Foto bij H.88.

Het laatste stuk van het vorige hoofdstuk:
'Oké, oké! Niet doen!' trekt James zich dan terug en hij laat het pistool vallen, zijn handen open voor zich zodat ik kan zien dat hij het echt meent.
Meteen laat ik het vuurwapen door mijn vingers glippen en ren naar Evan toe.
Ik sla paniekerig mijn armen om hem heen en hij doet hetzelfde.
Ik kan niet ophouden met huilen en het voelt alsof ik mezelf nooit meer bijeen kan rapen.
'Het spijt me', snik ik gepijnigd,' Evan, het spijt me.'

We konden zo naar huis, zonder dat we tegengehouden werden.
James stond daar maar, heeft niets meer gezegd.
Éen keer maakten we nog oogcontact.
Zijn mond hing iets open en hij keek bijna alsof hij pijn had, in zijn ogen huisde een mengeling tussen verbazing en onbegrip.
Misschien besefte hij zich dat hij bijna Evan had vermoord, of misschien was hij gewoon echt in shock omdat ik dreigde een kogel door mijn eigen hoofd te jagen als hij Evan iets aan zou doen.
Niemand heeft ons gestopt terwijl we de deur uit liepen, niemand is ons gevolgd.
Als we in de middag bij zijn huis zijn aangekomen, heeft Evan nog steeds niets gezegd.
Hij is boos op me.
Het kan niet anders.
En hij heeft het er volste recht toe.
Zodra hij de deur achter ons gesloten heeft, barst ik los.
'Evan, het spijt me. Het spijt me zo ontzettend veel', ratel ik en kijk hem met smekende ogen aan,' Ik wist niet dat hij dat zou doen. Ik wist het echt niet. Ik dacht dat het veilig was. Als ik had geweten dat hij niet was wie ik dacht dat hij was, had ik het nooit gedaan. Alsjeblieft, je moet me geloven.'
Bijna angstvallig kijk ik hem aan, bang dat hij het me nooit gaat vergeven dat ik hem net bijna de dood in gejaagd heb.
Maar dan stapt hij naar me toe en drukt zijn lippen op die van mij, kust me zo hard dat het bijna pijn doet, zijn ene hand in mijn haar en zijn vrije arme om mijn middel geslagen om me naar hem toe te trekken.
'Ik dacht dat je dood zou gaan. Ik dacht dat ik je voor altijd kwijt zou raken.' zegt hij dan benauwd en zoent me opnieuw, alsof hij bang is dat ik verdwijn als hij me niet aanraakt.
Met haast popachtige ogen kijk ik naar hem omhoog, heb me om de een of andere rede nog nooit zo klein tegenover hem gevoeld.
'Waag het niet om dat ooit nog een keer te doen', zegt hij met harde stem, maar zijn blik verzacht en hij voegt eraan toe,' Alsjeblieft. Ik kan je niet kwijtraken. Dat kan ik gewoon niet.'
'Ik moest toch íéts doen? Ik kon je gewoon niet... niet vermoord laten worden.' stoot ik uit, bijna misselijk bij de gedachte, terwijl ik me van hem losmaak.
'Je moet ophouden met idiote dingen doen die je nog eens je kop gaan kosten, Gioa!' reageert hij fel en ik kijk weg, knipper de tranen uit mijn ogen, probeer te doen alsof hoe hard zijn stem is mij niets doet.
'Sorry', verontschuldigd hij zich wanneer hij mijn lichaamshouding opmerkt,' Ik kan je gewoon niet kwijtraken.'
Ik slik en knik dan, kijk hem weer aan, maar wend mijn blik vrijwel direct weer af.
Heel voorzichtig voel ik zijn hand op mijn wang en ik leun met mijn gezicht tegen zijn open palm.
‘Ben je wel oké?’ vraagt hij zachtjes en mijn ogen vinden de zijne weer.
Even verdwaal ik in hoe bruin ze zijn, hoe intens ze in de mijne staren, maar dan hervind ik mijn focus.
‘Waarom is dit ons leven?’ vraag ik hem op fluistertoon.
‘Hoe bedoel je?’
‘Waarom kan ons leven niet normaal zijn? Waarom zitten we vast tussen mishandelende of dode ouders en vermoorde zussen en drugsdealers met moordneigingen en nachtmerries en zo veel meer?’
Evan glimlacht droevig en strijkt een pluk rood haar uit mijn gezicht, stopt het zorgvuldig achter mijn oor.
‘Zodra ze je moeder hebben gevonden en achter de tralies hebben laten verdwijnen, gaan we het meest saaie, gewoonlijke koppel ooit worden. Echt heel saai en verschrikkelijk cliché. Ik beloof het je.’ zweert hij en mijn mondhoeken krullen iets omhoog.
‘Dat klinkt als er goed plan.’
Hij knikt beamend en ik leun langzaam weer in zijn richting, waarbij hij me voorzichtig met mijn handen in de zijne naar zich toetrekt, totdat we zo dicht bij elkaar staan dat ik zijn adem op mijn gezicht kan voelen.
Terwijl zijn linkerhand iets boven mijn heup rust, legt hij zijn rechter heel voorzichtig aan de zijkant van mijn gezicht en zijn vingers strijken heel zachtjes langs een litteken op mijn jukbeen.
Ik kan me meteen herinneren hoe hij daar gekomen is, hoe ik zo verschrikkelijk bang was toen ik het bloed voelde.
Een korte rilling kan ik niet binnenhouden en heel voorzichtig drukt hij zijn lippen op het kleine stukje littekenweefsel, alsof hij de herinnering weg wilt kussen.
‘Ik beloof je het je.’ fluistert hij dan zachtjes tegen mijn huid.

Reacties (3)

  • GossipGirl21

    Mooi

    2 jaar geleden
  • BethGoes

    Jeej weer gezoend!

    3 jaar geleden
  • Luckey

    Laat het ook eens goed komen!!
    Geen ellende meer!
    Je had dat beloofd en gebeurd nog steeds niet

    3 jaar geleden
    • AmeranthaGaia

      Er gaan relatief betere stukjes komen in vergelijking met Ammays dramatische dood.

      3 jaar geleden
    • Luckey

      Dan ruim ik de hooivork op

      3 jaar geleden
    • AmeranthaGaia

      Gelukkig!

      3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen