Foto bij 001.

Normaal was Peppi uitlaten heel normaal, maar vandaag niet.Het was de bijzonderste dag van mijn leven. Het was net zomervakantie, middelbare school was afgerond, nu kon ik alles doen wat ik wou. Peppi en ik liepen altijd hetzelfde rondje. Langs het mooi smalle weggetje met de rode-bladeren bomen, dan over de drukke zebrapaden en dan weer het park in. Als we langs het park waren geweest, kwamen wel altijd langs het treinstation. Net zoals andere keren rennen we naar de kiosk om een hondensnoepje te vragen. Van de mevrouw die daar achter de kassa stond mochten we er altijd één. peppi hield van de snoepjes bij de kiosk. het was echt haar ding. Als we bij de kiosk waren geweest, gingen we op het bankje zitten. Vlakbij de rails van het treinstation. Dan gin Peppi altijd blaffen als er een trein langskwam. En dat is ontzettend schattig. Ik keek altijd vooral naar de mensen die er waren. Bijvoorbeeld senioren, hangjongeren of mensen die in tranen uitbarstten omdat ze hun geliefde weer terug zien. Jeetje, ik wou dat ik ooit op een dag zo gelukkig zou kunnen zijn. Maar ja, zoveel vrienden heb ik niet. Eigenlijk heb ik allen Peppi.


Ik wou dat er opeens iemand was die bijzonder was, die bijzonder was om naar te staren. Die bijvoorbeeld de gekste kleren aan had, of het raarste huisdier. Of weet ik veel wat. Want hier zitten was wel leuk, maar op een dag werd het wel een beetje saai. Voor Peppi geldt dat natuurlijk niet, die is al blij als zij het lichtje van de koelkast ziet. Ik besloot een beetje rond te lopen op het treinstation. Want naar huis gaan, daar had ik ook geen zin in. Dis gingen Peppi en ik maar via die gang onder de grond door om aan de andere kant van het station te komen. Peppi blafde de heletijd in die ondergrondse gang. Je hoorde het helemeel echoën. Dus besloot ik haar na te doen. Ik deed het geluid van een weerwolf na. En je hoorde het wel duizendmaal echoën. En het klonk mooi, grappig en gewoon uitstekend! Peppi en ik hadden heel veel lol.Misschien was het wel raar, met je enige vriend ( die een hond is ) gaan zitten dieren geluiden te maken in een ondergrondse tunnel bij het treinstation, maar dat kon me niet schelen. Maar dan ook echt helemaal niks.


Toen Peppi en ik midden in ons echo gebeuren waren, hoorden we opeens luide boze voetstappen op de trap. Ik haalde me schouders op en ging verder met een kip nadoen. Peppi blafte lekker mee. "Hou eens op met dat kinderachtige gedoe!" Hoorde ik een stem schreeuwen. Een jongen, met bruin haar en donkerbruine ogen en een zwarte hoodie stond ons aan te staren. Hij schudde hevig zijn hoofd. Daarna rende hij gauw weg alsof hij bijna z'n trein miste. Ookal was hij niet zó bijzonder, omdat iedereen dat zou zeggen, ik moest hem gewoon achterna gaan. Iets in mij zei dat."Peppi, kom mee" En samen renden we over de betonnen trappen terug naar de kant waar de jongen heen ging. Toen we weer buiten kwamen, keek ik overal om me heen.Zwarte hoodie, zwarte hoodie, zwarte hoodie? Daar! Ik wees naar rechts. Daar stond hij, helemaal in z'n eentje in de hoek van het station. Hij zat te kijken of er al een trein aankwam. Ik wou naar hem toe rennen, Maar toen ik zag dat hij weer haastig terug liep,bleef ik stevig staan. Hij hoorde het geluid van de trein. Om de een of andere rede ging hij op de rand van de stoep staan. Hij viel bijna op de rails. De trein kwam er bijna aan. Iets in mij gaf een reflex. Ik trok me jas uit, liet alles vallen en rende naar de jongen toe.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen