Foto bij Hoofdstuk 53

Ik schiet wakker en zie Carlo langs me liggen. Zijn arm licht beschermend om mijn middel heen gekruld. Ik buig me naar de jongen toe en druk zachtjes mijn lippen op die van hem. Ik strijk zijn haar uit zijn gezicht en zie hoe hij zijn ogen opent.
‘Dat noem ik nu een geweldige manier om iemand wakker te maken.’ Fluistert hij als hij half omhoog krabbelt. Ik grinnik zachtjes en geef de jongen een kus op zijn lippen. ‘Gister was echt vreselijk.’ Zucht hij waarop ik zwak knik.
‘Moet je na gaan dit was pas de eerste opdracht. Wat zullen ze wel niet hebben bij de volgende opdracht?’ Zucht ik waarop hij zwak knik. langzaam laat ik de jongen los en spring het uit bed. Ik loop naar mijn bureau, pak mijn stok en zwaai er een keer mee. Meteen staan Carlo en ik beide in onze vrijetijd kleding. Ne het gevecht van gisteren heb ik Carlo mee naar mijn kamer getrokken en ben toen rustig in zijn armen in slaap gevallen. Ik had hem gesmeekt om te blijven. Ik was bang dat ik nare dromen zou krijgen. De jongen onderbreekt mijn gedachten door mijn hand te pakken en me mee de kamer uit te trekken. We lopen samen de grote zaal binnen en gaan daar rustig aan een tafel zitten. We kunnen nog geen een minuutje alleen zitten of onze vrienden komen bij ons zitten. Carlo begint een gesprek met het meisje Cho. Het meisje kijkt naar Carlo of hij alles voor haar is of niemand anders meer op de wereld bestaat.
‘We kunnen toch samen naar het bal?’ vraagt ze ineens. Verbaast kijk ik van de jongen naar het meisje en dan weer terug.
‘Mogen we niet samen?’ Vraag ik waarop de jongen treurig zijn hoofd schut. Ik kijk de jongen aan en knik dan langzaam. ‘Ga maar.’ Zeg ik zachtjes waarop de jongen glimlacht en een kus op mijn wang drukt.
‘Roxanne Perkamentus, zou je dan mij de eer willen doen om met mij naar het Kerstbal te gaan?’ Hoor ik een van de tweeling vragen. Verbaast kijk ik de jongen aan en knik dan.
‘Tuurlijk ,waarom niet?’ vraag ik de jongen waarop we beide beginnen te grinniken. ‘Het lijkt me enig om met jou naar het kerstbal te gaan.’ zeg ik met een bekakt stemmetje. Heel het groepje barst in lachen uit en ik lach zachtjes met ze mee. Ik zucht en laat mijn blik door de zaal glijden. Ik kijk naar de jongen die de zaal in loopt. hij ziet mij ook en wenkt me te komen. hij draait zich weer om en loopt weg. Ik kijk naar de groep en sta op. ‘Ik bedenk me net dat ik Charlie nog moet bedanken. Ik ga Ice zoeken. Ik zie jullie straks wel weer.’ Zeg ik en loop vlug bij de groep weg. Zo snel als ik kan loop ik de gangen door en ga naar buiten. ik loop de binnenplaats van het kasteel op en blijf drie stappen achter de jongen staan.
‘Ik wil sorry tegen je zeggen.’ Zegt de jongens zacht. ‘Ik ben een onterechte zak tegen je geweest en dat spijt me enorm. Ik was jaloers op wat Carlo en jij hebben en wilde het ook. Ik heb me vreselijk tegenover je gedragen en dat had ik niet mogen doen. Ik heb mezelf weken lopen haten om het feit dat we geen vrienden meer waren. Het spijt me Roxy.’ Zegt de jongen zachtjes. hij draait zich naar me toe en kijk in de gekwetste ogen van de jongen. ‘Ik haat het dat je niet het zelfde voelt als mij, maar ik haat het meer dat je geen vrienden meer met me wilt zijn. Ik mis je en wil je weer terug.’ Zegt hij en ik voel de haat voor deze jongen iets zakken. Het liefst zou ik deze jongen willen slaan, schoppen, vervloeken en haten, maar ik kan het niet. ik kan het gewoon niet. Ik draai me om, om weg te lopen, maar draai me dan weer naar hem terug.
‘Als je dit ooit nog eens flikt vermoord ik je. je mag me nooit meer zo kwetsen.’ Zeg ik waarop er een glimlach op zijn gezicht verschijnt en de jongen knikt. Ik ren blij op de Draco af en spring gelukkig in zijn armen.
‘Ik beloof het je.’ Fluistert de jongen in mijn oor. Hij moet niks beloven wat hij niet waar kan maken. Ik weet dat hij me ooit weer kwetst, maar dat is iets voor dan. Nu ben ik blij dat ik mijn oude vriend weer terug heb

Reacties (1)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen