Foto bij 107 - Emmeline

Ik word wakker door een kreet die meteen al mijn alarmbellen doet rinkelen.
Zonder er over na te denken schiet ik overeind, en kijk ik onmiddellijk in de geschokte en verbaasde gezichten van minstens drie kamermeisjes en twee wachten.
Ook Lucien is wakker, en we zitten naast elkaar in het grote bed. Ik zou zweren dat ik zijn hersenen hoor kraken, en hij moet de mijne ook kunnen horen. Hoe gaan we ons hier in hemelsnaam onderuit praten?
"Não é o que parece..," weet ik nog in mijn beste Portugees uit te brengen. Maar we weten allemaal dat hun eerste instinct, de eerste gedachte toen ze ons zo zagen liggen, het juiste was.
      "Het spijt ons," zegt Lucien, na het aanhoren van de preek van de Portugese koning. Hij en zijn vrouw zitten voor ons, nadat ze vanzelfsprekend binnen enkele minuten op de hoogte waren gebracht van de gebeurtenis in Lucien's vertrekken.
"Hebben jullie enig idee wat een chaos dit zou kunnen veroorzaken?" Ik kan zweren dat de man zou kunnen ontploffen, maar dat hij zich zo professioneel mogelijk probeert voor te doen. "We hebben alle getuigen gevraagd het binnen de kasteelmuren te houden, maar jullie weten net zo goed als wij dat dat niet zo makkelijk is in een samenleving als deze.."
"Dat weten we, en het spijt ons. Het was niet de bedoeling dat..."
"Wat was dan wél de bedoeling, kroonprins Lucien?" hij zucht. "Vertel me in Godsnaam waarom jullie door een bediende in bed aangetroffen werden!"
In een poging om de hoeveelheid testosteron te laten zakken in de ruimte trek ik mijn mond open. "Hoogheid, prins Lucien en ik -" midden in mijn zin heft de man zijn hand, om me te gebaren stil te zijn. Ik voel me met stomheid geslagen en ik voel mijn mond bijna openvallen. Even overweeg ik mijn zin alsnog af te maken, maar daarmee riskeer ik te veel.
Ook Lucien ziet het gebeuren, maar hij is nog rustig genoeg om er geen stennis over te schoppen. Heel even zie ik zijn hand naar de mijne reiken, maar we besluiten allebei dat dat een slecht idee is.
"Emma en ik...," ik zie dat hij naar de woorden moet zoeken. "Prinses Emmeline en ik zijn geliefden. Er ligt een verzoek tot verloving bij het Vaticaan, maar dat laat op zich wachten. We proberen onze relatie zo veel mogelijk te verbergen van de buitenwereld, maar.."
De koning slaat een lach uit. "Geliefden? Ik wist dat het Franse rijk heel wat verborgen gebreken had, maar dit..."
We beseffen allebei hoe erg we de vereniging van Frankrijk en Portugal in gevaar brengen door dit met de koning te delen, maar als we het niet doen kunnen we nog meer verdoemenis verwachten.
"En het ligt bij het Vaticaan, zei je?" Lucien knikt, en nogmaals reikt hij naar mijn hand, waarna hij die vasthoudt.
"Onze ouders zijn op de hoogte, maar zonder goedkeuring van het Vaticaan kunnen we niet in de openbaarheid treden. En natuurlijk hebben we een fout gemaakt door hier over niets met u te delen, maar.."
De man wuift het weg.
"Ik had het kunnen weten.. Over de doden niets dan goeds, prins Lucien, maar je broer was een nietsnut."

De verbazing over ons gesprek met de koning blijft hangen, zelfs al zijn we terug in Lucien's vertrekken.
De koning beloofde ons zijn best te doen om alle geruchten de kop in te drukken, en gaf alle getuigen een opslag om hun mond te houden. Een kleine, dan wel, maar genoeg om hun gezin van te onderhouden.
"Ik kan niet geloven dat het zo gelopen is..," mompel ik, terwijl Lucien me een glas wijn inschenkt. Zelf drinkt hij whisky, speciaal voor hem geïmporteerd uit Frankrijk. Enkel het beste voor de dauphin.
"Ik was er van overtuigd dat hij ons met onthoofding zou bedreigen als zoiets nog een keer zou gebeuren..," hij overhandigt me het kristallen glas en neemt plaats op de roodfluwelen stoel tegenover me.
"Toen hij me tot stilte dwong.. ik moest me inhouden om hem niet aan te vliegen. Ik dacht dat hij me naar huis zou sturen, zonder jou."
"Dat had ik niet laten gebeuren, Em," hij glimlacht en knipoogt naar me. Het zorgt voor een lading vlinders in mijn buik waar je U tegen zegt. "Koning of niet."
Ik neem een slok van de wijn, die gevuld is met vruchtjes en suiker. Hij is lekkerder dan alle andere dingen die ik in mijn leven geproefd heb, maar ik weet niet of dat enkel door de ingrediënten komt of door het gevoel dat het me geeft. Vrijheid, geluk, liefde.
Oke, we kunnen nog niet hand in hand door de paleistuinen lopen, maar het maakt me even optimistisch.
Ondertussen kijk ik naar de jurk die ik meekreeg van mijn naaisters, en die nu aan Lucien's kamerscherm hangt. Morgen begint er al vroeg een van de vele festiviteiten van de komende tijd.
Schotten in het zuiden hoorden van de aankomst van hun prinses in Portugal, en de koning besloot daarvan gebruik te maken. Rijke nobelmannen en iedereen die ook maar iets betekent en Schots bloed heeft is uitgenodigd, en komen van heinde en verre. Er zal worden gegeten, gedronken en gedanst, maar het is vooral een mogelijkheid voor de Portugezen om handel te drijven. Schotland mag dan klein zijn, we hebben veel invloed in Noordelijk Europa en zijn een nuttige handelspartner.
Ik ben nerveus, en niet zo'n beetje ook. Heel Schotland is op de hoogte van het overlijden van mijn echtgenoot, en mijn zogenaamde onvruchtbaarheid.
Mijn ouders hebben me niet verteld hoe er thuis naar me gekeken wordt, maar ik weet bijna zeker dat iedereen me een landsverrader vindt. Ik heb niet gezorgd voor een sterke band tussen onze landen, en ben niet teruggekeerd na het verliezen van mijn Franse echtgenoot.
"Nu doe jij het..," Lucien zet zijn lege glas op het tafeltje naast zijn stoel en kijkt me licht glimlachend aan, een vleug bezorgdheid op zijn gezicht.
"Hmm?" ik zet het glas nogmaals aan mijn lippen en laat de zoete smaak op me inwerken.
"Doemdenken. Je maakt je te veel zorgen, Em."

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen