Foto bij Hoofdstuk 33

En wat vinden jullie?:O

‘Dus jij kan met dieren praten en je bent een transformagiër?’ Vraagt een van de jongens me waarop ik knikt.
‘Je bent hier gedumpt door een van je docenten?’ Vraagt iemand anders waar ik ook op knik.
‘Maar waarom ben je hier dan?’ Vraagt Wessel me dan. ‘Ik bedoel waarom heeft je docent hier achtergelaten?’
‘Ik moest naar iemand op zoek die ik van vroeger kende.’ Zeg ik zachtjes en ik kijk naar Charlie die zacht begint te grinniken.
‘Dat is je gelukt, maar waarom?’ Vraagt Wessel nog een keer.
‘Ik heb een docent nodig voor transformagië. Om mijn krachten beter onder controle te krijgen. Charlie was ooit bevriend met Nymphadora Tops. Zij is een transformagiër zij kan het me leren. Ik heb alleen geen idee hoe ik haar kan vinden.’ Leg ik jongens uit.
‘Ik help je wel, maar niet vandaag.’ Zegt Charlie waarop ik begrijpelijk knik. ‘Ik zal morgen een uil naar haar sturen. Ik zal een uil sturen naar mijn ouders. Over een week zou ik met heel de familie op vakantie gaan naar Egypte. Ik zal ze vragen of je mee mag.’ Zegt de jongen tegen me waarop ik vlug mijn hoofd schut.
‘Charlie, dat hoeft echt niet.’ Zeg ik waarop hij zijn hoofd knikt.
‘Dat moet ik wel. Als ik ze vertel dat jij de gene bent waardoor ik niet mee kan of zonder je ga en je hier achterlaat. Zullen Fred en George me vermoorden.’ Ik begin te lachen en knik dan begrijpelijk. Ik kijk op als al de eerste jongens opstaan en ons gedag zeggen. ‘Ik weet nog mijn eerste dag op Zweinstein. Ik zag een klein meisje bij Bill op schoot zitten. Je had een knuffel vast van een zwarte draak. Eerst verbaast dat er een klein meisje door Zweinstein huppelde, maar draak zag en jou gezichtje moest ik alleen maar lachen. Ik liep langzaam naar jou toe en toen je me eindelijk zag riep je naar me. Eerst verstond ik niet wat je zei maar toen hoorde ik het. Je riep mijn naam!’ Verteld de jongen me. ik kijk de jongen afwachtend aan en hij begint zacht te grinniken. ‘Daarna riep je “Charlie Wemel zal draken kijken.” Ik was met stomheid geslagen. Je stak je hand me de knuffel uit en zei dat ik hem moest houden. Ik moest er voor zorgen dat mijn droom uit zou komen.’ Verteld de jongen me waarop ik begin te lachen.
‘Vertel me alsjeblieft meer’ Smeek ik de jongen zachtjes. Hij begint te grinniken en knik dan.
‘Ooit ben jij je kamer uit geglipt. Je rende toen naar de toren van Griffoendor.’ Verteld hij me.
‘Ik was bang want ik had een nachtmerrie over jouw. In die droom werd jij verbrand door een draak. Ik stond toen huilend voor het portret van de Dikke Dame. De vrouw had zo veel medelijden met me dat ze me gewoon binnen liet. Ik ben toen naar de kamer van jouw kamer gerend en kroop zonder enige aarzeling bij je in bed.’ Vertel ik de jongen grinnikend waarop hij knikt.
‘In die nacht verteld je me heel de toekomst. Je verteld me dingen die een week later ook gebeurde. Zelfs van de draak die me zou verbranden.’ Zegt hij waarop ik knik en voorzichtig zijn linker schouder aan raakt.
‘Je linker schouder.’ Zeg ik zachtjes waarop de jongen knikt. de jongen staat op en pakt dan mijn hand.
‘Kom ik breng je naar bed.’ Zegt hij waarop ik knik en hem volg.
‘Charlie?’ Vraag ik de jongen zachtjes waarop hij knikt. ‘Ik heb je gemist.’ Fluister ik zachtjes.
‘Ik jouw ook.’ Antwoord hij terug als hij een deur voor me opent. Hij drukt me op het bed wat in de kamer staat en meteen ga ik lachen. De jongen lacht terug en drukt een kus op mijn voorhoofd. ‘Slaaplekker Roxy.’ Fluistert hij. ik sluit meteen mijn ogen en zak dan weg.

Reacties (1)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen