Sirius was opgewekter dan hij in tijden geweest was toen hij die middag boodschappen ging doen. Er was een vuur ontstaan in de man. Sommigen zouden het misschien waanzin noemen. Sirius noemde het levenskracht.
      Nu Remus' hongerstaking gebroken was, leek de wolf het spreekwoord 'honger als een wolf' waar te willen maken. In die paar uur had hij de halve koelkast leeggegeten en hij was pas gestopt toen Sirius de koelkast magisch vergrendeld had. Hoewel zijn bewegingen moeizaam waren gegaan en hij geweigerd had om een shirt te dragen over de diepe wonden, had hij wel uit zichzelf zijn kooi verlaten om eten te zoeken. Het was een aanwijzing dat hij zich al vrijer begon te gedragen, minder opgejaagd.
      Dat had wel als consequentie dat er niet veel eetbaars meer in huis was en dat Sirius dus noodgedwongen naar de supermarkt moest. Hij had er nog even over zitten twijfelen of hij Remus mee zou nemen, maar had toch besloten van niet. Remus zag eruit alsof hij na één windzuchtje uit elkaar zou vallen en alsof het allemaal niet tot hem door zou dringen. Dan kon hij beter wachten tot Remus mee naar buiten nemen daadwerkelijk effect zou hebben. Een klein deel van Sirius wilde Remus ook nog niet delen. Niet zolang Remus nog niet volledig van hem was.
      "Sirius, dat is lang geleden! Waarom kom je niet vaker langs?" hoorde hij. Hij draaide zich met een glimlach om naar de roodharige vrouw die vanachter het schap met vlees opgedoken was, net toen Sirius in de rij ging staan om te betalen.
      "Lilyflower!" zei hij. James kwam aangelopen met kleine Harry op de arm. De jongen was inmiddels twee jaar oud en zeker in de 'ik ben twee dus ik zeg nee' fase, tot grote frustratie van de jonge ouders. Het kon ook niet anders, had Lily altijd gezegd. Hij was een makkelijke baby geweest, dus ergens zouden ze daarvoor worden afgestraft. Dan had ze dat liever nu dan in de puberteit.
      "Wat heb je veel inkopen. Krijg je dat allemaal wel mee? We lopen wel even mee."
      James' gezicht verstrakte iets. Zijn blik schoot kort naar Harry en toen naar Sirius. "Ik denk dat hij zich wel red, niet waar, Sirius?" Zijn stem klonk scherp. Lily gaf haar echtgenoot een vragende blik, maar James negeerde haar. Zijn ogen bleven vastgepind aan Sirius' gezicht.
      "Welnee, ik heb Sirius al veel te lang niet gesproken. We lopen gewoon mee." Ze duldde geen tegenspraak. Lily nam Harry over van James ene pakte tegelijk een van de tassen van Sirius over. James en Sirius verdeelden in stilte de overgebleven spullen. Er hing een onaangename stilte tussen ze.
      Vlak voor ze de winkel uit liepen, hield James Sirius even tegen. "Zeg me dat hij weg is," zei James. Hij gebruikte een al te bekende toon voor Sirius. Het was de toon die James normaal gesproken gebruikt had tegenover Sirius' familie. De toon die zei dat hij absoluut niks te maken wilde hebben met de mensen tegen wie hij praatte.
      "Stel geen vragen en ik vertel geen leugens," was Sirius' antwoord slechts. Heel even schoot James' blik naar zijn vrouw en zoon. Lily leek niks door te hebben van het oponthoud van de twee mannen en praatte vrolijk verder tegen Harry over Merlin wist wat.
      "Als hij hen wat aandoet, sta ik niet voor mezelf in." Zijn hand kroop haast onopvallend naar de plek waar James zijn stok altijd verborgen hield. Sirius knikte wel, maar was het er niet mee eens. De enige reden dat hij niet antwoordde was omdat Lily eindelijk doorhad dat ze niet meeliepen en vanaf een afstandje riep of ze nog zouden komen. Anders had hij James verteld dat hij ook niet voor zichzelf in zou staan als James het zou wagen Remus met één vinger aan te raken. Remus was van hem, en van hem alleen.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen

Add Your Banner Here