Ik had nooit gedacht dat de eerste school dag ook nog eens de slechte dag van mijn leven werd. School was erg frustrerend, vooral tijdens geschiedenis. Ik had zelf nooit gedacht dat een nieuweling zo een enorme bot kon zijn. Aan zijn uiterlijk was hij best knap, maar ik ergerde me tijdens geschiedenis echt aan hem. Na geschiedenis had Emilia ook nog eens spottende opmerkingen na me toe geworpen, dat hij me verslagen had tijdens de discussie. Alsof die nutteloze discussie mij nog kan schelen.
Ik liep de vertrouwelijke weg op die richting mijn huis liep. Ik woonde met mijn oma dichtbij de natuurgebied van…. waar ook de bos bevond. De uitzicht was daar altijd mooi. Vroeger toen ik nog klein was, gingen we vaak langs het natuurgebied. Ik wandelde als klein meisje vaak met mijn grootvader de natuurgebied in. Ik kon het zelf nog herinneren alsof het gister was, maar na de dood van mijn grootvader gingen we niet zo vaak meer. Nadat ik steeds ouder werd ging ik alleen nog naar het bos dat niet heel ver was. Ik mocht van mijn grootmoeder niet heel diep het bos in, omdat ik anders zal verdwalen. Het was me een keer gebeurd toen ik een jaar of twaalf was. Mijn grootmoeder was die dag echt zo boos op me geweest, dat ik de komende tijd van haar het bos niet meer in mocht.
Ik stond al bij de stoep van het huis en de buurman heeft nu al oog op me. Hij gluurde wel jaren uit het raam naar ons. Ik wist zelf niet waarom, maar ik had hem al heel lang een enge oude man gevonden. Geen idee waarom, maar ik kreeg meestal een vreemd gevoel bij die man. Ook al zag hij er via de buitenkant niet angstaanjagend uit. Maar een vreemd gevoel kreeg ik meestal als hij via het raam naar beneden staarde.
Ik opende maar het vertrouwelijk poort van het huis, die naar de achtertuin toe leidde. De gras in de achtertuin was helder groen. Zoals altijd zat er ook een vleermuis op de scheur gespijkerd. Ik vroeg me wel eens af of er niks met mijn grootmoeder mankeerde. Ze zou het toch niet als versiering voor boven de deur spijkeren?
‘Ik ben thuis.’ Terwijl ik de deur achter me dicht deed. Best vreemd dat ze niet meteen antwoord gaf.
‘Grootmoeder? Ben je hier ergens?... Hallo?’ Meestal zei ze iets als ik terug ben. Ook als ze boven was kon ze me horen. Dat betekend wast iets niet goeds. Of ze was op mysterieuze wijze verdwenen of er speelde iets anders tijdens haar verdwijnen. Ze zou toch niet ontvoerd zijn? ‘Oma!?’
‘Pearlina, stop met die geschreeuw! Wat zullen de buren wel niet denken?’ Terwijl ze opeens in de huiskamer verscheen. Ze reageerde vaak zo tegen me als ik wat luidruchtig in huis was.
‘Ik dacht dat je verdwenen… Ik bedoel niet thuis was.’
‘Nee, tuurlijk ben ik niet verdwenen. Ik had het nogal druk met dingen regelen.’ Dat zei ze wel vaker tegen me, zonder me uit te leggen waar ze het druk mee had.
‘Is het goed als ik even naar buiten ga?’
‘Wat naar buiten?’ klonk ze alsof ze het pas voor het eerst hoorde. ‘Wat heb je daar buiten te zoeken?’
‘Niet veel, ik heb vandaag alleen een slechte dag, en ik wilde even…’ Ik maakte me zin niet helemaal af.
‘Ik begrijp het, Pearlina. Maar kom voor het avondeten wel terug, want het woord langzaam aan de hand eerder donker.’
‘Eerder donker? Het is begin september.’
‘Koes, scheer je weg jij. Doe wat je buiten moet doen.’
Ik moest een beetje lachen om de laatste reactie van haar. Mijn grootmoeder was meestal zo, ook al was ze soms humeurig. Het kwam vast omdat ze ouder begon te worden. Ze was namelijk al boven de zestig.
Ik pakte mijn mp4 en mijn oortjes, en liep de deur uit.
Ook al was het bewolk en was de zon vandaag niet te zien, ik genoot eerlijk gezegd wel van de weer. Ik hield ervan als de weer bewolkt maar droog was. Het was nu nog maar te hopen dat het niet ging regenen, want dat zal mijn stemming meer bederven.

Ik was na het eten naar mijn kamer gegaan. Mijn slaapkamer was ook mijn favoriete plek, waar ik het liefst was. Mijn kamer voelde ook zo vertrouwd en veilig aan. Volgens mijn grootmoeder was mijn slaapkamer eerst van mijn moeder geweest toen ze nog heel klein was. De muren van mijn kamer waren lavendel paars beschilderd. Het was niet mijn favoriete kleur, maar ik vond de kleur wel mooi bij de interieur staan. De meeste meubels in mijn kamer waren wit, zoals: Mijn bed, nachtkasjes, kaptafel en mijn bureau. Ik had als sier witte verlichtingen op mijn kamer gehangen, want ik vond het best mooi staan en het gaf me een warme gevoel als de verlichtingen in mijn kamer aanstonden. Eens in de zoveel tijd hing ik foto’s in mijn kamer op. Vooral bij de muur waar mijn bed was waren veel foto’s die ik zelf maakte. Zonder die foto’s zou mijn kamer best kaal zijn, en die foto’s gaven me soort van kleur in mijn leven.
Fotograferen was ook één van mijn hobby’s en mijn passie. Ik wilde later ook iets met fotografie doen. Het leek me altijd wel leuk om op een professionele manier foto’s te maken. Ik had vorig jaar zelf meegedaan met de fotowedstrijd op school. Ik kon zelf niet geloven, maar ik had met de wedstrijd fotografie gewonnen. Emilia had nog opmerkingen gemaakt dat ze mijn foto’s maar niks vond. Het zou vast door jaloezie komen of ze reageerde altijd zo tegen me. Na die ene foto wedstrijd kreeg ik veel complimentjes van sommige op school. Vooral van de jongens. Opeens werd ik door sommige jongens op school aanboden, en dat was echt niet fijn. Het leek alsof ik geen adem kon halen. Dat was ook de reden dat Emilia woest op me werd. Maar genoeg daarover. Er was in de stad niet veel fotografische opleidingen. Buiten deze stad zijn er best genoeg opleidingen voor fotografie. Hoe zou het zijn als ik buiten deze stad was? Ik was namelijk nooit van mijn leven buiten deze stad geweest.

Het was nu wel nodig tijd om te beginnen met de opstel van die zogenaamde heksenprocessen. Een diepe zucht verliet mijn mond, toen ik achter mijn bureau zat. Waarom moest ik dit doen? Het was toch al nutteloos, en ik merkte echt pas dat ik heel weinig geslapen had. Ik hoopte maar dat ik niet in slaap ging vallen.
Ik begin maar met hoofdstuk één de inleiding doe ik wel als laatste als ik alle pagina’s gedaan had, want dat maakte het voor mij wat overzichtelijker. Wikipedia ga ik de informatie sowieso niet opzoeken, want een grootte gedeelte daarvan is meestal onzin. Ik zocht op verschillende soorten sites voor informatie voor mijn opstel, maar veel bijzonderheden was er niet echt te lezen. Op gegeven moment zat ik vast. Ik kon niet meer verder met de opstel, terwijl ik maar paar zinnen getypt had. Via internet had ik verder niks gevonden wat ik wilde. Ik had tijdens schooltijd naar de bibliotheek moeten gaan om daar boeken te vinden over heksenprocessen. Morgen kon ik naar de bieb gaan, maar de opstel moest volgende week af zijn en ik was niet eens op de helft van hoofdstuk één. Ik wilde vandaag al één pagina af hebben, zodat ik niet heel veel op het laatst moment hoef te doen, maar ook zodat ik in de weekend niet veel van de opstel hoef te maken. Ik was iemand die liever veel mogelijk huiswerk door de weeks maakte, zodat ik in de weekend niet veel hoefde te doen. Hoe kon ik ooit verder gaan met mijn opstel? Misschien moet ik mijn grootmoeder vragen voor wat informatie. Officieel mogen we op school geen hulp van ander krijgen, tijdens het maken van opstellen, maar ze hadden niet vertelt dat familie leden wat informatie mogen geven voor de opstel. Ik stond van mijn bureaustoel op en liep mijn kamer uit.
Mijn grootmoeder was vaak s ’avonds boven ergens in de kamers van dit huis. Of ze was soms beneden voor het nieuws.
‘Grootmoeder?’ riep ik wat luid.
‘Pearlina! Stop nou eens met dat geschreeuw.’ terwijl ze voor de deur opening van haar slaapkamer stond.
‘Sorry, grootmoeder, maar ik had eigenlijk een vraag of je me misschien informatie wilt geven voor een opstel die ik vrijdag af moet hebben.’
‘Een opstel zeg je. En waar gaat jouw opstel over?’
‘Nou, het gaat over heksenprocessen.’
Met de laatste worden stond ze opeens in schrok, alsof ze iets bizars en mysterieus gehoord had. Op de één of ander manier leek het alsof ze betrapt werd met een geheim die ze bij zich had, want zo aan haar gezicht uitdrukking te zien leek het er wel op.
‘Heksenprocessen?’ Herhaalde ze.
‘Ja, ik weet het. Het sloeg zelf helemaal negens om.’
‘Geef me even één klein momentje, liefje. Ik moet namelijk iets in mijn kamer terug zetten.’
‘Oké, ik wacht in de gang wel.’
Na een paar minuten zitten te wachten op te gang, begon mijn geduld langzaam aan de hand wel op te raken. Wanneer zou ze nou terug komen? Met wat was ze eigenlijk mee bezig? De deur van haar kamer stond op een kiertje open. Ik kon het zelf niet laten om stiekem te kijken waar ze mee bezig was. Ik zag via de deuropening de achterkant van haar, die op een stoel stond. Voor de boekenblank hoog tegen de muur. De kistje van de boekenplank was wagenwijd open. Ik probeerde zo onopvallend mogelijk via de kleine deuropening te kijken wat er precies in de kistje lag. Ik zag een soort van ketting glimmen, dat tegelijkertijd ook licht gaf. Verbeelde het me of kwam er opeens een andere kleur steen bij de medaillon?
Ik klopte aan de deur. ‘Grootmoeder?’
Ze richtte vol schrikhaar gezicht mijn kant op, maar ze herstelde zich snel weer.
‘Wat ben je eigenlijk aan het doen?’ vroeg ik.
‘Stop met nieuwsgierig te zijn. Niet alles zijn jouw zaken, Pearlina.’
‘Kunt u me alsjeblief informatie geven voor mijn opstel?’
‘Ja, dat kan ik je wel geven,’ antwoordde ze, terwijl ze haar kamer verliet. ‘Maar er is ook iets dat ik jou zo snel dringend mogelijk moet vertellen.’
‘Hoezo? Wat voor iets belangrijk is het?’
‘Ik vertel morgen, aangezien het best laat is.’ Terwijl ze langs me liep. ‘Kom je liefje?’
Met een zucht liep ik achter haar aan.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen