Ze had donkerbruin krullend haar, die los hingen. Haar bruine ogen waren naar ons gericht. Het opvallende aan haar, was dat ze fel rode lippenstift op had. Ik wist niet hoe oud ze was, maar ze leek ouder dan mij.
‘Eva, we hadden elkaar lang niet meer gezien sinds…’ Jesse maakte zijn zin niet helemaal af.
‘Laat me raden, paar maanden geleden?’ Glimlachte ze. ‘Nou, jij bent ook geen steek meer veranderd,’ klonk ze ironisch.
‘Maar waar is Benjamin?’
‘Hij komt er nog aan, hij heeft het jammer genoeg veel te druk met zijn onhandige apparaatjes.’
‘Nou, die apparaatjes zijn in ieder geval wel handig voor onze missie.’ Zei de getinte jongen met groene ogen, die ik nu pas naast ons zag.
‘Als jij het mij vraag ook best onhandig.’

‘En wie is zij?’ En daarmee bedoelde ze mij.
‘Zij is Pearlina, ze is…’
‘Laat me raden ook een heksenjager, die ingewijd moet worden?’ Ze had haar handen op haar heupen gezet. ‘Het verbaast me ook niks, aangezien ze ook op een jong tienermeisje lijkt, die nog op de middelbare school zit.’
‘Jouw, broertje zit ook nog op de middelbare school.’
‘Ja, in de laatste jaar.’
‘Maar zij daar, ik wed dat ze nog niet eens in de examen klas zit.’ Ze hief haar hoofd een beetje schuim. ‘Is het niet?’ klonk ze arrogant.
‘Ja, het klopt.’
‘Daar was ik al bang voor.’
‘Eva, alsjeblief. Niet zo flauw doen tegen de nieuweling.’
‘Wat, dat is toch zo?’
‘Wel, maar toen wij voor het eerst de inwijding deden, zaten we ook niet allemaal in de examen jaar van de middelbare school.’
‘Dat klopt wel, maar ik wed dat ze met de meeste dingen gaat falen, als ze met onze missie meeging.’
‘Dat denk ik niet. De meeste heksenjagers weten al voor de inwijding wat er na de komende jaren kan gebeuren.’

‘Nee, ik wist het pas net.’
Eva richtte spottend haar blik naar mij toe.
‘Is dat soms erg, dat ik het sinds paar dagen weet?’
‘Niet echt, maar het komt nauwelijks voor dat een toekomstige heksenjagers, het pas op zijn zestiende weten,’ antwoorde Mitch.

‘Wat is er?’ vroeg Eva, terwijl Jesse weer in de hal terug liep.
‘Niks bijzonders, alleen een dringende telefoongesprek met mijn vader. En er is nog iets dat ik jullie wil vertellen.’
‘En dat is?’
‘Er ergens buiten deze stad een soort van een missie.’
‘Serieus? Wat voor missie is het eigenlijk?’
‘Dat is voor mij ook niet helemaal duidelijk, maar het vind in ieder geval plaats bij Hempstead?’
‘Maak je een grapje? Het is van hier tot daar ongeveer vijftig minuten rijden,’ reageerde Eva.
‘Jesse, de nachtclub voor heksenjagers zit daar ook in hempstead.’
‘Ja, dat klopt. Waarschijnlijk zal er daar iets heftig plaatsvinden, waarvan we nog niet weten was.’
Eva keek Jessa aan. ‘Ik denk dat we die missie beter kunnen gaan overslaan, aangezien het de nachtclub voor heksenjagers zijn. De mensen daar kunnen ook zonder ons hulp de probleem oplossen.’
‘Eva heeft voor een deel wel gelijkt, en ik denk ook niet dat de missie in de nacht club is, aangezien het daar veel heksenjagers zijn,’ zei Mitch.
‘Maar op de digitale kaart stond duidelijk dat het in hempstead ligt.’
‘Maar wat als het een vergissing is, of een valstrik?’
‘Dan denk ik toch het eerste, want het is nooit eerder gebeurd dat iemand geprobeerd had de…’
‘Ja, ja, kunnen we beter niet al naar de auto gaan? We kunnen wel uren gaan praten over onze missie opdracht, maar de missie moet wel deze eeuw gaan gebeuren,’ zei Eva, ongeduldig, terwijl ze al besloot om naar buiten te gaan.
‘Ze heeft wel een punt, misschien kunnen we alvast naar de auto gaan. Benjamin kan misschien helpen om de huidige bestemming van onze missie op te sporen.’
Jesse knikte, en richtte snel zijn blik naar mij toe. ‘Ik denk dat je beter niet mee kan.’
‘Hoezo niet?’ vroeg ik.
‘Nou het kan gevaarlijk zijn,’
‘Jesse, laat haar toch meegaan ze kan bovendien ervaringen opdoen met onze missie.’
‘Je weet wel dat ik verantwoordelijk ben voor haar.’
‘Wel, maar kan zorgen dat er niks met haar overkomt, en bovendien was onze missie ook toen we zestien of zeventien waren.’
‘Goed dan.’ Terwijl hij zijn blik weer naar mij richtte. ‘Neem dit in ieder geval mee.’ Hij gaf me een donkerzilveren dolk, waarvan de handvat sierlijke met zwarte patronen versierd waren.
Ik wist niet waar ik de dolk kon verstoppen. Ik had een panty aan, en de dolk in mijn laars stoppen vond ik nogal te gevaarlijk en pijnlijk. Ik stopte het maar in mijn leren jas, die bij de garderobe hing.

‘Eindelijk zijn jullie er, ik dacht dat jullie nooit zouden komen.’ Ze richtte haar blik van Jesse en Mitch naar mij toe. ‘En wat doet zij hier?’ Klonk ze droog. ‘Zeg alsjeblief niet dat ze ook met ons op missie gaat?’
‘Jammer voor jou gaat ze wel mee.’
‘Het was namelijk Mitch idee, ze kon die manier meer ervaringen opdoen.’
Een zucht verliet haar mond.
‘Mijn broertje zit al in de auto te wachten,’ terwijl we in de donkere nacht op straat liepen.

Het was de andere auto waar ik instapte. Het was een zevenpersoon auto. De auto rook van binnen wel een beetje muf, maar dergelijke tijg rook het ook een beetje naar mint. Helemaal achterin zat een jongen met bruin haar. Zijn ogen leken groot door de bril die hij op had. Het was blijkbaar de broertje van Eva, aangezien ze op de stoep verteld had dat hij alvast in de auto zat te wachten. Waarschijnlijk was de auto van Mitch aangezien hij achter de deur zat. Het wachtte duurde ook nog eens paar minuten. Benjamin moest helemaal achterin op de bestemming zoeken op zijn laptop en bij een ander digitale apparaat zocht hij informatie voor onze missie.
‘Kan je het vinden?’
‘Nog niet… Nu wel. Ik weet waar we moeten zijn.’
‘Dat werd nodig tijd.’
‘Ik heb de bestemming op de navigatie geïnstalleerd. Binnen paar seconden komt het tevoorschijn.’
Ze hadden me nog niet vertelt wat voor soort missie het was.
‘Wat voor missie is het?’ vroeg ik. Eva kreunde minachtend naar mij toen ik de vraag stelde.
‘Ik hoop maar dat we weer op tijd terug komen. De hoofdkwartier zal na twaalven sluiten.’ Ik had niet eens antwoord gekregen op mijn vraag. Nu was het alleen niet wetend wachten op onze bestemming en zelf zien wat voor missie het zal zijn.



Ik kon zelf niet geloven dat we in New York zijn. De stad waar ik al heel graag heen wilde, maar we waren dit keer voor een missie. De wolkenkrabbers leken de heldere avond te verlichten. Het leek erop dat ergens in de stad een feestje was. Ik hoorde de muziek van de verte al. Hoe dichterbij we reden hoe harde de muziek klonk.
'Oké, we zijn er,' Zei Jesse. 'Uitstappen maar.'
Net toen ik ook uit de auto wilde stappen, hield Jesse me tegen.
'Jij blijft hier, kleintje.'
'En hoezo?' vroeg ik.
'De missie kan misschien gevaarlijk zijn. En er kunnen gewonden vallen, en ik wil niet dat je gewond raakt.'
'Ze kan anders wel de wacht houden,' zei Mitch.
Jesse keek Mitch aan, maar richtte zijn blik weer op mij.
'Vooruit.'

'Oke, dit is het plan,' zei Jesse. 'Eva en Mitch gaan de danszaal in. En de rest volg mij naar het bovenste verdieping.'
Ik begreep niet echt Jesse plan en uitleg, maar ik was meer voor de wacht.
We liepen het gebouw in. Het geluid van de muziek was echt heel luid te horen. Jesse had meteen een me hand vastgepakt. Ik liep met Jesse mee. Zijn hand voelde best een beetje bezweterig aan. Benjamin keek steeds om zicht heen. Was hij soms bang dat we betrapt werden? We stonden bij de lift stil. Net toen Jesse op de knop van de lift drukte hoorde ik plots een harde knal.
'Wat was dat?' vroeg Benjamin.
'Ik denk dat we fort moeten maken als we de missie willen voltooien.'
Jesse drukte nog een keer op de knop van de lift. Het duurde een paar seconde voordat de deuren van de lift opening. We gingen in de lift. Ik vond de lift meestal niks, ook al was het beter dan trap lopen.

We waren bij de laatste verdieping waar we moesten zijn. Het was daar redelijk donker. Benjamin had zijn zaklamp aan moeten doen. We liepen door smalle gangen in. Net toen de kamer in wilde waar we moesten zijn, hield Jesse me tegen. 'Verder dan hier kan je niet komen?'
' En waarom niet?' vroeg ik.
'Omdat jij de wacht gaat doen, weet je nog?'
Ooh ja, dat. Ik wilde zelf ook graag in de kamer. Ik was momenteel best wel nieuwsgierig.
'Fijn,' zei ik met een zucht.
Ik draaide me om en leunde met mijn rug tegen de muur. Ik wist zelf niet hoelaat het nu was, maar Jesse en Benjamin waren al een tijdje lang weg. Ik baalde dat ik mijn mobiel bij het hoofdkwartier achtergelaten had, dan had ik Fleur en Jasper nog kunnen appen, en dan had ik via mijn mobiel ook gezien hoelaat het was.

Ik begon me langzaam aan de hand me te vervelen. Ze waren nu echt heel lang in de kamer. Wat waren ze daar toch mee bezig? En waarom duurde het zo lang? Ik merkte dat ik langzaam aan de hand steeds moe begon te worden. Mijn oogleden begonnen steeds zwaar de te worden. Net op het moment dat mijn oogleden echt dicht gingen, schok ik ineen, omdat ik een harde knal in de kamer hoorde. Wat gebeurde er toch in de kamer? Van Jesse moest ik hier de wacht houden, maar er was toch niemand. Ik twijfelde niet langer. Ik ging gewoon de kamer in. Of Jesse het leuk vond of niet. Ik maakte de deur open, die best kraakte. De kamer van binnen zag er erg oud en stoffig uit. De kamer was redelijk donker. Ik kon gelukkig nog zien doordat het licht van de volle maan door de ramen schenen. De muren van de kamer waren van donkerblauwe behang. Ik zag verder in de kamer nog paar meubel stukken die stuk waren, een reuze teddybeer bij de boek van de kamer was een deel verwoest en leek er ook zo somber in de hoek. Ik zag verder in de kamer dat een grote deel van de vloer gebroken was. Echt een groot stuk, waardoor je een gat in de kamer zag. Als je erin viel, dan viel je vele verdiepingen naar beneden. Ik zag in de kamer paar gestalte die met Jesse en Benjamin zaten te vechten. Jesse blik was op mijn gericht.
'Wat doe jij hier? Je zou wacht staan.'
De gedaante in de zwarte mantel had me ook door. Hij draaide zich om en liep regel recht naar me toe. Ik wist niet wat ik zag. Dieven was binnen een flits van een seconde voor mijn neus. Ik kon het zelf niet omschrijven. Zijn blik in zijn ogen maakte me al bang. Hij leek ook echt een schurk met zo'n baard. Zijn groene stonden een en al keel, alsof er leegte in zat. Hij pakte mijn kil vast. Binnen een seconde stonden we bij grote gat. Jesse wilde hem tegen houden, maar hij strekte zijn hand naar hem toe, waardoor Jesse tegen de muur aan vloog. Hij richtte zijn blik weer op mij en duwde me hardnekkig tegen de grond aan dicht bij de grote gat. Hij had een kwaadaardiger grijns op zijn gezicht. Hij wilde me met alle macht me in de gat duwen, maar ik probeerde met al mijn macht dat tegen houden.

Ik voelde mijn hart te keer gaan van de angst. Ik was echt bang. Bang dat hij me ook werkelijk in de gat ging duwen. Ik probeerde me veel mogelijk tegen te trippelen, maar hij leek veel sterker te zijn. Ik wist zelf niet hoelang ik het nog vol zou houden. Net op het moment dat me verder de gat in wilde duwen zag ik bij de ooghoek Eva in de kamer. Ze leek een lichtgevende zweep te hebben. Met een slag de deel van de zweep rond de nek van de man en trok hem hardnekkig naar achter. Het gevecht was nog niet helemaal voorbij. Jesse vocht met een ander persoon in een zwart mantel. Eva was meegegaan met het gevecht! Ze was best fanatiek met haar lichtgevende zweep. Het was eerder voorbij dan ik zelf verwacht had.
'Blij dat het voorbij was,' zei Benjamin hijgend.
Eva keek me vals aan, maar richtte haar blik op Jesse. 'Wat doet zij in vredesnaam hier? Ze zou toch de wacht doen?'
'Dat dacht ik ook,' klonk Jesse een beetje boos.
Eva keek op haar mobiel, maar keek Jesse weer aan. 'Mitch heeft me net geappt. Hij wacht in de auto.'
'Dat is dan mooi, laten we weg gaan. Deze plek beviel me toch niet,' zei Jesse.
Jesse had geen enkel woord meer tegen me gezegd toen we weer naar beneden gingen. Ik had het gevoel dat hij kwaad op me was, omdat ik eigenwijs was om de kamer in te gaan.
Net toen Jesse in de auto wilde stappen pakte ik bij zijn arm vast.
'Jesse, ben je boos op me?'
'Nee, meer teleurgesteld.'
'Waarom teleurgesteld?'
'Omdat ik je gevraagd had wacht te houden.'
'Ik weet het, maar jullie waren heel lang weg,' zei ik.
'Je had dood kunnen zijn, Pearl.'
Ik voelde me een deel schuldig dat bijna mijn eigen leven rest keren. 'Ik moest van jouw oma en Hector jouw beschermen. En de missie was al te gevaarlijk voor je.'
'Maar waarom deed het eigenlijk zo lang?' vroeg ik.
'Dat vertel ik bij het hoofdkwartier wel. Stap maar in de auto we moeten nu snel mogelijk naar het hoofdkwartier.'





‘We moeten nu snel zorgen dat we voor twaalven bij de hoofdkwartier zijn.’
‘Ja, ik sta zelf niet te wachten dat we bij de gesloten deur staan. Straks moeten we ergens buiten overnachten of zelf in de auto,’ zei Eva.
‘Misschien halen we het net nog. Het is nu kwart over elf. Als we meer grasgeven zijn we er binnen een half uur er.’
‘Dat is nog te hopen.’ Terwijl Eva haar donkere haren in een knot deed.

‘Shit, dit meen je toch niet?’
‘Wat is er?’
‘We hebben een filen.’
‘Dat is best klote.’
‘Al zo laat al nog een filen? Hoe is dat ontstaan?’
‘Geen idee, maar ik het voor jullie opzoeken,’ zei Benjamin achter ons, terwijl hij zijn laptop op zijn schoot zette. Ik had de komende tijd uit het raam gestaard. Het was best jammer dat de sterren niet te zien was. De grootste deel van de lucht was onthult door bewolkte wolken, die dezelfde kleur hadden als de nacht.
‘Hey jongens, ik weet hoe komt dat er op de snelweg een filen is.’ Iedereen behalve Jesse bij de stuur had zich omgedraaid. ‘Er was dit uur een auto ongeluk geweest, waardoor de deel van de weg een soort van afgesloten is.’ Benjamin richtte zijn blik van zijn laptop naar ons. ‘Maar het goede nieuws is dat de filen niet zo lang is.’ Ik hoorde Eva naast me zuchtte.
‘Ik denk dat we het niet redden,’ zei Mitch

Mitch had zijn mobiel aan, die een soort van licht gaf door zijn scherm. ‘Het is Twaalf voor twaalf.’ Terwijl hij zijn gezicht naar ons toe richtte. ‘Het is nog ongeveer twintig minuten rijden naar het hoofd kwartier.’ ‘Dat redden we nooit in zo korte tijd,’ zei ik.
‘Jemig, dit ook weer.’ Terwijl Jesse met zijn hand op zijn hoofd liep te ijsberen. Eva wierp me nog een wantrouwige en spottende blik toe. Waarom had ze iedere keer last van? Bij de jongens deed ze dat niet.
‘Dat betekent dat we ergens buiten het centrum moeten vernachten tot morgen vroeg.’
‘Ik zat daar zelf niet op te wachten.’
‘Anders ik ook niet.’

‘Jesse gaat proberen John te bellen.’
‘Hij verspilt zijn tijd daarmee, alsof ze nog na twaalf uur ons nog kan bereiken.’
Na paar pogingen geprobeerd te hebben ze te bellen, hoorde ik Jesse iets mompelen dat op gevloek leek.
‘Er is geen bereik.’ Terwijl hij naar ons toe ging. ‘Het is beter dat we weer in de auto stappen en ergens gaan overnachten.’
‘Oké, maar ik ga dit keer weer achter het stuur.’
‘Dat is goed. De filen op de snelweg had me enorm gefrustreerd.’

Het was in de auto enorm stil. Sinds de gedoe buiten dat we bij de hoofdkwartier niet zullen redde, voelde het voor me alsof de probleem erger begon te worden. Op Jesse en Mitch na had niemand tijdens het instappen een woord tegen elkaar gezegd. Eva kon het niet laten om me een vuil blik toe te werpen. Binnen paar minuten waren we bij een soort van stad. Het leek niet echt op een wijk, aangezien ik buiten hele grote gebouwen zag en winkeltjes. Ik zag op een gegeven moment paar regendruppels, die te horen was. Het begon die nacht ook nog te regenen. Ik hoopte maar dat we droog aankwamen bij onze overnachting.

‘Ze had beter niet met onze missie kunnen gaan,’ terwijl Eva haar handen over elkaar heen
‘Als ze niet mee was geweest waren we ook op tijd naar het hoofdkwartier geweest.’ Wat? Hoe achterbaks kon ze zijn om me ook nog te beschuldigen?
‘En wat heb ik daarmee te maken?’ vroeg ik.
‘Weet niet, laat me even nadenken. Misschien kwam het dat je nieuw was en dat je om veel dingen nog moet nadenken. En dat kost ook veel tijd.’
‘Ik denk niet dat het door haar kwam,’ zei Benjamin.
‘Ooh echt niet? Hoe kwam het dan dat we wat langer op haar moesten wachten in het gebouw? Als je het mij vraag was haar aanwezigheid ook de reden dat we nu niet in de hoofdkwartier zaten.’ Terwijl Eva me nog een spottende blik gaf. ‘Je kan aan haar zien dat ze er totaal niet klaar voor is.’
‘Ja, dat klopt,’ zei ik nors. ‘Is dat soms erg?’ Ik begon langzaam aan de hand moe van haar gedrag te worden. De auto stopte al bij de eerst bij zijnde stoplicht, die op rood sprong.
‘Eigenlijk wel, anders waren we allang bij het hoofdkwartier.’ Haar spottende blik had plaats gemaakt van arrogantie, maar ook iets hatelijks. Ik voelde een kwetsende steek in me en ik twijfelde geen moment meer. Ze wilde het zo spelen? Ik maakte de deur van de auto, en deed het weer met een knal dicht, terwijl ik in de regen liep. Ik voelde de tranen in mijn ogen branden. Ook al regende het harder, ik voelde me net als het weer. Ik liet mijn tranen gewoon de vrije loop. Ik liep met tranen langs de kant van de weg. Ik wist zelf niet of het de regendruppels of mijn eigen tranen waren die langs mijn wang rolde. Het kon me op dit moment niet schelen. Mijn mascara was al sowieso doorlopen. Alles was beter dan die rot nacht, die ik met haar moest doorbrengen.
‘Pearlina, wacht!’ hoorde ik Jesse achter me zeggen, maar ik negeerde hem en liep nog steeds. Ik was heel erg moe en het enige waar ik nog naar verlangende was een zacht comfortabele bed.
‘Pearlina, alsjeblief. Ze bedoelde het vast niet kwetsend.’ Terwijl Jesse nu dicht bij me liep.
‘Het is haar anders wel gelukt.’
‘Ga alsjeblief weer in de auto zitten, mensen kijken ons vreemd aan.’
Het kon me op dit moment niet schelen dat er mensen in de auto raar uit het raam lopen te staren.
Ik negeerde zijn aanbod. Ik hoefde me niet eens om te draaien, en ik zag Jesse al voor me staan. Aan zijn gezicht was bezorgdheid te zien. Hij had mijn gezicht vol tranen al gezien. Ik bleef bevend voor hem stil staan, en de tranen liepen alweer langs mijn wangen.
‘Hey, stil maar,’ reageerde Jesse vriendelijk, terwijl hij me in zijn armen nam. ‘Huil maar niet. Ik weet hoe het voelt om de zware inwijding te doen, maar wij zijn er voor je.’ De inwijding was ook heel erg zwaar. Het was vandaag me allemaal te veel geweest. Ik wist niet of ik snikte door Jesse vriendelijke woorden of wat ik de laatste tijd allemaal moest meemaken.
‘Ik wil naar huis, Jesse.’
‘Vandaag kan het niet echt uitkomen.’ Terwijl Jesse mijn natte wangen met zijn hand afveegde.
‘Je moet er helemaal niks van aantrekken wat ze over je zegt. Eva, is nog al een moeilijk type meid. Ze kan soms uit de onverwachte hoek komen, maar ze heeft het beste voor ons. En dat meen ik echt.’ Hij omhelsde me nog eens.
‘Gaat alles wel goed met je?’ zei Mitch. Ik knikte. Hij richtte zijn blik naar Jesse.
‘Ze had last van heimwee, maar ik had haar proberen te troosten.’
‘Dat is niet erg, dat heeft iedereen wel eens.’
‘Waar gaan we eigenlijk overnachten?’ vroeg Benjamin. ‘Ergens in een goedkope hotel.’

Na de antwoord op Benjamin vraag, zweeg iedereen in de auto. Ik was doorweek nat van het weer buiten en door het gehuil had ik totaal geen zin om een gesprek te voeren. Niemand had zo te zien nog zin om ergens over te praten. Het was al heel laat, en ik ben ook heel erg moe. Ik leunde met mijn hoofd tegen de raam van de auto. Ik voelde dat mijn oogleden langzaam aan de hand zwaarder begonnen te worden. Ik kon elk moment in slaap vallen, maar dat ging niet echt, want binnen enkelen minuten stond de auto opeens stil bij een soort van een motel. ‘We zijn er,’ zei Jesse. Met een kreun wreef ik in mijn ogen. Ik stapte de auto uit. De motel voor ons zag er echt heel goedkoop en niet opgeknapt uit. Bij zulke overnachtingen had je meestal de kans dat je een ranzige en onhygiënische kamer kreeg, waar ratten waren en vlakken op de muren en vloeren. Ik wilde het daar het liefst niet over nadenken. Het is alleen nog te hopen dat we zulke kamer hadden, anders had ik echt een enorme rot nacht. Jesse en Mitch waren al bij de receptie gegaan voor de sleutels voor de motel kamer. Het liefst had ik met ze mee willen gaan, maar Jesse vond het beter dat ik bij de andere hier buiten wachtte. Ik begon het steeds kouder te krijgen, maar had was gelukkig buiten droog. Het stopte pas met regenen toen we al bij de motel geparkeerd waren.
Op dat moment zag ik Jesse met de sleutels aangelopen.
‘Meerdere persoons kamer waren blijkbaar vol, dus we moeten het doen met twee kamers.’
‘Dat wordt nog een dure nacht.’
‘Het valt misschien wel mee. De receptionist bij de balie was ook niet bepaald heel vriendelijk.’
‘Oké, twee kamers dan maar. Het is alleen nog te hopen dat we goeie kamers hebben,’ zei Eva, terwijl Mitch de sleutel in de slot draaide. Ik hoopte zelf ook voor een goede kamer die schoon was.
Mitch had de deur allang voor ons open gedaan, en wat ik in de kamer zag was niet echt heel bijzonders. De motelkamer bestond verder niet meer dan een deur die rechtstreek naar de badkamer toe leidde, een televisie die op een donkerbruine houten kast stond, een tweepersoonsbed die best heel breed was. Volgens mij kon je het driepersoons bed noemen, ook door het feit dat er drie mensen op het bed konden. Maar er was verder nog twee donkerbruine houten nachtkasjes naast de brede tweepersoons bed. De gordijnen bij het raam waren lichtgroen, waar bloementjes patronen op stonden. Ook al zag de kamer niet echt luxe uit, ik was tevreden dat we een schonen en betere kamer hadden. Benjamin ging al op het bed zitten en had de televisie al aan gedaan.
‘Maar in welke kamer gaan jullie overnachten?’ vroeg Eva, die nog steeds bij de deur opening stond.
‘We slapen hier naast.’

Ik had verder niks bij me tijdens de overnachting. De rest van mijn kleding waren nog bij het hoofdkwartier. Ik had als enige voordeel een lange topje en een dikke trui aan met panty erbij. Voor de rest moest ik het maar doen wat ik had.
Éva en Benjamin hadden hun tas met spullen wel bij zich.
Ik wilde op het bed gaan zitten om mijn schoenen uit te doen, maar Eva stond opeens voor me.
‘Hey.’ Terwijl ze recht voor me stond. ‘Ik wil me nog verontschuldigen dat ik zo bot tegen je was in de auto,’ klonk ze opeens vriendelijk. ‘En Jesse had wel een deel gelijk dat jij nog de inwijding moest doen. En ik snap dat het zwaar is. Geloof mij maar ik had vier jaar geleden hetzelfde probleem als jij.’
‘Het is al goed,’ zei ik. Ze keek me even aan.
‘Ik zie dat je niks bij je hebt. Je kan iets van mij lenen voor deze nacht. Ik heb toch te veel kleding bij me.’
‘Bedankt, dat is...’
‘Vriendelijk van me. Dat hoor soms wel vaker van mensen.’ Terwijl ze iets uit haar tast pakte. ‘Hier draag dit maar.’ Ze bood me een donkerrode nachtpon met zilveren randen eromheen. De stof van de nachtpon voelde glad aan. ‘En nog iets. Ben jij van plan om te gaan douche?’
De missie was nogal niet bepaald fris en ik had in de modder moeten lopen die nacht.
‘Ja,’ antwoorde ik maar.
‘Is het erg als ik eerst even ga? Ik ben binnen vijf minuten klaar.’
‘Nee, ga maar.’
‘Bedankt, voor een groentje ben je best een schat,’ zei ze weer vriendelijk. Benjamin zat nog steeds met aandacht naar de scherm van de tv te staren. Er was op televisie een nieuwsuitzending. Ik vond het niet echt heel interessant wat er op de nieuws was, maar ik moest nog paar minuten wachten voordat ik de badkamer in kon. Een zucht verliet me mond.
Ze was eerder klaar dan ik zelf verwacht had. Aan haar te zien had zij zich in de badkamer omgekleed, aangezien Benjamin ook nog in deze kamer was.
Ik deed de deur van de kamerdeur op slot. De badkamer was echt heel erg klein en mistig. Ik zag nu pas in de spiegel dat ik er niet uit zag. De mascara waren onder mijn ogen uitgelopen, en de formule van mijn haar was door de natte weer weg. Ik waste mijn gezicht met koud water, dat me ook wat wakkerde maakte. De mascara sporen waren op die manier gedeeltelijk verdwenen.
Wel fijn dat ik geen waterproef mascara had. Ik kleedde me uit en deed de gordijnen van de douche dicht.
De warmen douche stralen voelde fijn. Door de warmte wilde ik wel lange blijven douche, maar Benjamin moest ook nog in de badkamer. Straks was de warmen water door mij op. Ik deed de kraan van de douche weer dicht en droogde mezelf snel af. Ik had niet echt een plek waar ik mijn kleding kon laten. Ik legde mijn kleding maar bed de baddoekenleuning, en verliet de badkamer. Ik kon eindelijk in de warme zacht bed gaan liggen. De bed was niet echt zacht, maar binnen enkelen minuten zonder veel besef sliep ik.

Ik zag opeens een gestalte voor me, die heel boos leek. Het leek alsof die man met zijn zwaard me iets aan wilde doen. Op het moment dat hij zijn zwaard naar me neer wilde boren, werd ik opeens wakker. De kamer zag er dit keer donker uit. De lichten van de kamer waren ook uit. Ik hoorde Benjamin naast me zelf snurken. Ik wist niet hoe laat het nu was, maar ik draaide me met mij zei in bed. De man kwam me best bekend voor. Het was ook één van mijn voor vaderen. Het was al de zoveelste keer dat ik over mijn voorouders droomde. Ik wist niet hoe laat het nu was, maar ik probeerde weer in slaap te komen, ook al lukt dat niet echt omdat iemand naast zat te snurken.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen