Foto bij Hoofdstuk 3

lekker lang stukje!
het is wel saai maar ik hoop dat jullie hem toch leuk vinden.

Voor het hek tussen perron negen en tien blijf ik staan en staar ik er naar. Vandaag is de dag dat ik eindelijk naar Zweinstein mag. Ik kijk voorzichtig om me heen om te kijken of niemand op me let en ren dan zo hard als ik kan naar de muur. Mijn karretje rolt voor me uit en ik sluit mijn ogen net een seconden voor ik de muur zal raken. Ik open mijn ogen en zie boven me het bordje met 9 ¾ hangen. Ik kijk naar de rest van het perron en een geweldig gevoel overspoelt me. Het perron staat vol met kinderen van mijn leeftijd, sommige zijn jonger en sommige zijn ouder. Kinderen die net zo enthousiast zijn als ik om naar Zweinstein te gaan. Ik kijk naar de grote stroomtrein die al klaar staat voor vertrek. Ik loop richting de trein en voel bij elke stap die ik zet mijn glimlach groter worden. Het is nog veel mooier dan vroeger. Ik ben zo blij dat ik weer terug mag. Ik loop naar een man toe die wat kinderen helpt met hun tassen de trein in te krijgen. De meeste kinderen hier zijn zo groot en kunnen hun tassen makkelijk de trein in krijgen. Ik ben op dit moment een kleine tweedejaars die geen idee heeft van wat ze moet doen. Uit het niets worden mijn koffers van mijn karretje gehaald en worden ze in de trein gezet. Ik kijk verbaast naar de twee roodharige jongens. Het lijkt net of ik dubbel zie. Ze zijn precies het zelfde. De twee jongens kijken me aan en lachen dan lief naar me. Op een of andere manier komt hun houding me zo bekent voor, maar ik kan mijn vinger er niet op leggen. Een rood harige tweeling die zou ik toch moeten kunnen onthouden. Ik weet zeker dat je deze jongens niet snel vergeet.
‘Nieuw hier?’ Vragen de twee jongens me tegelijk. Ik grinnik zachtjes en knik dan als antwoord.
‘Ik ben inderdaad nieuw hier. Bedankt dat jullie me hebben geholpen met mijn koffers. Zelf had ik ze nooit de trein in gekregen.’ Zeg ik zachtjes waarop de tweeling begint te lachen.
‘Aah geen probleem joh.’ Zegt de rechtse jongen.
‘We doen het graag.’ Zegt dan de Linker. Ik zet vlug mijn karretje weg en volg de jongens de trein in.
‘Mijn naam is Roxanne.’ Stel ik mezelf voor als we een lege coupe in lopen. De jongen gaan zitten en ik ga voorzichtig tegen over ze zitten.
‘Ik ben Fred Wemel.’ Zegt de rechter jongen.
‘En ik ben George Wemel.’ Maakt de linker Fred zijn zin af. Ik grinnik zachtjes en knik dan. Een tweeling die hun zinnen samen af maken.
‘Wacht, zei je Wemel?’ Vraag ik de twee jongens verbaast waarop hun verbaast knikken. ‘Broertjes van Willem en Charlie Wemel?’ Vraag ik ze waarop ze weer verbaast knikken. ‘Ik bedoel Bill.’ Verbeter ik mezelf. Willem wil liever Bill genoemd worden. Waarom? Ik heb geen idee. De tweeling knikken en ik begin te lachen.
‘Hoe ken jij onze oudere broers?’ Vragen de jongens tegelijk. ‘Je bent nog maar een eerstejaars en die twee zijn al jaren van Zweinstein af.’ Gaan ze verbaast veder.
‘How, wow, wacht. Ten eerste ik ben een tweedejaars. Ten tweede ik ben vaker op Zweinstein geweest. Ik werd altijd bij de broers Wemel geplaats, gewoon omdat ik ze heel erg mocht.’ Vertel ik de jongens waarop ze verbaast knikken. De broers Wemel waren ook de enige die niet bang voor me waren. Ik heb ze niet meer gezien sinds ze van school zijn gegaan. Ik ben tegelijk met hun weggegaan. Ik ben benieuwt wat er van ze geworden is.
‘Nou Roxanne, leuk je ontmoet te hebben en leuk dat we wat meer weten over onze oudere broers.’ Onderbreekt de jonge Fred mijn gedachten.
‘We komen je zeker nog wel een keer tegen in de gangen en hopelijk ook in onze afdeling.’ Gaat George veder.
‘Maar we gaan nu naar onze vrienden en we hopen dat je het verder red zonder ons.’ Zeggen ze tegelijk terwijl ze opstaan.
‘Komt goed.’ Lach ik zachtjes. Ze knikken en lopen dan samen de deur uit. De Wemel tweeling. Ik weet niet waarom maar ik weet zeker dat wij goede vrienden gaan worden. Ze lijken me bijna net zo gezellig als Charlie en Bill, maar ze lijken ook veel minder serieus dan Charlie en Bill.

Reacties (1)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen