'Vertel me eens iets.' Vroeg ze bijna afwezig terwijl ze woorden onderstreepte in een boek.
'Zoals?' Weerkaatste ik haar vraag, ik moest zien na te denken, ik moest ervoor zorgen dat mijn focus bleef waar hij lag.
'Well..' Ze sabbelde op haar potlood en tikte met haar vinger op het tafelblad. 'Welk geluid maakt een Vos?'
Ik gaf haar een grijns. 'Niet eerlijk, ik moet straks al Biologie gaan leren.'
'Dus? Nu ben ik er wel nieuwsgierig naar.' Ze gaf me een klein tikje met het potlood. 'En jij weet alles.'
'Of wilde je de stilte doorbreken?'
Ze schudde koppig haar hoofd. 'Nee, het was een gedachte, een vraag waar ik een antwoord op wilde.'
'Niets meer dan dat?' Vroeg ik plagerig.
'Ik zie dat je wat losser begint te worden naar me?' Vroeg ze half serieus.
Dat was een onverwachte vraag, ik had er niet zo over nagedacht, maar ze had wel gelijk. Dit was volkomen nieuw voor me, iemand waarbij ik mezelf compleet kwijt kon, waarbij ik mij kon zijn zonder dat ze een oordeel klaar hadden liggen.
'Ik denk dat je gelijk hebt.'
Ze schudde haar haren uit haar gezicht en lachte zachtjes. 'Ik heb altijd gelijk, en ik hou veel meer van deze versie van jou.'
Ik voelde de hitte in mijn gezicht opkomen terwijl ze die woorden zei, een compliment, dat zeker.
'Hey, uhm, het lijkt erop dat je het warm hebt, wil je water.'
Ik lachte. 'Je bent schattig als je voor sukkel speelt, wist je dat?'
Ze zette grote ogen op. 'Ik, schattig? Heb je een bril nodig of zo?'
Ik stak mijn hand uit en liet de toppen van mijn vingers over haar wang glijden. 'Ik meen het, je bent veel mooier als je lacht. Dus alsjeblieft, stop daar niet mee.'
Ze keek naar de tafel en zei een lange tijd niks, het was geen drukkende stilde, we hadden beiden gedachten die we een plekje moesten geven. Het enige geluid in de kamer kwam van buiten, vogels die hun lokkende liederen zongen. Een zucht van wind die teder aan de bladeren trok. Het geluid van natuur.
'Je bent hier wel heel serieus over.' Merkte ze op terwijl ze afwezig met mijn vingers begon te spelen. Haar ogen waren op de mijne gericht. Een blik die ik niet kon ontwijken, correctie, een blik die ik niet zou willen ontwijken. Het was alsof ze me vasthield in haar ogen, alsof ze haar wereld vasthield.
'Het zou wat zijn als ik dit, als ik jou niet serieus nam. Je betekent heel erg veel voor me, maar dat was neem ik aan al duidelijk.'
Ze schoof de stoel dichter naar me toe. 'En toch wil ik dat je het nog een keer zegt. Het verzacht en heelt, wist je dat?'
Zonder dat ik het merkte vormden mijn lippen een glimlach. 'Dat wist ik.' Ik pauzeerde en nam haar blik nogmaals in me op. 'Je bent het hart en de ziel van mijn wereld, mijn reden, mijn hemel en aarde, mijn thuis.' Ze sloot haar ogen en pakte mijn hand steviger vast, een moment wat ik nooit zal vergeten.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen