Foto bij 001

Emma Jasons, 18 jaar.
Bruin haar, blauwe ogen.

Ik sta met de verhuisdozen in mijn armen voor de deur van ons nieuwe huis. Het is anders dan ons oude huis. Het is vooral veel kleiner.
‘Moesten we daar nu echt weg?’ vraag ik zachtjes aan mijn moeder, die de deur open doet, en ze knikt.
'Lieverd, je weet dat ik geen andere keus had. Dat hadden we beiden niet. We moesten daar weg en dat weet jij ook,' zegt ze verdrietig en ik knik sip.
Ik loop de trap op naar boven, en ik loop meteen de eerst kamer in die ik zie. Zonder in de kamer verder rond te kijken, draai ik me om en loop ik de trap af naar beneden. Mijn moeder staart naar het schilderij dat ze vast heeft. Ik zucht zachtjes en ik loop op haar af.
'Pap kon goed schilderen,' zeg ik zachtjes, en mijn moeder kijkt me lief glimlachend aan.
'Ik mis hem ook,' zegt ze verdrietig, en ik knik. 'maar het was niet jouw fout, dat weet jij ook,' zegt ze zacht, en ik zie in haar ogen dat ze liegt. Ze gelooft het zelf niet eens en ik al helemaal niet. Ik vermoord mensen. Dat is mijn ding en dat heb ik altijd al gedaan.
Ik zucht en pak mijn laatste doos, en ik loop weer naar boven naar de kamer waar ik net ook was. Ik neem dit keer de tijd om in de kamer rond te kijken. Bij het raam staat een groot tweepersoonsbed en aan het voeteneind hangt een tv. Aan de deur hangt een grote spiegel, en aan de andere kant van de kamer staat een grote kast en een make-uptafel. Ik kijk naar het houten plafond van mijn kamer en er zit een luik. Ik kijk de kamer rond en ik zie een stok tegen de muur staan, en er zit een haak aan om het luik mee te openen. Ik pak de stok en ik trek ermee het luik open en er rolt een trap naar beneden. Ik zet de stok aan de kant en ik klim de trap naar boven. Het is een klein zoldertje, en er staat een bureau met een stoel. Ik kijk naar het raam en maak het open. De frisse, koele lucht stroomt de zolder op. Ik klim de zoldertrap af en ik loop naar de tv en zet hem aan op de radio. Ik loop naar mijn eerste doos en maak hem open. Een fotolijstje ligt bovenaan. Ik kijk naar de vier mensen op de foto. Mam, pap, Anna en ik, we waren zo gelukkig. 'Waarom moest mij dit overkomen? Waarom moest ons dit overkomen?' vraag ik mezelf af. Ik zucht en ik laat mezelf achterover op bed vallen. Ik druk de foto hard tegen mijn borst. Langzaam voel ik mijn oogleden zwaar worden. Ik verlies langzaam de stevige grip op het lijstje.



Ik hoop dat jullie het eerste deel van I'm the only one leuk vinden.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen