Foto bij Hoofdstuk 4: Anna

Ik kwam aan bij het grote rijhuis van de professor. Het zag er rustig uit, maar toen ik dichterbij kwam, merkte ik dat de deur niet in het slot was. Er was ingebroken. Ik ging het huis binnen en wandelde voorzichtig door de gang, richting de woonkamer. Het rook er een beetje muf, maar dat was altijd al zo geweest in dat oude huis. Halverwege schrok ik. Er stond iemand in de keuken. De matglazen deur was gesloten. Ik kon niets horen, maar ik zag het silhouet van een man. Ik schuifelde dichterbij. Plots vloog de deur open. Ik schrok en viel achteruit op de grond. “Verdomme, man!” De professor keek me met een glimlach aan vanuit het deurgat. “Slecht geweten?”, vroeg hij terwijl hij zijn best deed om niet in de lach te schieten. “Anna heeft me gebeld. Ze zei dat er iemand aan de boeken heeft gezeten.” Ik kon mijn ademhaling moeilijk terug onder controle krijgen. “Ach ja, er is iemand binnen geweest inderdaad. Ik zou me er niet druk in maken als ik jou was. Het was waarschijnlijk een flauwe grap van één of andere student. Anna is beneden, als je haar wil spreken.” Hij stak een hand uit en ik liet me door hem rechttrekken.

Nog een beetje onstabiel liep ik naar de trap die naar de kelder leidt. Ik wandelde naar beneden en zag Anna meteen staan in de grote kelder. Het huis was volledig onderkelderd dus het was één zeer grote ruimte, er waren niet echt onderverdelingen voorzien. Anna draaide zich om. “Ah daar ben je eindelijk! Er is iemand binnen geweest, er zijn boeken verdwenen. Ik weet zeker dat ik de deur goed had gesloten, ik zweer het! De professor denkt er niets van, maar er klopt iets niet, ik voel het!” Ik keek even rond. Er waren een aantal boeken verplaatst. Anna en ik lieten de boeken elke avond geordend achter, maar nu lagen er een aantal boeken op de tafels of onder de kasten. De professor kon het niet geweest zijn, want die heeft geen sleutel meer. Op die manier liep hij minder gevaar. “Trouwens hoe zie jij er uit? Niet gewassen deze ochtend? Of al een hele week niet meer?” Anna was nogal gesteld op schoonheid en het volgen van de mode, voor zover die er nog was. “Ik was gaan eten in het studentenrestaurant gisterenavond en ”, Anna onderbrak me, “Oh ik heb het gehoord, ja. Alles oké?” Ik trok mijn schouders op. “Met mij wel, ja”. Opeens hoorden we geschreeuw op de bovenverdieping. “Shit, soldaten!” De professor probeerde hen tegen te houden. Zijn stem torende boven alle andere uit. Plots luidde er een schot. Direct daarna nog één. Anna rende zo snel mogelijk naar de kelderdeur en deed ze op slot. “Fuck.”

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen

Add Your Banner Here