Foto bij Hoofdstuk 37

Charlie vond het zo erg om me alleen achter te laten bij zijn familie. Dus hij heeft me maar een huisdier gegeven. Zachtjes aai ik het beestje over haar kop en ze lacht naar me. Het is een kleine poolvos die van grote kan veranderen en van plaats kan verschijnselen en verdwijnselen. Het kleine witte ding is z’n schatje. Elke keer als ik naar haar kijk smelt ik. Ik word vastgegrepen bij mijn arm en in een draaikolk getrokken. Verbaast kijk om me heen en zie de astronomietoren en Tops.
‘Tops!’ schreeuw ik boos naar het meisje voor me. ‘Ik sta nog in mijn pyjama!’ Ga ik veder met mijn geschreeuw. Het meisje lacht en zwaait een keer met haar staf.
‘Dan moet je ook niet zo druk bezig zijn met die poolvos Ice van je. Als je haar met rust had gelaten dan had je al lang iets anders aan gehad. we konden maar een paar minuten verschijnselen op Zweinstein.’ Zegt ze waarop ik knik en zucht. Ik kijk naar de kleren die ik aan heb en begin te lachen. Ik heb glanzende zwarte pumps aan mijn voeten en een strak zwart jurkje aan wat tot net iets boven mijn knieën komt. Ze begint te lachen en zwaait nog een keer met haar stok. Meteen heb ik ook een zwarte mantel om.
‘Misschien iets te?’ vraag ik haar waarop ze haart hoofd schud en me mee trekt de trap af. Zodra we in de gang staan voel ik me weer thuis. Ik heb dit oude koude kasteel gemist. Ik heb mijn thuis gemist. Tops huppelt een gang in en vlug loop ik achter haar aan. dit is niet richting het kantoor van Perkamentus. Ze gooit de deur van een lokaal open en loopt zonder enige schaamte het lokaal binnen. Ik hoor Severus schreeuwen dat ze weg moet gaan en ik hoor lachen. Ik zucht diep en loop het lokaal in. ik blijf stil staan als ik zie aan wie hij les geeft. Hermelien, Ron, Harry en Draco herkennen me en bekijken me verbaast. Severus bekijkt me hoopvol en ik kan een kleine glimlach op zijn gezicht ontdekken.
‘Wat denk je zelf? Tuurlijk ben ik geslaagd.’ Zeg ik kalm. De man knikt trots en haalt dan de glimlach van zijn gezicht. Ik pak Tops bij haar hand vast en trek haar het lokaal uit. ik sluit de deur en kijk haar dan aan. ‘Jij spoort echt niet.’ sis ik naar haar waarop ze begint te lachen.
‘Ik zag mijn geliefde neefje naar je staren.’ Zegt ze waarop ik de sarcasme d’r af hoor druipen.
‘Wie?’ vraag ik haar quasi verbaast.
‘Draco Malfidus, hij vind jou heel erg interessant en jij hem volgens mij ook. Ik zie het aan je ogen. Je bent misschien geslaagd voor transfiguratie en de schouwersopleiding, maar je zult nooit zoals mij woorden.’ Zegt ze waarop ik begin te lachen.
‘Ik wil ook helemaal niet zoals jou worden. Maar ooit zal de leerling wel de meester worden.’ zeg ik waarop ze begint te lachen. Ze pakt mijn hand vast en sleurt me de gang door.
‘Daar twijfel ik ook niet aan. Maar even terug naar Draco. Je vind echt wel leuk. Wees maar niet bang ik vind het niet erg. Ik weet alleen niet wat de andere het zullen vinden.’
‘Tops, ik vind Draco niet leuk. Kunnen we nu naar Perkamenrus?’ vraag ik haar waarop ze knikt. Draco is een vriend meer niet. ook al zou ik hem ooit leuk gaan vinden. Zou het niet kunnen. Ik mag hem niet leuk vinden van andere niet en van mezelf niet.

Reacties (1)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen