Foto bij H.114.

Het laatste stuk van het vorige hoofdstuk:
‘Gioa, is er iets aan de ha-’ begint hij, maar met trillende stem kap ik hem af.
‘Evan,’ zeg ik en werp hem een vluchtige blik toe, maar ik kijk weer weg omdat ik het niet aankan om alle emoties in zijn ogen te lezen. ‘We moeten praten.’

Hij gaat ongemakkelijk verzitten. Ik kan haast zien hoe zijn buik samentrekt. Hij legt een hand op mijn rug en ik krimp ineen onder zijn aanraking.
‘Wat is er?’ vraagt hij zacht.
‘Evan, ik...’ begin ik, maar ik stik voor een moment in mijn woorden. Ik begraaf voor een moment mijn gezicht in mijn handen, alsof ik aan alles kan ontspannen. ‘Dexter... mijn moeder heeft Dexter vermoord.’
Ik durf niet op te kijken. Dat hoef ik ook niet eens. Ik weet al dat in zijn blik te zien is dat hij pijn heeft.
‘Ja,’ mompelt hij. ‘Ja, dat weet ik.’
‘En er zitten sneeën in je armen omdat ze een ruit kapot heeft geschoten, verdomme.’ Het komt er net te fel uit, maar misschien is dat ook wel nodig.
Evan knikt. ‘Dat is me toevallig niet ontgaan,’ zegt hij droogjes. Zijn taalgebruik verandert altijd zo wanneer hij nerveus is.
‘En dat heeft mijn moeder gedaan.’ Ik weet niet of het een goed teken is dat ik dat gewoon kan zeggen zonder de woorden in mijn keel te voelen branden als alcohol.
‘Gioa, wat is je punt?’ kapt hij mijn pleidooi af, alsof hij al aan voelt komen dat het gaat leiden tot een ontzettend zelfdestructieve uitspraak.
Ik weet ergens de moed vandaan te halen om hem aan te kijken en dat vol te blijven houden. Het lukt me zelfs om onze blikken in elkaar gehaakt te houden wanneer ik zeg: ‘Evan, waarom haat je me niet?’
En dan wend ik toch mijn blik af, omdat ik gewoon aan hem kan zien hoe die paar woorden alles binnenin hem kapotmaakt, als posters die van de muur worden getrokken, als vazen die tegen de muur worden gesmeten, deuren die uit de scharnieren worden getrokken - als het huis waar ik jarenlang in heb geleefd.
‘Het is niet jouw schuld. Niks daarvan is jouw schuld,’ zegt hij.
‘Als ik je gewoon op afstand had gehouden zoals ik had moeten doen, was dat niet gebeurd,’ kaats ik terug.
Hij balt zijn handen tot vuisten, maar ze trillen nog altijd.
‘Nee, als jij je op afstand had gehouden...’ begint hij, net iets te hard, waardoor ik ineenkrimp. Hij haalt even een paar keer diep adem en probeert het dan opnieuw, deze keer zachter dan eerst. ‘Als jij je op afstand had gehouden, had ik nog steeds alleen in dit huis gezeten zonder te weten wat ik in godsnaam zou moeten doen met mijn leven.’
Ik schud mijn hoofd. ‘Je zou veilig zijn.’
Hij kijkt even geïrriteerd weg. Het is bijna idioot dat ik bang ben dat hij een uitbarsting zou krijgen. Evan zou me nooit iets aandoen.
‘Ik ben veilig. Je vader is opgesloten. Hetzelfde geld voor je moeder.’
Bijna woedend kijk ik hem aan.
‘Evan, begrijp het dan!’ roep ik uit en dan pas merk ik dat het niet anders kan dat James aan het meeluisteren is. Als ik opkijk, zie ik dat hij een belabberde poging heeft gedaan zichzelf te verstoppen. Zijn schouder kan ik nog zien vanuit het raam. Wat zachter praat ik verder. ‘Het zijn niet alleen mijn ouders. Ik heb iemand vermoord. Ik heb drugs verhandeld. Ik heb een hele hoop vijanden. Evan, hou op met die bullshit over “veilig”.’
En heel snel kijk ik weer weg, totdat hij mijn hoofd in zijn handen pakt, waar ik me soms zo klein in voel.
'Gioa, ik ben daar niet bang voor. Ik ben niet bang dat ons iets zal overkomen. Daar zorg ik wel voor. Dat laat ik niet gebeuren,' belooft hij me.
Net op het randje van acceptabel subtiel haal ik zijn handen weg van mijn wangen.
'Niet te geloven,' zeg ik dan. 'Ik heb net tegen je geschreeuwd, je eraan herinnert hoeveel gevaar je loopt en je haat me nog steeds niet.' Het klinkt eerder als een verwijt dan een besef. Zo klinkt mijn moeder. Zij heeft het zeldzame talent om complimenten in beledigingen te veranderen.
'Ik haat je niet. Nee. Gewoon niet. Ik hou van je. Ze zeggen dat de grens tussen liefde en haat heel klein is, maar dat is onzin. Dat heb ik net besloten. Vanaf nu is het onzin.' Het klinkt half als een grapje en misschien is het wel zo bedoelt, maar geen van beiden zijn we in een erg grappige bui.
Ik wil van alles zeggen. Ik wil zeggen dat ik ook van hem hou. Ik wil zeggen dat ik het niet begrijp. Ik wil zeggen dat ik me al die tijd al afvraag hoe hij kan houden van iemand die niet eens van zichzelf houdt. Ik wil zeggen dat het idioot is dat hij me niet wegstuurt. En ik wil zeggen hoeveel pijn het doet om mijn hoofd boven water te houden, om te blijven ademen wanneer alles zo verpletterend zwaar aanvoelt. Maar ik zeg geen van die dingen.
'Ik moet nadenken.' En met die woorden sta ik op, waarna Evan dat meteen ook doet. Hij steekt zijn hand naar me uit, maar die duw ik weg. 'Ik ga even lopen. James blijft vast wel in de buurt.'
'Gioa, ik weet niet of het wel een goed idee is dat je...' Hij maakt zijn zin niet af, deels omdat hij niet weet hoe hij het moet verwoorden en deels door mijn felle blik.
'Evan,' begin ik met trillende stem, die verraadt dat ik, zodra hij me niet meer kan zien, in huilen uit ga barsten. 'Ik ga nu buiten. James zorgt ervoor dat ik niet dood op de grond neerval. Ik moet even nadenken. Ik kom zo weer terug. Kom me niet achterna, begrepen?'
Ik wacht niet op het antwoord en been heel erg waardig - strompelend en af en toe met een hand op de muur steun zoekend - naar de kapstok, waar ik de pijn verbijt en mijn schoenen aantrek. Wanneer ik naar buiten loop, staat James al klaar. Hij heeft het natuurlijk allemaal gehoord.
Hij slaat een arm om me heen en we doen allebei alsof dat niet de enige reden is dat ik in staat ben te blijven staan. We doen ook allebei alsof ik niet huil.
'Was dat dom?' vraag ik schor.
Het duurt even voordat hij antwoordt, alsof hij daar zelf nog heel goed over na moet denken. 'Nee,' zegt hij dan. 'Ik zeg niet dat ik het met je eens ben, maar misschien was het wel even nodig. Voor ons allemaal. Ik...' Hij twijfelt even, maar knikt dan, alsof hij zichzelf zo toestemming geeft om het te zeggen, of misschien om zijn woorden kracht bij te zetten, om er wat oprechtheid aan toe te voegen. 'Ik ben trots op je.'

Reacties (2)

  • GossipGirl21

    Mooi geschreven hoor.

    2 jaar geleden
  • Luckey

    Ik snap het wel maar toch

    2 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen