Foto bij Hoofdstuk 16

De volgende dag kwam zonder problemen en ook de rest van de dag ging gestaag voort. In de verre omtrek was er niemand te zien, maar ze vond het niet erg om zo op zichzelf aangewezen te zijn. Haar reisgenoten waren zo slecht nog niet. Devan was aardig en nam de socialisatie meestal op zich terwijl Rowan zich over haar kaart of de grote kaart boog. Af en toe had ze Faraj’s hulp nodig, en hij legde haar geduldig uit wat een teken of een letter betekende.
      Waar Devan open was over haar ervaringen, was Faraj vaak stil, zelfs tegenover Devan. Ze leek niet tot hem door te kunnen dringen en dat zat haar dwars. Ze wist dat hij hier was voor zijn vader en dat had de ontmoeting met de zeemeerminnen alleen maar bevestigd. Iets in hem moest hopen dat ze Cowell tegenkwamen, terwijl Rowan dat probeerde te voorkomen. Ze wist ook bijna zeker dat Devan daar hetzelfde over dacht. Een gevecht tegen hem en zijn complete crew zouden ze niet overleven. Ze zouden geen enkele kans staan.

      “Het is nog een paar dagen varen voordat we een beslissing moeten nemen,” zei Faraj bij het avondeten. “De piratenwateren of het dodenrif.”
      “Het dodenrif?” vroeg Devan.
      “Het is een rif waar veel schepen tegen de kliffen slaan of doorklieft worden door de scherpe rotsen,” legde Faraj uit. “Daarnaast zegt men dat het daar spookt.”
      “Spookt?” Devan lachte. “Zeemeerminnen wil ik nog wel geloven, maar spoken?” Ze schudde haar hoofd. “Nee.”
      “Je geloofde ook dat ik een Selkie was,” opperde Rowan.
      “Goed punt.”
      Faraj was de enige die niet lachte. “Ik geloof in spoken, en ik geloof ook dat ik ze liever niet tegenkom. Bovendien hebben we een excellente stuurman nodig als we überhaupt langs het dodenrif willen komen.”
      “Of stuurvrouw.”
      Rowan zuchtte. "Wat voor keuze hebben we? Het is het dodenrif of de piraten."
      "Piraten die we het liefst willen vermijden," voegde Devan toe.
      Zelfs Faraj knikte. "Maar geesten vermijd ik ook liever," zei hij. "En tegen de rotsen slaan..." Hij zuchtte. "Zelfde verhaal."
      "Hé," Devan fronste. "Dat laat ik niet gebeuren!"
      "Je hebt geen idee hoe gevaarlijk het is," riep hij uit. "Hoeveel schepen daar zijn gecrasht."
      Devan rolde haar ogen. "En hoe groot waren die schepen?"
      "Ik... Handelsschepen."
      "Groter dan De Selkie, toch? Veel groter?"
      "Ja."
      Devan grijnsde."Dan moet het lukken."
      Faraj keek naar de grond met een blos. "Sorry."
      "Oh." Devan's grijns verdween en maakte plaats voor een voorzichtige glimlach. "Bedankt."
      "Ik denk niet dat je het niet kan, Devan," zei ik. "Ik - ik maakte me zorgen."
      "Om onze levens?"
      "Om jou."
      Devan zuchtte even.
      "Ik geef om je, Devan."
      "En ik geef om jou, maar vertrouw op me. Ik doe dit al sinds ik oud genoeg ben om het roer aan aan te raken."
      "Oké." Faraj knikte. "Ik vertrouw je."
      "Dus," zei Rowan langzaam, "we gaan langs het dodenrif?"
      "Ja."
      Faraj keek even naar Devan voor hij antwoordde. "Ja."
      "Goed."
      Rowan moest toegeven dat ze nerveus was. Devan had tot nu toe een goede en zelfverzekerde stuurvrouw gebleken, maar ze had nog niet echt een kans gehad om zichzelf te bewijzen. Die kans zou nu komen.

Als ze zo goed was als Finnian was er geen probleem. Ze wist zeker dat Finnian zich door het rif zou kunnen werken en ze had geen reden om te denken dat het anders zou zijn voor zijn dochter. Nee, ze moest haar vertrouwen. Het was niet alsof ze een andere keuze had.
Het was twee dagen varen naar het dodenrif, twee rustige dagen, zo rustig dat ze bijna begon te wennen aan de luchtige gesprekken en de manier waarop de boot gestaag voort dobberde. Er zou snel een einde aan die rust komen.
      "Het is hier."
      Faraj wees naar een plek in de verte en Rowan kneep haar ogen. "Ik zie niets."
      "Dat is het dus," zei hij. "De meeste mensen weten niet eens dat het hier is. Bijna alle rotsen liggen onder water, en hoe dieper je boot, hoe groter het risico."
      "Dat geeft ons nog een ander voordeel."
      "Dat klopt." Faraj glimlachte. "Misschien is het niet zo hopeloos als ik vreesde."

Reacties (3)

  • Croweater

    Uploaden maar weerrrr c:

    2 jaar geleden
  • Helvar

    Zie ik daar wat opbloeien? ^^

    2 jaar geleden
  • Scribe

    Spannend!

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen