Foto bij Hoofdstuk 35

Dit verhaal loopt echt op rolletjes.(yeah)

Ik schrik wakker en schiet in paniek omhoog. Twee sterke armen grijpen me vast en verbaast kijk ik langs me. Meteen kijk ik in twee oceaan blauwe ogen
‘Nare Droom?’ Vraagt Charlie me waarop ik mijn hoofdschut.
‘Ik hoop eigenlijk van wel, maar ik denk het niet.’ zeg ik zachtjes. De Jongen lacht zwak en staat dan op. Er word op de deur geklopt en verbaast kijk ik er naar.
‘Ontbijt staat op tafel.’ Hoor ik Molly roepen. Ik spring meteen uit bed en kleed me vlug aan. Samen met Charlie loop ik naar beneden en kijk om me heen. Ik mis Roemenië wel een beetje. Het was daar zo zonnig en de jongens waren best aardig. Het is acht weken geleden dat ik daar was en het is twee weken geleden dat ik in Egypte was. Nu zit ik in de Lekke Ketel omdat vanaf hier iedereen naar het Station gaat. Behalve ik, Ik blijf bij de familie Wemel. Ik plof neer op een stoel aan tafel en kijk naar het bord wat voor me staat. Ik ga leren hoe ik mijn krachten veilig en goed kan gebruiken. Ik ga mijn vrienden missen en mijn thuis maar volgend jaar kan ik waarschijnlijk weer terug.
‘Waarover zou ze zo zitten te piekeren? Ze zit zo naar eten te staren.’ Hoor ik George zeggen.
‘Ik denk dat ze over mij zit te piekeren. Ze vraagt zich zeker af hoe ze me het best haar liefde kan verklaren.’ Hoor ik Fred tegen zijn broer zeggen.
‘Ik denk, dat ze nu zit te bedenken hoe ze het best bij jullie weg kan komen.’ Hoor ik Charlie zeggen. Het kan me niks schelen wat hun over me denken.
‘Roxanne Perkamentus!’ Schreeuwt er iemand waardoor ik op schrik. Verbaast kijk ik om me heen en op de trap zie ik de enige echt Hermelien Griffel staan. Natuurlijk had ik gehoord dat ze weer vrij was, maar om het zelf te zien is het fijnst. Blij spring ik op en vlieg het meisje in de armen. ‘Gewoon acht weken niks van je laten horen. Je was ineens verdwenen.’ Roept ze boos uit waarop ik schuldig knik.
‘Ik leg het je allemaal snel uit, maar het is allemaal heel ingewikkeld.’ Leg ik haar uit waarop ze knikt. Ik hoor de trap kraken en kijk verbaast op. Hermelien volgt mijn voorbeeld en kijkt ook naar de trap.
‘Harry!’ Roepen Hermelien en ik tegelijkertijd. We omhelzen de jongen stevig en hij ons terug.
‘Hoe gaat het met jullie.’ Vraagt hij blij.
‘Goed.’ Antwoorden we in koor.
‘We hebben zo veel bij te praten en daar hebben we maar een paar uur voor.’ Zeg ik waarop ze me verbaast aan kijken. ‘Ik ga dit jaar niet naar Zweinstein.’ Leg ik ze uit waarop ze bedroeft knikken.

Reacties (1)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen