Foto bij O4 | Finally talking | Riley

Als ik aan het einde van de middag thuiskom, slaapt Louis nog steeds. Vanochtend was hij in slaap gevallen voor de tv. Misschien is hij heel de nacht weggeweest en heeft hij helemaal niet geslapen. Ik laat mezelf zakken op de bank en staar naar de jongen. Zijn huid ziet bleek en rond zijn ogen zijn donkere kringen duidelijk zichtbaar. Wat zou hij vannacht gedaan hebben?
‘Riley? Ben je thuis?’ Ella’s stem laat mij opschrikken uit mijn gedachtes. ‘Ja, ik ben thuis,’ antwoord ik haar. Kort daarna verschijnt ze in de woonkamer. Een wit jurkje siert haar lichaam. Haar bruine huid lijkt nog bruiner door de witte stof. 'Wil jij mijn nagels lakken? Ik krijg het niet voor elkaar.' Ze houdt een potje met witte nagellak omhoog. 'Natuurlijk!' Ik klop naast mij op de bank. Ella glimlacht en gaat zitten. Ik pak de nagellak over en leg haar hand op mijn schoot.
'Ben je zenuwachtig?' vraag ik haar. 'Ja, best wel,' zucht ze. 'Eigenlijk best gek, want ik ken Austin al zo lang,' plakt ze eraan vast. Ik grinnik. 'Het is je eerste date. Het is normaal dat je zenuwachtig bent.' Met het kwastje lak ik geconcentreerd nagel voor nagel. Haar nagels zien er mooi verzorgd uit. Die van mij daarentegen zijn kort, doordat ik er soms op bijt. Daar moet ik echt mee stoppen.
'Miss Rose, are u ready?' Austin komt de woonkamer in lopen. Zijn pak heeft plaats gemaakt voor een korte spijkerbroek met een wit overhemd. 'Bijna. Ze moeten even drogen.' Ella wappert met haar nagels in de richting van Austin.
Als ze niet veel later vertrekken, besluit ik nog even wat aan school te werken, voordat ik avondeten ga maken. Over twee maanden heb ik mijn examen en om dat te halen moet ik nog veel doen. In de gang haal ik mijn laptop uit mijn rugtas en zet deze op de salontafel neer. In de keuken schenk ik een groot glas water in en ik ga dan weer terug op de bank zitten. Daar start ik mijn laptop op, open het document en scrol terug naar waar ik gebleven was.

Louis kreunt een aantal keer en opent dan zijn ogen. Verward kijkt hij om zich heen. Inmiddels is het buiten schemerig geworden.
'Hoe laat is het?' Hij leunt voorover, wrijft in zijn ogen en draait zich dan naar mij. 'Half negen,' grinnik ik. Zijn mond zakt een stukje open. Hij is duidelijk verbaasd.
Uit zijn broekzak haalt hij zijn telefoon en hij ontgrendelt deze. Door het slapen is zijn haar wild overeind gaan staan. Samen met zijn zwarte shirt, gescheurde jeans en polsbandjes geeft het hem een ruig uiterlijk. Hij typt wat en stopt zijn telefoon dan weer terug in zijn zak.
'Normaal gesproken gebruik ik medicijnen om in slaap te komen,' begint hij. 'Oh,' antwoord ik hem. 'Slaap je moeilijk?' Louis schudt zijn hoofd.
'Ik kom niet in slaap. Ik begrijp ook niet dat ik nu zomaar in slaap gevallen ben.' Met zijn vingers friemelt hij aan de stoel. 'De afgelopen dagen waren denk ik ook vermoeiend voor je,' probeer ik voorzichtig. 'Ja,' antwoordt hij terwijl hij met zijn hoofd knikt. 'En sorry voor mijn gedrag. Ik was echt een eikel,' zucht hij. Even weet ik niet wat ik moet zeggen. Tot vanochtend was hij behoorlijk geïrriteerd. En dat terwijl we elkaar eigenlijk niet kennen.
Hij draait zijn gezicht en kijkt mij aan. 'Ik wil niet dat je een negatieve indruk van mij hebt.' Aan zijn gezicht kan ik zien dat hij duidelijk teleurgesteld is.
Ik glimlach. 'Ik wil je best een nieuwe kans geven.' Op het gezicht van Louis verschijnt ook een glimlach. 'Ik zal je beloven dat je een betere kant gaat zien.'
Voor het eerst zie ik een lach die oprecht is bij hem. En dat doet mij goed.
'Hebben jullie al gegeten?' Ik schud mijn hoofd. 'Ella en Austin zijn samen uiteten,' leg ik hem uit. Meteen daarop kijkt Louis mij vragend aan. 'Een date of ...?' Ik knik. 'Dat mocht eens tijd worden,' grinnikt Louis.
'Maar ik dacht eraan om een pizza te bestellen.' Inmiddels heb ik best trek gekregen, en zin om te koken heb ik niet. 'Dat is prima.' Louis staat op en loopt de keuken in. Niet veel later komt hij terug met een fles rode wijn en twee glazen. 'Wil je ook?' Ik glimlach en knik. Deze kant van hem bevalt mij wel.

Een uur later gaat de bel. Het is de pizzabezorger. Met de twee dozen loop ik terug naar de woonkamer. Louis staat in de deuropening van het balkon. 'Zullen we buiten eten?' Tussen zijn lippen bungelt een sigaret. Ik knik en volg hem naar buiten. Als we beiden zitten open ik de doos en neem gulzig een hap.
'Mhh, heerlijk.' Het is een lang geleden dat ik pizza opheb. Louis wil wat antwoorden, maar hij wordt onderbroken door zijn telefoon, die afgaat.
'Hey.' Hij brengt zijn telefoon aan zijn oor. Aan de andere kant hoor ik iemand praten, maar ik kan niet verstaan wat er wordt gezegd. Hij buigt voorover en drukt zijn sigaret uit op de grond. Daarna staat hij op en verdwijnt naar binnen. Zijn gesprek duurt niet heel lang want al snel is hij weer terug.
'M'n broer,' legt hij uit. Van tafel pakt hij ook een stuk pizza en hij neemt een hap. 'Woont je broer hier in de buurt?' vraag ik hem voorzichtig. Louis is even stil en lijkt na te denken. 'Hij woont nergens,' antwoordt hij uiteindelijk. 'Hij leeft op straat. Tussen de dealers.' Weer is het even stil tussen ons. 'Oh,' antwoord ik hem.
Ik weet niet zo goed of ik door kan vragen, bang dat ik te veel vraag. Ik wist dankzij Austin en Ella al dat Louis een broer heeft, en dat hij problemen heeft met drank en drugs. Maar dat hij op straat leeft, had ik niet verwacht. 'Een paar jaar geleden is hij volledig ontspoord. Hij gebruikt drugs en kan nu niet meer zonder.' Aan zijn stem is duidelijk hoorbaar dat hij het er moeilijk mee heeft. 'Oh, dat is wel heftig,' antwoord ik.
'Als het aan mijn moeder lag, was hij er al lang niet meer.' Stil staar ik hem aan. 'Waarom?' vraag ik voorzichtig. 'Bijvoorbeeld vorig jaar. Het ging heel slecht met hem. Zo erg dat hij in het ziekenhuis kwam. Een medewerker heeft haar toen gebeld, maar ze hing de telefoon op toen ze hoorde dat het over hem ging. En mij heeft ze niks verteld. Ik kwam er via iemand anders achter.' Verbaasd kijk ik hem aan. 'Echt?' Louis knikt. 'Ik ben de enige die voor hem zorgt. Vandaar dat ik vannacht weg moest.' Ongelovig kijk ik voor mij uit. Toen hij vannacht wegging, had ik niet verwacht dat het om deze reden zou zijn. En hoe kan een moeder de band met haar zonen zó verpesten? Mijn woede van vanochtend is nu totaal vervangen door medelijden. Wat moet hij het ontzettend zwaar hebben. Een moeder die niet voor jou of je broer zorgt. En een broer wiens leven afhankelijk is van drugs.
'Ik wilde al die ellende liever verbergen voor je.' Ik kijk op naar Louis naast mij. 'Waarom?' vraag ik. Mijn stem klinkt zacht en ik merk dat tranen in mijn ogen prikken. 'Omdat iedereen die met mij omgaat de ellende ziet. Ik wilde dat bij jou niet.' Zijn hoofd hangt voorover. Zijn woorden zijn amper hoorbaar.
Een stilte volgt. Geen ongemakkelijke stilte, maar een stilte waarin we allebei nadenken. Mijn beeld van Louis is totaal veranderd. Eerst was hij de arrogante eikel, maar nu weet ik dat het kwam omdat hij doodop was. 'Heb ik het verknald?' vraagt hij ineens. Hij heft zijn hoofd omhoog. 'Nee, dat heb je niet. Ik begrijp nu waarom je zo deed,' antwoord ik hem direct.
Een tijdje zitten we nog zo. Louis blijft zenuwachtig met zijn voet over de vloer schuiven en de fles wijn is inmiddels leeg. Ik ben blij dat de avond zo gelopen is. Dat het geruzie tussen ons voorbij is en ik nu begrijp waarom hij zo deed. De arme jongen.
Van tafel pak ik de glazen en de lege fles. Beide neem ik ze mee naar de keuken. Daar blijf ik even geleund op het aanrecht staan. De wijn maakt dat ik mij licht in mijn hoofd voel. ‘Gaat het goed?’ Achter mij klinkt de stem van Louis.
Ik draai mij om en glimlach. ‘Ja hoor.’ Louis grinnikt en doet een paar stappen dichterbij. ‘Ik geloof er niks van.’
Even kijken we elkaar aan, maar dan sluit hij zijn ogen en drukt zijn lippen op de mijne.
Ik volg zijn ritme terwijl het bloed door mijn lichaam giert.
Als hij mij loslaat glimlacht hij weer, wat hem lief maakt.

Reacties (4)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen