Foto bij Hoofdstuk 2

Ik hoop dat jullie dit een goed stukje vinden!
het is niet echt super intersent... maar beter dan niks.

Na dat ik eindelijk mijn laatste koffer met veel geweld heb dicht gekregen, plof ik uitgeput op mijn bed neer. Ik staar naar het plafond en begin voor mezelf een slaap liedje te neuriën. Ik kijk opzij en zie dat Felix zachtjes met zijn staart zwiept. Ik hoor hem ook zachtjes mee zingen. Ik voel een glimlach op mijn gezicht verschijnen als ik mijn enigste vriend zo relaxt zie. Hij is het wijste en het zuiverste wezen wat ik ken. Hij is er altijd voor me. Hij waakt over me terwijl ik slaap. Hij verjaagd de dromen die me bang proberen te krijgen. Ik vind de dromen eigenlijk niet eng, maar dat ze zo vreselijk echt voelen maakt me bang. Dat ik weet dat ze ooit ook uit zullen komen maakt me bang.
‘Hoe was je dag juffrouw Roxanne?’ Onderbreekt de fluweel zachte stem van Felix mijn gedachten en mijn zacht geneurie. Ik kijk het beestje in zijn helder maar ook tegelijkertijd donkere ogen
‘Mijn dag was vreselijk, maar nu gaat het wel weer. Albus heeft gezegd dat ik toch naar Zweinstein mag.’ Vertel ik de vogel waarop hij trots naar me knikt.
‘Ik ben blij voor je. Ik weet hoelang je dat al wilt. Elke nacht die ik bij je kon zijn vertelde je me hoe graag je daar heen wilde. Je zei altijd: “Ik hoor niet thuis in de Dreuzel wereld. hier kan ik niet zijn wie ik wil zijn. Hier begrijpen mensen me niet.” Je mag nu naar een plek waar jij je thuis gaat voelen. Waar jij eindelijk jezelf kan zijn.’ De woorden van Felix laten me glimlachen. Ik ben zo blij met een vriend zoals Felix. ‘Je hoeft nu eindelijk niet meer naar dat weeshuis.’ Zegt hij waarop ik blij knik. Het weeshuis, het huis waar niemand mij begreep en mocht. Zodra Albus naar Zweinstein ging moest ik daar heen, en nu na al die jaren hoeft dat niet meer!
‘Felix, blijf je wel bij me?’ Vraag ik het beestje voorzichtig.
‘Ik zal altijd bij je blijven. Ik zal elke nacht die ik kan naar je toe komen om je te bewaken. Ik zal zorgen dat Zweinstein een thuis voor je word, Maar ik weet dat ik dat niet hoef te doen. Want je zult mij niet nodig hebben. Je zult het naar je zin hebben en mij amper missen. Als je me nodig hebt weet je me altijd te vinden.’ Ik knik naar het beestje en ga met mijn hand lichtjes over zijn kopje heen. ‘Je bent zo veel sterker dan je denkt. Jij kan de mensen die je niet mag aan de kant schuiven negeren en je kan de mensen van wie jij houd, lief hebben en beschermen. Je bent een bijzonder meisje.’ Ik knik zwakjes en geef Felix een kus op zijn kopje.
‘Dankjewel Felix, die worden had ik echt even nodig. Je weet altijd zo goed wat je moet zeggen.’ Zeg ik zachtjes. Het beestje knikt en sluit zijn ogen. Ik ga terug op bed liggen en sluit mijn ogen. Langzaam voel ik mezelf wegzakken naar een wereld vol dromen.

Reacties (1)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen