Gale is weg, Alia is ontroostbaar en Jenny probeert de groep bijeen te houden. Dat is de essentie van alles. Ik zie het nut niet echt om Gale te gaan zoeken. Tegen die Nenja’s magie kunnen we toch niet op, wat heeft het voor zin om onszelf in gevaar te brengen om een leven dat we waarschijnlijk niet kunnen redden?
Jenny voelt aan dat ik hier niet om te springen sta, maar om de een of andere reden trekt ze me mee om de groep intact te houden. Samen naar een of ander stom dorp gaan en daar een boodschapper ontmoeten? En wie is die mysterieuze Assandrelle? Misschien is haar man wel een groots krijger! Dat zou het kunnen zijn, dan heb je veel aanzien als vrouw, en met hem kan je dan toch niet rechtstreeks spreken, daarvoor is hij te machtig. Ja dat moet het zijn! Philippe zei dat Assandrelle ons misschien kon helpen om Gale terug te krijgen, wie anders dan een groots krijger is daartoe in staat? Misschien heeft die krijger wel een schild tegen magie of zoiets! Anders kan een gewone krijger ook wel dat kleine meisje aan. Als ik zijn schild zou krijgen, dan hebben we hem ook niet meer nodig, ik ben er vast sterk genoeg voor. Misschien heeft die krijger ook wel zin in een vechtpartij. Ik heb daar echt eens zin in, het is al een tijd geleden, straks word ik roestig.
Het wordt in elk geval het eerste wat ik vraag aan Assandrelle. Die krijger moet eigenlijk wel heel machtig zijn, Philippe heeft veel ontzag voor Assandrelle, misschien is hij bang dat ze haar man op hem af stuurt. Maar dan wel in Johtih, want hij gaat zeker de grenzen ook niet over geraken.
Het is wel raar dat Alia dan nog niet van Assandrelle gehoord heeft! Als ze zo machtig is, dan moet Alia er ook al van gehoord hebben. Misschien interesseerde het haar niet, of was ze te druk bezig met in de bossen te zitten. Zelf heeft ze er natuurlijk weinig aan, ze kan het niet riskeren om de krijger los te trekken uit de kluwen van zijn vrouw, dat kan goed verkeerd lopen.
Trouwens, sinds de kus hebben we het er niet meer over gehad. Er is veel gebeurd ja, maar als ik niet beter wist zou ik denken dat ze zich ervoor schaamt. Dat zou ze niet mogen doen, ze moet met haar kin omhoog lopen dat ze iemand zoals ik kan zoenen.
“Kom je nog?” Jenny’s ongeduldige stem onderbreekt mijn gedachtestroom.
Alia is de kamer al uit en Jenny staat in de deuropening met haar vuisten in haar zij geklemd. Meestal ben ik degene die actie onderneemt! Het is niet van mijn gewoonte om over alles uren na te denken voor ik iets doe.
Zwijgend loop ik achter Jenny door de aangenaam warme gangen. Ze heeft wel gelijk eigenlijk. Onderweg naar de poort zei ze mij dat we niets beters te doen hebben, we weten nog altijd niet echt wat ons gezamenlijk doel is. We kunnen dan maar beter die nieuwe dingen leren kennen en eropaf duiken.
Wanneer we in Alia’s kamer komen is ze al in de weer met de ringen te verplaatsen. De middelste cirkel met het symbool van een boog ligt al op zijn plek. Die rare ster als volgende, maar het zou goed kunnen dat dat er nog stond van de vorige keer. Zo te zien twijfelt ze over de verdere volgorde, misschien daarom dat ze de eerst de laatste in de rij neemt. Dat is de vuist. Mijn vuist! Het staat voor de kracht en onbreekbare wil van Unovih.
Het ruige steen, ik mis het wel, misschien zouden we eerst daarheen moeten? Dat zegt mijn gevoel in elk geval, en dat volg ik normaal gezien altijd. Het heeft geen zin om na te denken en dan te beseffen dat je te laat bent. Toch zeg ik er niets van, Alia is nog steeds over haar toeren, als ik zeg dat we naar Unovih moeten is ze in staat weer een pijl op mij te richten. Ik heb toch niets verkeerd gezegd eerder? Het is wel heel toevallig dat Gale ontvoerd wordt en alleen zij weet door wie! Ze zal wel de waarheid spreken, maar toch hou ik haar in de gaten. Als er nog meer dwars gaat zitten, dan zou het wel eens goed haar schuld kunnen zijn. Misschien was die zoen ook wel een afleidingsmanoeuvre! Misschien had ze door dat ik haar gemene trucjes op het spoor zou komen en wou ze mij zo aan haar binden! Hier twijfel ik toch aan, mijn gevoel zegt met dat ik haar nog niet volledig kan vertrouwen, maar anderzijds denk ik niet dat ze iets heel ernstig achterhoudt.
Ondertussen is de cirkel compleet. Mijn hulp hebben ze er duidelijk niet bij nodig, dit vereist geen kracht, maar denkwerk, en dat doe ik niet graag.
“brrgrrrrbrrrrr”
Verbaasd kijk ik naar beneden. Dat is ook waar! We hebben niets meer gegeten sinds we deze ochtend veel te vroeg achter Jenny aan moesten.
Met tegenzin klinkt Alia.
“Ja ok, het heeft geen zin om halsoverkop nu te vertrekken, we moeten eerst eten. Zouden we eten kunnen voorbereiden en meenemen? Of blijft dat gewoon hier?”
“Ik denk dat ook het eten gewoon achter blijft, net als het boek dat Gale hier gevonden heeft. Alles hier is doordrongen door soort magie dat het onmogelijk maakt om het te verplaatsen. Het eten ook denk ik.”
We kijken Jenny verbaasd aan, hoe komt ze daarbij. Verontschuldigend haalt ze haar schouders op.
“Wat? Ik praat ook met Gale, dat was één van zijn ideeën, vertelde hij mij vlak nadat we tegen Vattenprov vochten, voor we bij Philippe waren de eerste keer.”
Gale heeft de meisjes al ingepalmd! Misschien is het maar goed dat hij nu weg is, nu is het mijn beurt om ze aan mijn kant te krijgen. Met zijn stomme magie! Dat is valsspelen, kracht, dat is tenminste iets echt!
“Dan eten we hier, in mijn kamer staat eten.”
“In de kamer hiernaast staat ook wat, Lolan, we moeten niet te ver gaan, zo snel mogelijk doorgaan naar Azalon, daar staat die boodschapper op ons te wachten.”
Ik brom, we kunnen niet eens rustig eten, die boodschapper gaat echt niet weg gaan omdat we 5min extra tijd nemen om te eten.
Samen lopen we naar de andere kamer, er ligt inderdaad fruit, vlees, zelfs brood en van dat gele spul, boter! Dat hadden we thuis niet.
Zonder op de anderen te wachten neem ik een homp brood en smeer er met een zilver mes rijkelijk boter op. Ik heb gehoord dat het heel lekker vettig is. Terwijl Jenny en Alia ook aan het eten beginnen neem ik mijn eerste hap. De boter is heel smeuïg, wat zoutig, maar het is inderdaad overheerlijk. Nog tijdens het eten neem ik een volgende homp brood en smeer er nog meer boter op. Geweldig is het! Beter dan die tovermaaltijd van Gale, daar proef je niets van, maar je bent wel vol gegeten.
Zou het vlees ook zo veel beter zijn dan thuis? Ik zie de anderen genieten van het eten, zelfs Alia lijkt haar zorgen even te vergeten. Dus het moet haast wel. Met volle zin neem ik een grote hap van het vlees. Het is mals en sappig, alsof het net uit de oven komt, maar toch niet te warm. Ik kijk van het brood in mijn hand naar het sap van het vlees, misschien is die combinatie ook niet slecht. Voorzichtig doop ik het brood met de boter in het sap, het ziet er in elk geval goed uit.
hmm en het smaakt ook heel goed, ja, dit kan ik wel de hele dag doen.
Na nog 10 minuten het ene stuk eten na het andere proberen wil ik een geel stuk fruit nemen, maar Alia trekt me mee.
“Nu is het genoeg geweest, we hebben genoeg gegeten en tijd verspild, tijd om naar Johtih te gaan en Gale te hulp schieten.”
Met tegenzin laat ik me meetrekken, maar niet zonder dat fruit nog vast te grijpen. Alia volgt het groene licht doorheen de gang naar het centrum van onze magische thuis. Tot nu toe heb ik er nog niet echt op gelet, maar het is rustgevend, het leeft ook bijna. Het geeft een ander gevoel dan het blauwe licht van Sinnih. Voller? Ik heb er niet echt woorden voor, zou ik het kunnen aanraken? Dat heb ik nog niet geprobeerd. Dat is misschien ook niet het beste idee, het zou dodelijk kunnen zijn. Met die stomme magie weet je nooit.
Er zijn versieringen op de lange gang, eigenlijk heb ik ze nooit eerder opgemerkt, en net deze gang hebben we al vaker genomen. Hier staat een tekening van een draak, zijn robuust lichaam hangt boven een klein dorp. Uit zijn snuit lijkt rook te komen. Het oog voor detail is verbluffend, de ogen lijken haast te leven, zo woedend kijkt het beest.
Nog een paar tekeningen verder zie ik het! Een Dlofijn? Zodat rare waterdier dat we in Sinnih gezien hebben het heeft een kistje in haar bek, als ik niet beter wist zou ik zweren dat het hetzelfde kistje is dat wij gevonden hebben, vlak voor we haar zagen.
We zijn bijna aan het uiteinde van de gang, Alia begint weer te hollen naar de poort, ze put haar energie uit nog voor we vertrokken zijn, ik garandeer het je, ik zal haar mogen dragen omdat ze niet meer verder kan. Dan zal ze waarschijnlijk wel heel dankbaar zijn, dus misschien best dat ik er niets van zeg. Wie weet komt het dan wel weer …
De laatste tekening voor het einde van de gang doet me stilstaan. Dit kan geen toeval zijn. De tekening toont een ronde kamer met 4 deuren, in elke deuropening staat een persoon. 2 meisjes en 1 jongen. Het ene meisje draagt een boog, de andere een zwaard. Ook de jongens hebben wat bij, de ene een boek, de andere lijkt eten vast te houden. Dit is exact wat er gebeurd is toen wij voor de eerste keer in de centrale kamer kwamen. Zou dit een voorspelling zijn van wat er ging gebeuren? Of is die tekening verschenen nadat het gebeurd was?
“Meisjes.” Fluister ik.
“Nu niet Lolan, als je niet mee wil blijf je maar achter, wij gaan.”
Jenny denkt waarschijnlijk ook dat ik niet mee wil, dus wil ze nu niet luisteren. Dan richt ze zich tot Alia.
“Opgelet als we erdoor gaan, ik heb een vreemd gevoel dat er nog wat gaat gebeuren, wie weet ligt er een hinderlaag te wachten.
Alia knikt, samen stappen ze naar de poort en zonder om te kijken worden ze door het licht verzwolgen.
Ze denken ook alleen maar aan zichzelf, dit kan belangrijk zijn, maar ok, ik wacht wel tot we weer terug hier zijn, dan zeg ik er wel iets van. Ik spurt achter ze aan het licht van de poort door.
Wanneer mijn ogen gewend zijn aan het licht zie ik Jenny al rondkijken naar een mogelijke hinderlaag. Johtih is vol groen zo te zien, we staan midden van een bos, weer op een heuvel. Rond ons hoor ik allerlei geluiden, van dieren die ik niet ken. Ik zie er zelfs, veel verschillende vogels, rare dieren op 4 poten. Er komt zelfs een klein beestje op mijn arm zitten, het is wat rood met zwart. Het vliegt ook heel snel weer weg.
Wat een wonderlijke wereld, en weer zo anders dan Unovih, levendig en druk. Unovih is ook druk, maar op een andere manier, daar wordt overal gewerkt, dit is rustgevend druk. Ik ben onder de indruk.
“Je bent toch gekomen?” Alia klinkt niet erg verbaasd, ze kent me waarschijnlijk ook wel al, ik zou me doodvervelen in Magiallis.
“Dan kunnen we nu ook meteen op pad, we komen eerst voorbij mijn dorp, dan blijven we gewoon doorgaan langs het pad. Dat zal ongeveer 2 dagen duren, dat hangt er vanaf hoeveel bomen er ondertussen zijn neergevallen.”
Ze voegt de daad bij het woord en vertrekt op een pad dat alleen zij kan onderscheiden in de dichte begroeiing.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen