Foto bij Hoofdstuk 80

en hier is nummertje 80!

‘Roxanne Geef me je hand! Nu meteen!’ Roept Hermelien naar me. ik geef haar mijn hand en woedend staart ze me aan. ‘Je ander hand!’ sist ze naar me. Zuchtend leg ik mijn pijnlijke hand in haar hand. Angstig staart ze naar de tekst die er op staat. ‘Ik ben een monster?’ vraagt ze me zachtjes waarop ik mijn schouders ophaal en knik. blijkbaar ben ik een monster en deels kan ik het wel begrijpen. ‘Jullie moeten naar Perkamentus!’ zegt ze waarop ik mijn hoofd shut en zwak glimlach.
‘Hermelien, je snap het niet. Ik heb dit verdient.’ Zeg ik zacht en sta langzaam op van mijn plek. Het meisje staart me met grote verbaasde ogen aan en schut haar hoofd. Ik glimlach zwak en loop dan richting de uitgang van de grote zaal. Ik heb dit verdiend! Ik ben een monster. Ik ben de dochter van een moordenaar! Ik zucht zachtjes en ga op het gras bij het meer liggen.
‘Ik hoorde je praten met Griffel.’ Ik begin te glimlachen. Altijd even nieuwsgierig. ‘Wat moest je tegen het schoolhoofd zeggen?’ vraagt de jongen me waarop ik zacht begin te grinniken. Een schaduw valt over me heen en ik weet dat hij langs me is komen zitten.
‘Nog altijd even nieuwsgierig, hè Draco?’ Zeg ik en kantel mijn hoofd zijn richting in.
‘Wat was er nou?’ Vraagt hij lichtelijk bezorgd. Automatisch begin ik te glimlachen en staar in zijn prachtige ogen. ‘Ze vond de straf van Omber onterecht.’ Zeg ik en zie de jongen nieuwsgierige worden.
‘Wat was je straf dan?’ Vraagt hij me.
‘Ik moest steeds dezelfde zin schrijven totdat de zin helemaal tot me was doorgedrongen. Toen dat eindelijk was gebeurd had ik het al honderd keer op het velletje gekakeld.’ Zeg ik en ik zie de jongen zachtjes grinniken.
‘Wat is daar zo erg aan?’ Vraagt hij me zacht lachend. Ik glimlach wrang terug.
‘Ja daar is niks mee, maar Hermelien vind het eindresultaat onterecht.’ Zeg ik zachtjes waarop de jongen zijn lach wegtrekt en me verbaast aan staart. ‘De zin staat namelijk op mijn linkerhand gegrafeerd.’ Mompel ik zachtjes en draai me hoofd richting de lucht. Ik kijk naar het wolkje wat langzaam voorbij zweeft. Ik voel Dat Draco zijn koele hand voorzichtig mijn hand vast pakt en op tilt. Zijn duim glijd langzaam en voorzichtig over de ruwe pijnlijke randen van de tekst.
‘Meen je dit?’ vraagt de jongen me waarop ik niet antwoord. ‘Dit staat onder martelen van een student!’ Gromt de jongen woedend. ‘Waarom vind je het niet erg dat dit op je hand staat?’ vraagt hij me zachtjes. Ik glimlach zwakjes en ga recht zitten.
‘Omdat het waar is van wat er op mijn hand staat en het daarom ook niet nodig is om boos te worden.’ zeg ik waarop de jongen zijn hoofd schut.
‘Ik ben wel boos! Dit kun je toch niet toelaten?’ vraagt hij me waarop ik nog breder begin te glimlachen.
‘Heel lief Draco, maar Zwadderaars horen geen medelijden te hebben met Griffoendor leerlingen.’ De jongen staart me pijnlijk aan. ik glimlach zwak en sta op. Ik klop mijn gewaad af en loop bij de jongen weg. ‘Fijne dag Draco.’ Zeg ik nog en versnel dan vlug mijn pas. Ik wil hier zo snel mogelijk weg! ik wil naar mijn kamer en gewoon een potje huilen of zo. Ik heb hier helemaal geen zin meer in.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen