Dana sprong uit haar bed. Haar borst verkrampte, haar benen voelden krachteloos van angst. Ze zakte door haar knieën, maar drukte zichzelf onmiddellijk weer overeind. Waar was de deur? Ze probeerde zich te oriënteren in de kamer die niet de hare was. Zo groot was die kamer niet.
      Haar hand vond de muur en ze stommelde naar de deur toe. Een wapen… ze moest een wapen hebben. Angst gonsde door haar hoofd, ze kon niet meer helder nadenken. Had ze het pistool meegenomen? Had ze het achtergelaten? Een snik schoot uit haar keel. Moest ze zich verstoppen, of juist een uitgang zoeken? Was het raam geen beter idee? Of stond daar ook iemand te wachten?
      Dana realiseerde zich dat het doodstil was. Was iedereen doodgeschoten? Trillend schoof ze de gang door. Tranen stroomden over haar wangen.
      Het is mijn schuld als ze dood zijn. Mijn schuld. Mijn schuld.
      Voorzichtig gluurde ze om het hoekje toen ze het einde van de gang had bereikt. Het clubhuis was schemerig, overal stonden nog flesjes. Vlak bij de deur zat iemand onderuitgezakt op een stoel, met zijn voeten op de tafel.
      Is hij net doodgeschoten?
      Ze drukte haar pols tegen haar lippen om haar snikken te smoren. Het hielp niet, een klagend geluidje schoot uit haar keel en galmde als een kanonskogel door een lege kerk. Ze schrok er zelf van.
      De figuur bij de deur kwam omhoog en draaide zijn hoofd opzij. Haar oog viel op het pistool dat op de tafel lag. Onmiddellijk draaide ze zich om, terug naar haar kamer. Dan maar door het raam. Haar blote voeten maakten veel te luide geluiden toen ze die lostrok van de plakkende vloer.
      Snotterend haalde ze adem terwijl ze verder rende. Ze kreeg amper lucht. Ze glipte de open slaapkamerdeur door, sprong op haar bed en begon aan het raam te trekken. Het was een kiepraam, daar kon ze nooit doorheen. Dan moest ze het slopen, maar waarmee? Ze struikelde weer van het bed af, haar ogen schoten door het vertrek.
      En toen stond er opeens iemand in de deuropening. Ze was te laat.
      Er was echter geen pistool dat dreigend op haar werd gericht. Er stond alleen man, die ze pas na een paar seconden herkende.
      Hij was een lid van SAMCRO. Degene met wie ze nog niet gesproken had.
      Hij staarde haar aan alsof ze een of ander losgeslagen roofdier was, alsof hij net zo bang voor haar was als zij voor hem.
      ‘Wat is er?’ Zijn stem klonk zacht maar dringend.
      Dana had het gevoel dat de ruimte om haar heen draaide. Ze zakte op het bed neer en boog beschaamd haar hoofd. ‘Niets.’
      Hardnekkig bleef ze naar de grond staren, hopend dat hij weg zou gaan, dat hij zou vergeten dat hij haar ooit zo had gezien. Uit alle macht probeerde ze de tranen uit haar ogen te verdringen, maar er zat nog veel te veel angst in haar lijf.
      Ze hoorde zijn voetstappen. Ging hij weg? Voorzichtig gluurde ze tussen haar wimpers door.
      Hij hurkte voor haar neer en keek naar haar op. Zijn donkerbruine ogen stonden bezorgd, geëmotioneerd. Dat het een lieve jongen was, had ze vanaf een afstandje goed gezien. Het maakte haar iets rustiger, haar ademhaling werd kalmer. Ze veegde langs haar ogen.
      Wat een afgang. Hier zat ze dan, jankend in haar nachtjapon, op de vlucht voor niets.
      ‘Ik dacht dat ik een pistoolschot hoorde,’ mompelde ze. Ze keek hem peilend aan. Misschien was het buiten geweest? Of was het gewoon haar eigen schot geweest dat ze weer in haar hoofd had gehoord, zo tussen slapen en wakker-zijn in? ‘En toen zag ik jou, met een pistool op tafel…’
      ‘Ik hield de wacht,’ antwoordde hij. Zijn stem was vriendelijk en zacht. ‘Voor het geval je vandaag gevolgd bent.’
      Een brok in haar keel zorgde ervoor dat het even duurde voordat ze kon antwoorden. ‘Je kent me niet… maar je blijft wel de hele nacht voor me op?’
      Hij haalde zijn schouders op. ‘Club-protocol.’ Een glimlach schoot over zijn lippen.
      Dana’s lippen krulden ook een beetje om. ‘Ja? Komen er wel vaker ontspoorde zussen aanwaaien?’
      ‘Voortdurend.’
      Ze veegde haar wangen droog en slaakte een diepe zucht. Nog steeds voelde ze zich trillerig. Ze zou het niet erg hebben gevonden als hij troostend zijn armen om haar heen had geslagen, maar hij leek voor een aanraking terug te deinzen. Alsof hij wist wat ze was – een jarenlang slachtoffer van misbruik – en niet wist hoe ze daarop zou reageren. Het gevoel dat mensen zo’n labeltje op haar plakten maakte haar misselijk.
      ‘Wil je iets? Een glas water? Een peuk? Wat sterkers?’
      Ze schudde haar hoofd.
      ‘Moet ik je broer een seintje geven?’
      ‘Alsjeblieft niet,’ mompelde ze. ‘Het is al erg genoeg dat jij me zo hebt gezien.’
      ‘Het is niet erg.’ Zijn stem klonk ferm. ‘Je bent hier niet voor niets.’
      ‘Dat is geen reden om als een randdebiel rond te rennen uit angst dat iemand je dood wil schieten.’
      ‘Mensen doen wel gekkere dingen als ze bang zijn.’
      Nog steeds zat hij op zijn hurken tegenover haar, zodat ze op zijn hoofd keek. Zijn haar was aan de zijkanten opgeschoren, zodat er alleen in het midden nog een strook gemillimeterd haar zat. Op zijn hoofdhuid zat aan beide kanten een zwarte tribaltattoo die er precies hetzelfde uitzag.
      ‘Hoe heet je?’ vroeg ze.
      ‘Juice.’
      ‘Juice?’ Origineel waren ze hier wel met nicknames. Het klonk in ieder geval beter dan Half-Sack. ‘Drink je alleen sap?’
      Hij grinnikte. ‘Ooit wel, toen ik voor het eerst een stap in deze motorclub zette, hield de barkeeper zich streng aan de minimumleeftijd.’
      ‘Ben je de jongste?’
      ‘Als je de prospects niet meerekent wel.’
      Dana gaapte. Toen ze dat doorhad, sloeg ze gauw een hand voor haar mond. ‘Sorry,’ mompelde ze. ‘Het is niet dat je saai bent, maar…’
      ‘Het is midden in de nacht. Het is je goed recht om moe te zijn.’ Hij stond op.
      ‘Dat geldt toch ook voor jou?’
      ‘Ik slaap morgen wel bij. Wil je nog proberen te slapen?’
      Dana aarzelde. Eigenlijk wilde ze niet dat hij wegging, dat ze weer alleen was. Ze durfde echter niet te vragen of hij hier wilde blijven. Dus knikte ze. ‘Ja, laat ik dat maar doen.’
      ‘Geef maar een gil als er iets is. Ik ben zo bij je, goed?’
      Ze knikte opnieuw. ‘Dank je, Juice.’
      Hij glimlachte een mooi recht gebit bloot. ‘Welterusten, Dana.’ Hij draaide zich om en sloot de deur achter zich.
      Dana ging weer in bed liggen en dacht aan het geweer dat bij de deur lag. Ze was veilig. Daar moest ze op vertrouwen.


Reacties (6)

  • Altaria

    Awwhh i like him!

    4 jaar geleden
  • JamesBarnes

    Oke ik wist direct dat het over Juice ging, want Juice is mn fav en een schatje

    4 jaar geleden
    • Ringwraith

      Hihi ja hij is zo'n leukerd <3

      4 jaar geleden
  • Phlegethon

    Nawwwh.

    4 jaar geleden
  • Trager

    Ik weet wel een beetje hoe zij zich voelt... Gelukkig was Juice er <3

    4 jaar geleden
  • AmeranthaGaia

    Ik las al een stukje en toen realiseerde ik me al dat het een droom of waanbeeld was en ik dacht helemaal: sh*t. Dat ik daar nog niet aan gedacht had.

    Je blijft me dus duidelijk wel verassen.xD

    4 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen