Het bleef lang rustig. De mensheid werd steeds inventiever en stoommachines en fabrieken maakten hun opkomst. Alles bouwde steeds meer op tot de wereldoorlogen kwamen, die veel verwoestten. Ook voor Alexander en Hephaistion was dat een onrustige tijd, waarin ze meestal druk bezig waren de oorlog te ontvluchten. Hoewel vroeger het huurlingenleger hen had getrokken, was dat niet meer het geval nu oorlogen anders werden uitgevochten. Met het geweer in plaats van met het zwaard. Alexander vond de nieuwe wapens afschuwelijk en mijde ze het liefst ook zoveel mogelijk. Het feit dat ze twee jonge sterke mannen waren, maakte hen zeer gewild voor in het leger en ze konden nooit lang op één plek blijven, omdat ze anders opgepakt zouden worden en in het leger gedwongen worden. Uiteindelijk kwamen ze terecht in Zwitserland, welk neutraal bleef in beide oorlogen en dus de ideale plek voor hen om te verblijven.
Na de twee grote oorlogen werd de wereld voor hen steeds verwarrender. Technologie ging met sprongen vooruit en Alexander en Hephaistion, die eeuwen in een oude wereld hadden geleefd zonder zodanige enorme vooruitgang, konden het maar niet bijhouden. Het duurde bijvoorbeeld erg lang voor Alexander überhaupt de functies van een mobiele telefoon kon bevatten, laat staan ermee omgaan. Maar langzaamaan wenden ze eraan en begonnen ze het prettige van alles wel in te zien. Communicatie was nu veel gemakkelijker en ondanks dat ze zoveel mogelijk bij elkaar bleven, konden ze alsnog contact onderhouden als één van hen ergens anders was.
Ook was de wereld, in ieder geval West-Europa, veel vriendelijker geworden voor zogenaamde afwijkende geaardheden. In de loop van de eeuwen hadden Alexander en Hephaistion steeds voorzichtiger moeten zijn met het tonen van hun liefde in het openbaar. Een tijdlang was het liefhebben van hetzelfde geslacht zelfs strafbaar, maar in deze nieuwe tijd was het weer gewoon geworden, tot hun grote geluk. Ze hoefden niet meer stiekem te doen en ze konden nu in het openbaar gewoon weer hand in hand lopen, al werden ze dan alsnog vaak vreemd aangekeken. Toch was men nu toleranter dan ooit, want relaties tussen vrouwen waren ook niet meer raar, terwijl er in hun eigen tijd toch met een scheef oog naar werd gekeken. Alleen mannen hadden dat recht en hoe langer Alexander erover nadacht, hoe vreemder hij dat vond.
De wereld was nu overbevolkt en er waren nog weinig grote ongerepte gebieden. Hoewel Alexander graag mensen om zich heen had, begon hij deze drukte een beetje zat te worden, dus waren ze naar Zweden gegaan. Daar was er nog veel mooie en wilde natuur en het herinnerde hem aan vroeger.
Ze hadden een tijdje gewerkt, maar het stilzitten begon Alexander te vervelen. Steeds gefrustreerder raakte hij, dus had Hephaistion besloten dat ze een tijd zouden gaan rondtrekken door Scandinavië. Te voet, zoals vroeger. Gewoon lekker op avontuur en zien waar ze uit zouden komen. Mochten er met betrekking tot het mythische toch problemen komen, sinds kort hadden ook zij een mobiele telefoon en bleven ze dus bereikbaar. Weggaan uit de drukte die de moderne wereld was geworden deed Alexander goed en hij was maar al te blij dat Hephaistion hem had meegesleept op deze reis. Onderweg kwamen ze weinig beschaving tegen en het was haast zoals vanouds. Het feit dat de dorpen veel moderner waren geworden deed het een beetje anders voelen, maar toch was de gastvrijheid hetzelfde. Vaak werden ze hartelijk ontvangen.
Wekenlang trokken ze zo rond en alles voelde goed. Tot ze voor het eerst in een lange tijd weer een mythisch monster tegenkwamen.
Ze wandelden rustig over een smal pad door de heuvels, toen ze van boven gegrom hoorden komen. Een kleine Chinese draak kwam naar beneden gegleden en landde vlak voor hen. Het dier siste en nam een aanvallende houding aan.
Alexander en Hephaistion keken elkaar ongerust aan, want geen van beide was gewapend. Alexander vervloekte het feit dat het in deze tijd niet toegestaan was om met een zwaard rond te lopen.
'We hebben geen kwaad in de zin!' zei Alexander nog, maar de draak leek hem niet te begrijpen en begon juist harder te grommen en te sissen. Het was blijkbaar van het soort dat de mensheid niet goed gezind was.
'Dan maar de grove middelen,' zuchtte hij en hij liet zijn aura opvlammen en gauw volgde Hephaistion zijn voorbeeld. Hij liet een Macedonische wapenrusting om zich heen verschijnen, gevormd uit zijn aura en een rode speer verscheen in zijn hand. Hij knikte Hephaistion toe die een lichtblauwe boog in zijn handen hield en met pijlkoker op de rug. Ze liepen ieder naar een andere flank van de draak. Alexander trok de aandacht van de draak door met zijn speer te zwaaien en schijnaanvallen te doen. Ondertussen klom Hephaistion een stukje de helling op om zo vanaf een veiligere afstand te kunnen schieten op het monster en weer van Alexander af te leiden.
Alexander bleef de draak uitdagen, wachtend op Hephaistions aanval. Het was een noodplan dat ze uitvoerden, mochten ze ooit onverwacht verrast worden door een monster en niet kunnen overleggen. Het had al vaker eens gewerkt, dus nu zou het ook moeten werken.
Hij bleef gefocust op het wezen en toen hij het een kreet van pijn hoorde uitslaken en zag omkijken richting Hephaistion, was het zijn beurt om toe te slaan. Hij stak zijn speer in de weke buik. Vervolgens gaf hij met zijn aura nog een stoot van energie, bedoeld om te doden. De draak begon te krijsen en probeerde nog in Alexanders richting te happen, maar hij was te snel voor het stervende monster. Hephaistion maakte het monster uiteindelijk af met een stoot in de kop met een aurazwaard.
'Weer een monster minder dat onschuldige wandelaars kan doden,' merkte Alexander op en Hephaistion knikte, maar beiden hijgden nog uit van de inspanning en het gebruik van hun aura.
'Toch zit me iets dwars.' Er had een stilte gehangen en Hephaistion liep een rondje om de dode draak.
'Het is een Chinese draak. We zijn in Scandinavië. Wat doet ie hier? Ik weet dat monsters nog wel eens gaan dwalen, maar ze komen nooit heel ver van hun land van oorsprong vandaan. Iets klopt niet.'
Alexander dacht na over zijn woorden en kwam toen tot dezelfde conclusie. In hun hele carrière van monsterjagen waren ze nog nooit een monster zo ver van zijn thuis tegengekomen. En als het gebeurde was er een aloude in betrokken.
'De Duistere Alouden beginnen zich te roeren,' zei hij uiteindelijk. 'Er komen duistere tijden aan.'

Reacties (1)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen