Als ik genoeg pizza heb gegeten, sta ik op en breng mijn bord naar de keuken. Daar staat al een hele stapel met vuile borden, bekers en pannen, en nu pas realiseer ik me dat de hele keuken ook één grote bende is. En dat we het nu waarschijnlijk moeten opruimen.

Als ik ergens een hekel aan heb, dan is het wel aan opruimen. Snel vlucht ik de keuken weer uit. Ik denk dat dit wel een goed moment is om dan toch maar met Shawn te gaan praten, in plaats van het steeds uit te stellen.

Ik sluip langs Fay naar buiten, heel stilletjes. Als ze me ziet, dan houdt ze me sowieso tegen voor de afwas. Het lukt! Soort van. Fay en Axel zien me niet, die twee zijn ook veel te druk met elkaar, maar Austin die ook nog zit te eten, ziet me wel. Vlug leg ik mijn vinger op mijn lippen en gebaar ik de jongen zijn mond te houden.

Hij fronst verward, maar knikt braaf en eet verder, zonder een woord te zeggen. Opgelucht schiet ik de deur uit en ik loop naar het veld, waar de meeste jongens een wedstrijdje aan het spelen zijn.

“Cassi, doe je mee?” roept Nathan vanaf het veld. Hij passt me de bal toe, maar ik kaats hem meteen terug.

Ik had graag ingestemd, maar niet nu. Byron had gelijk, ik moet nu eerst dingen uitleggen aan Shawn. Hij heeft het recht om het te weten. “Misschien straks!” roep ik naar Nathan. Ik ga langs het veld staan, vlakbij Shawn. Ongemakkelijk blijf ik staan. Ik weet niet wat ik moet zeggen, maar gelukkig neemt de jongen zelf het woord.

“Wilde je nog ergens over praten, Cassi?” vraagt hij rustig.

“Eh… ja!” zeg ik ongemakkelijk. Mijn gezicht verschiet van kleur. Niet echt, maar het moet. “Kunnen we ergens anders praten?” vraag ik zacht. “Zonder iedereen eromheen?”

Hij kijkt me verward aan, maar knikt dan. Ik geef hem de krukken aan die hij tijdelijk gebruikt, omdat zijn blessure te pijnlijk is. “Dank je,” zegt hij, terwijl hij ze aanpakt. “Zullen we naar de rivieroever lopen?” stelt de jongen voor.

Ik knik instemmend, opgelucht dat hij zo makkelijk meewerkt. Het eerste stuk lopen we in stilte naast elkaar, iets langzamer dan normaal, zodat Shawn het bij kan houden. “Shawn, ik moet met je praten over… nou ja, over wat er gebeurde toen ik voor Alius speelde,” zeg ik zacht. “Ik moest er door de wedstrijd van vandaag weer aan denken, en nu ben je weer geblesseerd en… het spijt me zo van toen.” Ik bijt op mijn lip en durf de jongen niet aan te kijken. Het is een gevoelig onderwerp bij ons allebei.

“Cassi, het is al goed,” zegt hij aarzelend. Ik kijk hem aan, en zie in zijn ogen dat hij het vooral zegt om mij gerust te stellen. Hij heeft het me vergeven, maar hij zit er nog steeds mee. Dat is duidelijk.

“Nee!” zeg ik gefrustreerd. “Je begrijpt het niet.” Ik trap in de grond en ga dan aan de rivieroever zitten. “Je snapt het niet, en dat kan ook niet, want ik heb jullie toen niet de hele waarheid verteld. Het spijt me zo wat er toen gebeurde, maar ik heb geen spijt dat ik die wedstrijd meespeelde, hoewel ik het liever niet gedaan had.”

Nu lijkt Shawn er helemaal niets meer van te begrijpen. Hij komt naast me zitten en kijkt me verward, maar geduldig, aan. “Wat bedoel je, Cassi?” Ik haal mijn schouders op en kijk hem niet aan. “Waarover heb je niet de hele waarheid verteld?” vraagt hij voorzichtig door.

“Over die wedstrijd,” zeg ik zacht. “Ik… ik vertelde jullie dat ik die wedstrijd vrijwillig speelde, maar dat is maar de halve waarheid. En, ik weet het niet, het voelde oneerlijk en laf om me te verbergen achter de rest en het was mijn keuze, en mijn eigen schuld. En het zijn mijn daden en daar moet ik alleen de gevolgen van dragen, alleen nu draag jij ze ook en-” Ik slik en veeg de opkomende tranen uit mijn ogen. Ik hoor hoe breekbaar mijn eigen stem klinkt, hoe erg van streek.

“Cassi,” stamelt Shawn verbaasd. Hij legt een beetje ongemakkelijk zijn hand op mijn schouder. “Rustig maar, het is al goed.” Hij glimlacht geruststellend. “Welke delen van de waarheid heb je dan verzwegen?”

Ik adem diep in en probeer rustig te blijven. Shawn zal me niet veroordelen hierom en hij heeft het recht om het te weten, zodat het het zelf los kan laten. Daarbij gaan wij morgen weg, en blijft hij hier. “Ik speelde die wedstrijd niet vrijwillig,” geef ik toe, en het voelt als een hele opluchting om dat eindelijk aan iemand te vertellen. Nu ik eenmaal begin, rolt de rest er meteen achteraan. “Ik kreeg twee opties: ik moest de wedstrijd spelen, of ze zouden Fay of Paolo iets aandoen. Ze wisten van mijn familie en Fay was net ontsnapt van Alius. Als ze haar en Axel en Julia vonden, waren ze alle drie in gevaar. Ik moest wel kiezen om die wedstrijd te spelen, maar… die wedstrijd was zo lastig, en ik was zo bang. En toen zei Xavier dat ik moest schieten en dat deed ik, alleen ik schoot harder dan ik dacht en jij sprong ervoor en…” Ik zie het weer voor me en ik voel de angst weer om mijn hart slaan. De angst dat mijn teamgenoten en vrienden me voor altijd zouden haten, de angst dat er wat met mijn familie zou gebeuren. “Het spijt me zo,” snik ik zacht. Ik realiseer me pas dat ik huil als mijn stem breekt.

Shawn kijkt me een paar tellen aan, zonder iets te zeggen en knikt dan langzaam. “Ik begrijp het. En ik vergeef je, Cassi, het is oké. Nu echt.” Hij omhelst me onhandig. “Maar je moet dit aan de rest vertellen. Ik ben niet de enige die hiermee heeft gezeten de afgelopen maanden. We zijn je vrienden, wij allemaal. En zeker Fay heeft hier heel erg mee gezeten, dat weet ik zeker. Je moet het haar vertellen, en anders doe ik het.”

“Nee!” reageer ik geschrokken. Ik schiet overeind en veeg de tranen van mijn gezicht. “Nee, ik wil de dreigementen van Alius niet als excuus voor mijn daden gebruiken. Ik wil het er nu gewoon nooit meer over hebben.”

“Maar, Cassiane, je moet het echt vertellen, al is het alleen aan Fay. Ik meen het; als jij het niet doet dan zeg ik het.” Shawn kijkt me serieus aan en ik weet dat hij het meent.

“Niet doen, Shawn. Alsjeblieft,” stamel ik. Ik pak zijn hand vast en kijk hem smekend aan. “Alsjeblieft, vertel het haar niet. Vertel niemand dit, oké?” smeek ik, met mijn ogen strak op hem gericht. “Alsjeblieft… beloof me dat je niemand iets verteld.”

De jongen blijft even stil, in tweestrijd met zichzelf en knikt dan. “Oké, ik beloof het.”

Ik zucht opgelucht en laat zijn hand los. “Dank je wel, Shawn,” zeg ik zacht. “Heel erg bedankt. Het spijt me zo van alles wat er gebeurd is.”

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen