Foto bij Hoofdstuk 64

vertel me wat jullie er van vinden!!!
is het ook een kudo waard?

Ik zucht even en kijk om me heen. Het is vandaag de finalen en ik heb er totaal geen zin in. Ik weet wat er gaat gebeuren en ik haat het. Ik zie Carlo en Harry samen op het veld staan. Ze praten wat met elkaar en hebben het gezellig. Ik ben de enigste die het niet naar haar zin heeft. ik ben de enigste die bang is voor wat er gaat gebeuren. Deze avond zal er een winnaar zijn. Er zullen deze avond mensen sterven en er zullen gewonden vallen. Er zal verdriet en haat zijn. Deze avond zal bij iedereen in hun geheugen gegrift staan als de dag dat de Heer van het Duister terug keerde. Ik kijk nog een keer om me heen en zie Draco wat veder op staan. Ik ren op hem af en vlieg hem in de armen. Ik sla mijn armen om zijn hals en druk me tegen zijn lichaam. De jongen slaat zijn armen om me heen en kamt met zijn hand rustgevend door mijn haar.
‘Wat is er Rox?’ vraagt de jongen met een licht bezorgdheid in zijn stem. Ik snik zachtjes en kijk de jongen aan.
‘H-het s-spijt me voor alles.’ Snik ik en druk mijn gezicht in zijn hals. ‘Het spijt me dat ik niet sterk genoeg ben om dit te winnen en hier niet ongedeerd en veilig uit zal komen. Weet dat ik van je hou.’ Zeg ik en veeg vlug mijn tranen weg. Ik kijk de jongen aan en hij bekijkt me bezorgd. Op het moment dat hij zijn mond opent om iets te zeggen roept Perkamentus ons bij elkaar. Ik lach zwak naar de jongen en druk vlug mijn lippen op die van hem. ik glimlach nog een keer naar hem en loop dan bij hem weg. Ik ga bij Perkamentus staan en de rest komt er ook bij staan.
‘In het doolhof zitten geen draken of wezens uit de diepte. Je komt grotere uitdagingen tegen. Je ziet mensen veranderen daar binnen. Ga op zoek naar de trofee, maar wees op je hoeden. Pas op dat je jezelf niet verliest onderweg.’ Waarschuwt de man ons. Ik knik vlug en draai me om naar het publiek. Mijn ogen blijven haken bij mijn vrienden. Ze juichen allemaal voor Harry en mij. Ik zie Fred en George en ik zucht zachtjes. George is boos op me vanwege Draco, daarom mag Fred ook niet met me praten. Fred glimlacht naar me waarop ik triest mijn hoofdschut. Ik draai me om en knik bemoedigend naar Carlo. De jongen lacht trots en trekt me in een vlugge omhelzing.
‘Alles komt goed.’ Fluistert de jongen waarop ik niet antwoord. Ik wil niet tegen hem liegen, maar ik wil hem ook niet angst aan jagen. Misschien is het beter als het onverwachts gebeurd. Misschien kan ik het nog net op tijd tegen gaan en leven we met zijn alle nog lang en gelukkig. Een kanonschot gaat af en ik laat een klein kreetje van schrik. Ik laat Carlo los en ren het doolhof binnen. Zodra ik ver genoeg in het doolhof ben. Is het doodstil. Er is geen enkel geluid te horen en geen enkel teken van leven te zien. Ik loop langzaam rechtdoor en zie in de verte een gedaante op me afkomen. Zo snel als ik kan neem ik de benen en ren ik er van weg. Zo hard als ik kan race ik alle gangen van het doolhof door. Ik blijf stil staan als ik iemand hoor schreeuwen. Iemand schreeuwt dat hij moet rennen. ik begin weer veder te rennen en voor me zie ik twee gedaantes ook rennen. Het zijn Harry en Carlo! Ik zet er nog een tandje bij. ik moet ze tegenhouden!
‘Jongens stop!’ schreeuw ik naar ze toe. Ze negeren me en rennen gewoon door. Zodra ze beide naar de trofee grijpen heb ik Carlo zijn arm al vast gegrepen. We woorden in een zwarte draaikolk getrokken en voor even blijft het nog stiller dan het in het doolhof was.

Reacties (2)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen