Foto bij H.83.

Het laatste stuk van het vorige hoofdstuk:
'Je hoeft je excuses niet aan te bieden als je bang bent. Niet tegenover mij. Nooit', drukt hij me op het hart,' Oké?'
Ik knik en herhaal dat laatste woord zachtjes, waarna hij zijn armen om me heen vouwt en me tegen hem aandrukt.
Mijn hand op zijn borstkas zorgt ervoor dat ik langzaam het ritme van zijn hartslag overneem en met mijn gezicht in zijn hals geplaatst, kalmeer ik langzaam.
'Alles is een puinzooi, maar met ons komt alles goed.' prevelt hij en ik schud haast gekweld mijn hoofd, weiger die hoop te hebben.
Ik voel zijn omhelzing steviger worden, waarna hij dat laatste herhaalt.
'Met ons komt alles goed.'

Die morgen word ik vroeg wakker.
Niet van een geluid, niet van een nachtmerrie, maar ik ben gewoon ineens klaarwakker.
Even wrijf ik in mijn ogen en ga op de rand van het bed zitten, mijn blote voeten op de houten planken.
De alarmklok geeft aan dat het half zeven is.
Volledig routinematig en eigenlijk zonder erbij na te denken kleed ik mij aan en loop zacht de trap af om Evan niet te wekken, alleen maar om erachter te komen dat hij al wakker en beneden is.
Hoe zacht ik ook deed, hij blijkt me al te hebben opgemerkt, glimlacht naar me als ik hem zie.
‘Hey, beautiful.’ zegt hij.
‘Ten eerste: noem me niet zo. Ten tweede: noem me niet zo. Ten derde: hey.’
Hij lacht haast geluidloos en loopt naar je toe.
‘Maar je bent nu eenmaal heel beautiful. Hoe moet ik je anders noemen?’
Ik rol met mijn ogen.
‘Gioa, misschien?’ stel ik voor en hij vertelt me dat hij het zal overwegen.
'Hoe heb je geslapen?' vraagt hij dan, serieus.
Ik glimlach droevig.
'Ik heb in ieder geval wel geslapen. Dat vind ik al iets', verklaar ik - hij gaat er niet verder op in en steekt zijn hand naar me uit om een lok haar achter mijn oor te strijken,' en jij?'
Alsof het zijn plicht is antwoordt hij dat hij met dat simpele "goed", zonder me ooit te vertellen dat dat misschien helemaal niet waar is.
'Ga je weer spijbelen, vandaag?' plaag ik hem en hij rolt met zijn ogen.
'Jij ook, hoor.' verdedigt hij zich.
Ik lach kort.
'Ik heb een vrijstelling gekregen.'
'En ik blijf bij jou, dus geldt die vrijstelling automatisch ook voor mij.' beweert hij dat zijn logica de juiste is.
Glimlachend haal ik zorgvuldig een hand door zijn warrige haar.
'Werkte het maar zo, Maxwell.' lach ik.
Hij haalt zijn schouders op.
'Miljardair, weet je nog? Ik los het wel op wanneer dat nodig is.' verklaart hij.
Ik laat een snuivend lachje horen en voor een moment kijken we elkaar gewoon in de ogen aan.
Even dreig ik weg te drijven in al de kleuren bruin in zijn irissen, omdat dat zo veel makkelijker is dan denken aan alles wat er verwoest is in mijn leven, maar dan kom ik weer terug in de werkelijkheid.
‘Wat moet er vandaag allemaal gedaan worden?’ vraag ik dan.
‘Niks.’
Ik haal een wenkbrauw op.
‘Niks wat jij moet doen.’ verduidelijkt hij.
Geërgerd sla ik mijn ogen neer.
‘Dus ik moet maar gewoon stilzitten terwijl jij alles regelt alsof ik een of andere idioot ben?’ snauw ik en hij kijkt bij mijn stemverheffing weg.
Ik bijt op mijn lip.
‘Het spijt me.’ zeg ik dan zacht.
‘Maakt niet uit.’ mompelt hij, waarna hij toch mijn blik weer vangt.
Even is hij nadenkend stil, waarna hij twijfelend begint te praten.
‘Op zich doet het echt geen kwaad als je meegaat boodschappen doen...’ brengt hij traag uit.
‘Dan ga ik toch mee. Beter dan dat ik thuis zit. Alleen.’ zeg ik en dat laatste woord spreek ik heel scherp uit.
We weten allebei dat ik daarmee bedoel dat het voor mij niet gevaarlijk is om alleen te zijn.
Het het gaat erom dat het zomaar zou kunnen zijn dat er nog iemand is - iemand die niet Evan is.
‘Ik wil gewoon niet dat we over straat lopen en dat we dan je ouders tegenkomen’, legt hij uit,’ Of die drugsdealers waar jij mee in contact bent gekomen.’
Geërgerd zucht ik.
‘James is echt níét een slecht persoon.’
Het is eruit voordat ik het doorheb.
Evan kijkt me doordringend aan en zet een stap naar me toe op een manier waarop ik er een achteruit zet.
‘Wie?’ zegt hij kil.
Ik slik.
‘Evan, wat is er aan de hand? Je doet raar. Je... je maak the bang. Oké? Leg me... leg me alsjeblieft uit wat er mis is?’ stamel ik.
‘Hoe heette hij, Gioa?’ zegt Evan indringend.
‘James...’ ik twijfel even, al weet ik niet precies waarom,’ Grint.’
Ik zie zijn kaakspieren aanspannen en dan lijkt hij te iets verzachten.
Hij stapt naar me toe.
‘Het spijt me dat ik je niet genoeg geholpen heb en dat je daardoor die wereld in gesleurd bent.’ fluistert hij terwijl hij met zijn hand een pluk haar achter mijn oor stopt.
Dan pas begrijp ik het en ik stap achteruit.
‘Je kent hem.’ zeg ik bijna beschuldigend.
Met een smekende blik stapt hij naar me toe maar ik steek mijn handen uit om hem tegen te houden.
‘Nee, Evan, daar blijven. Leg me uit hoe je hem kent.’ eis ik met bevende stem.
Ik voel hoe de haren in mijn nek overeind gaan staan.
‘Voor iemand die zelf met hem gewerkt heeft heb je wel heel snel een oordeel voor míj klaar.’ zegt hij beschuldigend en ik probeer me in te beelden dat dat niet zoveel pijn doet.
‘Evan... je weet dat dit anders is... ik... ken je James Grint, Evan?’ sputter ik, proberend te verhullen dat ik bang ben.
Ik had me nooit voor mogelijk gehouden dat Evan me ooit bang zou maken.
Hij klemt zijn kaken even op elkaar, zijn gezicht een en al minachting.
‘Ja, ja ik ken hem.’

Reacties (3)

  • GossipGirl21

    Mooi geschreven ze.

    2 jaar geleden
  • BethGoes

    Zou Evan ook een drugsdealer zijn geweest?

    3 jaar geleden
    • AmeranthaGaia

      Wie wet. Ik zeg niks. Je komt er dinsdag achter.

      3 jaar geleden
  • Luckey

    Leg jet maar eens uit Evan!!
    Wil het weten nu

    3 jaar geleden
    • AmeranthaGaia

      Dinsdag komt het volgende hoofdsuk weer. Je zult dus toch een paar dagen moeten wachten.

      3 jaar geleden
    • Luckey

      I know dat. Kan ook wel wachten

      3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen