Onverschillig verlaten de woorden mijn mond, zonder iets te geven om de schade die ze aanrichten. Koud staar ik hem aan, terwijl ik zijn gezichtsuitdrukking zie veranderen. Verwarring. Pijn.
      ‘Maar..’ zijn adem stokt, en zijn blauwe ogen stralen ontzetting uit, onbegrip. Licht werkt hij zich een beetje overeind, en creëert afstand tussen hem en mij.
      ‘Oh?’ Misprijzend staar ik hem aan, terwijl er verachting op mijn gezicht doorbreekt. ‘Je dacht toch niet dat je wérkelijk iets voor me betekende?’ Zijn blauwe ogen hebben zich bijna angstig in de mijne gehaakt, bang dat ik mijn woorden niet terug zal nemen. Ik glimlach kil en verbrijzel zijn illusies. ‘Jij? Een waardeloze 9?’ Een minachtend lachje ontsnapt aan mijn lippen. ‘Nee, dan,' zonder verder na te denken neem ik de eerste de beste tribuut die in mijn hoofd opkomt, 'Flynn. Hij is zoveel beter dan jij ooit kan zijn. En niet te vergeten, hij is getraind. Aan hem heb ik ten minste wat.’
      Een geschokte blik glijdt over zijn gezicht. ‘F-Flynn? Wat heeft hij hiermee te maken?’
      ‘Dat zeg ik net, idioot. Flynn heeft alles wat jij niet hebt. Dus waarom zou ik voor jou kiezen?’ Mijn stem druipt van walging bij mijn laatste woorden en Florian lijkt haast voor mijn ogen in te krimpen. Ergens voel ik dezelfde pijn als hij. Ergens, onder de dikke laag ijs die het allemaal bedekt. En ik kan het stoppen. Ik doe het alleen niet.
      ‘Maar Flynn heeft toch een relatie met Alex?’ gooit de jongen er wanhopig uit. Onverschillig trek ik heel even met mijn schouders, met een boosaardige glimlach op mijn gezicht.
      ‘Ach, punt gemaakt. Denk je ook niet?’
      Verdriet. Voor heel even vang ik er een glimp van op, voordat alles verdwijnt. Als een luik dat dichtslaat, is het weg. Een donkere woede neemt haar plaats in, en de weg terug is daarmee hermetisch afgesloten. De tere bol van zijn liefde voor mij, is kapot gevallen.
      ‘Dus jij wil beweren dat alles, in de kleedkamer en in de lift gewoon een spel was, dat het allemaal niets betekende?’ Ik zeg niets en staar hem alleen maar triomfantelijk aan. Het overduidelijke, gelogen, antwoord klinkt luider dan elk gesproken woord. Ik houd mijn hoofd een tikje scheef.
      ‘Het spelletje is voorbij, Florian.’ Naargeestig klinken mijn zangerige woorden door de vroege ochtend. ‘Het sprookje is uit.’ Een grinnik rolt over mijn lippen en ik knik langzaam. De gebroken en gebarsten bol, stamp ik ruw kapot. ‘Inderdaad, jongen. Dit, jij, betekent niets voor me. Niets.’
      Met een ruk springt Florian overeind, het onbegrip en de pijn staan op zijn gezicht te lezen als hij op me neerkijkt. Ontkennend schudt hij licht zijn hoofd, een tikje wanhopig lijkt het haast.
      ‘Je liegt.’ Ademloos verlaten de woorden zijn lippen, alsof dit het laatste sprankje hoop is waar hij zich aan vast klemt. Maak het me nou niet zo moeilijk, klootzak! Dit is al vreselijk genoeg, zonder dat jij het nog nodeloos rekt! Hij moet niet zo- Als hij nou maar gewoon boos wordt en weggaat. Dat is het enige dat hij moet doen. Gewoon weggaan. Er is toch niets meer dat je hier houdt? Ga dan weg.
      Ik weet een grijns om mijn lippen te toveren en duw mijzelf overeind, zodat ik bijna rechtop zit.
      Ik verman mezelf en duw me ook omhoog, zodat ik bijna rechtop zit. Je gaat niet weg? Prima. Dan maak ik het nog ietsje erger. Het is je eigen, stomme, rotschuld. Woede vertroebelt mijn gedachten als ik hem vol verachting aanstaar, hoewel ik daarvoor bijna recht omhoog moet kijken.
      ‘Houd toch op, 9. We hebben het spel gespeeld, en jij hebt overduidelijk verloren.’ Minachting en woede druipen van mijn stem af. Echter, Florian stapt niet gekwetst weg. Hij wordt ook niet boos. Hij wordt razend. De immense woede die in zijn ogen verschijnt, is erger dan die van Cabe of wie dan ook. Ruw grijpt de jongen me bij mijn shirt en trekt me van de grond. Zijn vingers klauwen in de witte stof, als hij me zover omhoog trekt, dat hij me volledig van de grond af tilt. Alleen de puntjes van mijn tenen raken de droge aarde nog en ik heb geen andere keus dan hem aan te kijken. De warme gloed die zijn lichaam uit lijkt te stralen, geeft me niet het veilige gevoel van eerst. Ik probeer me los te rukken, maar voordat ik ook maar een poging kan doen, grijpt Florian ruw mijn kin beet en trekt hij mijn gezicht dichter bij dat van hem.
      Woest drukt de jongen dan plotseling zijn lippen bruusk en hard op de mijne. Het is anders. Het kriebelende gevoel in mijn buik komt niet en eigenlijk ben ik alleen maar kwaad dat hij me geen keus geeft. Dat ik niet weg kan als ik dat wil, en bovenal dat hij me spijt laat krijgen. Het is voorbij en dat moet hij maar gewoon zien te verwerken.
      Met mijn voeten kan ik net niet bij de grond, aangezien Florian me aan mijn shirt van de grond af getrokken heeft. Ik kan niets doen om hem te laten stoppen. Maar mijn angst voor wat hij zal doen is begraven onder mijn eigen, giftige woede.
      Als hij me loslaat wankel ik een stap achteruit, hopend buiten zijn bereik te zijn.
      ‘Zeg dat nog eens, Aderyn. Ik geloof je niet…’ Zijn stem klinkt hees. Van verdriet of woede, of misschien allebei. Het maakt me geen klap uit. IJskoud beantwoord ik zijn blik, giftig en ziedend van woede. Elk grammetje verraad en woede van toen, leg ik nu in mijn woorden.
      ‘Ik weet niet eens wat liefde is, 9, dus stop met zoeken.’ Dat was waar. Ik wist het niet. Of misschien ontkende ik dat ik het wel wist, zodat niemand me er pijn mee kon doen. De klap zie ik niet aankomen. De withete pijn verspreidt zich tintelend door mijn wang en door de kracht van zijn uithaal wankel ik een aantal passen naar achteren. Ontzet klem ik mijn koude hand tegen de pijnlijke plek, terwijl de angst dan toch zich een weg door mijn lichaam baant. Hij heeft me geslagen. Expres.
      ‘Wel, Aderyn. Je had eindelijk iemand die van je hield. En nu jaag je hem zelf weg. Dit gebeurt nooit weer!’ Zijn venijnige woorden dringen maar half tot me door. Als ik naar hem opkijk, zie ik hem nog net omdraaien en weglopen. Een luid kanon die de dood van een tribuut aantoont, doet hem galmend uitgeleide.

Reacties (2)

  • Sunnyrainbow

    Neee ik had gehoopt dat het goed kwam!

    1 jaar geleden
  • Slughorn

    Tamtamtam.....
    zo eindigt dit hoofdstuk voor mijn gevoel (‘:

    1 jaar geleden
    • ProngsPotter

      Jaa inderdaad
      Het nog eens lezen doet gewoon pijn aan mijn hart weetje :'D Adey what were you thínking

      1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen