Foto bij H99: Gedachten bij het drijven ~ Khana

Met een zucht liet ik me in het warme water zakken. Een warmwaterbronbad, stond er op het bordje. Het is zeker warm als je eerst door de regen moet… Volgens mij was dat ook de reden dat er niemand anders was. Ach ja, des te beter voor mij. Het water was heel proper en de donkere rotsen maakten het mooi. Na het middageten was Nick verdwenen, dus had ik onze spullen wat opgeborgen en was ik zelf naar deze plek gekomen om wat te ontspannen. Morgen zouden we ’s nachts gaan zoeken naar Kaori, dus nu hadden we nog even vrij. Terwijl ik me rustig liet drijven, begon ik na te denken.

Er was veel gebeurd sinds ik Nick had ontmoet, zes weken geleden. Ik bedoel, ik zou nooit hebben verwacht zoveel mythische wezens te ontmoeten en ik had al zeker niet verwacht dat Nick zelf een mythisch wezen was… Tja, mythisch was nu wel ergens een foute benaming vond ik, want ze bestonden wel degelijk… Ik had voor het eerst in mijn leven lijken gezien en ik heb ook illegale dingen gedaan: ik heb ingebroken om de Ho-o’s te bevrijden, ik heb tegen een politieagente gelogen en bewijzen vervalst om de kappa’s te helpen, ik heb iemand aangevallen om Ngorngoro te redden, … Hopelijk ging dat niet uitlekken.

Hoe zou het trouwens met Ngorngoro gaan, de wyvern die we in Taiwan hadden gered? En met mijn oma? Automatisch vormde er zich een brok in mijn keel. Het laatste nieuws dat ik van haar had gehoord, was dat ze erg ziek was en dat ze niet wisten of ze het ging halen… Maar ze hebben mij niet terug gebeld om te melden dat ze er niet meer is, dus ze zal wel oké zijn zeker? Ik hoopte zo hard van wel. Nu ik mijn wezel Basilisk verloren was, wou ik niet ook mijn oma verliezen… Ik voelde hoe een traan naar beneden gleed, het water in. De regen tikte nog zachtjes op het dak en er was nog steeds niemand te zien.

Opeens schoot er kort de gedachte aan Halatir door mijn geest. Waar zou hij zijn? Nick had verteld dat hij weg was voor familiezaken, maar ergens voelde ik dat er iets niet klopte… Ach ja, wat geweest is, is geweest. Nu moest ik me op de toekomst richten, op het beschermen en helpen van mythische wezens. Een zwakke glimlach verscheen op mijn gezicht toen ik dacht aan alle mensen en wezens die ik al had leren kennen. Eén voor één waren ze allemaal dierbaar voor me geworden, zeker Nick en Miyuki. En ook al voelde ik dat Nick nog met heel veel vragen zat over mij, was ik blij dat hij ze niet stelde. Nog niet. Misschien in de toekomst, maar dan zou ik er hopelijk wel klaar voor zijn. En de rest van mijn omgeving ook.

Ik haalde even diep adem en dook toen volledig onder, om zo onder het water naar de overkant te zwemmen. Toen ik terug boven kwam hoorde ik voetstappen. De motregen was overgegaan in gewone regen en ik hoorde de voetstappen versnellen. Ik keek om me heen, maar kon niet meteen degene achter de voetstappen vinden. Toen zag ik Nick komen aanlopen met een grijns en mijn ogen werden groot. “Nick, nee, laat dat! Ni…”, zei ik, maar hij onderbrak mij met de woorden: “Bommetje!” en hij sprong met een grote plons het water in. Ik werd half naar achteren geworpen door de massaverplaatsing van het water en kwam happend naar lucht terug boven. “Aah, zalig na een sauna”, hoorde ik Nick zeggen terwijl hij rond dreef en ik keek hem hoofdschuddend aan. Toen kroop er een glimlach over mijn gezicht en begon ik te lachen. Nick keek me met een frons aan en vroeg verward: “Wat is er?” “Niets bijzonders”, zei ik nog half lachend en liet me weer drijven. Ja, ik was blij dat ik hem ontmoet had.

Reacties (1)

  • Kaffaljidhmah

    Khana is nu wel al erg lang in het water, is ze nog geen spons geworden?;)

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen