Foto bij H62: Wazige wereld ~ Nick

“Wel, ga je nog wat doen? Vosje?” zei Yoko snerend en ik trok haar hoofd naar achter door aan haar haren te trekken. “Waarom doe je dit alles”, siste ik boos en opeens sloeg ze haar hoofd naar achter om mij te proberen te verwonden met haar hoorns. “En jij bent zo idioot om te denken dat ik dat ga zeggen”, antwoordde ze lachend. Ik maakte weer een snee in haar rug en ze krijste. We waren zo al een tijdje bezig, maar ze liet niets los. “Zeg verdomme waarom je dit alles doet!” riep ik tegen haar en opeens hoorde ik iemand kokhalzen.

Zowel Yoko als ik keken om en ik trok grote ogen. Khana stond tegen een boom geleund, kijkend naar alle lichamen die ik had neergeschoten. Ze zag er maar bleek uit en doordat ik afgeleid was, wist Yoko zich los te wrikken. Ze sloeg haar vleugels uit en sloeg er stevig mee, waardoor ik naar achter werd geblazen. “Jullie zijn nog niet van ons af!” riep ze boos en met enkele vleugelslagen was ze al hoog in de lucht. Ik keek haar na en net als ik haar wil volgen, hoor ik Khana zeggen: “Nick, was het echt nodig om die mensen te doden?” Ik draaide me om en keek haar aan. Ze duwde zich los van de boom en kwam naar me toe gewandeld. Ik antwoordde niet en keek in plaats daarvan naar de lijken. Ik had nog niet beseft dat het er zoveel waren…

“Je bent gewond”, hoorde ik Khana toen van vrij dichtbij zeggen. Ik draaide me om en keek even naar mijn linkerarm met de snee. Het bloed liep in dunne stralen langs mijn arm naar beneden en het enige dat ik kon doen was ernaar kijken. Het leek nu alsof heel de wereld irreëel was. “Nick?” hoorde ik Khana vragen en ik voelde haar hand op mijn schouder. Ik reageerde niet en keek naar het bloed dat op de grond viel. Toen voelde ik ook druppels op me vallen en ik realiseerde me dat het terug begon te regenen. De hand op mijn schouder begon me te duwen en ik ging maar mee.

Ik knipperde met mijn ogen en keek om me heen. Ik werkte mezelf overeind en merkte dat ik gewoon op mijn matras lag bij Miyuki. “W… wat?” mompelde ik verward en de deur ging open. “Ah, je bent wakker”, hoorde ik iemand zeggen en ik keek op. Khana glimlachte zwak en met een EHBO-koffertje kwam ze naast me zitten. “Je bent ongeveer een dag van de wereld geweest. Je volgde nog en zo, maar… je reageerde niet meer. Ik heb je naar het hotel teruggebracht en daarna je koffers gepakt, om terug naar hier te komen”, vertelde ze en ze pakte ondertussen allerlei spullen uit het koffertje. “Ow…”, reageerde ik enkel, nog steeds wat verward. “Mag ik je arm?” vroeg ze toen opeens en ik fronste, om dan naar mijn arm te kijken. Toen besefte ik pas dat mijn arm in een windel zat en dat de spullen die Khana vast had, windels waren.

“Klaar”, zei Khana na een tijdje. “Bedankt”, mompelde ik en ik zuchtte even. “Je bent precies nog altijd niet helemaal terug”, zei ze dan en ik grimaste. “Inderdaad”, zei ik en ze ruimde alles terug op. “Trouwens, ik moest van ene David zeggen dat je de afspraak op 23 juni niet moest vergeten”, zei ze toen nog en ik keek op. Ik greep haar arm vast en vroeg: “David? David Smith?” Khana fronste, maar knikte toen en er verscheen een glimlach op mijn gezicht.

Reacties (1)

  • Kaffaljidhmah

    David Smith... wat heb jij weer afgesproken:S

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen

Add Your Banner Here