Twee harde tikken op mijn kamerdeur. De manier van kloppen kwam me maar al te bekend voor, ik had geen hartslag gemist in mijn lijf sinds de vorige dag. Alles voelde levendiger en strakker. Een gevoel wat nauwelijks te omschrijven was met de woorden die ik tot me kon nemen.
'Binnen?', Mijn stem wist wie het wis, dat maakte de toon wel duidelijk. Ze opende de deur en stapte mijn kamer binnen in haar favoriete witte zomerjurk. Ik wilde dat ze dat ding niet droeg, ik wilde niet dat ze met haar aanwezigheid mijn adem ontnam. Ik wilde niet merken, en ook maar toegeven dat mijn ogen een wandeling maakten over haar huid.
'Alles goed?', Ze ging tegenover me in de hoek van de bank zitten en legde haar hand onder haar hoofd waardoor haar haren over haar hand vielen. Haren die ik op hun eigen plekje terug wilde duwen. Ik had even nodig om een passend antwoord te bedenken voor haar vraag, liegen zou me nergens heen brengen. Ze kende me te goed, en helemaal oké was alles nou ook weer niet. Maar tegelijkertijd wilde ik ook niet dat ze zich zorgen maakte om me, dat was niet nodig, dit kon ik zelf wel aan.
'Goed genoeg.', Als ze dat zou geloven dan was ze niet de slimste, dan had ik haar overschat. Ze knikte, een gebaar wat niet de gevoelens in haar ogen uitsprak. Dus besloot ik mijn eerdere gedachte bij te scherpen, ze kent me veel te goed, maar verwacht natuurlijk ook mijn eerlijkheid.
'Dus je eet goed?', Ik toverde een glimlach tevoorschijn, haar vraag herinnerde me aan mijn kookkunsten, of ja, eerder mijn afwezigheid daarvan.
'Zolang het een beetje eetbaar is.', Ze lachte, dat infecterende geluid wat zijn trillingen tot diep in mijn botten voelbaar maakten. Die lach die haar ogen deed oplichten, zodanig dat de sterrenhemel jaloers zou worden.
'Als je problemen hebt..', Ze pauzeerde en nam me in haar op met haar groene ogen, voor een seconde dacht ik een serieuze glans te zien, totdat ze weer terug leken te vormen naar die tedere blik die ze altijd leek te dragen toen ze naar me keek. 'dan kan je me altijd bereiken. Eten wat verkeerd gaat. Eenzaamheid, verdriet, herinneringen aan de klappen en de woorden. Alles, je bent veilig bij me.', Wat zeg je daartegen? Vroeg ik mezelf af terwijl ik voorover boog om op mijn knieën te steunen.
'Dank je.', Was mijn uiteindelijke antwoord, een antwoord wat veel te kort deed aan alle woorden die ik eigenlijk wilde zeggen, woorden die op het puntje van mijn tong leken te liggen, maar woorden die toch het net van mijn spraak keer op keer weer wisten te ontsnappen. Ze schudde haar hoofd en gaf me een glimlach.
'Soms ben je wel een oen, wist je dat?', Ik trok een van mijn wenkbrauwen op en schudde daarna rustig mijn hoofd.
'Waarom?', Vroeg ik haar terwijl ik opstond. Ze volgde mijn voorbeeld en kwam wat dichterbij me staan, een zet van haar die ik niet verwacht had. Zoals een meester zijn schaakmat zou zetten. Plots had ik spijt van die vraag, niet omdat het gemeen was, maar omdat ik een vonk van speels genot kon zien groeien in die onschuldige blik. Het maakte iets los in haar, iets wat vaag was voor me, onbeschrijfelijk.
'Omdat ik weet wat je denkt, zelfs al zeg je het niet. Je bent een vreselijke leugenaar.', Ik lachte zacht en probeerde ondertussen zo onopmerkelijk mogelijk mijn eigen zintuigen weer onder controle te krijgen. Het licht was te fel, ik kon mijn bloed horen en elke trilling in de lucht was een sensatie op mijn tast.
'Was dat niet al duidelijk.', Merkte ik uiteindelijk op, ik draaide me met een ruk om. Het werd me teveel. Ik wilde het begrijpen, misschien zou het haar dan geen pijn doen. Maar ze leek een leeuw, een ontembaar beest wat niet bang was voor pijn, of de gevolgen van het overschrijden van grenzen die misschien niet eens bestonden.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen