Foto bij Hoofdstuk 35

“Cowell?” herhaalde ze. “Cowell, de piratenkapitein?”
      “Wie anders? De boerenzoon?”
      “Grote mond heb je voor iemand die gevangen zit op een piratenschip.”
      Draaierig, maar vastberaden, werkte Rowan zich weer omhoog. Het laatste waar ze zin in had, was nog meer problemen.
      “We hebben allemaal onze problemen met Cowell,” zei ze, trillend op haar benen. “Dus als je aan zijn kant staat…”
      “Aan zijn kant?” Ze lachte bitter. “Ik ga nog liever dood.”
      “Oké.” Rowan greep de reling. “Dat is een goed begin.”
      “Dus, wat is jouw probleem met hem? Lijkt alsof hij half Ierland als vijand heeft zo.”
      “Hij…” Ze wilde niet nog een keer haar geheim zo makkelijk prijsgeven. “Hij heeft iets dierbaars van me gestolen.”
      “Hij houdt ook nooit op, hè?” Haar blik rustte weer op Filip. “Goed, in elk geval lijk ik geen vijanden aan boord te hebben genomen, maar ik zou je moeten kielhalen voor zoveel domheid.”
      Hij kromp ineen en liet een geluidje horen dat meer op een piep dan een schreeuw van een volwassen man leek.
      “Maar dat doe ik niet, want…” Ze rolde met haar ogen. “Want ik weet het niet.”
      Haar blik werd milder toen ze zich op Rowan richtte.
      “Hoe gaat het? Wil je wat te eten?”
      Toen pas merkte ze hoeveel honger ze had, en als op commando begon haar buik te rommelen. Ze knikte en wierp een blik op Devan. Haar ogen waren open, maar ze lag nog steeds uitgeteld op de grond.
      “Wat hebben jullie met haar gedaan?”
      “Ze heeft een hoofdwond.”
      “Oh man.” Ze kreunde. “Hoe wanhopig waren jullie? Heeft hij je praatjes aangesmeerd over zeemeerminnen?”
      “Zoiets,” zei ze. Ze begon te vermoeden dat ze haar geheim niet eens zou geloven als ze het zou vertellen.
      “Kom op, Grainne,” smeekte Filip. “Jullie hebben haar gezien, ja toch?”
Voordat Rowan ook maar haar mond open kon doen, sneerde Grainne: “Laat ze toch eens met rust! Als je hier wil blijven, wil ik niets meer over zeemeerminnen horen.”
      Er kwam nog een piepgeluidje uit Filips mond, maar hij deed zijn mond niet meer open, en Faraj leek ook meteen te begrijpen dat ze hier beter niet over konden praten.”
      “Ik moet haar omhoog helpen,” zei hij, gebarend naar Devan. “Ik weet niet of het goed gaat met haar.”
      “Ik help je wel.”
      Grainne en Faraj knielden bij Devan neer. Haar ogen leken glazig, en Faraj fronste. Elis was niet hier nu, en zij was de vorige keer haar redding geweest. Waar de zeemeermin nu was, ze had geen idee, en aan Faraj’s blik te zien, had hij dezelfde gedachten.
      Rowan durfde eindelijk de reling los te laten en viel bijna meteen om. Ze had geen idee dat een paar dagen zonder water en eten haar zo zwak zouden maken. Of nou ja, dit was de eerste keer dat ze het zo voelde. Zelfs in haar dagen alleen had ze nog nooit zo lang zonder gezeten.
      “Ik denk dat ze een zonnesteek heeft,” zei Grainne. “We moeten haar uit de zon halen.”
      Faraj leek de enige van hun groep die nog genoeg kracht in zijn botten had om haar op te tillen, maar het was uiteindelijk Grainne die Devan in haar armen nam en haar meenam naar haar hut. Rowan bleef verward staan, haar hand nog aan de reling. Moest ze hen volgen? Filip volgde niet, maar hij keek alleen schuldbewust naar beneden en af en toe naar het water. Ellis dook niet op.
      Ze vroeg zich af of ze hem moest troosten, of ze hem moest vertellen dat hij gelijk had, dat zij haar gezien had, dat zij als geen ander in deze sprookjes geloofde. Ze kon zich er niet toe brengen. Er was nog steeds woede in haar. Woede omdat hij een piraat was, woede omdat hij hen had meegesleept op dit wilde, nutteloze avontuur, woede omdat ze nu van de regen in de drup waren beland. Grainne was dan misschien een vijand van Cowell, maar dat betekende nog niet dat ze aan hun kant stond. Ze wist niet eens wie ze was. Als Grainne zo’n grote vijand van Cowell was, waarom had hij het dan nog nooit over haar gehad?
      “Hey.”
      Rowan keek op en vond de ogen van een vrouw die sprekend leek op een jongere versie van Grainne. Ze knipperde even, maar ze was er echt. Waar Grainne misschien in de veertig was, ontbrak bij haar de rimpels en de pieken grijze haar. Zelfs haar ogen leken jonger en opener, maar het had hetzelfde rood als Grainne.
      “Hey,” zei ze verward terug. “Ben je familie van Grainne?”
      “Ik ben Maeve, haar dochter. En jij?”
      “Rowan.” Ze wist niet zeker wat ze daarachter moest zetten. Eén van de idioten die haarzelf liet meeslepen door Filip?
      “Welkom Rowan.” Maeve glimlachte. “op de Saving Grace.”

Reacties (1)

  • Delahaye

    Yaaay, nieuwe personages! Ik ben benieuwd naar hun rol in dit verhaal.

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen

Add Your Banner Here