Ik wil even iedereen bedanken voor het invullen van de vragenlijst <3 Jullie zijn fantastisch, geweldig, abnormaal amazing en het heeft echt heel erg geholpen <3


D​e hele maand juni gebeurde er niets.
Het park was stil en verlaten, het weer mismoedig en zelfs in de weekenden moesten we de meeste activiteiten links laten liggen door gebrek aan opkomst. We zagen vrijwel alleen kinderen bij de minidisco en ook dan waren het er niet meer dan hoogstens tien.
Chris ontliep ik. De zes diensten die ik die maand met hem moest draaien, ruilde ik met mijn collega's (niemand bleek het erg te vinden om een dag met hem te werken) en voortaan gebruikte ik het rookhok van het horecapersoneel of trok ik een sprintje terug naar mijn caravan als ik even een rookpauze wilde houden. Op een dag dat hij er niet was, kopieerde ik stiekem het rooster van het zwembad personeel, zodat ik wist op welke dagen het wel of niet veilig was naar binnen te gaan. Wanneer ik het echt niet kon vermijden om het zwembad binnen te gaan, deed ik net alsof ik hem niet zag. Hij riep een paar keer mijn naam, maar dan glipte ik snel weg naar buiten. Ik miste de gesprekken en discussies, maar niet genoeg om er Zomer voor op te geven.
Qua werk was er misschien zo goed als niets te doen, toch was ik uitgeput. Ik belde Zomer nu elke avond en probeerde zoveel mogelijk interesse in haar te tonen. Ze kon urenlang praten over haar stage bij het kuuroord en de gasten die ze ontving. Als ze geen late dienst draaide, spraken we af in het bos waar ze op haar mobiel ideeën liet zien voor de jurk die ze voor mijn begrafenis wilde kopen, inclusief bijpassende schoenen en sieraden.
Mijn ouders belde ik eens per week. Elke keer klonk mijn moeders stem vermoeider, alsof de tijd thuis sneller tikte. Ze zei erg uit te kijken naar de zomervakantie en dat mijn vader een midweek op het park had geboekt.
'Ik mis je heel erg, lieverd,' zuchtte ze elke keer tegen het einde van het gesprek. Soms, als ik niet te laat belde, kwamen Storm en Sky nog even aan de telefoon.
'We gaan logeren!' riep Sky de laatste keer triomfantelijk. Er klonk gekraak aan de andere kant van de lijn, alsof de telefoon uit zijn handen werd getrokken. 'We mogen van mama en papa in jouw kamer slapen dit weekend,' voegde Storm er opgewonden aan toe. Bij het horen van hun stem kromp ik altijd een beetje in elkaar. Het waren misschien twee lastige bengels, maar toch hield ik van ze.

De laatste avond voordat de zomervakantie officieel zou beginnen, zaten we met het hele zomerteam bij elkaar in de schuur. Buiten goot het van de regen en geen enkele caravan had plaats voor zo'n grote groep mensen. We hadden een stel krakkemikkige stoelen in een kring gezet, alsof het een praatgroep was, en er werden enthousiast blikjes energy en snacks doorgegeven. Ik zat onderuitgezakt voor me uit te staren, gaf een Red Bull door naar links en een zak pinda's naar rechts en bemoeide me nergens mee. In plaats van actief deel te nemen aan het gesprek - zoals ik eigenlijk hoorde te doen - had ik me verscholen in mijn bubbel en dacht aan mijn bed. Hoelang zouden ze hier nog willen blijven? Ik wilde alleen maar slapen.
'En dat,' zei Vincent, die kennelijk al die tijd aan het woord was geweest, 'is het verhaal van hoe ik mezelf gratis bij een concert van Ed Sheeran naar binnen heb gekregen.'
'Bullshit!' riep Amanda. De groep was het kennelijk met haar eens want er werden pinda's en chips naar Vincents plek gegooid. Hij weerde ze af en keek met grote ogen de kring rond.
'Ik zweer je dat het waar is.'
'Dus jij hebt je verkleed als meid, een gestolen bh van je zus opgevuld met twee kokosnoten en de beveiliging bij de artiestenuitgang verleidt?' vroeg Lilly sceptisch. Vanuit de groep steeg een bulderend gelach op.
'Ik weet niet,' schudde Thomas grijnzend zijn hoofd, 'maar dat is behoorlijk gay.'
'Dat waren die prijzen anders ook,' protesteerde Vincent luid. Iedereen, inclusief ikzelf, begon weer te lachen. Maar mijn lach was niet oprecht, meer iets wat ik automatisch deed. Ik zat misschien wel in de kring en ik kon tot op een zekere hoogte meedoen met de rest, maar ik was er niet echt. Mijn gedachten waren ver, heel ver weg.
Ik keek de kring rond. Manon en Liam waren dit weekend vrij en hadden allebei besloten om naar huis te gaan, maar voor de rest was het zooitje compleet. Al kende ik ze nu bijna twee maanden en zag ik ze dag in, dag uit, nog steeds voelden ze als een stel vreemden. Als leeftijdsgenoten die van een andere planeet leken te komen.
Emma geeuwde luid en kwam moeizaam overeind. 'Ik ga m'n nest maar eens in. Winter en ik draaien morgen de vroege dienst.' Ze keek me vragend aan. 'Ga je mee?'
Dankbaar krabbelde ik overeind. Er klonk boegeroep en ik lachte verlegen door de plotselinge aandacht.
'Welterusten alvast,' zei ik en ik hobbelde op een drafje achter Emma aan, de schuur uit.

Buiten goot het nog altijd en zuchtend stak ze een paraplu op.
'Ik had ook in Spanje kunnen werken deze zomer,' zei ze minzaam, 'maar ik koos met m'n stomme kop toch voor Nederland. Weet je hoeveel spijt ik daarvan heb?'
'Waarom ben je dan niet daar naartoe gegaan?' vroeg ik. Altijd vragen terugkaatsen. Ik stak een nieuwe sigaret op en we begonnen aan de tocht naar de caravan. De lichten langs het pad werkten maar half en door de regen lagen er overal enorme plassen water, waar we moeizaam overheen sprongen.
'Heimwee. Natuurlijk heb ik dat hier ook, maar nu kan ik tenminste nog makkelijk naar huis als het echt zou moeten,' zei Emma. Het verbaasde me om dat te horen. Emma, met haar fel roze haar, zware make-up en bedekt in tattoo's, leek niet het type om heimwee te hebben. Ik vond het prettig om te horen dat er achter haar harde uiterlijk ook nog iets kwetsbaars was verscholen.
De tocht van de schuur naar de caravans duurde ongeveer een kwartier. We liepen langs de bungalows, waarvan de meeste onverlicht waren, en lege velden waar vanaf morgen tenten, campers en caravans zouden staan.
Vlak voor haar eigen caravan, die ze deelde met Manon, Lilly en Amanda, wenste Emma me goedenacht. Ze schudde haar paraplu uit, stampte naar binnen en sloeg de deur dicht.
In de stromende regen bleef ik staan. Mijn bruine haar plakte tegen mijn schedel en binnen een paar seconden was mijn werktrui doorweekt, maar het hinderde niet. Ik voelde het niet eens. Ik stond daar gewoon, me opeens bewust van de grenzeloze leegte in me en hoe nep ik was in mijn doen en laten. De afgelopen maand had ik niets geleerd, niets verbeterd. Geen echte gesprekken gevoerd, geen lol gehad, niet oprecht gelachen. Ik leefde niet.
Fysiek was ik er nog, maar de echte Winter was al lang geleden ergens gestorven.

Pas in de middag werden de eerste gasten verwacht, dus hingen Emma en ik 's ochtends rond in het rookhok van de horeca. Het was nooit heel moeilijk om haar mee te krijgen want, hoewel ze niet rookte, was ze de enige die haar oog op één van de koks had laten vallen en elke mogelijkheid om even langs de keuken te glippen, pakte ze met beide handen aan. We werden vergezeld door Thomas, die een ontbijt dienst draaide om het restaurant te helpen.
'Zoals Reinier dat deeg kneed,' kreunde Emma.
'Ziet 'ie je?' pufte Thomas. Boven het rookhok zat een raam waardoor je precies een overzicht had van de keuken. Om er doorheen te kijken moest je wel minstens twee meter lang zijn, op een stoel staan of door een collega omhoog worden getild. Zoals Thomas nu deed.
'Iets meer naar rechts graag,' beveelde ze. Met knikkende knieën zwalkte hij opzij.
'Jezus, wat eet jij zoal op een dag?' vroeg hij met een rood hoofd.
'Hou je kop. Hoger, alstublieft.'
Thomas kreunde en steunde maar wist haar toch nog enkele centimeters naar boven te tillen. 'Dit is eigenlijk gewoon stalken en dat is strafbaar, dat weet je toch?'
'Dan ben jij medeplichtig. O mijn God, ik heb nog nooit een man zo sexy zijn handen zien gebruiken.'
'Je weet nog niet eens wat de mijne kunnen.'
'Hou je kop en laat me genieten.'
Ik rookte de ene na de andere sigaret terwijl ik de twee gadesloeg. De vorige nacht had ik weer beroerd geslapen en mijn ogen leken dicht te vallen. Mijn been trok hier en daar een beetje van de nieuwe snijwonden, en het branderige gevoel was het enige waardoor ik niet ter plekke in slaap viel.
'Ik hou dit niet heel lang meer vol.' Thomas' stem klonk gesmoord.
'Ik vermoord je als je me los laat!'
'Waarom ga je niet gewoon zoals een normaal mens naar binnen en vraag je of hij een spiegelei voor je bakt?'
'Ben jij effe koekoek? Hoeveel huwelijken zijn er begonnen met een spiegelei?'
'Ik heb de statistieken even niet bij de hand, als je het niet erg vind.' Op dat moment verloor Thomas alle kracht in zijn armen en met een zucht van verlichting liet hij Emma op de grond zakken. Die gaf hem een harde por in zijn zij.
'Wat ben jij nou voor een vent,' schold ze. Thomas schudde zijn armen en rekte zich uit.
'Auch. Je hoeft niet zo persoonlijk te worden. Bovendien sta ik morgen weer in de horeca. Als je lief bent, mag je met me ruilen om dichter bij je Gordon Ramsay in de buurt te zijn.' Terwijl de twee voortkibbelden, kwam in mijn broekzak mijn mobiel trillend tot leven. Het was Meneer Kampenberg.
'Ik heb jou en Emma in het zwembad nodig,' blafte hij in mijn oor. Voordat ik ook maar iets kon zeggen, werd de verbinding weer verbroken. Met een knoop in mijn maag keek ik somber naar Emma.
'We moeten naar Kampenberg,' zei ik met tegenzin. Onmiddellijk werden haar ogen groot.
'Dan moeten we langs Reinier lopen,' fluisterde ze. 'Hoe zit mijn make-up?'
'Alsof je ieder schoonouders grootste teleurstelling bent,' grijnsde Thomas, wat hem op een stomp in zijn maag kwam te staan. Ik verzekerde Emma ervan dat ze er prachtig uit zag (wat ook zo was) en sleepte haar mee het rookhok uit. Toen we langs Reinier liepen, knikte die vriendelijk naar ons en Emma sloeg zowat tegen de grond van verrukking. Tot aan het zwembad vroeg ze me wel twintig keer of ik dacht dat dat het begin van een bloeiende relatie zou zijn.

Kampenberg stond nijdig bij de balie te wachten.
'Ik hou het kort,' snauwde hij. 'Marloes is net ziek naar huis gegaan en om vier uur vanmiddag komt de vervanging pas. Winter, jij blijft bij het bad tot Jesper er is. Emma helpt mij met de laatste voorbereidingen. Waarom dit soort dingen altijd gebeuren op de dag dat de vakantie begint, is me een raadsel.'
Het zweet brak me plotseling uit, want toen ik over Kampenbergs schouder door het raam keek, zag ik Chris verveeld naar de zwemmende mensen staren. Was het hele universum tegen me?
'Ik kan u ook wel helpen,' opperde ik krampachtig.
'Negatief,' schudde Kampenberg zijn hoofd, alsof dit een oorlogsmissie was. 'Emma heeft minder zwembad diensten gedraaid.' Emma zelf knikte dromerig, haar gedachten ongetwijfeld bij Reinier.
Met tegenzin slofte ik naar de kantine, wisselde mijn sneakers voor badslippers en liep het zwembad in. Het was niet waanzinnig druk, met een groepje bejaarden die baantjes trokken en een gezin in het peuterbad. Verscholen in mijn bubbel bereikte ik de wachtpost, waar we de baden in de gaten hielden.
Chris had zijn armen over elkaar geslagen en keek nauwelijks op toen ik aankwam. Zwijgend ging ik aan de andere kant van hem staan, een afstand van twee meter tussen ons in bewarend. En toen was er stilte.
Het maakte niet uit dat ik mezelf achter het schild van mijn fantasiewereld verborg, want het gevoel bleef. Ik had het verziekt en dat was helemaal mijn eigen schuld.
De minuten tikten weg. Het bleef pijnlijk stil. Ik staarde naar het peuterbad zonder ook maar iets te zien. Het hele gezin had in die twintig centimeter water kunnen verdrinken en ik zou het niet door gehad hebben. Het enige wat er door mijn hoofd ging was Chris, die niet eens mijn kant op had gekeken. Ik wist dat het mijn eigen schuld was, omdat ik hem al een maand negeerde, maar ik had niet het idee dat het hem zou interesseren. Het maakte toch voor niemand verschil of ik nu wel of niet met ze omging? Hij had nog zat andere collega's, die stuk voor stuk leuker en socialer waren. Misschien had ik hem wel gegeven wat hij wilde. Nu hoefde hij eindelijk niet meer te doen alsof. Kreeg Zomer toch gelijk.
Alweer.
Meer minuten gingen voorbij. Het gezin vertrok naar de kleedkamers, de bejaarden begonnen aan hun zoveelste baantje. Door het raam tussen de balie en het bad, zag ik een paar mensen vragend om zich heen kijken. Ik wilde net moed verzamelen om aan Chris te vragen of ik erheen moest, maar hij was al weg. Met grote stappen liep hij richting de deur. Ik keek hem na, richtte toen mijn blik weer op het bad. Door mijn tranen zag ik het water nauwelijks.
Ik haatte, nee, walgde van mezelf. En ik wenste, niet voor de eerste keer, dat ik anders was. Meer open. Socialer. Normaal. Iemand die je graag als vriend wilde, zoals ik een vriendschap met Chris had gewild. Zoals het misschien ook had kunnen zijn, als ik maar gewoon was geweest zoals iedereen.

Toen Chris terug was, had ik de tranen weer uit mijn ogen geveegd en slaagde ik erin om te doen alsof alles normaal was. Als hij niets ging zeggen, zou ik het ook niet doen.
Ik beet op mijn lip, speelde wat met mijn haar en plukte aan mijn t-shirt. Probeerde te doen alsof ik er niet was. Maar hoe harder ik dacht aan alles wat maar niet Chris gerelateerd was, hoe meer ik juist aan hem moest denken. Het was een vloek.
Opnieuw tikten de minuten voorbij. De bejaarden verlieten het zwembad, maar werden ingewisseld voor een groep vijftigplussers. Het peuterbad bleef leeg.
'Heb ik iets verkeerd gedaan?' Het was de eerste keer in een paar weken dat ik zijn stem weer hoorde en op een rare manier voelde ik me meteen beter. Chris keek me zijdelings aan, de mensen in het water negerend. Wat moest ik zeggen?
'Hoezo?' vroeg ik. Het kwam er norser uit dan ik bedoeld had en ik beet op mijn lip. Dit was het moment waarop ik mijn afstandelijkheid moest zien vol te houden, als ik niet gekwetst wilde worden in de toekomst.
'Omdat je al een maand niet bent komen roken, je je diensten gewisseld hebt en me lijkt te negeren,' zei Chris. 'Dus als ik iets gedaan heb waardoor je kwaad op me bent, dan wil ik dat graag weten.'
'Er is niets. Je hebt niets verkeerd gedaan,' zei ik. Chris opende zijn mond, leek zich te bedenken en sloot hem weer.
Er viel een nieuwe stilte terwijl we zwijgend toekeken hoe de badgasten het ene na het andere baantje trokken. Alles aan deze situatie was pijnlijk. Hoe moest ik hem uitleggen dat ik niet wilde dat hij zich verplicht voelde om met me om te gaan? Dat ik al te vaak was teleurgesteld door anderen? Dat ik slechts één beste vriendin had en er geen ruimte bleek te zijn voor meer mensen in mijn leven?
Ik kon het niet.
Vanuit mijn ooghoeken observeerde ik hem. Chris had zijn armen over elkaar geslagen en leek geconcentreerd naar het water te kijken, maar toen ik beter keek, zag ik de spieren bij zijn kaak trillen en in zijn voorhoofd lag een diepe rimpel, alsof hij diep nadacht. Ik wilde niets liever dan mijn verontschuldigen aanbieden, hem zeggen dat ik raar in elkaar stak en dat mijn problemen niet zijn schuld waren. Het cliché van 'het ligt niet aan jou, het ligt aan mij' gebruiken. Er waren zoveel dingen die ik wilde zeggen, maar er leek geen ruimte voor te zijn. Dus in plaats daarvan nam ik afstand. Trok me terug in mijn eigen wereld en nam afscheid van welke oppervlakkige vriendschap er dan ook tussen ons geweest was.
Nog minder dan honderd dagen te gaan.
Meer dan Zomer had ik tot het einde niet nodig.


Reacties (2)

  • AMuppetOfAWoman

    Oh nee, Winter toch :'( Chris en Winter waren juist zo leuk samen! Zomer daarentegen, die vind ik persoonlijk niet zo leuk.

    1 jaar geleden
  • Frodo

    Buuuut :c haar vriendschap met Chris was net zo leuk. Die verdomde Zomer, als Winter haar niet had, zou ze veel beter af zijn.

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen