Foto bij O34 • Chaos

Rose Evergreen

“Rose, we moeten praten.”
Ik weet dat hij achter me staat, maar ik doe geen moeite om mezelf om te draaien. Waarom zou ik als hij, net op het moment dat ik me volledig aan hem wilde geven, me met een botte toon afkapte? Waarom zou ik hem dan de kans geven om zijn gevoelens op tafel te leggen terwijl hij dat bij mij blokkeerde?
“We moeten inderdaad praten.” Ik draai me naar hem om. “De voorraad die in de kast ligt, is niet genoeg om ons de komende weken van voedsel te voorzien.”
“Daar hebben we het al over gehad,” zegt hij met een geïrriteerde ondertoon in zijn stem. “Zodra we het buitenterrein wat verkend hebben, gaan we opzoek naar eten.”
Ik weet niet of ik op dit moment nog zo’n zin heb om samen naar de stad te trekken. Het liefste was ik naar buiten gegaan en had de auto genomen zodat ik zelf opzoek kon gaan naar eten, maar de dreiging van de groep waar we aan ontsnapt zijn hangt nog steeds in de lucht; het zou niet verstandig zijn.
Ik pak kwaad een blik witte bonen in tomatensaus uit de voorraadkast en gooi deze op de grond.
“Rose!” roept hij geschrokken uit.
“Waarom, Ethan?” Er verschijnen tranen in mijn ogen. “Waarom zou ik nu met je praten over daarnet als jij me net zo simpel af kan kappen terwijl ik me voor je open wilde stellen?”
“Rose, het was niet…”
“Houd je bek!” snauw ik. “Ik weet al wat er aan de hand is. Jij bent al net zo erg als al die andere eikels die hier rondlopen. Je bent gewoon geïnteresseerd in mijn lichaam en toen je merkte dat ik me voor je openstelde, vond je waarschijnlijk dat ik te gemakkelijk voor je was en besloot je maar te stoppen.”
“Nu klets je echt onzin.” Ethan kijkt al even kwaad naar me als ik me voel. “Wat ik daarnet deed, of wat ik beter gezegd toeliet omdat jíj begon, kwam recht uit mijn hart.”
Ik lach op een ongelovige manier.
“Oh, ja, natuurlijk. En het kwam zeker ook recht uit je hart dat je me opeens niet meer interessant vond? Weet je wat, laat het gewoon zitten, Ethan. Ik wil er niet meer over praten.”
“Ik snap niet waarom je hier zo gevoelig over doet,” zegt hij op een botte toon tegen me. “Het is niet alsof het veel voorstelde.”
Ergens hoop ik dat hij dit zegt om zijn eigen gekwetste gevoelens te verbloemen, maar ik kan het niet helpen dat er een steek door mijn binnenste gaat. Voor mij stelde het juist wél veel voor, want het is lang geleden dat ik me nog eens zo heb opengesteld naar een jongen. Nee, ik durf te wedden dat dit de eerste keer is dat ik me zo snel open durfde te stellen voor iemand. Maar hij veegt mijn gevoelens gewoon van tafel alsof het niets is.
“Nee, je hebt gelijk,” zeg ik zacht. “Het stelde inderdaad niet veel voor. Ik stel me gewoon aan.”
Ethan zucht hard.
“Laten we het gewoon vergeten en achter ons laten, oké? We lieten ons beiden meeslepen door onze gevoelens omdat we niet meer alert waren.”
Ik weet niet zeker of het goed hoor, maar ik meen iets van onzekerheid te horen in zijn stem. Maar als ik me omdraai en in zijn ogen kijk, zie ik een strakke blik in zijn ogen en ik bijt op mijn onderlip. Nee, waarschijnlijk dacht ik onzekerheid te horen in zijn stem omdat ik dat zo graag wílde.
Ik haal mijn schouders naar hem op.
“Wat jij wilt,” mompel ik.
Ik hoor dat hij nogmaals zucht. Ik pak een tweede blik witte bonen in tomatensaus uit de voorraadkast, raap het blik dat ik op de grond heb gegooid op en ga vervolgens opzoek naar iets waar ik het mee kan opwarmen. In alle haast hebben we het pannetje van de caravan niet meegenomen toen we moesten ontsnappen aan de zombies en dus moeten we een andere manier vinden om het op te warmen.
Tot mijn verrassing kom ik een schuif tegen met een stuk of vier pannen in verschillende formaten. Ik pak een pan waarmee ik het kan opwarmen, want een koude blik bonen is natuurlijk niet zo lekker. Ik gooi de inhoud van de blikken in de pan en warm het op terwijl ik met mijn handpalmen tegen het aanrecht leun en mijn ogen sluit.
Nu ik merk dat ik echt alleen ben, laat ik mijn tranen die ik daarnet zo stevig in probeerde te houden eindelijk vallen. Mijn vingers verkrampen, maar ik bijt op de binnenkanten van mijn wangen om mijn harde snikken binnen te houden. Ik wil Ethan niet nog een reden geven om tegen me uit te vliegen. Het is duidelijk dat hij niet meer met mijn gevoelens te maken wil hebben en die kans wil ik hem ook zeker niet gunnen.
Nadat het eten klaar is – en mijn tranen opgedroogd zijn – zitten we zwijgzaam tegenover elkaar en eten onze maaltijd op. Ik heb toevallig nog wat borden gevonden die ik moest afwassen omdat er zo veel stof op lag, maar ze zijn bruikbaar en dat is zeldzaam in dit soort tijden.
Ethan geeft na het eten aan dat hij naar bed gaat omdat hij moe is en even overweeg ik om gewoon op de bank te gaan slapen. De herinneringen van wat we deze middag gedaan hebben, verschijnen echter weer terug op mijn netvlies en ik schud mijn hoofd. Dan maar naast Ethan gaan liggen.
Wanneer ik de kamer binnenkom, zie ik aan zijn blote schouders die boven de dekens uitsteken dat hij zijn shirt uit heeft getrokken. Ik weet dat het me eigenlijk niets meer zou mogen doen, maar ik voel een lichte blos op mijn wangen verschijnen en ik ga gauw naar de badkamer zodat ik mezelf kan omkleden.
“Welterusten,” hoor ik Ethan zacht zeggen als ik uiteindelijk naast me lig.
En hoewel ik er niet op wil reageren, klinkt zijn stem opeens zo breekbaar en zacht dat ik niet anders kan dan erop reageren: “Welterusten.”
Ik draai me van hem weg. Ik merk dat hij al vrij snel in slaap valt en na even woelen, val ik zelf ook in slaap. Ik word opeens wakker omdat ik iemand hevig voel bewegen naast me en kom een beetje overeind.
Ik draai mijn hoofd naar Ethan en zie dat hij zweet op zijn voorhoofd heeft staan. Voordat ik mezelf kan tegenhouden, buig ik me al naar voren en strijk het haar dat aan zijn voorhoofd plakt weg. Ethan draait zich opeens van me weg en zorgelijk ga ik op mijn knieën zitten.
Ik ben net aan het overwegen of ik hem wakker zal maken als hij opeens zachtjes iets fluistert. Ik heb het de eerste keer niet goed verstaan, dus buig ik me wat naar voren in de hoop dat hij het zal herhalen en dat ik het op kan vangen.
En dat doet hij. Deze keer iets harder, maar nog steeds op een vrij zachte toon, herhaalt hij wat hij daarnet zei:
“Emily.”

Reacties (1)

  • AmeranthaGaia

    Er is denk ik ongeveer 99% kans dat ze dat verkeerd gaat opvatten.

    2 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen