aan het hoge plafond reikte. Ze nam mijn lange, zijden kamerjas en wandelde terug naar waar ik stond te staren naar de brief.
"Hier." knikte ze. Ik nam het aan en schoof mijn armen in de met kant afgezette mouwen.
"Indi?" vroeg ik.
"Kan ik je met nog iets helpen?" Ik knikte, boog voorover en nam de envelop.
"Wil je deze zo discreet mogelijk aan Maria geven als je naar de keuken gaat? Het is enorm belangrijk." zei ik. Ik keek haar bijna smekend aan. Snel knikte ze, voor ze de uitgestoken brief nam. Haar oog viel op Harry's naam.
"Is dat... Is dat voor de jongen? Bij wie ze je hebben weggehaald?" vroeg ze voorzichtig. Ik vernauwde mijn ogen.
"Iedereen weet het dus? Zelfs het personeel?" vroeg ik, koeler dan bedoeld. Onmiddellijk verbleekte ze.
"Oh, ik... Sorry. Ik wist niet... Ik had niet mogen..." Ze slikte en keek beschaamd naar de grond.
"Dat was ongepast. Excuseer." fluisterde ze. Zuchtend schudde ik mijn hoofd, met een drukkend schuldgevoel.
"Nee, ik... Sorry. Ik ben mezelf niet. Maak je geen zorgen." zei ik snel, op gebroken toon, voor ik een blonde pluk achter mijn oor stak en kort op mijn lip beet.
"Het is voor hem, ja." mompelde ik toen. Met een medelevende blik in haar ogen keek ze me aan.
"Ik zorg ervoor dat ze hem krijgt." knikte ze toen. Ik slikte en knipperde mijn tranen verwoed weg.
"Dankjewel." prevelde ik hees, voor ik me snel weg draaide en naar mijn ligbank wandelde. Terwijl Indi in mijn inloopkast verdween, nam ik rillend plaats op het zachte fluweel. Wandelen en rechtstaan was al haast te vermoeiend... Ik was compleet kapot, alsof ik het leven ook fysiek volledig had opgegeven. Misschien was ik langzaamaan aan het wegkwijnen, aan het verdwijnen tot er niets meer zou zijn dan wat scherven van mijn gebroken hart. Ik hoopte het. Afwezig gleed ik met mijn vingers over de gouden details aan de afgewerkte rand. Zuchtend keek ik toen naar buiten, voor de eerste keer in dagen. Ons landgoed zag er troosteloos uit: de bomen blonken kaal en eenzaam onder het waterige zonnetje, het gras was wit door de vorst, en slechts de eeuwig groene dennenbomen, helemaal op het einde, honderden meters verder, gaven het landschap enigszins kleur. Heel ver zag ik de momenteel ongebruikte tennisbaan liggen, ernaast ons afgeschermde zwembad. De bloementuin die er in de zomer en lente altijd indrukwekkend uitzag met zijn mooi geschoren struiken en kleurrijke planten, lag er doods en verslagen bij. De tuinman had nog enige moeite gedaan de tuin enigszins presentabel te maken door de nette, kronkelige paden mooi te verzorgen, maar ook het grijs van de stenen en kiezeltjes gaven het geheel slechts een triestige sfeer. Slikkend liet ik mijn hoofd tegen de rugleuning vallen.
Ik wendde mijn ogen af van mijn raam en keek mijn kamer rond. Mijn schooltas naast mijn bed stond verwaarloosd in de schaduw van de kamer; ik had al dagen geen boeken meer gelezen. Overmorgen werd ik verwacht mijn paper voor vergelijkende literatuur in te dienen. Ik was nog niet begonnen... Het kon me niet eens iets schelen.
Mijn witte bureau aan de andere kant van mijn raam zag er even onaangeroerd uit.
Ik beefde opnieuw en sloeg mijn armen rond mijn lichaam. Door het hoge plafond en de indrukwekkende grootte van de ruimte was het amper mogelijk mijn kamer deftig op te warmen tijdens de wintermaanden. Indi kwam uit de inloopkast en legde een lichtblauwe jurk en een paar witte kousen op mijn bed.
"Zal ik het haardvuur laten branden?" vroeg ze vriendelijk. Ik keek haar over mijn schouder aan en schudde snel mijn hoofd.
"Nee, dat is oké." mompelde ik met trillende stem. Bijna elke kamer had nog een open haard; een restant van de tijd waarin ons gigantische huis was gebouwd. Ik wist dat Elizabeth die van haar geregeld liet ontsteken. In mijn en mijn ouders' slaapkamer brandde het vuur amper, net zomin als in de verscheidene gastenkamers op de eerste verdieping. Boven, waar lang geleden de vertrekken voor de bediende lagen en waar Maria vast verbleef, waren alle kachels dichtgemetseld.
Het moment dat Indi vertrokken was, verplichtte ik mezelf met een zucht recht te staan. Koortsig en uitgeput wandelde ik naar mijn badkamer. Ik slikte toen ik mijn spiegelbeeld zag; heel langzaam liet ik mijn kamerjas van mijn schouders naar beneden glijden, tot ik enkel een dun zijden slaapjurkje droeg.
Ik was wat vermagerd, merkte ik, toen ik naar mijn uitpuilende sleutelbeenderen staarde. Mijn huid was dof en grauw, mijn ogen leken doods. Ik zag er verschrikkelijk uit. Kort kamde ik door mijn onverzorgde, warrige haar, voor ik me evenzeer ontdeed van de rest van mijn outfit en mijn blik walgend afwendde. Niet veel later stapte ik in mijn reusachtige douche, onder de hete stralen. Het was voldoende om bijna flauw te vallen. Met moeizame ademhaling plaatste ik mijn handen tegen de kille muur. Ik kauwde op mijn onderlip en sloot mijn ogen.
Zwakjes en trillend waste ik mijn lichaam en mijn vernestelde blonde haar toen ik wat op krachten was gekomen, voor ik het water uitschakelde en klappertandend uit mijn douche stapte. Ik droogde me lijkbleek af en trok vervolgens een klein wit broekje aan. Wankelend en duizelig liet ik me erna op de stoel voor mijn kaptafel vallen. Met betraande wangen veegde ik over de bedampte spiegel.
Zachtjes huilend keek ik naar mezelf. Ik zag eruit als een gebroken porseleinen pop; al mijn waarde was weg. Alles wat belangrijk voor me was, was van me weggenomen. Niets kon vervangen wat ik een paar dagen geleden had gehad...
Indi kwam na twintig minuutjes mijn badkamer binnen, enkel om me in dezelfde roerloze positie te vinden. Snikkend keek ik haar aan over mijn schouder, en snel sloeg ik mijn armen rond mijn halfnaakte lichaam toen ik me blozend gewaarwerd van mijn naaktheid. Ze verontschuldigde zich onmiddellijk met blosjes op haar wangen, en verliet de ruimte schichtig.
Enkele minuten later wandelde ik mijn slaapkamer uitgeput en met barstende hoofdpijn binnen met de boodschap dat ik me klaar wenste te maken. Ik had een zachtroze beha aangetrokken, en een handdoek rond mijn lichaam geslagen.
"Het spijt me zo dat ik zomaar binnenkwam, juffrouw Harper! Ik had moeten aankloppen! Als ik had geweten dat..." Ik wuifde het snel weg.
"Maakt niet uit." glimlachte ik geforceerd. Ze zuchtte diep en wandelde snel mijn badkamer weer binnen, zodat ze mijn handdoeken en gedragen kleren kon opruimen. Ongemakkelijk volgde ik haar, en nam weer plaats aan mijn witte kaptafel, tegenover mijn wastafel met reusachtige spiegel, en naast mijn douche.
Toen ze klaar was, wandelde ze naar me toe. Met een ongemakkelijke lach nam ze mijn borstel, zodat ze mijn natte haar in stilzwijgen kon kammen. Het duurde bijna tien minuten voor ze door de vernestelde plukken raakte. Ze droogde het voor me met de haardroger, vlocht de warrige plukken in een elegante krul, en reikte toen naar de make-up die verspreid op het houten blad lag. Ik draaide me om, zodat ze me probleemloos kon opmaken.
Ik had een eindeloos vertrouwen in zowel Maudes als Indi's talent me er altijd presentabel uit te laten zien. Ikzelf was er vreselijk onhandig in, maar ik had gelukkig voldoende mensen rond me die me uit de nood konden helpen wanneer ik moest deelnemen aan mijn families eindeloze sociale evenementen.
Het was al half drie toen Indi me in de kamer hielp met aankleden. Duizelig blies ik wat lucht naar buiten terwijl ik in mijn jurk stapte.
Net toen ze de knopjes op de achterkant wilde sluiten, werd mijn kamerdeur open gezwaaid. Ik schrok toen ik over mijn schouder keek en mijn furieuze moeder binnen zag komen. Ik kromp zichtbaar in elkaar en wendde mijn ogen beschaamd af. Ik had haar nog niet gezien sinds mijn vader me naar huis had gebracht...
"Er is nog was te doen. Ik werk het hier wel af." snauwde ze naar Indi, terwijl ze met een koele grimas in de deuropening van mijn slaapkamer bleef staan. Indi knikte geïntimideerd, nam mijn pyjama en natte handdoeken onder de arm, en vluchtte toen de ruimte uit. Slikkend keek ik weer weg, terwijl ik met mijn rug naar mijn moeder bleef staan en de half gesloten jurk ter hoogte van mijn decolleté met mijn handen vasthield. Het was een hele tijd stil, maar toen hoorde ik haar hoge hakken op de grond tikken. Ze werden abrupt gedempt toen ze over mijn witte tapijt stapte. Ik beet hard op mijn wang om mijn tranen te verdringen.
"Je bent laat. We worden binnen een halfuur al bij de Lawsons verwacht." katte ze.
"Sorry." zei ik enkel zwakjes. Plots greep ze mijn elleboog en draaide me ruw om. Geschrokken snakte ik naar adem toen ik recht in haar woeste gezicht keek. Haar ijskoude ogen leken me neer te bliksemen.
"Sorry? Omdat je te laat bent? Of omdat je al drie dagen als een puber in bed ligt te mokken? Besef je wel hoeveel werk we nog hebben voor je bal op zaterdag?" sneerde ze. Ik fronste verontwaardigd.
"Ik was ziek!" protesteerde ik. Ze kneep haar ogen tot spleetjes en boorde haar scherpe nepnagels in de huid van mijn smalle bovenarm.
"Ziek?" snoof ze schamper, vervolgend: "Eerder koppig. Ben je het zo gewoon altijd je zin te krijgen dat je het niet kon verkroppen dat we je weggehaald hebben bij dat stuk crapuul?" Ik klemde mijn tanden kwaad op elkaar.
"Hij is geen stuk crapuul." snauwde ik. Ze greep mijn kin ruw beet en kneep vervaarlijk hard.
"Denk goed na over je woorden, jongedame." waarschuwde ze me op woeste, intimiderende toon.
"Ik hou van hem!" zei ik opstandig. Ze snoof en liet me los, voor ze haar kille ogen spottend over me heen liet glijden.
"Je houdt niet van hem." Ze had onmogelijk hatelijker kunnen klinken. Ik knikte langzaam.
"Jawel. En niets dat jullie doen kan dat ooit veranderen."
"Je speelt met vuur." reageerde ze op een gevaarlijk kalme, ijzige toon. Slikkend sloeg ik mijn ogen neer.
"Draai je om, zodat ik je jurk kan dichtknopen." beval ze. Met een trillerige zucht deed ik wat ze van me vroeg.
"Heb je er enig idee van hoe het voelde toen Marcus ons vertelde wat je al maanden aan het doen was met die... die... die walgelijke crimineel?" Haar vingers en stem beefden vervaarlijk. Ik gaf geen antwoord en beet wanhopig hard op het puntje van mijn tong, in de hoop dat ik zo mijn tranen zou kunnen bedwingen.
"Zelfs hem heb je voorgelogen! Je weet heel goed hoe belangrijk de relatie tussen onze families is!" raasde ze verder. Hoofdschuddend speelde ik met de rand van mijn ongemakkelijk zittende couturejurk.
"Ik weet dat jullie willen dat ik een relatie met hem wil, maar ik..."
"Maar wat?" Ik keek haar over mijn schouder aan.
"Ik voel niets voor hem." fluisterde ik.
"Je hoeft niets voor hem te voelen. Je moet enkel lief lachen en hopen dat je van hem krijgt wat je familie nodig heeft." Ontzet staarde ik de emotieloze vrouw achter me aan.
"Ik wil echt niet..." begon ik zwakjes te protesteren. Ze legde me echter onmiddellijk het zwijgen op met een spottende grimas.
"Je hebt niets te willen. We hebben je de voorbije maanden duidelijk te veel vrijheid gegeven. Het wordt tijd dat we je wat meer in de gaten gaan houden. En belangrijke keuzes in je plaats beginnen te nemen, aangezien je duidelijk niet in staat bent het zelf te doen." Ongelovig staarde ik haar aan.
"Wat bedoel je daarmee?" vroeg ik wantrouwig.
"Als we willen dat Marcus je überhaupt nog wilt na je eigenzinnige gedrag van de afgelopen tijd, dan kunnen we ons geen fouten of aarzelingen meer permitteren. Je hebt je reputatie al genoeg verpest."
"Je gaat me echt verplichten met hem samen te zijn." piepte ik radeloos. Verslagen tranen sprongen in mijn ogen. God, ik was op. Ik kon niet meer...
Misschien moest ik hen wel laten doen met me wat ze wilden. Misschien moest ik hen me wel kapot laten maken... Ik wilde verdwijnen; vernietigd en verbrijzeld worden. Konden ze me uiteen scheuren?
Alsjeblieft...
Ze vernauwde haar ogen.
"Je weet heel goed dat jullie voorbestemd zijn samen te eindigen." siste ze.
"Ik wil hem niet. Hij is eng." fluisterde ik zwakjes. Ze greep mijn kaakbeen en bracht haar gezicht met een dreigende schittering in haar irissen dichterbij. Ik maakte een gekweld geluidje toen ze te hard kneep.
"Misschien wordt hij minder eng als je je leert te gedragen als de welopgevoede jongedame die je hoort te zijn." Een traan liep over mijn wang naar beneden.
"Hij heeft me ooit pijn gedaan." zei ik zacht. Mijn stem brak.
"En waarom denk je dat hij je pijn moet doen? Of je vader? Omdat je een teleurstelling bent, Lily-Rose! Omdat je te verwend bent om genoegen te nemen met het leven dat je gekregen hebt." Ze duwde mijn gezicht ruw vooruit en greep de linten aan mijn jurk. Ik snikte wanhopig.
"Waar heb ik in godsnaam zo'n ondankbare dochter aan verdient? Alles hebben we je gegeven: rijkdom, een opvoeding, een mooie toekomst met een succesvolle man." Ze sloot de strik op mijn rug met een snok, mijn ribben samen persend.
"Oh!" stootte ik gekweld uit. Ik greep snel naar mijn borsten en hield me met mijn andere hand huilend vast aan de rugleuning van mijn ligbank. Met ongemakkelijke, protesterende piepjes liet ik haar de stof onaangenaam strak aanspannen rond mijn middel.
"Toch kies je voor zo'n smerig onderkruipsel." raasde ze verder. Ik sloot mijn ogen gepijnigd; tranen drupten op de grond. Snakkend naar lucht krulde ik mijn hand rond mijn zij.
"Hij maakt... me... Auw! Gelukkig." stootte ik uit, terwijl ik naar adem hapte en met mijn tanden op elkaar geklemd de martelende snokken aan mijn jurk onderging.
"Marcus zal je nog gelukkiger maken. En ons ook." snauwde ze.
"Ik wil enkel Harry." mompelde ik compleet gebroken. Ik klemde mijn vingers steviger rond mijn ligbank en dwong voldoende zuurstof in mijn longen toen ze de strik met een laatste harde ruk dichtknoopte. Onmiddellijk erna draaide ze me ruw om met haar gemanicuurde handen rond mijn bovenarmen. Geschrokken keek ik haar aan.
"Geen woord meer over dat uitschot, begrepen? Je ziet die jongen nooit meer terug." waarschuwde ze me.
Ik keek haar smekend aan en snikte nog eens zachtjes.
"Droog je tranen. En trek je schoenen aan. We vertrekken binnen vijf minuten." Na nog een woedende blik op me, wandelde ze mijn kamer gracieus uit met haar lange benen, me alleen met al mijn wanhoop, en uitgeput en verzwakt achterlatend.

Een uur later zat ik zo elegant mogelijk op het puntje van de ongemakkelijke stoel in de foyer van de Lawsons. Elizabeth zat naast George en probeerde zijn verlekkerde blikken op haar slanke lichaam zo goed mogelijk te negeren. Hij was bijna even walgelijk als zijn vader, die recht voor me zat en slurpend van zijn dure whiskey dronk.
Ik dwong mezelf mijn mondhoeken omhoog te krullen en wuifde afwijzend met mijn hand toen één van hun dienstmeisjes rond kwam met een schotel vol driehoekige sandwiches. De rest van de groep negeerde haar vlakaf.
Ik liet mijn ogen kort over het kitscherige interieur rond me glijden. Een met bladgoud afgezet haardvuur domineerde de ruimte. Rondom de dure lederen sofa's waarop wij zaten stonden imposante boekenkasten, tot de nok gevuld met werken over recht en economie. Van meneer Lawson, vermoedde ik... Ik had gehoord dat George recht aan het studeren was in Yale, maar er bitter weinig van bakte. Gelukkig zou zijn vader hem zijn hele business nalaten, en zou hijzelf, geassisteerd door adviseurs en bekwaam personeel, amper iets moeten doen om het zakenimperium van zijn familie, dat net als het onze miljarden waard was, veilig te stellen. Elizabeth zou, gecombineerd met haar eigen fortuin, een ongetwijfeld luxueus leven kunnen leiden als haar huwelijk met hem ooit doorging. Net als mijn en Georges moeder zou ze één van de prominentste socialites van Sands Point kunnen worden, tentoongesteld als de begeerlijke vrouw van haar schatrijke man. Haar schatrijke, afstotelijke man. George was klein en dik, net als zijn vader. Zijn worstenvingers omklemden zijn theekopje zo stevig, dat ik haast medelijden kreeg met het ding. Op zijn ronde, rode hoofd groeide een amper zichtbaar plukje vlasblond haar, en rond zijn kleine, dunne mondje was die walgelijke, obscene glimlach altijd zichtbaar, net zoals bij meneer Lawson. Kort richtte ik mijn ogen op hem.
Hij grijnsde toen hij mijn blik ving, en gleed kort met het puntje van zijn tong over zijn onderlip. Zijn broek spande weerzinwekkend rond zijn dikke dijen. Verafschuwd wendde ik mijn ogen weer af van de kalende, perverse zestiger.
"Dus, Columbia?" vroeg Georges moeder me opeens met een poeslief lachje. Ik schrok op en keek haar met kleine blosjes aan.
"Ja." knikte ik. Ik wiebelde ongemakkelijk heen en weer en haalde ongemerkt wat dieper adem. Ik kreeg amper lucht door mijn te strakke jurk.
Ik probeerde me te focussen en heel, heel stil te zitten, in de hoop dat de barsten in mijn lichaam zo niet groter zouden worden. Dat de splinters binnenin me me niet nog meer aan stukken zouden rijten. God, ik stond op een afgrond.
Harry...
Ik wilde me laten vallen, recht door de tijd en kosmos en alles wat bestond, tot ik in het niets neerstortte.
"Weet je, mijn nichtje studeert daar ook." begon ze al met een sinister lachje, vol leedvermaak. Mijn moeder versteende en keek me met een woeste blik aan.
"Ze vertelde me onlangs de meest afgrijselijke roddels over je." zei ze, voor ze afkeurend met haar tong klakte. Lijkbleek staarde ik naar de grond.
"Allemaal leugens." snauwde mijn moeder onmiddellijk. Ik slikte en keek vanonder mijn wimpers op.
"Hmmm. De Whitneys onschuldige prinsesje. Toch niet zo onschuldig." grinnikte meneer Lawson, al leek het idee hem niet te verafschuwen, integendeel. Hij keek me met grote, lustvolle ogen aan. Ik knipperde snel met mijn wimpers om mijn tranen te verdringen.
Er gingen tientallen verhalen over hem de ronde. Over hoe hij zijn handen niet kon thuishouden, en hoe hij de helft van hun dienstmeisjes al in zijn bed had gekregen, met medeweten van zijn hypocriete vrouw. Ik haatte hoe mannen konden doen wat ze wilden met wie ze het wilden, maar de meisjes in mijn milieu al geruïneerd waren wanneer ze nog maar gevoelens kregen voor de verkeerde persoon. Mijn vader was geen haar beter. Zelfs zijn bloedeigen dochters wisten dat hij affaires had achter de rug van mijn moeder, ook met vrouwen die allesbehalve uit onze leefwereld kwamen. En dat was wel allemaal oké...
"Er is niets van aan. Gewoon verzonnen verhaaltjes van meisjes die jaloers zijn op Rose en haar bloeiende toekomst." wierp de altijd stoïcijnse Edith Harper snel tegen. Mevrouw Lawson schudde haar hoofd.
"Zie wat er komt van al dat verder studeren! Ik heb altijd gezegd dat het niet hoort voor meisjes om naar de universiteit te gaan. Waarom zouden ze? Je hoort het vaker en vaker, zeker bij die rijke stadsmeisjes. Ze willen allemaal carrière maken, of god weet wat. Ik noem het een langzame verloedering van onze klasse. Laat ze veilig thuis, tot ze kunnen trouwen en het goede voorbeeld kunnen geven aan hun eigen dochters." zei ze afkeurend. Ik slikte en probeerde geen cynisch antwoord te geven. Wat maakte protesteren zelfs nog uit?
"Precies. Maar je kent de Harpers en hun Columbia traditie. Het maakt hoe dan ook niet uit. Binnen enkele jaren kan ze zich hier ook settelen." glimlachte mijn moeder fake. Slikkend liet ik mijn vinger over het met zilver afgezette randje van mijn theekopje glijden.
"Kan ze het niet goed vinden met de Davenport jongen?" Ik had zin om te braken toen ik mevrouw Lawsons vraag hoorde.
"Hmm, enorm. Ze zijn voor elkaar gemaakt." kirde mijn moeder. Abrupt ging ik rechtstaan; ik kon dit niet aanhoren. Misselijk en duizelig greep ik naar mijn longen. De walgelijkste waanbeelden over Marcus dansten voor mijn ogen.
God, ik ging flauwvallen.
Iedereen richtte hun onthutste blik op mij.
"Ik... Ik heb even lucht nodig." excuseerde ik mezelf. Ik negeerde mijn moeders woedende blik en zette mijn kopje neer op het tafeltje voor me.
"Ooh, niet daarop, lieverd. Dat is marmer. Geef het aan Clarissa. Clarissa!" Het jonge, blonde dienstmeisje kwam de kamer weer binnen gehuppeld en glimlachte lief naar me.
"Alsjeblieft." prevelde ik moeizaam, terwijl ik het naar haar uitstak.
"Dankjew... Oh!" Ze schrok hevig toen een aangeschoten meneer Lawson zijn hand op haar achterste liet neerkomen. Mijn moeders ogen werden groter, terwijl ik gechoqueerd naar de vulgaire man recht voor me staarde. Hij knipoogde naar me met een vette lach.
"Declan!" siste zijn vrouw woedend. Clarissa maakte zich blozend uit de voeten. Walgend keek mijn zus haar onofficiële toekomstige aan, die evenzeer smerig grijnsde en zijn ogen gretig over zijn dienstmeisje liet glijden.
"Elizabeth, vergezel je zus. Je kan even rondkijken in de rozentuin van mevrouw Lawson. Zo kan je inspiratie opdoen voor die van ons." Ze draaide zich naar de opgesmukte vrouw naast zich en lachte haar stralende lach.
"Elizabeth houdt zich tegenwoordig bezig met wat tuinieren. Niets vulgairs, natuurlijk. Maar ze houdt van bloemen." Vliegensvlug ging mijn zusje evenzeer rechtstaan.
"Ga met hen mee, George." gebood zijn moeder snel. Ik zag de teleurstelling in Elizabeths mooie blauwe ogen. Toen Clarissa ons onze jassen kwam brengen, brandde het schaamrood nog steeds vurig op haar wangen. Medelevend keek ik haar na.
Ik volgde George en Elizabeth zuchtend door de foyer naar de galerij achteraan het huis. Grote bloemstukken en luxueuze banken sierden de hoge, marmeren hal. Galant hield George de grote deur naar buiten open voor mijn zusje, maar het moment dat ze langs hem liep, liet hij zijn kleine kraaloogjes gretig over haar lichaam glijden.
"Ik toon Elizabeth de bloementuin wel." zei hij arrogant toen we alle drie buiten stonden, duidelijk aangevend dat hij me er niet bij wilde. Ik keek haar een tel aan, maar ze knikte geruststellend en zwaaide afwezig naar me. Met een zucht keek ik hen na, terwijl ze zich met tegenzin tegen hem aan liet trekken, draaide me toen om en wandelde in de richting van de stallen, voorbij het grote grasveld waar de Lawsons in de zomer hun polowedstrijden organiseerden. Rillend verborg ik me wat meer in de kraag van mijn witte mantel, en dacht na over de voorbije dagen.
God, ik miste Harry zo hard.
Zijn knuffels, zijn kussen, zijn warme handen op mijn huid, zijn hese stem in mijn oor en zijn indrukwekkende charisma. Zijn alles. Mijn imperfect perfecte jongen... Een traan liep over mijn wang naar beneden nu ik vol wanhoop dacht aan mijn kleurloze, trieste toekomst. Een leven met Marcus tussen de rest van mijn rijke, geprivilegieerde generatie. Zachtjes snikkend wandelde ik langs de grote schuur. Het liefst verdween ik van de aardbol, hier en nu. Wat had het leven me nog te bieden nu mijn enige licht verdwenen was? Wat maakte studeren nog uit, als het me toch geen carrière zou opleveren? Wat maakten vrienden, en een onmogelijke liefde voor mijn ware jongen uit als ik hen niet langer mocht zien? Mijn ouders hadden de teugels nu in handen - voorgoed, en ik was alle controle kwijt. Slechts chaos en verdriet en pijn - ondraaglijke pijn - vulden het nietszeggende, gebroken omhulsel dat mijn lichaam was. Ik bestond niet langer...
Ik liep de schuur wankelend binnen en hield me vast aan de eerste stal die ik zag. Mijn handen omklemden de tralies, terwijl ik me snikkend en slapjes vastklampte aan wat nog overbleef van de Lily die ik een week geleden nog was geweest.
Plots geritsel achter me liet me verschrikt opkijken. Meneer Lawson slenterde de stallen in, in een dikke, belachelijke bontjas.
"Lily-Rose." grijnsde hij. Ik veegde snel over mijn wangen en zette een stap achteruit.
"Ik... Sorry. Ik weet niet zeker of ik hier wel mag zijn." zei ik met een gebroken stem. Hij haalde zijn schouders op en kwam naast me staan. Hij tuurde door de tralies naar binnen, waar een wit paard in de hoek lag te slapen.
"Zolang je van mijn duurste hengst blijft wel." grapte hij. Slikkend schuifelde ik met mijn voeten over de grond. Ik voelde me allesbehalve op mijn gemak bij hem.
"Ik... Ik ga beter terug naar binnen." zei ik kleintjes. Ik draaide me al om en wilde gehaast weglopen, maar werd tot mijn angst tegengehouden door zijn grote hand rond mijn bovenarm. Zijn dikke vingers brandden door de dure stof van mijn mantel.
"Hmm, blijf nog even. Ze zijn toch maar aan het roddelen." zei hij, met zijn ogen rollend, alsof hij probeerde te zeggen dat dat de reden was dat hij vertrokken was. Slikkend probeerde ik me los te trekken.
"Oh... Eh, ik... Ik..." begon ik zenuwachtig, maar ik snakte ontzet naar adem toen hij me met mijn rug tegen de stal dwong.
"Waarom huil je?" vroeg hij, abrupt op suggestieve toon. Ik slikte en schudde mijn hoofd. Trillend probeerde ik mijn angst te verbijten. God, niet opnieuw... De traumatische herinneringen aan Finns misbruik schoten door mijn hoofd.
"Gewoon." fluisterde ik afwezig. Ik was eerder bezig te bedenken hoe ik me hieruit zou bevrijden zonder hem aan me te laten zitten of mijn reputatie voorgoed te vernietigen door iets doms te doen.
"Wat scheelt er? Misschien kan ik je helpen." fluisterde hij, terwijl hij zijn hand naast mijn hoofd tegen de tralies plaatste en een stap naar me toe zette. Ik kon zijn dikke lichaam tegen het mijne voelen; zijn afstotelijke alcoholadem sloeg in mijn gezicht. Snel draaide ik mijn hoofd.
"Ik heb gehoord dat je je graag laat troosten door een... sterke mannenhand." Mijn ogen werden groter.
"Je moeder kan zeggen wat ze wilt. Je bent helemaal niet zo'n braaf meisje geweest in de grote stad, is het niet?" siste hij belerend. Paniekerig probeerde ik uit zijn greep te wurmen, maar hij legde zijn hand op mijn buik en bleef me tegen de stal gedrukt houden.
"Ik hoop voor jou dat de roddels zich niet gaan verspreiden. Straks ben je geruïneerd." fluisterde hij. Een nieuwe traan rolde uit mijn oog, nu uit pure angst.
"Laat me los. Alsjeblieft." smeekte ik, terwijl ik hem tevergeefs achteruit probeerde te duwen.
"Waarom plots zo preuts? Naar ik hoor, heb je hier normaal geen afkeer van." Hij bracht zijn mond dichterbij, terwijl hij zijn hand onder mijn jurk duwde en al tussen mijn benen wilde laten glijden.
"Ik zei: laat me los!" riep ik nu bang. Voor ik wist wat ik deed, had ik mijn knie omhoog gestoten, recht in zijn kruis. Hij kreunde en klapte dubbel, terwijl ik me snikkend en struikelend uit zijn smerige greep bevrijdde.
"Vuile slet." siste hij tussen zijn tanden, tussen zijn dikke dijen grijpend. Ik luisterde niet verder naar zijn verwijten, maar maakte me paniekerig huilend uit de voeten. Angstig rende ik weg, terug naar het huis. Uitgeput viel ik onderweg over een kiezeltje op het pad; de ruwe stenen scheurden mijn witte kous. Ik krabbelde weer recht en holde verder, om de zoveel tijd over mijn schouder kijkend in de hoop dat hij me niet achterna kwam.
Ik tuimelde het gigantische huis binnen en rende naar de foyer. Mijn moeder schoot rechtop toen ze me zag.
"Lily-Rose!" snauwde ze. Mevrouw Lawson bracht haar hand verschrikt naar haar hart toen ze mijn verwilderde toestand zag: hete tranen op brandende wangen, een losgesprongen kapsel en gescheurde, bebloede kousen.
"Wat is er gebeurd, lieverd?" vroeg ze, bijna op hetzelfde moment dat mijn moeder woedend sneerde: "Hoe durf je hier zo binnen te lopen? Toon wat respect voor onze gastvrouw, alsjeblieft! Dit hoort toch niet voor een meisje van jouw stand!" Ik veegde snikkend over mijn wangen.
"Ik... Ik voel me niet goed. Kunnen we alsjeblieft gaan?" huilde ik. Ze klemde haar tanden opeen en kneep haar ogen tot spleetjes, net toen George en Elizabeth achter me opdoken.
"Rose? Wat scheelt er?" vroeg mijn zus verward.
"Clarissa! Haal de jassen van onze gasten!" riep mevrouw Lawson, voor ze evenzeer recht ging staan en zich met een verontschuldigende, ontzette glimlach uit de voeten maakte. Even later kwam ze terug met haar dienstmeisje.
"Het spijt me zo, Eva. Ik weet niet wat ze zich in het hoofd haalde. Normaal is ze beter opgevoed." bleef mijn moeder zich beschaamd verontschuldigen, terwijl ik snikkend achter me bleef kijken, bang dat meneer Lawson elk moment terug kon komen. Ik zag hem niet meer.
Toen we even later buiten stonden, graaide mijn moeder in mijn haar.
"Waar haal je het lef vandaan?" gilde ze woedend. Ik huilde nog wat harder en bracht mijn bevende handen naar mijn keel.
Het werd allemaal te veel: de opgerakelde herinneringen aan Finn, de begerige handen van George's vader, het moeten missen van mijn grote liefde. Duizelig schudde ik mijn hoofd, terwijl mijn schouders oncontroleerbaar schokten.
"Help me." snakte ik hulpeloos naar adem. Elizabeth bracht haar hand geschokt naar haar mond, maar mijn moeder blafte slechts dat ik moest ophouden zo dramatisch te doen, en sleurde me mee naar de wagen.
Donkere gedachten vulden mijn hoofd op weg naar ons landhuis. Als verdoofd lag ik tegen het autoruitje, terwijl ik nadacht over het einde van al mijn ellende. Een crash met de wagen? Een val van de trap... Ik wilde weg. Verdwijnen.
Gered worden uit mijn smerige wereld vol mannelijke predators en vrouwelijke hypocrisie. Niemand kon me helpen. Niemand...
Thuis liet ik me de wagen uit slepen.
"Ik wil je binnen twee uur in de zitkamer, opgefrist en beheerst. Hoor je me? Je baljurk is gearriveerd en de naaister komt langs voor enkele kleine aanpassingen." sneerde mijn moeder ongeduldig. Ik reageerde niet, maar strompelde slechts naar binnen, terwijl eindeloze tranen over mijn wangen stroomden. De wijde deuren naar onze gigantische foyer aan de rechterkant van ons grote landhuis stonden open - een zeldzame gebeurtenis. Binnen was ons personeel alles gereed aan het maken voor mijn bal. Bij grote feesten gebruikten mijn ouders de indrukwekkende, luxueuze ruimte als feestzaal.
Wankelend liep ik naar de keuken. Ik snikte wanhopig toen ik niemand aantrof; Maria was nog niet terug. Ik greep de rand van de tafel vast en bracht mijn hand paniekerig naar mijn borstkas, terwijl ik op het randje van een paniekaanval nog harder begon te huilen. Ik kreeg geen lucht...
Snakkend naar adem steunde ik op het houten blad, terwijl hevige snikken uit mijn mond ontsnapten.
Ik kon zijn graaiende hand onmogelijk vergeten.
Vuile slet.
Een gekwelde snik rolde over mijn lippen, terwijl scherpe pijnen mijn binnenste doorboorden. Harry. Ik wilde mijn Harry. Ik wilde zijn sterke, troostende armen rond me heen. Ik wilde zijn liefdevolle belofte me mee te nemen en te redden uit mijn wereld. Ik wilde zijn kus en zijn warmte en zijn liefde en alles wat hem en ons en Harry en Lily was.
"Haz." huilde ik wanhopig, met knikkende knieën over de tafel buigend.
"Ik heb je nodig. Waar ben je?" stootte ik wanhopig uit. Mijn handen graaiden in het rond, radeloos op zoek naar houvast. Ik wilde geen houvast. Ik wilde weg.
God, wie kon alles wegnemen?
Voor ik wist wat ik deed, had ik het heft van een scherp vleesmes uit de houten blok op tafel gegrepen. Met bevende handen trok ik het naar me toe. Ik zag mijn vervormde reflectie in het schitterende blad. Ik hapte naar adem en trok tevergeefs aan mijn jurk, in de hoop dat ik zo beter zou kunnen ademhalen. Het lukte niet. Hyperventilerend snikte ik nog wat luider, terwijl ik het mes heel langzaam omdraaide en het puntje tegen mijn buik drukte.
God, ik wilde niet sterven. En ik wilde niet leven...
Niet op deze manier.
"Red me, Harry." smeekte ik, goed wetend dat hij niet zou komen. Ik had mijn ademhaling niet langer onder controle. Zwarte vlekken dansten voor mijn ogen, terwijl ik mijn ene hand steviger rond het tafelblad klemde, en met de andere het mes wat dieper in de stof van mijn jurk boorde. Het angstaanjagend scherpe puntje drukte vlak boven mijn navel.
Ik kon het niet...
"Rose!" hoorde ik iemand krijsen. Niet veel later werd het mes ruw uit mijn handen geslagen. Het viel kletterend op de grond, op hetzelfde moment dat ik door mijn benen zakte en fel naar lucht snakkend op de grond landde. Het brandde zo hard, al die pijn en schaamte. Ik klauwde in mijn borstkas en huilde hysterisch.
"Kom hier." piepte Maude, voor ze me in haar slanke armen nam en troostend heen en weer wiegde.
"Hij wilde me... Hij probeerde..." begon ik paniekerig te snikken, maar ik raakte niet uit mijn woorden en klampte me vast aan mijn dienstmeisje.
"Je hebt hulp nodig." fluisterde ze angstig.
"Nee!" huilde ik wanhopig.
Ik had Harry nodig.
Enkel Harry.
Hij zou nooit komen...

--
Sorry voor de dramaaaaaa...
Hebben jullie Harry's nieuwe album al beluisterd? En zo ja, hebben jullie een favoriet liedje? Ik hou zo van Golden, Fine Line, Falling, Cherry en Sunflower, vol. 6!
xxx

Reacties (7)

  • NicoleStyles

    Ooh damn wat een verschikkelijk milieu daar😣

    1 jaar geleden
  • _Khaleesi_

    Heftig maar echt leuk!

    1 jaar geleden
  • Smexy

    Dit is zo heftig en heartbreaking.
    Ben wel ontzettend benieuwd hoe je dit verder laat verlopen.
    Zo ontzettend sneu.

    1 jaar geleden
  • CrazyUnicornLuf

    Las het in een stuk uit! wow...
    Ik heb nog ee vraagje:
    Waarom heb je besloten om het verhaal paperweight te noemen?

    1 jaar geleden
  • oomsjes16

    Pff... wat spannend weer.
    Mooi geschreven!

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen