Een one shot om het schrijven weer te oefenen

De nacht was koud, zelfs onder haar dikke deken kon ze de nodige warmte niet vinden om een eind te maken aan haar rillingen.
Met een zucht kwam Cora overeind uit haar bed: dan was wat extra kleding nodig, wellicht een kop warme thee, haar hoofd dwaalde even op Erik: hij zou het nog kouder hebben dan haar, niet dat het hem iets zou schelen.
Ze schudderde toen haar linkervoet in contact kwam met de koude vloer, ze had haar andere voet voorzichtig geplaatst toen ze een geluid hoorde.

Een paar klopjes op het glas.

Met snelle stappen liep ze naar de gordijnen en trok ze weg, de nacht omhulde alles achter de veranda deur, behalve twee gele ogen die uit de duisternis staken.
Meer van die beklemmende kou kwam binnen toen ze deur opende waardoor ze de eigenaar van de ogen liet weten snel binnen te komen, een figuur die zonder licht uit dezelde duisternis bestond als van buiten, naast het porseleinen masker dat een deel van zijn gezicht bedekte.
"Fijn om te weten dat je slaappatroon onveranderd is".
"Ik geloof dat jij daar niet veel over kan zeggen". De fluwelen stem had een spottende toon, maar er was wat bitterheid erin verscholen.
"Touché".
Ze liep naar het kastje nabij haar bed en pakte een kaars die ze aanstak met een lucifer, samen met de kaarshouder werd deze op een overvol tafeltje neergezet waaran ze beiden plaats namen.
Het zwakke licht kon nog net de onbedekte gezichtsdelen illumineren, ze zou het nooit willen toegeven maar ze had voor enkele seconden naar de scherpe kaaklijn gekeken.

"Ter zake, wat wou je met mij bespreken?"

Zijn ogen boorden indringend in de hare wat haar bijna wou laten weg kijken, ze had een vermoeden dat dit een verschillende zaak zou zijn dan de andere keren.

"Tot mijn ongenoegen hebben bepaalde mensen mijn locatie gevonden, het doel war ze voor ogen hebben is mij levend in handen te krijgen".

Ze fronsde haar wenkbrauwen uit verbazing: "Mag ik weten wie deze mensen zijn en waarom ze je moeten hebben?"

"Dat is niet is waar jij je mee hoeft te bemoeien". Anders dan zijn stem leken zijn ogen verhit te zijn, een overduidelijke waarschuwing. Hij zuchtte en sprak verder: "Het enige wat ik vraag is een tijdelijke schuilplaats, als ik hier voor een lange tijd zou blijven zouden ze me vinden".

"Dat is goed, ik neem aan dat je de nodige spullen al bij je hebt?" Hem kennende had hij amper iets meegenomen.
Hij knikte en wees naar de veranda deur, Cora wou hem open doen maar hij liep er al naartoe, snel als een vos had hij wat gepakt van de veranda en was weer binnen.
Een koffer en een vioolkist.
Met beiden in hand liep hij verder het appartement weer in en stopte uitendelijk in een hoek waar hij zich nestelde.
"Een kussen zou fijn zijn".
Ze bood hem twee van haar kussens aan, al liggend concludeerde hij dat het niet zo comfortabel was als een doodskist, ze had geen idee over de oprechtheid van deze uitspraak maar het deed haar lachen.

Een kleine glimlach verscheen om zijn mondhoeken.



















Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen