Foto bij Chapter fifty-four

--

‘En? Wat is de status van het meisje?’ wordt me gevraagd. Met mijn hoofd lichtjes gebogen, zit ik neergeknield voor de man die voor mij zit. ‘Alles verloopt meer dan volgens plan. Het wordt tijd om haar op te gaan halen, vader. Ze verliest de controle,’ beantwoord ik hem. Het zachte geluid van een kopje dat neergezet wordt dringt mijn gehoorgangen binnen. ‘Gran,’ begint hij. Ik hef mijn hoofd langzaam op en kijk hem aan. ‘Breng het meisje zo snel mogelijk hier. Ik wil het perfecte wapen zo snel mogelijk in mijn bezit hebben. Ongeacht wat daarvoor moet gebeuren. Ze mag niet nogmaals de controle verliezen. Ze mag zichzelf niet kapot maken,’ spreekt hij me streng toe. Ik vernauw mijn ogen en kijk de man scherp aan. ‘Ongeacht wat daarvoor moet gebeuren?’ herhaal ik hem. Zijn ogen open kort om mij aan te kunnen kijken. ‘Ongeacht wat daarvoor moet gebeuren. Jij gaat mij dat meisje brengen, Gran. Jij brengt mij het ultieme wapen voor project Genesis. Winter’s Curse.’

Met een zwaar gevoel in mijn benen stap ik door de gangen heen. Een gevoel van schuld overvalt mijn lichaam als ik terugdenk aan het gebroken meisje in de ziekenzaal. Het meisje dat door mijn toedoen zoveel pijn heeft moeten doorstaan. Het meisje dat nog zoveel pijn gaat moeten doorstaan. Is dit echt wat ik moet doen? Is dit echt wat ik wíl doen? Het doet me pijn om haar zo te hebben moeten zien lijden. En het zal me nog veel meer pijn doen ermee door te moeten gaan. Is dit de juiste keuze geweest? Of is er een manier om de Winter’s Curse te kunnen stoppen?
Een diepe zucht verlaat mijn mond en duw de gedachten van me af. Ik vervolg mijn weg naar de aanvoerders ruimte en stap rustig naar binnen. En fel rood licht verlicht de kamer en mijn rivaal hangt nonchalant in zijn stoel. Zijn blik draait hij mijn kant uit als hij me opmerkt. ‘En?’ is het eerste wat hij vraagt. Zonder iets te zeggen, stap ik naar mijn eigen pilaar en wacht geduldig tot het zijn hoogste punt heeft bereikt. Een wit licht gaat aan en draai mijn blik naar de jongen toe. ‘Project Winter’s Curse gaat van start. Het meisje moet zo snel mogelijk gehaald worden, zonder consequenties. Ze moet rustig blijven,’ beantwoord ik mijn rivaal. Een blauw spotlicht verlicht de kamer en laat me verrast omkijken. ‘Project Winter’s Curse, hn? Is de Ice Queen daar waardig genoeg voor?’ oppert hij. Een schampere lach verlaat mijn mond, wat voor een verontwaardigde grom zorgt. ‘Ze heeft Ryuusei Blade gestopt en de kracht gebruikt om terug te schieten. Dat heb ik jullie nog niet zien doen,’ lach ik beide spottend toe. Een beeld van de felle rode ogen die zich in de mijne boren, raast aan me voorbij. De ogen van een losgeslagen monster. Het moment dat ze de bal stopte, was het moment dat ze brak. Dat was het moment dat haar alter ego, dat zich van binnen verborgen hield, de leiding nam. Het alter ego dat het kristal met zich meebrengt. Met mijn blik in de duisternis gericht bedenk ik mezelf nogmaals. ‘Is dit wat ik wil doen? Is dit de juiste keuze? Of moet ik haar vanaf nu af aan, gaan beschermen?’


--

Met de bal onder mijn voet, sta ik in het midden van het veld en rol ik het zachtjes heen en weer. Terwijl Endou de hoop opgegeven heeft en zichzelf afgezonderd heeft van alle andere, zijn Kazemaru en Kurimatsu vertrokken. De druk om tegen Aliea Academy te strijden is hen teveel geworden en ook de rest van het team is er steeds meer onder aan het lijden. Kidou heeft zijn best gedaan er een goede training van te maken, maar bij velen was de motivatie ver te zoeken. Hoelang zal de rest het volhouden? Wie zullen er als laatste blijven staan? Wij? Of is de strijd tegen Aliea Academy echt te veel voor ons ‘mensen’ en zal het ons breken?
‘Milou. Het is tijd.’ Ik lift mijn hoofd op en kijk naar Kai. Op een rustig tempo staat hij zijn handschoenen aan te trekken en loopt hij vervolgens naar het goal. Mijn ogen zijn vernauwt als ik iedere stap van de jongen volg en werp dan kort een blik naar de zijlijn. Kidou staat met zijn armen over elkaar te observeren, terwijl Atsuya en Shiro gespannen toe kijken. De andere hebben zich op de tribune gevestigd en kijken geconcentreerd naar het veld waar Kai en ik op staan. ‘Weet je het zeker?’ vraag ik Kai. Onze ogen kruisen met elkaar en de gele gloeit rond de ogen van de zwartharige jongen triggered de rode gloeit rond mijn ogen. ‘Pff, je doet nu net alsof je bij me gaat scoren,’ lacht hij schamper. Een krachtige aura draait om de jongen in het goal en zorgt ervoor dat mijn lichaam naar die energie snakt. ‘Verman jezelf, Milou! Laat je niet kennen,’ spreekt Kidou me streng toe. Via mijn ooghoeken kijk ik naar de jongen die aan de zijlijn staat en draai mijn blik weer naar mijn broer. Er krult een brede grijns op, op zijn gezicht en de uitdagende, nonchalante houding die hij aanneemt, zorgt ervoor dat ik geïrriteerd raak. Ik bal gefrustreerd mijn handen tot vuisten en leg de bal op zijn plek. ‘Je vraagt erom,’ sis ik hem kwaad toe en geef een harde trap tegen de bal aan. Op hoge snelheid, raast de bal op de jongen af. Een verraste en paniekerige blik staat op zijn gezicht als de bal dichterbij komt. Mijn ogen worden echter groot als hij de bal simpelweg op weet te vangen en me dan lachend aankijkt. ‘Grapje. Net alsof ik bang ben voor jouw schoten,’ lacht Kai en stuitert de bal een paar keer op de grond. Met zijn blik op de bal gericht, stuitert hij het nog een paar keer op de grond, totdat plots onze ogen weer kruisen en hij de bal razendsnel op mij afvuurt. Ik weet de bal op te vangen, maar wordt nog een stuk naar achteren geschoven voordat ik tot stilstand kom. Met grote ogen kijk ik op naar de jongen in het goal. Een overweldigende energie draait om hem heen. Hij klopt een beetje stof van zijn schouder en kijkt me met een paar felle gele ogen aan. ‘Niet goed genoeg,’ grijnst hij me toe. ‘Kom op, Milou. Geef me de woede die je tijdens de wedstrijd met Genesis op me af schoot. Dat schot was nog steeds waardeloos, maar misschien dat ik toch nog een klein beetje moeite moet doen om het te stoppen, áls je je best doet,’ daagt hij me uit. ‘Kai, je gaat te ver. Ze moet het onder controle houden. Dit werkt niet,’ roept Kidou vanaf de zijlijn. Een schampere lach verlaat de mond van de jongen in het goal. ‘Meneer de strategist, je hebt geen idee waar je mee bezig bent. Laat mij dit maar uitvechten met mijn zusje. Ze is toch niet sterk genoeg,’ zegt hij spottend. Ik knars gefrustreerd mijn tanden op elkaar. Een vlaag van woede overvalt mijn lichaam en met een paar felle rode ogen, kijk ik op naar de jongen voor me. Een brede grijns staat op zijn gezicht als zijn ogen de mijne ontmoeten. ‘Je wordt eindelijk serieus. Misschien ben je toch niet zo waardeloos,’ lacht Kai. ‘Ik zal je,’ sis ik hem kwaad toe. Een luide schreeuw verlaat mijn mond en fluit dan hard op mijn vingers. In plaats van de ijzige blauwe pinguïns, komen er een paar rode pinguïns uit de grond steken en ik kan Kidou vanaf de zijlijn horen schreeuwen. ‘Stop, Milou!’ Met mijn blik op de jongen in het goal gevestigd, knagen de pinguïns zich vast aan mijn been en vuur ik ze vervolgens op hoge snelheid af. ‘Emperor Penguin Nr. 1,’ schreeuw ik luid bij het afvuren. Een flits gaat aan me voorbij. De herinnering van Kidou die de klap van het schot opvangt, raast aan me voorbij. Het voelt zo ongelofelijk echt aan, dat dezelfde pijn die ik toen voelde, door mijn lichaam raast en ik me schreeuwend naar de grond laat zakken. ‘Kidou!’

Reacties (1)

  • Luckey

    Oh nee!!
    Niet goed!!

    2 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen