Foto bij O28 • Chaos

Ethan Carson

De tijd lijkt stil te staan. Ik hoor geschreeuw, een knallend geluid en vervolgens het geluid van een autoportier dat met een ruk dichtgeslagen wordt. Dan lijken alle geluiden weer even hard terug te komen en ram ik mijn autosleutel in het contactslot. Ik trap de koppeling naar beneden en start de auto waarna ik een arm om de stoel van Rose leg en naar achteren rijd.
Ik durf niet opzij te kijken. Ik durf niet te zien of Rose ergens geraakt is. Ik wil graag geloven dat ze ongedeerd is omdat ze naast me zit, maar ik weet dat ik nergens van uit mag gaan. En ik weet vrij zeker dat als ik opzij zal kijken en zal zien dat ze gewond is, dat ik ons hier niet meer veilig weg krijg.
Een harde klap weerklinkt vlak naast me en glas spat in mijn gezicht. Ik voel vaag een snijdend gevoel door mijn gezicht gaan, maar negeer het en trap hard op het gaspedaal zodra we in de juiste richting staan.
Ik houd mijn ogen zorgvuldig van de ramen geschermd zodat, als ze nog eens op de ramen zouden schieten, ik vermijd dat ik geraakt word in mijn gezicht. Opeens voel ik een klamme hand op de mijne en zucht ik opgelucht: Rose is niet bewusteloos. Haar vingers knijpen wanhopig hard in mijn hand; de actie zorgt ervoor dat ik het gaspedaal nog dieper in trap.
De auto schiet vooruit en het geschreeuw valt tot mijn opluchting weg. Er weerklinken nog steeds schoten in de verte, maar de auto wordt niet meer geraakt en eindelijk durf ik het aan om in de achteruitkijkspiegel te kijken. De mannen verdwijnen in het zicht en pas een kwartier nadat ik geen spoor van hun heb gevonden, durf ik wat rustiger in mijn stoel te gaan zitten. Mijn hand wordt nog altijd fijngeknepen door Rose. Als ik naar onze handen kijk, zie ik dat haar knokkels spierwit zien. Ik durf niet verder te kijken, bang zijnde voor wat ik dan ga aantreffen.
De wind blaast op een serene manier door het raam, net alsof we daarnet niet moesten vluchten voor ons leven. Hoewel het raam grotendeels gebarsten is en de wind dus vrij spel heeft, heb ik het niet koud. Nee, ik heb het zelfs vreselijk benauwd. Voor de eerste keer in zo veel tijd lukt het me niet om een sarcastisch antwoord op de situatie te bedenken en voel ik me weer net zo verdoofd als in het begin van de apocalyps.
Na twintig minuten stilte en hard over de weg scheuren, besef ik me Rose’ toestand. Het zorgt ervoor dat ik direct een afslag neem en hem ergens aan de kant zet waar niemand ons snel zal vinden. Ik hoop dat er geen zombies in de buurt zijn, want met het gebarsten raam kan ik me natuurlijk minder goed verdedigen dan, nou ja, dan als het niet gebarsten zou zijn dus.
Pas enkel seconden nadat ik gestopt ben, durf ik opzij te kijken. Het eerste wat ik zie, is dat Rose haar armen voor haar borsten heeft gekruist. Een paar druppels bloed druipen langs haar wang naar beneden en even vrees ik voor het ergste, maar dan besef ik me dat het een schampschot is en dat ze niet volledig geraakt is.
Ik zie dat er tranen langs haar wangen naar beneden glijden en voor waarschijnlijk één van de eerste keren sinds onze ontmoeting kan ik geen sarcastisch commentaar bedenken wat haar manier van emoties tonen betreft.
“Hé,” zeg ik zacht terwijl ik me naar haar toe draai. “Ik weet dat wat er gebeurd is echt vreselijk voor je moet zijn, maar je bent nu veilig. Die mannen zullen je nooit meer aanraken, niet als het aan mij ligt.”
Ze kijkt me aan met haar blauwe ogen, haar armen nog steeds stevig voor haar borsten gekruist. Ik besef me dat ze de hele twintig minuten en de korte periode tijdens het rennen halfnaakt is geweest en dat ze waarschijnlijk niets liever wil dan haar lichaam bedekken, ook al hoeft ze zich in mijn ogen niet te schamen voor het lichaam wat ze heeft.
Ik scheld mezelf in mijn hoofd uit. Dit zijn nu juist van die dingen waar ik niet aan moet denken en waarvoor ze me waarschijnlijk met een vieze blik zou aankijken als ze zou weten waar ik aan dacht. Ik voel mijn hoofd rood worden en snel buig ik me naar achteren zodat ze het hopelijk niet ziet.
Ik graai de rugzak die ik van de grond heb gepikt op en open hem. Ik merk dat het mijn rugzak is, maar haar zachte snikken laten me niet verder zoeken naar haar rugzak en al snel haal ik een trui tevoorschijn.
“Hier,” zeg ik waarna ik de trui op haar schoot leg. “Doe maar snel aan. Ik zal niet kijken.”
Ik draai mijn hoofd van haar weg en ik hoor hoe ze de trui over haar hoofd trekt.
“Bedankt, Ethan,” zegt ze met een trillerige stem tegen me.
Ik wil me naar haar toedraaien om iets tegen haar te zeggen, maar opeens voel ik haar gewicht tegen me leunen en heeft ze niet veel later haar armen om mijn nek heen geslagen. Instinctief slaag ik mijn gespierde armen om haar rug heen en druk haar dicht tegen me aan, mijn hand op haar achterhoofd houdend en sussend dat het voorbij is, dat ze nu veilig is en dat haar niks meer zal overkomen.
En dan dringt een ander besef opeens tot me door. Ik heb wéér iemand vermoord. Ik heb er weer voor gezorgd dat iemand het leven achter zich moest laten. Hij heeft het verdiend, daar niet van, maar toch…
En opeens wordt de herinnering die ik zo ver mogelijk weg probeerde te duwen in mijn hoofd weer terug getriggerd. Die verschrikkelijke herinnering. Die laatste herinnering die ik heb van toen Isabelle nog leefde.

Ik was inmiddels zo gewend geraakt aan de geur van alcohol die zich door het huis verspreidde dat ik niets anders deed dan mijn ogen rollen toen ik de deur achter me in het slot liet vallen.
Ik verwachtte half en half om mijn vader op de bank aan te treffen en Isabelle boven in haar kamer aan te treffen waar ze bang afwachtte tot ik thuis zou komen, maar dat was niet het geval.
Mijn wenkbrauw ging omhoog toen ik zag dat er meubels op de grond lagen, net alsof er iemand had ingebroken. Mijn vader maakte wel eens rotzooi als hij in een dronken bui was, maar dat was nog nooit zo erg geweest. Ik voelde mijn hart sneller kloppen en vervloekte mezelf omdat ik Isabelle juist weer op deze middag voor een kwartier alleen had gelaten.
Ik stapte een beetje verder de kamer in met de bedoeling om direct naar boven te gaan, maar mijn blik werd getrokken door iets roods. Ik hurkte door mijn knieën en liet mijn vinger over de rode vloeistof glijden dat zich op de grond bevond. Ik bracht mijn vingers naar mijn gezicht en rook.
Alle spieren in mijn lichaam leken zich aan te spannen toen ik de metaalachtige geur van bloed rook. Ik probeerde mezelf wijs te maken dat het waarschijnlijk van mijn vader was die op de grond was gevallen of iets stoms, maar ik moest de hele tijd aan mijn zusje denken die moederziel alleen boven was.
Als het bloed me al niet in beweging bracht, was het wel de kreet van Isabelle die niet veel later volgde. Ik vloog met drie treden tegelijkertijd de trap op en voelde mijn maag samen trekken toen ik meerdere bloedsporen op de muren, het plafond en de grond aantrof.
Isabelle’s gegil kwam uit de kamer van mijn vader en geagiteerd zijnde gaf ik een trap tegen de deur, verwachtend dat hij deze had gesloten. Tot mijn verbazing vloog deze met het grootste gemak open. Isabelle stond midden in de kamer en draaide zich direct om toen ze de klap hoorde.
Ik voelde een gewicht tegen mijn benen drukken en mijn armen sloegen zich beschermend om haar fragiele lichaam heen terwijl mijn ogen zochten naar mijn vader. Alleen stond daar niet mijn vader. Nee, wat daar stond was een monster.
Een smerige geur verspreidde zich als een ziekte door de kamer. Het was de geur van alcohol die ik van hem gewend was en een rotte geur van één of ander lijk. Waar zijn ogen zouden moeten zitten, bevonden zich twee grote gaten. Zijn huid was veranderd naar een asgrauwe kleur en over zijn lichaam zaten diverse bloederige gaten verspreid.
Zijn huid leek letterlijk van zijn lichaam gescheurd te zijn en liet de botten zien die zich onder zijn lagen huid en spieren zou moeten verschuilen.
Het was iets wat je enkel zou tegen kunnen komen in een horrorfilm, maar toch stond hij recht voor me. Hij had dezelfde kleren aan als mijn vader en hoewel hij nauwelijks leek op de persoon die ik mijn hele leven had gekend, herkende ik toch enkele uiterlijke kenmerken van hem die me ervan verzekerden dat hij het was.
“Pap?”
Mijn stem klonk ongelovig. Het monster draaide zijn hoofd naar me toe en opende zijn mond zodat ik de bloederige rij tanden kon zien. De gouden tand links achter in zijn mond maakte duidelijk dat er geen twijfel aan was: dit was mijn vader.
“Isabelle.” Mijn stem trilde. “Maak dat je wegkomt. Ren het huis uit en zorg dat je zo veel mogelijk afstand creëert tussen jou en dit huis.”
Isabelle begon wanhopig aan mijn shirt te trekken, maar ik hield het monster voor ons in het oog. Ik wilde hem niet uit het oog verliezen. Ik was bang dat hij iets zou doen en dat ik haar dan niet meer kon beschermen.
“Maar Ethan, ik wil je niet achter laten,” hoorde ik haar smeken.
“Het is maar voor even, Isa. Ik kom direct achter je aan, ik beloof het je. Ik zal je altijd beschermen, altijd.”
Ik keek Isa wanhopig aan en ze leek de ernst van de situatie te begrijpen, want ze draaide zich om en rende weg. En opeens was ik alleen. Alleen met het monster die ik ooit mijn vader had kunnen noemen.
“Je hebt gekregen wat je verdiende,” fluisterde ik. “Karma is teruggekomen en heeft je harder dan ooit aangepakt. Ik kan niet zeggen dat ik verdrietig ben om wat er van je geworden is.”
Als antwoord kreeg ik een grauw. Toen bewoog hij zich plotseling naar me toe. Met een ruk draaide ik me om. Voor een zombie was hij verbazingwekkend snel, maar ik wist wat ik moest doen. Dit had ik namelijk al maanden eerder willen doen en nu mijn acties ietwat gerechtvaardigd werden door het feit hoe hij er nu bijliep, werd het des te gemakkelijker om het te doen.
Ik opende de lade die zich in zijn kamer bevond en haalde het wapen tevoorschijn. Hij was er echter sneller dan ik had verwacht en toen ik het wapen door wilde laten, verloor ik mijn evenwicht en viel ik op mijn rug. Ik voelde zijn gewicht op me en schreeuwde toen ik zijn tanden naar mijn schouder zag gaan. Net op tijd hield ik het wapen tegen zijn hoofd en haalde de trekker over.
De tijd leek traag te gaan. Zijn hoofd explodeerde en ik voelde zachte spetters bloed op mijn gezicht belanden. En hoewel een triomfantelijk gevoel in mijn binnenste rees omdat ik eindelijk had gedaan wat ik al maanden wilde doen, rolde ik toch om zodat ik me met mijn onderarmen kon ondersteunen en de inhoud van mijn maag kon legen.
Nadat ik het gevoel had dat ik alles kwijt was geraakt wat ik kwijt kon raken, stond ik op. Ik wilde niet meer naar mijn vader kijken en dus liet ik hem achter. Ik haakte het wapen achter mijn broekriem en rende toen naar beneden, waar ik verwachtte dat Isabelle op me zou wachten.
“Isa?”
Mijn adem bleef haken in mijn keel toen ik ontdekte dat in de korte tijd dat ik boven was heel de straat opeens naar de hel leek te zijn gegaan. Overal weerklonk er gegil en liepen er van diezelfde wezens rond waar mijn vader in was veranderd. Van mijn zus was geen spoor te bekennen en ik voelde een vreselijk gevoel zich in mijn binnenste verspreiden.
“Isa?” riep ik nogmaals, maar er klonk geen gehoor.
Zweet parelde in straaltjes langs de zijkanten van mijn gezicht en ik begon over de straat te rennen, de naam van mijn zusje roepend. Ik trok de aandacht, maar niet de aandacht die ik wilde hebben.
Tranen verzamelden zich in mijn ogen toen ik me besefte dat mijn zusje hier niet meer was. Tranen rolden over mijn wangen toen ik me besefte dat ik ook geen idee had waar ze naartoe kon zijn gegaan.
Met een verdoofd gevoel knalde ik de zombies neer die me te dicht naderden en draaide me om waarna ik terug naar huis liep. Niet om me daar op te gaan sluiten, maar om mijn spullen te pakken zodat ik hier voor eeuwig weg kon gaan.
Uiteindelijk bevond ik me weer terug op de straat, zoekend naar mijn zusje. Maar ik hoefde niet meer te zoeken, want intuïtief wist ik ook wel wat de harde waarheid was.
Ik zou haar nooit meer terug vinden.


Ik hoor Rose zachtjes naar adem happen en ontspan mijn grip op haar. Ik voel dat ze zich terug wil trekken, maar ik doe mijn best om haar in de omhelzing te houden waar ik haar daarnet in heb getrokken.
Toch weet ze zich los te maken en buigt ze haar hoofd naar achteren zodat ze me aan kan kijken.
“Ethan,” fluistert ze zachtjes.
Opeens liggen haar handen op mijn wangen en wrijft ze onder mijn ogen door waardoor mijn tranen weggeveegd worden. Haar blauwe ogen kijken me op een zachte manier aan en ik bijt hard op de binnenkanten van mijn wangen om te voorkomen dat een nieuwe golf van tranen naar boven komt.
Mijn handen zijn opeens verplaatst naar haar nek en terwijl zij haar handen op mijn wangen houdt, houd ik mijn handen stevig in haar nek en kijken we elkaar aan. Ik merk dat mijn ogen naar beneden glijden en haar lippen in de gaten houden.
Fuck. Nee. Terugtrekken, Ethan. Je bent gewoon emotioneel.
Ik reageer op mijn gevoel en dwing mezelf weer om naar haar ogen te kijken. Dan tel ik in mijn hoofd tot drie, laat haar vervolgens los en buig weer naar achteren toe. Haar handen glijden van mijn wangen en meteen mis ik de warmte die haar handen met zich meebrachten.
Maar ik kan het niet. Ik kan mezelf niet aan haar binden, niet nu. En misschien kan ik dat nooit niet meer.
“Laten we verdergaan,” zeg ik snel voordat ze vragen kan stellen.
Ons emotioneel moment is zo snel weer gedaan als het is begonnen en het enige waar ik aan kan denken als ik de auto weer terug start om te vertrekken, is haar blauwe ogen die me zorgzaam aankeken en haar handen die over mijn wangen streelden toen ze de tranen droogde die ongemerkt over mijn wangen waren gerold.

Reacties (1)

  • AmeranthaGaia

    Bedankt voor alle heftige dingen in dit hoofdstuk, waardoor ik me verslikt heb in een kersenpit en bijna doodging. Echt, bedankt.
    Als schadevergoeding vind dat ik meteen een nieuw hoofdstuk mag...?xD(blush)

    2 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen