21.

(2024)

Om vijf uur de volgende ochtend gleed er een auto de doodlopende woonstraat in van de mooie buurt die grensde aan het hotel Palm Court, de koplampen gedoofd. Het portier zwaaide open en de bestuurder kwam tevoorschijn.
      Uit de rugzak die hij vast had, haalde hij een paar latex handschoenen, en hij zette een nachtkijker op. Met een kalmte alsof hij de eigenaar was, wandelde hij de oprit van een bakstenen huis met rode dakpannen op. Hij liep om het zwembad heen en wurmde zich door het dikke kreupelhout waarmee de achtertuin volstond. Zijn adem siste door de inspanning die het hem kostte. Hij klom over een hoog hek, liet zich weer zakken en stond op het terrein van het hotel.

Met wijd open ogen en een bonzend hart schoot Audrey wakker. Het ellendige gevoel van de telkens terugkerende nachtmerrie kon ze niet onmiddellijk van zich afschudden. Ze schoot overeind en schoof het beddengoed opzij. Haar voeten zonken weg in het tapijt terwijl ze opstond, haar armen om zichzelf heen sloeg en haar oren spitste. Ze begreep niet wat haar kon hebben gewekt - misschien de beheerder die vroeg begon, of simpelweg de onbekende geluiden van Lassiter bij het aanvangen van de dag.
      Haar hartslag kalmeerde ietwat terwijl ze de verstikkende duisternis in staarde. De nare droom was ongecompliceerd maar hardnekkig: ze had hem al zolang ze zich kon heugen. Ze was op de vlucht, en - wat een verrassing- werd achternagezeten door een schimmig figuur. Het wonderlijke eraan was dat ze er sinds een paar maanden geleden, toen het stalken was begonnen, geen last meer van had gehad. Dat het nu weer gebeurde, terwijl ze al zoveel stress had door het oprakelen van haar verleden, maakte het extra vervelend. Het enige waar ze naar verlangde, was een goede nachtrust.
      Ze bleef stilstaan, hield haar hoofd schuin. Sinds haar gesprek met Manet was er iets in haar veranderd, besefte ze.
      Voorheen had ze alles aan de stalker dodelijk serieus genomen, maar nu leek het minder bedreigend. Misschien lag het eraan dat ze hem in de bibliotheek haast op heterdaad had betrapt, of aan het signalement dat de medewerkster had gegeven: een oudere man met een honkbalpetje, kalend, met een dikke bril en een snor. Hoe griezelig en verontrustend het ook was, het was moeilijk je geïntimideerd te voelen wanneer je werd gestalkt door zo iemand.
      Een ritselend geluid buiten trok haar aandacht. Ze liep naar het raam, schoof het gordijn op een smal kiertje open en tuurde het duister in, zich inspannend om iets te onderscheiden - wat dan ook. Het voordeel van deze kamer was dat hij afgezonderd lag en ver van de straat, het nadeel dat hij schuilging achter hangende boomtakken en dat het licht van de lantaarns hier niet doordrong. In de vorige kamer was het altijd licht geweest, zelfs op de donkerste nachten; hier was alles zowel binnen als buiten pikzwart.
      Er ruiste een zachte bries door de bomen, het geluid zo spookachtig dat ze er kippenvel van kreeg, en ze liet het gordijn terugvallen. Als er al iemand was, zou ze hem moeilijk kunnen horen.
      De herinnering aan dat moment in de bibliotheek, toen het krantenartikel over haar ongeluk op het beeldscherm was verschenen, veroorzaakte een koude rilling.
      Ze was rechtstreeks naar het politiebureau gereden, maar vrijwel al het personeel had in vergadering gezeten, en Manet was weg geweest voor een oproep. Bij wijze van compromis had ze de film voor hem achtergelaten bij de balie, met een briefje op het zakje. Uit haar eigen research voor haar boek wist Audrey dat het vergelijken van vingerafdrukken tijd vergde. Als hij toevallig van een plaatselijke crimineel was, zou Manet ze in het archief hebben, maar was hij van iemand uit een andere staat, dan kon het dagen duren. Bovendien was er de mogelijkheid dat de afdruk helemaal nergens geregistreerd stond, omdat de stalker nooit was aangehouden voor een misdrijf.
      De wind stak op, en het ruisen veranderde in gekras toen de bladeren voor haar raam langs het glas schraapten. Ze kromp ineen, maar toen ging er binnen in haar opeens een knop om.
      Ze was het zo zat om van elk geluid te schrikken, zo zat om te wachten op de volgende inbreuk op haar privacy, zo zat om het aan Muller en Manet over te laten haar problemen op te lossen.
      Voor het eerst in maanden leek het waas voor haar geest op te trekken. Het ontbrak haar aan de middelen om degene die haar lastig viel te vangen - dat kon alleen de politie - maar ze kon wel degelijk iets doen.
      Het eerste was haar manier van denken veranderen.
      Het stalken werd erger, niet minder, wat betekende dat haar reactie erop hem genoeg opwond om de inzet te verhogen. Hij kickte op haar angst. Oplossing: de angst uitbannen. Het was de onzekerheid die haar gek maakte, niet de daadwerkelijke telefoontjes. Als kind, toen ze een lange reeks operaties in het vooruitzicht had gehad, had ze geleerd zichzelf af te leiden van de angst en pijn door zich simpelweg ergens anders op te richten. Het had een poos geduurd, en ze geloofde niet dat een potje solitaire voldoende zou zijn, maar ze zou die tactiek eenvoudigweg op deze angst toepassen.
      Het woord kalmeerde haar, want dat was alles wat er nodig was: tactiek. Deze man was een schim, een worm. Hij verschool zich, was te laf om zijn gezicht te laten zien. Hij schoot waarschijnlijk enorm tekort als hij direct met vrouwen werd geconfronteerd.
      Wat ze om te beginnen moest doen, was zelf een signaal afgeven. Ze zou het moeilijk maken voor de stalker, vervelend zelfs, om haar te blijven intimideren. Dat betekende dat ze wat tijd moest winnen om iets te regelen. Voor vandaag moest ze in elk geval uit beeld verdwijnen.
      Ze keek op het verlichte schermpje van haar horloge. Het was net over vijven in de ochtend; de zon zou zo opkomen. Als ze onopgemerkt weg wilde glippen, had ze nog ongeveer een kwartier.
      Zonder licht te maken, liep ze op de tast om het bed heen, naar de ladekast tegen de verre wand. Haar knie stootte tegen de hoek van het meubel. Tegelijk streek haar arms langs een lamp waarvan ze was vergeten dat die er stond. De lamp wiebelde hevig voor ze hem tegenhield, het geluid van de koperen voet op het houten kastje was schrikbarend hard.
      Met bonzend hart en de krankzinnige neiging in de lach te schieten zette ze de lamp recht, haalde diep adem en voelde aan de laden tot ze de derde van onderen had. Ze vermande zich, schoof de lade open en rommelde erin.
      Ze trok er een wijde katoenen broek en een tank topje uit en schoof haar voeten in een paar gympen. Geen van alle zwart, of zelfs erg donker - in feite had ze geen idee welke kleur ze waren. Met een klein lachje groef ze verder tot ze een haarelastiekje vond. Ze stootte haar knie tegen een openstaande lade en er vielen kleren op de grond. Haar eerste prioriteit was ongezien het hotel uit te komen, de tweede om zich normaal en zo onopvallend mogelijk te gedragen wanneer de zon straks opkwam. Als bleek dat ze een rare combinatie aan had, zou ze even moeten gaan winkelen.
      Haar haren bond ze met het elastiekje in een staart. Ze tastte naar de rand van het bed en ging zitten om een katoenen sjaal om haar hoofd te wikkelen, knoopte die in het nek zodat er niets onderuit zou steken. Qua vermomming stelde het niet veel voor, maar ze zou het ermee moeten doen tot ze weg was bij het hotel.
      Ze haakte het hengsel van haar tas over haar schouder en schuifelde naar de woonkamer. In een impuls pakte ze haar mobieltje nog mee, dat ze op de salontafel had laten liggen en stak het weg. De telefoon kon een risico vormen om ze steeds werd gebeld, maar hij bood haar ook veiligheid.
      Bij de voordeur bleef ze met haar hand op de kruk staan.
      Nee, dit was niet slim.
      Ze werd door iemand gestalkt en ze had geen idee van zijn dagpatroon. Of hij gevaarlijk was of niet, ze moest ervan uitgaan dat hij de kamer in de gaten hield, en dat waarschijnlijk vanaf de voorkant. Als ze onbespied naar buiten wilde, moest ze via de achterzijde gaan.
      Ze liep terug, schoot de badkamer in en opende een kastje. Haar vingers gleden over de eerste plank tot ze tegen een doosje stootten. Ze stopte het in haar tas en herhaalde de handeling tot ze de inhoud van de twee onderste planken - met haar pijnstillers - ook te pakken had. Als de stalker binnendrong, zou hij in elk geval niet met haar codeïne aan de haal kunnen.
      Een handpalm plat tegen de wand houdend schuifelde ze de badkamer uit, ging toen linksaf, in de richting van het slaapgedeelte. Toen ze de openstaande deur bereikte, zag ze aan de vage schemering rond de gordijnen dat de tijd drong.

De schuifdeur die uitkwam op het woongedeelte, gleed open en werd net zo geruisloos weer gesloten.
      De man schoof zijn rugzak af en zette hem op het tapijt. Met efficiënte bewegingen haalde hij een pistool tevoorschijn, controleerde of het magazijn stevig vast zat en stak het toen in de zwarte schouderholster die onzichtbaar was tegen de zwarte stof van zijn sweatshirt. Het was donkerder binnen dan hij had verwacht, dus hij hield de nachtkijker op. Nadat hij een mes uit zijn rugzak had gepakt, rechtte hij zijn rug, het mes langs zijn zij houdend.
      Een vaag geluid trok zijn aandacht. Met afgemeten stappen liep hij de krappe ruimte door, zijn perifere zicht beperkt door de kijker en hij liep naar de gang die naar de slaapkamer leidde.

Audrey liet de schuifdeur van de slaapkamer die naar het terras leidde links liggen en stapte naar het raam. Omdat deze kamer naast de gereedschapsloods was gebouwd, waar te weinig ruimte was om twee eenheden rug aan rug neer te zetten, opende het raam op een dichte wand van heesters. Ze ritste haar tas dicht en hing het hengsel schuin over haar schouder, zodat de tas als een buidel onder haar ene arm hing.
      Ze glipte achter het gordijn en schoof zachtjes het raam open. Zich aan de vensterbank vasthoudend tilde ze eerst haar ene been eroverheen, draaide en hief toen het andere op. Toen vochtige bladeren van de bomen over haar arm sreken, trok ze een grimas. Ze bleef even hangen, weerstond de verleiding simpelweg neer te ploffen en te riskeren dat ze lawaai maakte en liet zich toen voorzichtig zakken.

Reacties (2)

  • FollowYourDream

    Oh nee...
    Je maakt het weer zoo spannend!
    Ik hou van de mysterie in dit verhaal!

    Xxx

    2 jaar geleden
  • Manonxxx

    Omg zo spannend.
    Snel verder, aub?! Xx

    2 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen