Foto bij Hoofdstuk 73

vertel me wat jullie vinden. Ben nieuwsgierig

Ik staar naar het vlammetje van de kaars. Hij danst rustig op en neer. een druppel kaarsvet glijd naar beneden en spat op het houten tafelblad neer. Ze zijn bezig met een of andere besprenkeling. Het enigste wat ik er van af weet is dat het over Harry gaat. eigenlijk zou ik moeten luisteren, maar ik had geen zin en geen concentratie er voor. Mijn hoofd staat er echt niet naar om naar het gezeik en gegrom van Alastor te luisteren. Ik voel dat iemand licht tegen mijn schouder aan duwt en verbaast kijk ik opzij. Sirius lacht naar me en drukt dan een kus op mijn wang. Hij staat op en loopt van de tafel weg. Ik volg hem nauwlettend en zie dat hij bij de keukendeur Harry in een omhelzing trekt. Ik weet niet waarom, maar ik voel opnieuw een haat voor deze jongen. Ik heb het gevoel dat hij Sirius van me afpakt. Opnieuw iemand die alleen maar om Harry geeft. Sirius komt weer langs me zitten en Harry gaat langs de man zitten. De jongen geeft me af en toe een boze blik. Ik voel me op dit moment zwaar onbegrepen. Ik kijk naar de andere kant van me en zie dat Charlie druk in gesprek is met Severus. Ik voel de tranen in mijn ogen prikken en hoe ze licht beginnen te tintelen. Vlug kijk ik weer naar de kaars die voor me staat. Ik voel me net zo eenzaam als dat vlammetje wat daar aan het dansen is. Waarom voel ik me ineens zo eenzaam?
‘Roxy, wat is er?’ Hoor ik Sirius vragen. Ik kijk naar de man rechts van me en probeer een lach op mijn gezicht te persen.
‘Niks, alles gaat prima.’ Mompel ik zachtjes waarop de man zacht begint te grinniken en zijn hoofd schut.
‘Roxanne Perkamentus-Vilijn. Je hebt een jaar bij me gewoond. Ik heb je geadopteerd. Jij bent mijn dochter. Ik ken je voortaan goed genoeg om te weten dat er iets is.’ zegt de man waarop ik zwak knik. Ik zie dat Harry ons gesprek volgt en een verbaasde blik op Sirius zie werpen.
‘Mensen verafschuwen me door mijn vader. Ik voel me eenzaam en buitengesloten. Ik voel me niet meer welkom.’ Mompel ik zachtjes tegen de man. De man lacht zwak en legt zorgzaam zijn arm om me heen.
‘Niemand verafschuwt je door je herkomst. Sommige mensen verwachten het niet of hebben een naar verleden gehad door je vader. Niemand mag je niet of wil je hier niet meer hebben. We hebben het hier al zo vaak over gehad. Wie je vader is en was, zegt niet wie je bent. Je vader moet je nu laten rusten. Jij weet net zoals ieder ander dat het een harteloos monster is zonder liefde. Jij daarentegen hebt vrienden, echte vrienden. Je hebt liefde en familie. Jij zult nooit alleen zijn. Onthoud dat alsjeblieft.’ Zegt de man waarop zwak knik. Ik trek hem in een stevige omhelzing. ‘Mijn nicht is Bellatrix van Detta en ik ben zelf een Zwarts. Ik zit hier ook gewoon aan tafel. Ik zit hier omdat ik voor het goede strijd net zoals ieder ander hier.’ Zegt hij waarop ik zwak knik en hem weer los laat.
‘Dank je Sirius.’ Zeg ik tegen de man en sta op. Zonder nog een woord te spreken loop ik de keuken uit en ga vlug de trap op naar boven. Eenmaal in mijn kamer aangekomen, laat ik mezelf op mijn bed neer vallen en zak ik vrijwel meteen in een wazige droom.

Reacties (1)

  • LarryNiam

    Goed geschreven stuk:)

    2 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen