‘Jesse? Wat doe jij hier.’ Terwijl hij voor het huis wachtte.
‘Ik ben gekomen om je weer op te halen. Je hoef dit keer je spullen niet mee te nemen, want het wordt een opdracht dicht bij de buurt.’
‘Maar ik ben nog niet helemaal klaar met de inwijding.’
‘En dat geef ook helemaal niks. Jij hoef niks ingewikkelds te doen.’ Terwijl de deur van de auto voor me open maakte.
‘Waar gaan we dan heen?’ vroeg ik voor de zekerheid.
‘Naar Salem, dat licht dicht bij de buurt. De andere zullen daar op ons wachtte.’
Salem had ik wel eerder gehoord van mijn grootmoeder. De stad stond bekend van heksenvervolging eeuwen geleden, maar ik had ook ooit gehoord dat daar heksen leefden.

Ik keek snel naar mijn mobiel. Ik had een bericht van Colin gekregen.

We zaten ergens in het park van Salem. ‘En wat is het plan?’ vroeg ik.
‘Dat is heel simpel. Er is hier ergens in de buurt een heksenkring, die slechte plannen heeft.

‘De team van het hoofdkwartier kan elk moment hier komen. Zij kunnen jou wel beter uitleggen over het plan.’

‘De heksenkring heeft nogal slechte plannen, die ze willen uitvoeren.’
‘En hoe kwamen jullie aan die informatie?’ vroeg ik.
‘Nou, één van ons had de komende dagen bij de heksenkring hun proberen te bespioneren. En geloof het of niet, maar ze hebben echt heel wrede plannen dat ze willen uitvoeren.’
‘Ik had zelf van ze gehoord dat ze sommige mensen levend willen vergrijzelen. Ik weet zelf niet wat ze met ze plan zijn, maar het voelde niet goed.
‘Kijk, daar heb je ze al!’ riep Benjamin wat luidruchtig uit. Ik zag ergens bij de overkant van de straat een donkerblauwe busje voor een soort van souvenirwinkeltje stil staan. Benjamin had gelijk ook nog. Er kwamen paar mensen uit het buisje, waarvan sommige me best bekend voor kwamen. Meneer John had zoals altijd een zwarte pak aan.

‘Goedendag, jongelui.’
‘En wat is het plan?’ vroeg ik aan John. John keek me vriendelijk aan.
‘De plan is heel duidelijk. Je hebt vast van ze te horen gekregen dat één van hun de komende dagen de heksen kring gespioneerd hadden.’ Hij kuchten en ging weer verder. ‘Het plan zal heel duidelijk zijn. Een van jullie gaan weer doen alsof die lid is van de heksenkring, maar we pakken het dit keer wel iets anders. Ons volgende plan is, namelijk: Dat er een gijzeling in het spel komt, die door die zogenaamde lid ontvoerd is.’ Zijn blik ging van mij naar Benjamin en Mitch ‘Maar er zal nog een spion in het spel komen, die geen lid is van de heksenkring, die moet de geheime bron vinden, die ze ergens in het gebouw verborgen hebben. Misschien is het handig als er twee naar de geheime bron gaan zoeken. Dat lijkt me misschien wel het veiligste,’ voegde John er nog aan toe.
‘Ik ga dit keer niet. Ik had lang om met handboeien aan om een paal gestaan.’
‘Dat was ruim twee jaar geleden.’
‘En bovendien komt een gijzeling tijdens ons missie bijna nauwelijks voor.’
‘Dit keer wordt het geen handboeien zoals twee jaar geleden,’ zei John. ‘Degene wordt met touw om zich heen vastgebonden, en voor de komende tijd in een zak gezet, die meestal ook gebruikt wordt als iemand overleden is.’
‘Oké, nu klink dat best te erg voor woorden,’ zei Eva
‘Dat kan, maar het valt eigenlijk best mee.’
‘Misschien kan Pearl wel als gijzeling,’ zei Benjamin.
‘Ik ben bang dat het niet snel kan. Ik was het jullie nog vergeten te zeggen, maar de leden van de heksenkring verheugen zich namelijk op een heksenjager. Het liefst iemand met meer ervaringen. Eva is op dat gebied nog onbekend voor ze.’
‘Ik ga wel,’ zei Eva vastbesloten.
‘Weet je het zeker? Net vond je het nog al erg.’
‘Ik kan het wel aan.’
‘Dat is mooi, want nog iemand gaat mee helpen om Eva in het gebouw op te tillen. Dat is natuurlijk een van de mannen bij het busje. Jullie hebben jullie handen al vol met andere taken.’
‘Ze heeft ook nog iets nodig om haar mond te snoeren,’ zei één van de mannen, die als inbreken had kunnen spelen door de zwarte kleding en de muts op zijn hoofd.’
Eva deed snel haar haren in een los gedraaide knot, en liet haar handen op haar zij glijden. De man pakte haar polsen, en bond ze achter haar rug aan elkaar vast. Na een gegeven moment begon hij de bovenkant Van haar armen tot en met de buik en de rug van haar lichaam vast te binden. Een andere man begon met haar boven benen tegen elkaar vast te binnen. Na een gegeven moment had de man, die haar boven lichaam deed een rode doek van meneer John gekregen. Hij bond de rode doek op haar mond vast, als middel om haar mond te snoeren. Ze ging op de witte zak zitten, die de man haar bevolen had. De andere man ging nog haar enkels met touwen tegen elkaar vastbinden. De witte zak ging voor een gedeeltelijk dicht. Ik was zo met aandacht de mannen gericht hoe ze Eva vastbonden, dat ik niet eens door had dat Mitch zich in de tussentijd al Vermont had. Hij zag er uit als iemand van steampunk. Hij had een donkerbruine jas aan, met gouden knopen erin. De broek was zwart, maar zakelijk en verder had hij een soort van glas voor zijn ogen, met een gouden rand erom heen. Hij liep al naar de zak toe om samen met één van de mannen Eva op te tillen.
‘Maar wie gaat er dan stiekem in de gebouwen heen om de geheime bron te pakken?’ vroeg ik.
‘Jij gaat dat samen met Jesse dat doen.’
‘En wat gaat Benjamin dan doen?’
‘Hij gaat via de schermbeelden in de busje, jullie in de gaten houden, en jullie krijgen nog microfoontjes in jullie oren, zodat we met jullie kunnen communiceren.

‘Tijdens jullie missie krijg Eva nog een mes verborgen bij zich. Met dat mes moet ze proberen zich los te maken, en Mitch jij moet de komende tijd de leden van de heksenkring afleiden.’
Het begon langzaam aan de hand donker te worden. We hadden nog paar minuten in het park moeten wachten voordat ze in het gebouw aangekomen waren.
‘Ik denk dat het nu wel tijd is om te gaan,’ zei Benjamin, die zijn blik van het scherm naar ons staarde. ‘Ergens bij de andere gebouw komt bijna niemand, en is gesloten terrein. Eigenlijk verlaten. Het goede nieuws is dat de gebouw naast de gebouw waar de heksenkring bezig is. Jullie kunnen via de dak naar de andere gebouw inbreken.’
‘Is er geen andere weg naar binnen.’
‘Nee, niet dat ik weet, en als er toch een andere opening binnen is dan was het te riskant geweest.’
Ik hoorde Jesse naast me zuchtte. ‘Neem deze maar mee.’ Terwijl Benjamin hem de ijzeren tang gaf. ‘Het kan misschien handig zijn tijden het inbreken.’

Het was al bijna donker toen we uit het busje gingen.

Jesse bij de stoep veel sneller dan ik verwacht had. Waarom had hij zo een haas? Het was nog ergens om de hoek van de straat bij een steegje die dood liep. Er was daar nog een container die stonk. Ik zag een ijzeren deur van, dat het wel moest zijn.
‘Gaan ze iets met Eva doen?’ kwam er opeen.
Jesse richtte zijn blik naar mij toe. ‘Nee, hoe kom je daar bij?’
Ik hield mijn schouders op. ‘Ook al is ze vastgebonden, ze heeft een mes bij zich, en ze beschikt tot veel vecht technieken.’

Hij ging weer verder met de ijzeren tang bij de deur trekken. Het duurde enkelen minuten totdat de deur open ging. Het was binnen echt heel erg donker, maar Jesse had gelukkig nog zijn zaklamp bij zich, want helemaal in een donkere ruimte weiger ik. Ik was bang voor oude en donkere verlaten gebouwen. Ook al had Jesse een zaklamp, ik vond het nog steeds eng. Ik keek om me heen, en zag vlekken op de muren. Spinnen en spinnenwebben en ik zag ergens nog een rat op de vloer lopen van een afstand. Dit gebouw was waarschijnlijk een restaurant geweest. Ik kon het zien aan de tegels aan de muren, maar er was ook nog een aanrecht en een fornuis die heel lang niet meer gebruik was. Er was een soort van rijk van schimmel op de fornuis ontstaan. Jesse maakte de klap deur voor me open. Ik had waarschijnlijk toch gelijk dat dit vroeger een restaurant was. Er lagen overal stoelen en tafels, die overhoop waren. De behang was voor een grootte gedeelde van de muur gescheurd.
Of ik vergiste me, want ergens was er nog een lobby en een trap naar boven. De trap was zelf heel erg stoffig. Het was veel treden lopen, en ik werd beetje langzaam aan de hand wel een beetje moe van veel trappen lopen. Jesse liep veel snelle de trap op. Hoe kon hij het nog volhouden? Had hij soms een goede conditie? Ik wist zelf niet welke verdiepping we nu bevonden, maar het waren een stuk of negen trappen die we moesten lopen. Hijgend leunde ik tegen de muur van de laatste verdieping. Ik moest echt iets doen met mijn conditie. Jesse was nog steeds bezig met de deur opentrekken, maar dat lukte niet helemaal dan hij verwacht had, maar naar een ogenblik hoorde we de klik van de deur, en de deur ging open. We stonden nu op de dak van het gebouw. Het vrij hoog dan ik verwacht had. Ik had gelukkig geen last van hoogtevrees. De uitzicht van Salem was best mooi. Ik kon de grootse deel van de stad zien. Ik kon zelf de park waar we eerst waren zien. Jesse richtte zijn naar mij toe. ‘De gebouw is langs de schuine dak.’
Ik keek laag voor me. De dak zag er echt schuim en smal uit. Het was alleen te hopen of we veilig bij de overkant kwamen. Met een zucht liep ik achter Jesse aan. Het was waarschijnlijk een kwestie van balans, en ik moest proberen niet omlaag te kijken. Voorzichtig zet ik de eerste stap op de smalle bovenkant van de schuine dak. Het was niet heel smal. Het scheelde tien centimeters. Met weide armen liep ik voorzichtig. Jesse al ver voor me. Na een gegeven moment stond hij al met zijn vonden bij de platte dak van het gebouw waar we moesten zijn. Hij keek me aan, en had een geruststellende blik in zijn gezicht. ‘Gewoon rustig lopen dan kom je van zelf wel.’
Hij kon makkelijk praten hij was er al. Mijn armen trillen en ik voelde de adrenaline in mijn lichaam stromen. Ook al was het avond ik voelde zelf de avond bries op mijn huid. Jesse zo vriendelijk geweest om me een hand te geven toen ik er eindelijk was. Ik pakte zijn hand vast, en sprong er van af. Het was me gelukt zonder naar beneden te kijken of te vallen. Opeens hoorde ik geruist bij de microfoon. ‘Jongens, hoorde jullie me?’ hoorde ik Benjamin stem uit de Microfoon.
‘We zijn al op de dak,’ antwoorde Jesse.’
‘Dat is mooi, Mitch is al pas in het bijeenkomst.’
We hoeven alleen nog de deur in te breken van het gebouw waar de heksenkring bevond.

We liepen nu lang een grote bibliotheek. We hadden gelukkig niemand meer gezien. Ik keek rond om me heen. De boekenkasten waren echt heel hoog. Het was wel minstent tien meter lang.
‘Waarom hebben ze zoveel boeken?’ vroeg ik aan hem.
‘De meeste van de boeken zijn documenten uit de eeuwen heen. Ik weet zelf ook niet waarom ze er zoveel hebben, meneer John vertelde me Dat er bepaalde boeken zaten dat daar verborgen geheimen en waarheden onthult.’
‘Dat klinkt… Nogal… Mysterieus.’
‘Dat kan je vinden. We moeten die hoek om.’
Ik had Jesse moeten volgen, maar ik zag schuin voor me een boek die heel erg opviel. Ik had het gevoel dat die boek niet van hier was. mijn oog was nog steeds op het boek gevallen. Ik wilde met mijn vingers strelen aan de dikke leren kaft, maar opeens kwam er een golf of flits wat het ook was, waardoor ik naar achter deinsde. Ik had geluk dat Jesse achter me stond om me op te vangen.
‘Wat ben je nu mee bezig?’
Ik draaide me naar Jesse toe die niet al te blij leek. ‘Ik…ik dacht dat ik iets zag.’ Hij richtte zijn blik naar de dikke boek. ‘Hoe komen ze aan dit boek?’
Ik hield mijn schouders op. ‘Dit boeker hoorde ze niet te hebben,’ zei hij, terwijl hij de boek van de boekenplank vast pakte. ‘Kan deze boek toevallig in jouw tas?’ Ik knikte. ‘Kom we moeten nu gaan, we hebben niet heel veel tijd.’
We liepen al door de doolhof van boeken Door.

De gang in het gebouw was best wel smal, totdat we de hoek in kwamen. Het was best ongemakkelijk in de donkere gangen van het gebouw te lopen. En wel een gebouw waar een kwaadaardige heksenkring gehouden werd. Shit. Net toen we in de gangen van het gebouw niemand zag aankomen, kwamen er twee mannen naar ons toe gelopen. Het waren vast bewakers, aan hun kleren te zien. ‘Shit, we zijn betrapt,’ fluisterde ik zachtjes tegen Jesse. Hij zei niks terug. Het enige wat hij deed was mij naar achter trekken, en ging al snel in een vechtverdediging. Ik zat toe te kijken hoe hij tegen die twee mannen vocht. Ik had het zelf niet verwacht met twee tegen één, maar hij kon het best goed.
De ene was al op de grond gesneuveld. Het was nu nog één te gaan. Op een gegeven moment ging er iets mis. De man greep zijn arm van achter en duwde hem tegen de muur. Hij kon moeilijk zich los wringen van de muur en de man. Ik moest iets doen. We konden ons tijd niet verliezen, en ik zag op de grond de tang die hij ook gebruikte om in het gebouw in te breken. Zonder te aarzelen pakte ik de tang van de grond. De man had het nog steeds niet door, en met alle kracht sloeg ik keihard tegen de kruis van de man aan, waardoor hij met een pijnlijke kreun op de grond viel.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen