Foto bij Hoofdstuk 28

geniet er van!(yeah)

Samen met Harry en Ron zit ik in de ziekenzaal bij Hermelien haar bed. We moeten dat beest vinden! Ik weet waar hij is, hoe ik er moet komen, wat je wel en niet moet doen, maar ik zit hier nog steeds niks te doen. Harry pakt Hermelien haar hand, maar trekt hem ook weer vlug weg. Hij heeft een opgetrommeld papiertje in zijn handen en kijkt er verbaast naar.
‘Roxanne, wat zochten jullie in de bibliotheek?’ Vraagt hij me waarop ik zacht op mijn lip bijt.
‘Ik wilde meer te weten komen over de Basilisk. Ik denk bijna alles al te weten. Maar het enigste wat ik nog niet weet, is hoe de Basilisk zich door het kasteel verplaatst.
‘Wat weet je?’ vraagt Harry.
‘Iedereen is versteend geraakt door een slang. Geen enkele slang is zo dodelijk als de Basilisk.’ Verteld ik de twee jongens. Harry staat op en Ron en ik volgen hem de ziekenzaal uit. ‘Als je en Basilisk in zijn ogen aan kijkt sterf je. Jammerende Jenny heeft hem ooit aan gekeken en is daardoor gestoven, maar nu heeft niemand hem rechtstreeks aan gekeken.’ Ga ik veder met mijn verhaal.
‘Daarom hoorde wij hem alleen. Omdat het een slang is!’ Roept Harry waarop ik knik.
‘Kasper zag hem door zijn camera, Joost zag hem door Haast onthoofde Henk. Henk kreeg de volle laag maar hij is een geest en kan geen twee keer sterven, Hermelien had een spiegel waarmee ze mee om de hoek heeft gekeken.’ Som ik op waarop de jongen begrijpelijk knikt.
‘En Mevrouw Norks dan? Die had vast geen camera of spiegel.’ Mengt Ron zich in het gesprek.
‘Jenny had die avond de toiletten laten overstromen. Er lag overal water op de vloer. Mevrouw Norks heeft de Basilisk in de weerspiegeling van het water gezien.’ Zeg ik en Harry knikt op mijn antwoord.
‘Alles klopt.’ Zegt Harry. ‘Maar hoe verplaatst hij zich door het gebouw?’ Vraagt hij ons verbaast. Ik glimlach naar de jongen en pak het stukje verfrommelt perkament uit zijn hand.
‘Ik denk dat Hermelien dat had uitgevonden.’ Mompel ik terwijl ik het briefje open vouw. ‘Hij verplaatst zich door de pijpleidingen.’ Zeg ik en geef Harry het briefje terug. De jongen begint breed te grijnzen en knikt.
‘Jullie zijn een geniaal duo samen.’ Mompelen de jongens tegelijk waarop ik zacht begin te lachen.

Reacties (1)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen