Sorry voor het lange niet schrijven. Ik ga proberen om eens in de zo veeltijd weer een stukje te posten.
Ik hoop dat jullie dit stukje leuk gaan vinden. Het is wel een beetje saai maar, de volgende stukken zullen weer beter worden.

Ik hoor Devil in de keuken. Ik ga op de bank zitten en trek mijn benen naar mijn borst. Ik zie Devil lachend de kamer in lopen en hij komt langs me zitten.
‘Hoe gaat het?’ Vraagt hij zachtjes.
‘Beter.’ Antwoord ik en zonder nog iets te zeggen krijg een bakje fruit in mijn handen geduwd. Ik kijk hem verbaast aan en hij knikt.
‘Het maakt me niet uit of ik het in je mond moet proppen. Je gaat iets eten.’ Zegt hij streng. Ik knik en hij kijkt me verbaast aan ‘Ik had meer tegen stribbeling verwacht.’ Zegt hij en ik haal zachtjes mijn schouders op.
‘Ik wil er iets voor terug.’ Zeg ik zachtjes. Ik kijk hem aan en hij lacht zachtjes en knikt. ‘Ik wil mijn antwoorden en ik wil dat je eerlijk bent.’ Zeg ik. Hij knikt en ik begin te lachen ‘Waar komt die bijnaam vandaan?’ Vraag ik.
‘Helemaal eerlijk?’ Vraagt hij en ik knik. ‘Mensen noemen me zo omdat ik anders ben. Omdat ik niet altijd een schatje ben. Omdat ik een duiveltje ben. Ze vertrouwen me niet en dat is best logisch.’ Zegt hij en ik knik. Hij pakt de vork uit het bakje prikt er een stukje appel aan en houd het voor mijn mond. Dit moet voor de waarheid. Ik eet het stukje appel op en kijk hem weer aan.
‘Kay is dat je naam?’ Vraag ik zachtjes en hij knikt. Ik neem noch een hap fruit en ik zet het bakje op tafel. Hij kijkt me verbaast aan. ik sla mijn armen om zijn nek en ik druk mezelf tegen hem aan.
‘het spijt me voor je ouders.’ Zeg ik zachtjes. ik voel hem zacht lachen.
‘maakt niet uit ik heb ze nooit gekend. Ik heb mijn vrienden en daar ben ik gelukkig mee.’ Ik lach en knik zachtjes. ik laat hem los en hij pakt het bakje en geeft het aan mij. Ik neem weer een hapjes.
‘Je wil het liefst zo on opvallend zijn en toch ga je met me om. Waarom?’ Vraag ik en hij knikt.
‘Je trekt me aan.’ zegt hij zacht en ik kijk hem verbaast aan.
‘Ik jouw?’ Vraag ik en hij knikt.
‘Ik volgde je om te kijken of je ook echt veilig was. Of je het hier zou overleven.’ Zegt hij. Ik begin zacht te grinniken.
‘En overleef ik het hier een beetje?’ vraag ik hem.
‘Nauwelijks.’ Zegt hij terug en ik begin weer te lachen. Ik neem nog een hapje fruit en ik slik het door.
‘Waarom kwam je me halen?’ Vraag ik hem en hij kijkt me aan. Zijn ogen glinsteren en ik begin zacht te gniffelen.
‘Je klonk zo bang. Ik kon je daar niet alleen laten en toen je auto over de kop vloog dacht ik dat je er niet meer levend uit zou komen. Maar je was ongedeerd. Ik was zo blij toen ik leven uit de auto zag komen.’ Zegt hij. Ik lach zwakjes.
Eerst zegt hij dat ik niet verlieft op hem kan worden. Nu zegt hij dat hij blij was dat ik uit het wrak van die auto kwam en dat hij zich aangetrokken voelt tot me.
‘Waarom kuste je me? en waarom zei je dat ik niet verlieft op je kon worden?’ Vraag ik hem en hij kijkt me verbaast aan en zucht zacht.
‘Ik kuste je omdat ik dat wilde en moest en je kan niet verlieft op me worden omdat we totaal anders zijn. Jij zou niemand kwaad of pijn kunnen doen. Ik wel, Ik heb het zelfs al gedaan.’ Zegt hij en ik zucht. Ik heb moeite om mijn tranen in te houden. Ik heb mijn familie allang pijn gedaan. Hij kan mensen nooit zo veel pijn hebben gedaan als ik dat heb gedaan.
‘Dan ken je me noch niet. Want dat heb ik allang gedaan.’ Zeg ik zacht. Ik kijk naar Devil en hij verbaast naar mij. ‘en dat niet verlieft worden. Daar ben ja allang te laat mee. Ik ben al verliefd.’ Ik kijk naar Devil en hij verdrietig naar mij. Ik begin te lachen en ik schuif me dichter naar hem toe
‘Op wie?’ Vraagt hij zacht en ik begin zacht te lachen.
‘Op jouw sukkel.’ Zeg ik zachtjes. Hij lacht blij en ik druk mijn lippen op de zijne. Ik schuif mezelf op zijn schoot zonder de kus te verbreken. Mijn armen sla ik om zijn nek. Hij slaat zijn armen om me heen en tilt me op. Ik sla mijn benen om hem heen en hij gaat staan.
‘Waar breng je me heen?’ Fluister ik tegen zijn lippen. Hij lacht en geeft me noch een kus
‘Naar bed. Je hebt je rust hard nodig.’ Zegt hij en hij loopt naar boven. Ik druk mijn lippen zacht op zijn kaak. Ga langzaam naar beneden naar zijn hals en dan weer naar boven naar zijn lippen. Mijn lippen passen als puzzelstukjes op de zijne. Hij kust me zacht terug. Hij legt me op bed en komt langs me liggen.
‘Mag ik even naar de wc?’ Vraag ik.
‘Nee over twee uur pas.’ Zegt hij en drukt me stevig tegen zich aan. Ik zucht en knik. ‘Het spijt me ik wil gewoon niet dat jij jezelf uithongert.’ Zegt hij zacht. Ik voel zijn lippen op mijn haar en ik knik zachtjes. Ik voel mezelf lichtjes trillen en ik duw me dicht tegen hem aan. Ik ben veilig bij Kay en ik vertrouw hem. maar is hij wel veilig bij mij?

Reacties (1)

  • Luckey

    GEen saai deeltje!
    Intersant deeltje!!

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen