Foto bij Chapter eighty-two

Nadat ik het veld heb moeten verlaten, is het een zooitje geworden. Het ritme liep al niet lekker, maar nu de laatste persoon die dit ritme recht kon trekken van het veld is gedragen en niet meer mee kan spelen, is Inazuma Japan aan de verliezende kant. De rest van de eerste helft is het team compleet uit elkaar gedreven en heeft het The Empire twee goals opgeleverd. Nog voor het einde van de eerste helft heeft ook Kazemaru zich geblesseerd en zit hij net als mij, vast aan de bank. Hiroto heeft daarbij de aanvoerdersband overhandigd gekregen en leidt nu het team door de wedstrijd, maar ook hij lijkt niet te weten wat hij moet doen.

De scheidsrechter fluit de eerste helft af en met een verslagen houding, komt iedereen terug naar de kant. Mijn lichaam duw ik voorzichtig overeind in een zithouding en glimlach licht naar het team. ‘Hoe voel je je?’ vraagt Atsuya als hij naast mij neer ploft. Ik haal mijn schouders lichtjes op en houdt het ijs tegen mijn hoofd gedrukt. ‘Het gaat wel iets beter,’ mompel ik. Mijn blik glijdt éen voor éen langs iedereen en alsof iets mij forceert, wordt mijn blik naar Kai getrokken. Hij vernauwt zijn ogen als hij mij recht in mijn rode ogen kijkt en stapt op mij af. Als vanzelf druk ik mijn lichaam tegen Atsuya aan, die op zijn beurt verrast omkijkt. Kai stopt met lopen als hij voor mij staat en reikt zijn hand naar mij uit. ‘Je bent niet eerlijk geweest. Geef me je armband,’ zegt hij op een kille manier. Mijn blik schiet van de armband naar Kai en klem mijn hand er stevig omheen. ‘Nee,’ zeg ik hees. De jongen voor mij kijkt mij strak aan. ‘Wat heb je te verbergen, Milou? Wat is er gebeurd voordat je hier kwam?’ vraagt hij mij dringend. De sfeer rondom ons slaat volledig om en de rest van het team kijkt gespannen toe. ‘Er is niets gebeurd,’ houd ik stevig aan. Kai knarst opnieuw zijn tanden, zet een extra stap naar voren en hurkt bij mij neer. ‘Er is maar éen techniek die er nog voor zorgt dat jouw ogen rood worden, Milou. Vertel me de waarheid,’ zegt hij doordringend. Ik bal mijn handen kort tot vuisten en schud mijn hoofd. ‘Niets.’
‘Verklaar dit dan eens,’ snauwt hij mij toe. De sok van mijn rechterbeen, duwt hij volledig omlaag en de bijtwonden van de pinguïns worden zichtbaar. Een poging om mijn blik van Kai los te trekken, mislukt volkomen wanneer hij mijn kin stevig vast pakt. ‘Kijk me aan als ik tegen je praat,’ sist hij me toe. De armband om mijn pols schuift hij af en zijn ogen spuwen nog net geen vuur als hij naar mij kijkt. ‘Waarom-.. Wat heb ik gezegd over dat schot, Milou? Waar was Kidou in dit alles? Hij had me belooft je in de gaten te houden!’ probeert Kai zo kalm mogelijk uit te spreken. Ik sluit met een zucht mijn ogen en haal even diep adem. Zodra ik mijn ogen weer open, kijk ik de jongen voor mij, strak aan. ‘Ze speelde tegen Kageyama, Kidou stond op het veld, vastgevroren. Ik had geen andere keus. Een tweede klap van Emperor Penguin X had Endou kapot gemaakt,’ beantwoord ik hem. Kai’s ogen worden kort groot, zijn tanden hoor ik op elkaar knarsen en voor ik het weet, heeft Kai uitgehaald en voel ik mijn rechterwang branden. Vol ongeloof kijk ik naar de jongen die voor mij gehurkt zit en waarvan het duidelijk te zien is dat hij zijn best doet geen tranen los te laten. ‘Vuile-’ Atsuya komt vloekend in beweging en grijpt Kai ruw bij zijn kraag. Doordat Atsuya plots overeind kwam, glij ik naar achteren en plof ik weer volledig op het matje neer. Terwijl mijn moeder en de rest van het team hun best doen om Atsuya en Kai van elkaar los te halen, krijg ik een tweede zak ijs aangeboden en druk dit tegen mijn wang. Mijn blik keer ik naar de persoon die mij dit gegeven heeft. Hiroto. Hij glimlacht mij vriendelijk toe en kijkt even moeilijk naar de twee schreeuwende jongens. ‘Ben ik blij dat die niet dicht bij elkaar op het veld staan,’ probeert hij lachend. Hiroto neemt voor mij plaats en kijkt mij nog altijd met dezelfde glimlach aan. Daar waar ik terug probeer te glimlachen, is het enige dat ik nog kan horen, de woorden van Kageyama wanneer ik naar deze jongen kijk. ‘Wie is de schuldige aan de vloek die op jouw lichaam rust?’ Het benauwde gevoel op mijn lichaam komt terug en een snak naar adem, valt de jongen meteen op. ‘Gaat het wel?’ vraagt hij bezorgt. Wanneer hij zijn hand naar mij uitreikt, sla ik deze als reactie van mij weg. Met grote ogen kijkt Hiroto naar mij, zijn ogen gevuld met ongeloof en bezorgdheid. ‘Hij was het,’ fluister ik hees als antwoord naar de woorden in mijn hoofd. ‘Het is zijn schuld.’
Een hand op mijn schouder laat mij geschrokken opkijken, recht in de glimmende teal kleurige ogen van Hiroto. ‘Milou?’ vraagt hij nogmaals bezorgt. Mijn tanden knars ik op elkaar, maar voordat ik een woord uit heb kunnen brengen staat Kai weer naast mij. ‘Milou-’ ‘Wat?’ kap ik hem meteen af. Ik kijk kwaad naar hem op. ‘Ga je me soms weer slaan? Gaat dat dit probleem oplossen? Ga je je er beter door voelen?’ sis ik hem boos toe. Kai balt zijn handen tot vuisten en zijn blik verhard. ‘Die nasty attitude die je van Aliea Academy over heb gehouden moet je af gaan leren,’ sist hij terug. Met grote ogen kijk ik van Kai naar Hiroto, die op zijn beurt ook geschokt van Kai, naar mij kijkt. ‘Dat is-.. Ik heb-.. Door mij ben je..? Ik heb nooit gewild dat-..’ brengt hij ongelovig en moeizaam uit. Hij komt duidelijk niet uit zijn woorden en door zijn houding zie ik meteen dat hij er moeite mee heeft. Mijn blik draai ik weg van beide jongens en als het fluitsignaal voor de tweede helft luidt, draait iedereen een beetje ongemakkelijk op hun plaats. Hiroto duwt zichzelf overeind en stapt zonder nog iets tegen mij te zeggen, richting het veld. Al snel volgt de rest van team het voorbeeld van hun huidige aanvoerder en staat vervolgens iedereen weer op het veld.
Als de wedstrijd zich vervolgt, merk je dat het team hun hele sync met elkaar is verloren. Hierdoor worden er nog meer slordige fouten gemaakt en raakt iedereen constant de bal kwijt. Mijn lichaam forceer ik van de grond te komen en sta een beetje wankel op mijn benen. Een steek door mijn hoofd laat mij bijna omvallen, maar ik weet mezelf overeind te houden. ‘Milou, blijf zitten alsjeblieft. Je lich-’ ‘Laat me spelen,’ zeg ik hees. Mijn blik draai ik naar mijn moeder die mij ongelovig aankijkt. ‘Je wil wat? Ben je gek!?’ roept ze uit. ‘Je kunt niet spelen Milou. Leg je erbij neer en neem je rust. Niemand op dat veld wilt dat jij je kapot loopt.’ Ik knars zacht mijn tanden op elkaar en kijk toe naar de spelers op het veld. De verslagen houdingen maakt mij van binnen boos. ‘Geef niet op!’ roep ik luid vanaf mijn plek. Iedereen kijkt verrast naar mij om. ‘Vergeet niet dat jullie op eigen kracht al zo ver zijn gekomen! Jullie kunnen dit. Ik geloof in jullie!’

Reacties (1)

  • Luckey

    go team go!!

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen