Foto bij 006

A sky
full
of stars
and he
was staring
at her.
- Atticus

Harry Styles


"Het is niet veel, maar het is alles wat ik kan betalen." mompelde Zac, wuivend naar de belachelijk kleine, bouwvallige bovenverdieping van zijn nieuwe woonplaats. Ik fronste en liet mijn weinige bezittingen neervallen op de grond; de oude houten planken kraakten onder onze voeten. Met een smalende, ontevreden blik keek ik mijn nieuwe thuis rond. Een plooibare schuifdeur in een ondefinieerbare bruinachtige kleur, die tot mijn ergernis niet echt geluiddempend was, scheidde mijn krakkemikkige kamer van de smalle gang en trap die naar beneden leidde. Aan mijn rechterkant zag ik een minikeuken, met slechts twee oude, onbetrouwbaar uitziende kookplaten, een kleine frigo met vieze vlekken op de verroeste deur, en een kapotte oven. Direct erachter stonden twee sofa's recht tegenover elkaar, haast tegen de vierkante plooitafel naast de muur gepropt. Twee wankele krukjes moesten als stoelen dienen. Vlak naast me, aan mijn linkerkant, stond de kleerkast. Een van de twee deuren miste, de andere was in cirkelvormige plekken gebleekt door het zonlicht en piepte vervaarlijk toen ik hem opende. Onder het ongewassen, beschimmelde raam lag een tweepersoonsmatras op de smerige grond. Zac had er enkele lakens en kussen op gegooid.
Ongemakkelijk krabde hij aan zijn nek.
Hij woonde beneden op het even kleine, maar toch iets comfortabelere gelijkvloers. Door een conflict met zijn vorige huisbaas was hij uit zijn appartement aan de rand van The Bronx gegooid. Dit uiteen vallende, slecht onderhouden huisje stond in het midden van het zuidelijke deel: de grootste gevarenzone. De huurprijs was laag, maar de kwaliteit tegelijk ook erbarmelijk.
"De badkamer is beneden, naast de trap. Er is geen warm water." knikte hij nog. Ik zuchtte diep en wreef vermoeid over mijn gezicht, terwijl ik de minuscule ruimte rond keek. Het was kleiner dan mijn oude kamer in de loft.
"Oké. Bedankt." gromde ik. Ik had nergens anders opvang gevonden toen ik mijn vrienden in New York een week geleden onverwachts had opgebeld met het nieuws dat ik terug zou keren. Zac had ontzet toegestemd me bij hem onder te brengen; zijn bovenverdieping was nog onbewoond en een tweede huurder zou hem iedere maand een stuk geld uitsparen.
Ik voelde zijn ogen op me branden. De andere jongens, die momenteel beneden zaten, hadden me ook al zo vreemd bestudeerd nadat ze me begroet hadden.
"Wat?" snauwde ik, terwijl ik mijn ogen op Zac richtte en grimaste.
"Niets! Fuck, ik zeg toch niets?" verdedigde hij zich snel. "Je ziet er gewoon slecht uit, dat is alles."
Ik reageerde niet, maar hurkte neer, zodat ik mijn sportzak open kon ritsen. Ik had er makkelijk al mijn bezittingen in kunnen passen.
"En anders, met je korte haar." vervolgde hij schaapachtig.
"Dat was alles, Zac." beet ik hem scherp toe, terwijl ik hem over mijn schouder aankeek en mijn vurige ogen in de zijne boorde. Ik kon er niet aan doen. Ik was zenuwachtiger dan ik mogelijk kon beschrijven; niemand leek me iets te kunnen vertellen over hoe het met Lily ging. De jongens hadden haar niet meer gehoord, zeiden ze, en mijn ex-huisgenoten namen stuk voor stuk hun gsm niet op. What the fuck was er aan de hand?
Het maakte me enkel ongeruster: scheelde er iets met haar? Wat kon mogelijk zo erg zijn dat ze het me niet durfden te vertellen?
Met een nerveuze trek rond mijn mond rommelde ik in mijn bagage, tot ik een sweater had gevonden. Terwijl Zac zich verslagen uit de voeten maakte, ging ik rechtop staan en trok de trui over mijn hoofd.
Onmiddellijk erna viste ik mijn gsm uit mijn achterzak en wandelde naar de sofa. Ik scrolde door mijn contacten, die ik had overgezet toen ik een nieuw telefoonnummer had gekregen. Ik had nooit verwacht ooit terug te keren naar New York, dus ik had me ontdaan van alles uit mijn vorige leven bij mijn aankomst in Londen, enkele maanden terug.
Hoe ironisch...
Hier zat ik weer, in een klotehol in het midden van Amerika's meest walgelijke buurt, wanhopig en smachtend naar het meisje van mijn dromen dat ik zo vol overtuiging had achtergelaten. Ik had altijd geweten dat ik niet sterk genoeg zou zijn. Shit, waarschijnlijk had iedereen het geweten. Ik had het daarnet zelfs in de ogen van mijn vrienden gelezen: slappe, smoorverliefde Harry kon niet zonder zijn Lily. Ze wisten nog niet half hoe erg het werkelijk was geweest om zonder haar te leven. Het had me bijna vernietigd... Half stervend had ik me hierheen gesleept.
Met trillende benen en zweet parelend op mijn voorhoofd liet ik me neerzakken. Ik had me zelden zo rotslecht gevoeld als de voorbije dagen. Vermoedelijk had mijn beslissing voor Lily terug te komen me toch een boost gegeven, en tijd genoeg om de laatste week te overbruggen, maar ik voelde dat ik volledig op was. Ik had zuurstof nodig, en alle fundamentele bouwstoffen die mijn lichaam nodig had om te overleven en die ik mezelf had ontzegd door Lily te verlaten. Hoe fucked up was het dat ik letterlijk niet meer zonder haar kon? Met elke minuut dat ik langer van haar verwijderd was, stierf een stukje Harry, alsof de vitale verbintenis tussen ons te dun uitgerold was over de te grote, schijnbaar oneindige afstand.
Het adertje in mijn voorhoofd klopte oncontroleerbaar toen ik met een diepe zucht Keiths nummer aanklikte. Ik wilde het risico niet nemen Lily te bellen, ook al was mijn nieuwe nummer niet geblokkeerd op haar gsm. Wat als haar familie bij haar was?
Zenuwachtig drumde ik met mijn vingers op mijn dijbeen, terwijl ik ongeduldig luisterde naar de helse pieptoon in mijn oor.
"Komaan, neem op." gromde ik.
Ik had te lang gewacht. Sinds mijn beslissing terug te komen, was elke dag nog een grotere marteling gebleken: beseffen dat ik dichter en dichter kwam bij het moment dat ik haar eindelijk weer zou zien maar haar toch nog niet volledig hebben maakte me gek - fuck, mijn zes uur lange reis in de goedkoopste, meest ongemakkelijke zetel van het vliegtuig was het ergst van allemaal geweest. Kotsmisselijk had ik me er niet van kunnen weerhouden te doemdenken. Wat als ze me niet meer wilde?
Misschien haatte ze me wel na wat ik had gedaan. Het was niet de eerste keer dat ik hieraan dacht, maar ik had het idee altijd verdrongen. Wat was het nut geweest zo te denken? Ik had sinds mijn vertrek uit Amerika geloofd dat ik haar nooit opnieuw zou zien. Maar nu ik me realiseerde dat ik haar mogelijk binnen enkele uren weer vast zou kunnen houden, werd de angst reëler en moeilijker te onderdrukken.
Ik vloekte toen ik Keiths irritante voicemail hoorde, en kneep hard in mijn knie.
"Keith, dit is Harry Styles. Bel me zo snel mogelijk terug op dit nummer." snauwde ik, na de schelle pieptoon. Ik zei niets meer dan dat. Toen ik het gesprek weg klikte en naar het gebarsten scherm van mijn goedkope telefoon keek, zag ik dat ik berichten van zowel mijn moeder als Jim had. Beiden wilden weten of ik goed gearriveerd was. Jim wilde me zo snel mogelijk zien.
Ik vermoedde dat ik geen keuze had als ik een vorm van inkomen wilde. Mijn laatste spaarcenten waren naar mijn vliegreis en Graces schoolgeld voor een half semester gegaan.
Ik reageerde op geen van de twee, en stak mijn gsm in de plaats weer in mijn achterzak, voor ik schokkerig rechtop ging staan en met hevig kloppend hart naar de schuifdeur wandelde, tussen de opeen gepakte, bouwvallige meubelen door laverend. Ik voelde me koortsig terwijl ik duizelig de trap zonder leuning afdaalde. Ik hoorde mijn vrienden lachen en praten toen ik door het donkere halletje wandelde, met de badkamer aan mijn ene kant - ik had het nog niet gezien, maar met één blik door de openstaande deur merkte ik al dat het niet veel soeps was, en een dik, donkergrijs gordijn dat Zacs woonruimte afscheidde. Iedereen viel stil toen ik de zitruimte binnenkwam. Het zag er niet zo anders uit dan het mijne, al had Zac een eigenlijk bed, dat deels verborgen stond achter een vuilgeel kamerscherm met gaten in.
Mijn ogen verdonkerden.
"Ja?" snauwde ik.
"Niets." mompelde Dave snel, voor hij zich weer focuste op het salontafeltje voor zich, waarop enkele blikken bier stonden. Ik plofte neer tussen Nick en Aaron en nam er ook één; het opende met een sissend geluid.
"Dus, wat nu?" doorbrak Zac na enkele seconden als eerste de stilte.
"Wat bedoel je?" reageerde ik fel. Hij fronste en liet zijn ogen langzaam over me heen glijden.
"Wat ik zeg. Je bent compleet onvoorbereid teruggekeerd naar New York, Harry. Wat is het plan voor onze groep? En wat ga je doen aan je situatie?"
"Welke fucking situatie?" Ongelovig staarden de drie me aan.
"Maat, El Paco is nog steeds op zoek naar je, ja? Je bent hier niet veilig. En wij ook niet als hij ziet dat we nog steeds met je omgaan." gromde Dave. Ik wuifde het weg.
"Ik hou me wel koest, oké? Ik zorg dat hij me niet vindt."
"Ik hoop het voor jou!" siste Zac, voor hij twee lege blikjes van het tafeltje griste en naar zijn keuken beende. Ik rolde met mijn ogen en keek hem over mijn schouder na.
"What the fuck is jullie probleem?" riep ik hem na, voor ik de rest één voor één aankeek. Niemand reageerde. Nick staarde snel naar de grond toen we oogcontact maakten.
"Jullie doen vreemd. Al van het moment dat ik aangekomen ben. Fuck, al sinds mijn fucking telefoongesprek. Wat is er mis?" Weer geen antwoord.
"Is het Lily? Weten jullie iets?" drong ik aan, ongeduldiger. Mijn stem steeg in volume, terwijl ik mijn handen onrustig tot vuisten kneep; mijn blikje knarste vervaarlijk in mijn sterke hand. Wild flitste mijn blik tussen de drie sprakeloze mannen rond me.
"Wat? Wat is het?" sneerde ik. Mijn hartslag versnelde, terwijl ik wanhopig de ogen van op zijn minst een van hen probeerde te vangen. Zac kwam terug met een pakje sigaretten, maar ik keek er amper naar en bleef schichtig heen en weer me turen.
"Wat?" riep ik nu radeloos. Nick haalde diep adem.
"Ze is..."
"Nick!" siste Aaron snel; mijn bloed kookte bijna. Waarom leek iedereen te weten wat er met haar aan de hand was, behalve ik? Ik had verdomme het recht te weten hoe het met haar ging: ze was mijn fucking meisje!
"Het is gewoon... Wees voorzichtig, oké? Het is altijd al een fucking delicate situatie geweest, en er zijn een paar dingen veranderd terwijl je weg was." mompelde Dave toen. Ik snoof.
"Een paar dingen zijn veranderd? Waar heb je het zelfs over? Wat is er veranderd? Fuck, vertel me wat er met haar scheelt!" blafte ik onrustig, op hetzelfde moment dat mijn gsm luid begon te rinkelen.
"Fuck!" stootte ik furieus uit. Ik zette het blikje bier met een klap neer, negeerde de grote druppels die neerspatten op de salontafel, en graaide naar mijn telefoon. Met een laatste woeste blik op de jongens rond me, nam ik op.
"Harry." gromde ik gefrustreerd. Ik stond recht en stampte weg. Fucking klootzakken.
"M... Met Keith. Je had gebeld?" stotterde de jongen aan de andere kant van de lijn na enkele seconden ontzet. Mijn hoofd schoot omhoog.
"Keith, ja. Heb je even?" Ik wandelde voorbij het gordijn en ging met knikkende knieën en een nerveus gevoel in mijn binnenste zitten op één van de onderste treden van de trap.
"Waarom bel je?" Zijn stem sloeg over; het was duidelijk dat ik de laatste persoon was van wie hij een telefoontje had verwacht.
Hij bevestigde mijn vermoeden: "Ik dacht dat je... Wel, verdwenen was. Ik begrijp niet goed... Ik bedoel, waarom? Waar...?" Ik rolde met mijn ogen, te ongeduldig om te wachten tot de zenuwachtige, onhandige jongen klaar was met zijn zin.
"Ik ben terug." zei ik enkel.
"Terug?" stootte hij schel uit, voor hij zich verslikte en enkele tellen luidruchtig hoestte. Ik fronste.
"Fuck, Harry! Shit, je... Je bent terug. Oh god. Shit, Rose..." prevelde hij onsamenhangend. Ik staarde met samengeknepen ogen naar het gordijn voor me. Hij deed ook al zo vreemd.
"Was je niet voorgoed weg?" vroeg hij; zijn toon schoot abrupt een octaaf de hoogte in. Ik reageerde niet op zijn irritante vragen.
"Is ze daar? Fuck, ik ben hier voor haar, Keith. Ik moet haar zien." mompelde ik onrustig.
"Voor haar... Je bent hier... Je bent teruggekomen voor Rose?" piepte hij kleintjes. Ik begroef mijn hand in mijn korte bruine krullen en kneep geërgerd. Shit, natuurlijk, domme klootzak. Waarom anders? Ze was mijn enige motivatie voor fucking alles in het leven.
"Kan ik haar zien of niet?" blafte ik, haast krankzinnig uit pure stress. Waarom deed iedereen zo fucking lastig? Konden ze me niet gewoon naar mijn prinsesje brengen?
"Harry, er is iets... God, misschien weet je al..." Hij wikte en woog zijn woorden, waarschijnlijk beseffend dat ik een tikkende bom was en op de meest onvoorspelbare momenten kon uitvliegen. Hij wilde niets dramatisch veroorzaken door me te ontzetten met zijn woorden.
"Wat? Ik weet wat al?" gromde ik.
"Hoe lang ben je al terug?" fluisterde hij.
"Enkele uren. Waarom?" beet ik. Hij slaakte een diepe zucht.
"Shit."
"Waar is ze? Bij jou? Wat scheelt er? Wil ze me niet zien?" ratelde ik op ongeduldige, kwade toon. Hij snoof.
"Fuck, natuurlijk wil ze je zien! Je bent alles waar ze aan denkt!" Ik dacht even dat mijn hart het zou begeven uit pure opluchting. Shit, ze wilde me nog. Alles zou goedkomen: Lily verlangde nog steeds even hard naar me, en ik was hier om haar weer de mijne te maken. Mijn mondhoeken krulden ongewild omhoog.
"Ben je op school? Is haar les bijna voorbij?" Hij kreunde radeloos.
"Nee, ik... Nee, de les is nog bezig. Ik ben naar buiten gelopen toen ik je gemiste oproep zag. Het duurt nog een halfuur voor ze..."
"Ik kom eraan."
"Harry, nee! Wacht!" hield hij me paniekerig tegen. Ik had mezelf al rechtop gehesen en stond met onrustige ogen als versteend stil toen ik zijn krijs hoorde. Wacht? Ik had lang genoeg gewacht. Ik wilde Lily nu zien.
"Waarom? Wat is er aan de hand?"
Hij mompelde enkele niet te begrijpen woorden - het leek verdacht veel op een reeks vloeken.
"Voor ze ontdekt dat je terug bent, moet ik je eerst iets tonen. Iets... Iets vertellen." bekende hij voorzichtig.
"Wat? Wat moet je me vertellen?" snauwde ik onmiddellijk onrustig. Wanneer zou iemand me eindelijk opbiechten wat er was gebeurd met Lily dat zo vreselijk was dat het verborgen gehouden moest worden voor me?
"Kom naar Columbia, oké? Ik ga aan de schoolpoort wachten." zuchtte hij na enkele tellen stilte verslagen. Ik kauwde hard op mijn onderlip en knikte.
"Ik zie je zo."

Uiteindelijk duurde het vijfentwintig minuten voor ik er met het openbaar vervoer raakte. Ik haatte de fucking metro, maar mijn motor stond voorlopig geparkeerd in Jims appartement, en ik had niet voldoende geld voor een taxirit. Keith was al bijna paars aangelopen uit pure stress toen hij me opeens voor zich zag opduiken; hij herkende me haast niet door mijn korte haar en de waardeloze vermomming die mijn hoodie bood.
"Wow, fuck!" stootte hij uit, met zijn hand ter hoogte van zijn hart. Ongelovig liet hij zijn ogen over me heen glijden.
"Shit, ik weet dat ik er slecht uitzie, oké? Cut the fucking crap. Wat is er mis met Lily?" sneerde ik onrustig. Mijn vuisten jeukten in de wijde zakken van mijn sweater. Ik had het te warm; in Londen was het veel kouder geweest toen ik er was vertrokken.
"Oké, je moet beloven dat je niet kwaad..." Ik liet een haast dierlijke grom horen, voor ik de mollige jongen bij de kraag nam en hem ruw tegen het muurtje achter hem ramde. Een meisjesachtig gilletje ontsnapte uit zijn rozige mond, terwijl hij met uitpuilende ogen naar mijn armen graaide. Niets dan pure angst tekende zijn ronde, rode gezicht.
"Al goed, al goed! Kalmeer!" piepte hij. Mijn handen trilden toen ik hem weer losliet. Draaierig greep ik naar mijn hoofd terwijl hij in zijn broekzak reikte. Shit, ik moest kalmeren. Ik mocht niet opvallen... Niemand mocht doorhebben dat ik hier was.
Al die voornemens verdwenen echter in het niets toen hij me een al te vaak opgevouwen krantenknipsel met bevende handen en een zenuwachtige trek rond zijn mond aanreikte. Ruw snokte ik het uit zijn hand.
"Wat is dat? Ik wil geen artikel, ik wil Li..." begon ik al te snauwen, terwijl ik het ruw openvouwde, maar het moment dat mijn oog op de foto en tekst viel, verdampten de rest van mijn woorden op mijn tong.
Het leek alsof de fucking wereld ophield met draaien. Alsof iemand me met een slaghamer die laatste, fatale klop had gegeven, en ik eindelijk - na maanden vol kwelling - compleet uiteen viel, in onmogelijk te lijmen stukken. Mijn fucking hart viel voor mijn voeten neer, als een hoopje as; de warme lentewind, zo zoet en teder op deze donderdagnamiddag, de dag waar ik een week smachtend naar had uitgekeken, blies het weg. Alles was verloren. Het hoogste doel ter wereld - de vereniging van onze twee zielen - aan flarden gereten.
Ik hapte herhaaldelijk naar adem, alsof ik mijn stervende lichaam zo nog kon redden, terwijl ik het stenen muurtje wankelend greep en met grote, uitpuilende ogen naar het duivelse artikel staarde.
"Nee." stootte ik gesmoord uit, voor ik met een zacht, amper hoorbaar gejammer ineen dook tegen de warme, bruinrode muur. Mijn bevende hand vloog naar mijn haar; ik trok radeloos aan de warrige plukken.
"Harry..."
"Hoelang al?" prevelde ik. Mijn ogen vlogen naar de datum: twee januari. Ze zat al drie fucking maanden vast aan die demonische klootzak. Shit, ik had haar praktisch in zijn armen geduwd. Mijn knieën knikten. Ik hurkte neer en kneep mijn hand tot een vuist; Marcus' afgrijselijke gezicht draaide en sidderde tot een sinistere afspiegeling van zijn helse zelf toen ik het artikel verfrommelde in mijn grote, bezwete palm. Ik voelde Keith een ongemakkelijk klopje op mijn schouder geven. Met betraande ogen keek ik naar hem op.
"Hoe gaat het met haar?" fluisterde ik. Eén blik was genoeg. Ik vloekte binnensmonds en liet me compleet verloren neervallen. Met mijn rug tegen de muur staarde ik op naar de blauwe hemel boven me; een verloren traan liep over mijn wang, terwijl ik mijn armen verslagen over mijn opgetrokken knieën liet hangen.
"Shit... Shit, shit, shit!" vloekte ik luid, voor ik mijn kap meer over mijn ogen trok en mijn gespannen, trillende vuist zo hard mogelijk liet neerkomen op de grond onder me.
"Fuck!" schreeuwde ik. Keith sprong op naast me; ik zag andere mensen in onze buurt verschrikt opkijken, maar incognito en starend naar de grond bleef ik als een schim van mezelf zitten. De martelende pijn in mijn knokkels verdoofde de ondraaglijke kwelling in mijn binnenste. Met onrustige ademhaling klemde ik mijn tanden op elkaar. Mijn neusgaten verwijdden.
"Fuck, ik maak hem kapot. De fucking klootzak." prevelde ik.
"Harry, nee! Wil je haar nog meer in de problemen werken?" siste hij. Met een ruk keek ik op naar de jongen naast me. Zijn halflange blonde haar hing in zijn gezicht.
"Want het is allemaal mijn fucking fout, toch? Hmm?" blafte ik, terwijl ik mijn handen op de grond zette en wankelend recht krabbelde.
"Dat zeg ik toch n..."
"Hoeft ook niet! Shit, denk je dat ik niet weet dat ik dit allemaal veroorzaakt heb? Dat ik haar compleet kapot heb gemaakt?" raasde ik. Kalmerend hief hij zijn handen op, terwijl ik over hem heen boog en dreigend met het fijngeknepen artikel in zijn gezicht zwaaide. Het leek alsof mijn hart opnieuw en opnieuw uit mijn fucking borstkas gerukt werd; ik was gedoemd om de helse straf oneindig lang te ondergaan. Tot ik stierf, vermoedde ik.
God, het voelde alsof ik al dood was...
Keith ving mijn gedesoriënteerde lichaam op, terwijl een eerste verloren snik over mijn lippen rolde. Ik klemde mijn bebloede hand rond de rand van het middelhoge muurtje.
"Fuck." huilde ik radeloos. Ik bracht mijn andere arm omhoog en verstopte mijn gezicht in de hoek van mijn elleboog.
"Je kan nu geen domme beslissing nemen." zei hij voorzichtig. Ik reageerde niet.
"Ik moet haar zien. Breng me naar haar toe. Shit, ik moet haar kunnen vasthouden. Ik moet mijn meisje kunnen vasthouden." mompelde ik gesmoord snikkend. Hij zuchtte. Toen ik mijn arm huiverend liet zakken, zag ik hem aarzelend in mijn ogen kijken.
"Je kan haar hier niet met je confronteren, Harry. Iedereen zou het weten. Marcus zou het weten. Ik weet niet wat hij zou doen met haar als..." Onmiddellijk hield hij op met praten toen hij mijn wanhopig, klagerig kreuntje hoorde.
Deed die fucking klootzak haar soms pijn? Raakte hij haar aan wanneer ze het niet wilde? Terroriseerde hij haar even hard als ik vreesde? Fucking hell, hoe was ze er momenteel aan toe? Met hoeveel liefde en geduld zou ik haar weer aan elkaar moeten lijmen?
Ik greep Keiths nek en keek hem zo radeloos, zo smekend aan, dat zijn mond even openviel.
"Breng haar dan naar mij." fluisterde ik, met mijn voorhoofd bijna tegen het zijne. Hij slikte, maar knikte toen snel.
"Geef me het adres. Ze kan hier elk moment zijn." Ik zette een wankelende stap achteruit, terwijl hij zijn boekentas van zijn schouders liet glijden en er snel in begon te rommelen. Met mijn ogen nog steeds op de grond gericht kneep ik mijn handen weer tot vuisten.
Het leek alsof niets tot me doordrong: niet de massa rond ons, niet de warme wind, of de ritselende bomen. Niet de toeterende wagens, of de kwetterende vogels. Niet Keiths gejaagde ademhaling. Ik ervoer enkel het bevreemdende gevoel van mijn niet langer functionerende lichaam. Ik zwoor dat ik centimeter voor centimeter aan het verdwijnen was; aan het oplossen in de frisse, naar bloemen geurende lentelucht rond me.
Haast robotachtig nam ik het stukje papier en de stylo aan. Ik krabbelde er Zacs adres in hoekige letters op neer. Zelfs leesbaar schrijven lukte me haast niet meer, mijn hand trilde te veel. Ik trok mijn neus op en duwde het weer in zijn palm, voor ik mijn ogen oprichtte.
"Wees voorzichtig wanneer je haar brengt, oké? Het is een gevaarlijke bu..."
Het was als magie.
Een nieuwe scherpe pijnscheut herinnerde me er eerst aan dat ik er nog steeds was, alsof mijn ziel en lichaam weer één werden. Met die sensatie kwam iets anders: een ondefinieerbaar, zenuwslopend tintelend gevoel. Het gleed als een rilling over mijn rug naar boven, kriebelde in mijn nek, prikte achter mijn ogen. Reflexmatig schoten mijn irissen heen en weer achter Keith. Een teug zuurstof vulde mijn longen.
Mijn hart vond haar eerder dan mijn blik het deed. Ik merkte het aan hoe de scherven weer op hun plaats vielen. Als vanzelf krulde mijn tong rond de vier simpele letters die haar zoete, prachtige naam vormden.
Lily.
Het moment dat de wanhopige, verlangende zucht mijn lippen verliet, zwol het aan tot een oorverdovend, zalig, alles omvattend geluid. Het woei door de bomen, en raasde tussen de taxi's door, weerklonk als een echo tegen de flatgebouwen rond ons. De hele fucking kosmos zong mee.
En net toen het haar bereikte, werd mijn gevoel bevestigd door de aanblik van mijn Lily. Een schelle pieptoon vulde mijn oren, toen ik haar zag en het gevoel had door tijd en ruimte te suizen. Krampachtig reikte mijn hele zijn naar het meisje even verder; het leek alsof ik rondtolde, op zoek naar de connectie die zo dichtbij was dat ik hem haast kon proeven op mijn tong. Fuck, daar was ze.
Mijn engel.
Mijn alles.
Alles klopte toen ik haar opnieuw zag; opeens leek alles zo logisch. Waarom was ik verdomme ooit vertrokken? En hoe - ik zou het nooit begrijpen - had ik een droom als haar ooit kunnen achterlaten in het midden van de hel?
Haast gelijktijdig merkten we de ander op, ook al waren we nog meters van elkaar verwijderd en onmogelijk vindbaar in de zee van studenten.
Maar ik zag haar. En zij mij.
Niemand anders. Zij wel.
Ze had me altijd al gezien.
Waar iedereen anders enkel had gezocht en tevergeefs had gegraven, op zoek naar de doodse man die Harry Styles was, had zij me gevonden en verwelkomd in haar hemel.
Mijn lippen verwijdden, terwijl ik haar ongelovig aanstaarde. Als vanzelf zette ik al een stap in haar richting.
Ze droeg een beige jurk, met korte pofmouwen en een hartvormige decolleté. Rond haar ranke middel waaierde de stof in plooitjes uit tot rond haar slanke kuiten. De ongetwijfeld dure stof versmolt haast met haar romige, zoete huid; zo aanlokkelijk en perfect. God, ik wilde haar aanraken.
Ze was prachtig. Prachtiger dan ik me kon herinneren, merkte ik tot mijn ontzetting op. Toen besefte ik dat je een schoonheid als Lily moest ervaren; het simpele brein was niet in staat waarheidsgetrouwe recollecties van zo'n onmogelijk betoverende liefelijkheid te bewaren. Haar bovenaardse perfectie werd simpelweg gereduceerd tot iets wat te vatten was voor een sterveling als ik vanaf ik haar niet langer kon bewonderen.
Haar haar was langer geworden, merkte ik. De martelend zachte, glanzend donkergouden golven eindigden nu in elegante natuurlijke krullen, rustend op de glooiingen van haar delicate borsten.
"Lily... Baby." prevelde ik, naar adem snakkend, terwijl ze ophield met wandelen en naar haar hart greep. Het meisje met paars haar naast haar keek haar verstoord aan.
"Harry?" vormden haar roze, volle lippen geluidloos. Ze hadden een verleidelijke fonkeling, alsof ze er net haar zachte tong over had laten glijden. Fuck, god, laat me haar nu in mijn armen nemen en nooit meer gaan, dacht ik wanhopig.
Ze wankelde en greep gedesoriënteerd de schouder van haar vriendin vast, terwijl haar ongelovige ogen nog wat groter werden. Paniekerig schoot ik al naar voren, maar Keith leek te beseffen wat er aan het gebeuren was en hield me tegen met een harde duw. Ik struikelde achteruit, tegen enkele voetgangers, maar excuseerde me niet en wilde alweer naar voren stormen, alsof de magnetische aantrekkingskracht te groot was.
"Nee! Stop!" waarschuwde hij me tussen zijn tanden door. Hij rukte aan mijn arm en dwong me hem aan te kijken. Onmiddellijk leek de betovering van de fucking sirene even verder verbroken te zijn.
"Harry, denk na! Je kan nu niet naar haar toe!" Mijn borstkas ging fel op en neer.
"Ik breng haar naar je toe! Oké? Beloofd! Binnen een halfuur zie je haar terug!" zwoor hij me, terwijl ik onbestaande woordjes prevelde en met onrustige vingers gebaarde naar het meisje in nood.
"Ga! Voor iemand je nog ziet!" Hij duwde me opnieuw achteruit. Fuck, ik kromp zichtbaar in elkaar toen ik me fysiek van haar verwijderde en een onverwachtse steek in mijn binnenste voelde. Alles in me probeerde me ervan te overtuigen naar haar toe te rennen en te nemen wat ik zo wanhopig nodig had om te overleven. Ik was stervende, en zij mijn enige medicijn.
"Zorg voor haar!" hijgde ik. Hij knikte en wuifde nog eens vluchtig, voor hij zich omdraaide en door de poort naar binnen rende, zodat hij de ongetwijfeld gechoqueerde Lily gerust kon gaan stellen met de belofte van ons spoedige weerzien. Radeloos keek ik hem na, jaloers dat hij wel in staat was naar haar toe te gaan, voor ik nog eens gekweld gromde, maar me toen afwendde en met gebogen hoofd weg beende.
Op de metro kreeg ik haast een paniekaanval. Het was te veel geweest: het nieuws van haar verloving, ons weerzien, de marteling niet naar haar toe te kunnen gaan... Ik klampte me vast aan de paal naast me terwijl ik naar de donkere leegte van de tunnel staarde en mijn tanden in mijn onderlip boorde in een poging te kalmeren. Het lukte niet.
Ik wankelde bijna door de smerige straten van The Bronx, en struikelde even later naar binnen toen Aaron de deur voor me opende. Onmiddellijk dwong ik hem met mijn handen rond zijn nek tegen de muur.
"Je wist het! Jullie wisten het allemaal!" riep ik woedend, met rood aangelopen gezicht en brandende ogen. Iets in me knapte. Een wanhopig gehuil steeg vanachter mijn keel op en verliet mijn mond ongewild.
"Iedereen wist dat hij haar had!" snikte ik. Moeiteloos gooide mijn vriend me van hem af. Ik viel tegen de muur aan de overkant en drukte mijn handpalmen hoofdschuddend tegen mijn slapen.
"Waarom heb je het niet verteld?" Ik gleed langs de vuile wand naar beneden en trok als bezeten aan mijn krullen. Dave en Zac snelden naar me toe en hesen me op met hun handen onder mijn oksels.
"Nee!" Ik rukte me ruw los en hield hen op afstand met uitgestrekte armen.
"Waarom?" tierde ik nu. Zac haalde zijn schouders verloren op.
"Ik wist niet hoe, man! Ik was bang voor je reactie! Wij allemaal! Shit, wat konden we doen? Je vertellen dat je te laat was toen je ons vorige week opbelde? We weten allemaal hoeveel ze voor je betekent, oké?" zei hij wanhopig. Hij wist duidelijk niet hoe hij moest reageren op mijn emotionele uitbarsting.
"Het staat in de krant! In de fucking krant!" schreeuwde ik. Ik haalde het verfrommelde artikel uit en zwaaide het voor mijn neus, terwijl ik me met mijn andere hand aan de met vochtplekken bedekte muur staande hield.
"Waar nog?" Dave slikte en keek naar de grond.
"Hebben ze die fucking foto overal getoond? Willen ze fucking Amerika laten geloven dat ze het grote lot heeft gewonnen met die fucking zieke, smerige klootzak?" bleef ik furieus roepen.
"Ze weten het zelfs tot in The Bronx, shit!" grauwde ik. Aaron zuchtte.
"Fuck, iedereen weet het, Harry." mompelde hij. Ik richtte mijn ogen furieus op hem.
"Wat was dat?" snauwde ik; mijn stem sloeg over.
"De hele stad heeft het erover. Verdomme, waarschijnlijk zelfs het halve land. Ze is... Fuck, ze is fucked up belangrijk."
"Denk je dat ik dat niet weet? Denk je dat ik niet besefte wie ze was toen ik haar nog had?" Ik snakte naar adem tussen mijn onsamenhangend uitgeschreeuwde woorden door.
"Ons heb je het alleszins nooit verteld, of wel? Shit, een fucking Harper en Whitney? Zelfs hier weten ze wat dat betekent! En nu heeft de hele buurt het erover! Ze weten allemaal dat Harry fucking Styles' meisje, het onschuldige prinsesje waar iedereen het altijd over had, precies dat is: een fucking prinsesje! Het was het grote nieuws, asshole: hoe je haar neukte terwijl ze waarschijnlijk al sinds haar geboorte beloofd was aan die rotzak!" reageerde Zac. Hij was de enige die geen geduld leek te hebben met mij en mijn gebroken hart. Ik stormde naar hem toe en wilde me al met een woeste vloek op hem gooien, maar Dave en Nick dwongen me vliegensvlug terug. Ze kenden me goed genoeg om mijn reacties te kunnen inschatten.
"Zo was het niet en je weet het! Ik hou van haar, fuck! Ze is mijn hele fucking leven! En fucking Marcus maakt haar enkel kapot! Hij breekt haar!" Ik trilde uit pure razernij. Ik spartelde tegen in Daves en Nicks greep.
Ik kon het niet helpen.
Hoe anders moest ik reageren op het besef dat ze nu zijn bezit was? Ze hadden een mes in mijn vernietigde lichaam kunnen planten en het zou nog niet half zo fucking pijnlijk geweest zijn. En shit, ik had geweten dat het onvermijdelijk was. Maar ik had nooit gedacht dat haar ouders haar nog geen twee weken na mijn vertrek al zouden verplichten zich met hem te verloven.
Ze was nog zo jong...
Zo onschuldig.
Plots hield ik op met vechten. Ik ontspande en liet mijn hoofd verloren hangen. Heel voorzichtig losten mijn vrienden hun greep. Ik schudde mijn hoofd.
"Ze gaat hem niet overleven. Ik meen het." prevelde ik. Ontzet staarden mijn vrienden me aan.
"Harry..." zuchtte Nick.
"Shit." prevelde ik bevend. Met betraande ogen haalde ik mijn vingers door mijn haar.
"Ik moet... Ik ga even..." Ik gleed met mijn hand langs de muur, als om houvast te vinden, terwijl ik langs hen Zacs woongedeelte uit struikelde. Ik sleepte me de trap op en liet me even later neervallen op de harde, ongemakkelijke matras op de grond. Het gehavende artikel rolde uit mijn palm op de grond, terwijl ik mijn andere arm over mijn gezicht sloeg en een wanhopige snik liet horen.
"Verdomme!" schreeuwde ik toen luid, voor ik in huilen uitbarstte en mijn gezicht in een kussen begroef.
"Lily." stootte ik gesmoord uit, terwijl ik in de stof kneep en radeloos dacht aan mijn verdoemde meisje. Hoe zou ik haar hier ooit van redden?
Maar fuck, ik zou het doen. Al moest ik er mijn fucking leven voor laten, ik zou dat fucking huwelijk met alles in me tegenhouden.
Twintig minuten lang lag ik bijna bewegingsloos neer, tot ik opgeschrikt werd door een gejaagd, herhaaldelijk kloppen op de voordeur. Ik schoot rechtop. Nog voor ik bevestiging kreeg dat het daadwerkelijk Lily was, was ik al rechtop gekrabbeld met hernieuwde krachten.
Ik kreunde een gesmoorde 'fuck' toen ik haar zoete, paniekerige stem het huis hoorde vullen. Ik stormde mijn kamer uit.
"Waar is hij?" huilde ze. Ik snelde de treden af.
"Lily!" riep ik luid, net toen ze vanachter het gordijn kwam en haar prachtige ogen - damn it, die fucking ogen - op mij richtte. Ik tuimelde haast naar beneden nu ik haar in levende lijve voor me zag staan; zo fucking dichtbij. Eindelijk.
Het voelde als thuiskomen, na eeuwen vol pijn en verdriet.
"Lily. Lily, fuck..." prevelde ik binnensmonds, met geëmotioneerde, overslaande stem.
Haar witte hakken tikten luid op de oneffen vloer terwijl ze naar me toe rende en ik het laatste stukje van de trap af vloog.
"Harry!" snikte ze. Ik ving haar kleine lichaam moeiteloos en tilde haar met mijn handen rond haar ribben onmiddellijk op in mijn armen, terwijl ze haar benen rond mijn middel sloeg en zich met een wanhopig gejammer aan me vastklampte. De heerlijke tonen van haar engelenstem vulden mijn oor.
Het leek alsof ik maandenlang onder water had gezeten, en eindelijk weer bovenkwam: alles was helderder, scheen feller en klonk klaarder. Ik snakte gretig naar adem, terwijl mijn lichaam abrupt bloeide en genas. Al mijn innerlijke wonden heelden nu ik mijn fucking levensbron eindelijk opnieuw vasthield. De impact van ons weerzien liet me gedesoriënteerd achteruit struikelen. Ik bleef haar met één arm ondersteunen, terwijl ik ons met mijn hand op de vijfde trede opving. Ik gromde gepijnigd toen ik de val voor ons beiden incasseerde, maar besteedde er verder geen aandacht aan en trok haar zo dicht mogelijk tegen me aan.
Ze huilde luid en oncontroleerbaar, terwijl ze naar me graaide en greep, en me ten einde raad knuffelde.
Shit, ze leek buiten zichzelf te zijn, alsof ze niet kon geloven dat ze echt weer in mijn armen lag. Dit moest nog zoveel fucking onwerkelijker zijn voor haar dan voor mij...
"Je bent terug!" stootte ze gesmoord uit. Ze begroef haar gezicht in mijn nek en klemde haar benen steviger rond mijn smalle heupen. Gulzig snoof ik haar bloemengeur op. Fuck, ik stond op springen. Het leek alsof miljarden fucking vlinders in mijn binnenste rondfladderden, en ik met hen mee zweefde, weg met haar op onze fucking roze wolk. Shit, ik was zo verliefd op haar. Zo fucking verliefd.
"Ik ben terug, baby." bevestigde ik ademloos. Ik draaide mijn gezicht en duwde mijn hete mond tegen haar wang.
"Fuck, kus me, Lily." hijgde ik. Ze deed gretig wat ik vroeg en vouwde haar zalige mond onmiddellijk met een klein snikje rond die van mij. Ik kreunde luid terwijl ze mijn gezicht tussen haar kleine handen hield en me wild kuste op Zacs kleine, gammele trap. Fucking hell, ik had de sensatie van haar onmogelijk zachte huid op mijn vingertoppen gemist. Het gevoel van haar perfecte, honingachtige lippen op de mijne.
"Zeg dat je blijft." smeekte ze gesmoord. Ik hijgde uit in haar mond en legde mijn hand in haar nek, zodat ik haar ter plekke kon houden. Haar zoete adem krulde rond mijn tong; ik huiverde genietend. Vurig kuste ik haar opnieuw. Ze kantelde haar hoofd en zette haar handen naast mijn hoofd op de trede, terwijl ik neer ging liggen en haar met mijn armen rond haar volledig tegen me aan drukte; haar heupen schuurden kort over de mijne, terwijl we elkaar in onze wanhopige, broeierig hete omarming - compleet verstrengeld - haast schandalig gepassioneerd kusten. Ik gromde toen ik haar zoete mond proefde. Fuck, ik had haar smaak gemist.
"Ik blijf. Ik blijf bij je, Lil." prevelde ik tegen haar mondhoek. Sensueel smakkend met haar volle lippen drukte ze zachte kusjes in mijn nek.
"Mmm... Oh god. Je bent echt terug." prevelde ze nog eens. Haar tranen drupten op mijn verhitte huid. Ik knikte en verstrengelde mijn vingers in haar onderste krullen.
"Mijn hart brak opnieuw toen ik je zag weglopen van de schoolpoort, Harry. Ik dacht dat je weer wegging." fluisterde ze toen geëmotioneerd in mijn oor. God, ik had gemist hoe mijn ze mijn naam uitsprak... Ik schudde mijn hoofd en streelde met mijn grote handen over haar smalle rug, terwijl ze haar vingers onder mijn sweater en T-shirt duwde, zodat ze me echt kon aanraken. Ik kantelde mijn hoofd met een korte kreun achteruit en duwde mijn heupen omhoog, voor ik ruwer in haar zachte haar greep en haar lippen toen weer op de mijne dwong. Haar tranen lieten een zoute smaak achter op mijn tong, maar ik verorberde het gretig en ging rechtop zitten met mijn armen rond haar heen. Uitgehongerd naar elkaar kusten we hevig, terwijl ze wriemelde op mijn schoot en tussen korte, ademloze snikjes door mijn liefkozingen gretig aanvaardde.
"Ik heb je zo gemist." huilde ze tegen mijn mond. Ik knikte hevig en boog achteruit.
"Fuck, ik jou ook. Zo fucking veel." prevelde ik. Ik duwde haar golven met trillende vingers uit haar betraande gezicht en liet mijn handen toen weer onder haar lichte, beige rok glijden.
Ik nam de tijd haar zorgvuldig te bestuderen. Ik barstte uiteen toen ik de anders altijd aanwezige glinstering in haar prachtige ogen niet langer zag. Ze leek compleet uitgedoofd te zijn, alsof het vuur in haar binnenste was opgehouden met branden. Haar zachte, bleke huid straalde niet langer. En ze was vermagerd - shit, nog meer, merkte ik, terwijl ik haar in mijn armen hield. Ze zag er volledig, onomkeerbaar, dramatisch verslagen uit. Gebroken.
Ze scheen opgehouden te zijn met vechten...
Liefdevol en bijna onstuimig kuste ik haar opnieuw, als om haar beter te maken met mijn lippen. Het kon me niet eens iets schelen dat mijn vrienden ons konden horen. Ik kuste haar kaaklijn en wang, zachtjes bijtend in haar zoete huid. Ze haalde haperend adem en duwde mijn armen weg toen ze mijn warme natte mond tegen haar jukbeen voelde.
"Harry." piepte ze.
"Wat, schatje?" prevelde ik tegen haar mondhoek. Haar hard gekuste, herhaaldelijk gebeten lippen glinsterden en waren een verleidelijk, gezwollen rood. De afdruk van mijn tanden stond subtiel in de pure huid rondom.
"Mmmh, het is te veel." snikte ze. Ik boog achteruit en aaide over haar wang.
"Wat is te veel?" vroeg ik bezorgd. Ze verstopte haar gezicht in mijn nek en omarmde me teder.
"Mijn gevoelens" zuchtte ze toen, "wanneer je me aanraakt. En me kust. Je maakt me duizelig. Ik ben nog steeds zo... Ik kan niet geloven dat ik bij je ben. Mijn hart klopt zo snel." Ik grijnsde en krulde mijn armen zo stevig rond haar slanke figuur, dat ik even bang was dat ze zou verstikken in mijn omhelzing.
"Ik hou van je. Zoveel." zei ze met haar mooie stem in mijn oor. Genietend sloot ik mijn ogen.
"Fuck, ik ook van jou, Lil. Meer dan je beseft." antwoordde ik, voor ik mijn greep wat loste en mijn blik op de schoonheid op mijn schoot richtte. Ze keek me met grote ogen aan. Trillerig glimlachend, met schattig roze wangen, streelde ze toen kort door mijn warrige krullen.
"Je hebt je haar afgeknipt." fluisterde ze. Met een korte hum tuitte ik mijn lippen. Liefkozend kuste ze me opnieuw, nu rustiger. Toen ze achteruit boog, glimlachte ze verlegen.
"Ik vind het mooi." zei ze toen zachtjes, vertederend blozend. Mijn mondhoeken krulden omhoog. Ze drukte nog een kus op mijn gezwollen lippen. Ik klapte mijn tanden speels op elkaar toen ze achteruit boog. Haar zachte giechel vulde mijn oren.
"Ik denk dat ik droom. Je kan niet echt zijn." prevelde ze amper hoorbaar. Met een grommetje trok ik haar nog dichter naar me toe.
"Ik ben echt, baby honey. Beloofd."
"Ik kon eindelijk weer ademen toen ik je zag." bekende ze toen zacht. Ik fronste en aaide kort met mijn nog steeds lichtjes bebloede knokkels over haar wang. Ze drukte er een tedere kus op.
"Ik had nooit mogen vertrekken. Fuck, het spijt me zo, Lil. Zo fucking hard. Ik weet niet waarom ik dacht dat het de juiste beslissing was je achter te laten." mompelde ik. Ze keek kort naar beneden en legde haar handen over mijn sweater op mijn buik.
"Waarom ben je teruggekomen?" vroeg ze toen op fluistertoon. Ze zoog haar lippen naar binnen en krulde haar hand rond mijn nek toen een kleine, zilveren traan uit haar ooghoek rolde. Ik slikte en streelde over haar dunne bovenarmen.
"Ik was aan het sterven zonder je, Lily." bekende ik langzaam. Radeloos keek ze me aan.
"Haz..." Ze legde haar kleine hand op mijn wang en streelde met haar zachte duim over mijn jukbeen. Fuck, ik had haar koosnaampje gemist.
"Het is oké. Ik ben oké nu, prinses. Ik heb je terug." prevelde ik, voor ik mijn geopende, natte mond tegen haar pols drukte. Ze knikte fel en kuste me opnieuw hevig. Ik kreunde diep en graaide naar haar heupen, terwijl ik mijn lippen verwijdde en haar zachte tong gewillig aanvaarde.
"Ik ben zo gelukkig." vertelde ze me gesmoord tegen mijn mond, voor ze kort en huilerig lachte. Ik liet mijn handen over haar hele lichaam glijden, gulzig opeisend wat ik maandenlang had moeten missen. Fuck, ik was bijna vergeten hoe hemels ze voelde in mijn armen. Hoe zacht haar huid, en fel haar grote, onschuldige ogen waren. Het lot leek me echter te bespotten toen ik haar kleine hand in de mijne nam en onze vingers verstrengelde. Ik verstrakte en wierp een blik op haar slanke vingers. Mijn hart miste een slag; het bewijs van haar helse verloving schitterde indrukwekkend. Het was de keten waarmee die fucking duivel haar gevangen hield.
"Het klopt dus." mompelde ik gebroken, terwijl ik naar de grote, ongetwijfeld onmogelijk dure diamant rond haar ringvinger keek. Ze trok haar neus op en staarde met betraande, wanhopige ogen evenzeer naar het juweel. Verslagen blies ze wat lucht uit door getuite, roze lippen.
"Sorry." snikte ze wanhopig. Onmiddellijk schudde ik mijn hoofd.
"Sweetheart, nee. Fuck, je hoeft je niet te excuseren." fluisterde ik. Ze knikte met schokkende schouders en nestelde zich met een wanhopig gehuil tegen me aan, alsof ze mijn fucking bescherming zocht tegen de nachtmerrie die haar leven domineerde.
"Kom mee naar boven." prevelde ik. Ze knikte en omarmde me nog wat steviger.
"Hij zei dat hij je zou vinden als ik 'nee' zei." huilde ze, terwijl ze zich liet optillen door me. Met een zucht nam ik haar beter in mijn armen, en droeg haar de trap op.
"Wie?" mompelde ik in haar zachte haar. Ik bracht haar naar mijn kamer.
"Mijn vader." bekende ze gebroken. Gekweld zuchtend sloot ik mijn ogen.
"Het kan me niet schelen wat hij met me gedaan zou hebben, Lil. Fuck, ik zou fucking sterven als dat betekende dat je niet met hem hoeft te trouwen." fluisterde ik. Ze boorde haar vingers steviger in mijn nek.
"Zeg dat niet." snikte ze. Ze keek niet eens rond zich toen ik haar na mijn schuifdeur met mijn voet dichtgeduwd te hebben op mijn aanrecht ging plaatsen. Onmiddellijk kuste ze me weer; ik wees haar niet af.
Het leek alsof we elkaar jaren hadden moeten missen in de plaats van maanden. Kleine, wanhopige geluidjes bleven uit haar mond rollen, oncontroleerbaar - ze kon niet ophouden met huilen. Fuck, ik begreep het. Ik had haar hele fucking wereld op zijn kop gezet door terug te keren. Ongetwijfeld had ze gedacht dat ze me nooit opnieuw zou zien.
"Lily..." begon ik al, maar ze schudde haar hoofd en keek me met haar dromerige, verlangende blik aan.
"Nee." smeekte ze, met haar kleine, trillende vingers rond mijn hals.
"Later. Kunnen we eerst...? Kan je me eerst...?" Mijn ogen werden groter toen ik besefte wat ze van me vroeg; mijn onschuldige meisje zou het nooit letterlijk uitspreken.
"Harry, ik heb je nodig. Je moet me beter maken." huilde ze.
Ik had geen extra overtuiging nodig.

--
Ziezo, het weerzien!
xxx

Reacties (4)

  • ZaynStylesS

    Ohmygodddddddddddddd verderrr!

    1 jaar geleden
  • CrazyUnicornLuf

    Wauw, je schrijft echt goed! Ik zit er helemaal in,
    het is altijd jammer dat het hoofdstukje weer is afgelopen...(huil)

    1 jaar geleden
  • JoTOMLINSON

    I LOVE THIS

    1 jaar geleden
  • Sunnyrainbow

    Jaaa het weerzien! Ben zo benieuwd wat er nu gaat gebeuren!

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen