Foto bij H28

“Wel, ik zal dan maar eens gaan. Anders wordt mijn vader ongerust”, zegt hij en gaat richting de deur. “Oh ja, Alaïs?” “Ja?” vraag ik en hij draait zich om. “Probeer op school ook te doen zoals je thuis bent. Je past veel beter bij gewoon jezelf te zijn.”, zegt hij en verlaat dan mijn kamer.

Edward Cullen pov.

“Let niet op haar, ze heeft een zware nacht gehad.”, zegt Alaïs’ moeder en ik knik dan maar, ondertussen Alaïs nog nakijkend wanneer ze de trap op stormt. Ik hoor Ines zuchten als er een deur toe klapt. “Het spijt me dat ze zo gevoelig is. We zijn juist verhuist weet je en alles is nieuw voor haar.”, zegt ze dan en ik antwoord dan: “Ik zal haar op school wel helpen als dat nodig is, Ines.” “Dankjewel, je bent altijd welkom hier.” “En ik vermoed dat ik ook de enigste vampier ben die hier welkom is?”, vraag ik en ze knikt dan glimlachend. “Inderdaad.” Dan eten we zwijgend verder onze macaroni op.

Als onze borden leeg zijn, stapelen we ze op elkaar. “Ook het bord van Alaïs?”, vraag ik dan en ze knikt: “Ze is nooit een eter geweest, ze is vooral een denker.” Ik pak haar bord dan en zet die mee op de stapel. “Ik moet wel zeggen: u heeft een groot huis.” “Ik weet het.” “Waarom eigenlijk? Jullie zijn maar met z’n tweeën.” “Soms hebben we wat ruimte nodig, zoals je ziet”, en ze knikt naar boven, doelend op Alaïs. Ines staat dan op en stapt naar de keuken met de borden. “Ines, zou ik even met uw dochter kunnen praten?” “Natuurlijk.”, roept ze vanuit de keuken en voegt er dan nog aan toe: “Tweede deur links als je de trappen op loopt.” Ik bedank haar en terwijl ik de trappen op stap, bewonder ik de schilderijen aan de muur. Het waren allemaal ongeveer dezelfde: aan de linker muur een volwassen man met een stoppelbaard en aan de rechter muur een jongen van rond de 20 jaar.

Wanneer ik in de corridor sta, vallen mijn ogen bijna uit hun kassen. Het was bijna 30 meter lang en komt uit bij een groot raam dat de hele gang verlicht. Aan weerszijden van het raam hangen witte gordijnen, waardoor je een groot deel van het bos erdoor kan zien. Er ligt ook een bordeaux rood tapijt die de hele grond bedekt en aan weerzijden van de gang tel ik wel vijf deuren. Ik zoek dan naar de tweede deur aan de linkerkant en klop dan. Als ik ‘binnen’ hoor, open ik langzaam de deur.

Ik sta in haar kamer en zie haar bij het raam staan tegenover de deur. Ik adem diep in en begin me dan te verontschuldigen: “Alaïs, ik wou me verontschuldigen dat ik niet om jouw mening vroeg voor de boekbespreking. En het spijt me ook dat ik vertelde over-” “Edward,” onderbreekt ze me en ze draait zich om, “het is jouw schuld niet. Het is mijn schuld dat ik zo reag-” “Als ik gewoon was weggegaan nadat ik de papieren had afgeleverd, dan zou dit alles niet gebeurd zijn.”, onderbreek ik haar op mijn beurt. Dan kijk ik haar gigantische kamer rond. “Laten we het verleden achter ons en laten we ons gewoon richten op de toekomst.”, zegt ze dan. Dat noem ik nu eens wijze woorden. Ik knik dan instemmend en zeg: “Inderdaad. Je hebt wel een grote kamer hé?” Ze kijkt nu ook haar kamer rond. Het was een grote, rechthoekige kamer met aan de zuidelijke muur haar bed en een nachtkastje en naast haar bed stond een grote spiegel met daaronder een kastje. Daarop stonden witte bloemen en een pauw. Aan de hele zuidelijke muur zijn er ramen die uitkijken over de bomen met aan weerszijden lange, groen gordijnen. En aan de westelijke muur is er een grote kast met, veronderstel ik, kleren. Aan de linker kant van de deur staan nog twee kasten, vol met boeken met hier en daar een beeldje ertussen. Tegenover de deur was er een bureau met nachtlampje, lamp en kaften. Op de vensterbanken staan orchideeën en haar kamer is helemaal geschilderd in lichtgroen wat een bepaalde rust uitstraalt. Rechts van de deur is er een grote zitzak die er leuk uitziet om er in te zitten. “Wel,” begin ik dan en vervolg dan, “ik zal maar gaan. Anders wordt mijn vader ongerust.” Ik draai me om als me plots iets te binnen schiet. “Oh ja, Alaïs?”, vraag ik en ze zegt dan: “Ja?” “Probeer op school ook zoals thuis te zijn. Je past beter bij sociaal zijn.”, zeg ik welgemeend en verlaat dan haar kamer. Ik daal dan de trappen af, bedank Ines, om zo naar buiten te stappen en dan met de auto naar huis te rijden.

Als ik thuis ben, vertel ik alles aan mijn vader en hij glimlacht als ik ben afgerond. “Je boekt vooruitgang, mijn jongen.”, zegt hij en geeft een klopje op mijn rug. “Vader, als ik jou was, zou ik niet te snel handelen. Ik moet eerst haar volledige vertrouwen winnen.” “Natuurlijk, natuurlijk. Neem je tijd maar hoor, Edward. Hoe meer vertrouwen, hoe beter.”, zegt hij dan en hij stapt dan naar de keuken. “Vader, waarom ben je hier zo rustig en zeker van? Nog geen week geleden zei je dat je haar zo snel mogelijk hier wilde hebben.” “Ik weet het, maar ik heb het gevoel dat ik haar nog vaak ga tegenkomen in het ziekenhuis…”

Reacties (2)

  • Creativitylab

    Waarschijnlijk wel met al die ongelukjes, haahha

    2 jaar geleden
  • Allmilla

    30 meter... pfieuw...xD

    2 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen