Foto bij H111: Leeftijd ~ Khana

Voor het eerst in 7 dagen tijd had ik terug goed geslapen. Toen ik wakker werd, voelde ik me een stuk beter uitgerust en had ik enkel nog wat last met ademhalen, maar dat ging wel over zodra we terug in Tokio waren. Ik wist nog niet exact wat er in de doosjes zat die Qiuri mij had meegegeven, maar ik had wel het gevoel dat ze een grote waarde hadden. Terwijl ik mijn rugzak weer aan het inladen was, vroeg Nick: “Voel je je al terug beter?” Kort knikte ik en zei: “Ja, het voelt alsof er een grote druk is weggehaald uit mijn hoofd.” Nick snoof even en stak zijn beide katana’s in de zak. “Kan ik geloven, Qiuri vond het vroeger wel leuk om af en toe via telepathie te communiceren, maar wij kregen er enkel hoofdpijn van. Ik denk dat ik één van de weinigen ben die het met hem heeft volgehouden… Wat?” vroeg Nick toen ik hem verbaasd aankeek. “Oh, niets speciaal. Ik heb je alleen nog nooit zo vlot over iets van vroeger horen vertellen”, zei ik en sloot de rits van mijn rugzak. Het was fijn dat hij eindelijk wat losser werd in het vertellen, ik denk niet dat hij zoiets tegen mij zou hebben verteld, 7 weken geleden. Nick glimlachte even en deed zijn spullen om. “Wel, het is niet alsof het een geheim was of zo…”, zei hij en ik deed ook mijn spullen om. “Zullen we?” vroeg hij en ik knikte.

Eenmaal we met de taxi bijna terug in Tokio waren, merkte ik dat het ademen meteen een stuk vlotter ging. Het was vrij druk op de weg, vooral door de vele taxi’s met toeristen die rond reden. Onze taxichauffeur had oortjes in en hoewel ik dat vrij gevaarlijk vond om te rijden, kwam het nu goed uit. “Nick?” vroeg ik en hij keek weg van het raam. “Ja?” “Hoe oud is Qiuri eigenlijk?” vroeg ik en ik zag Nick nadenken. “Wacht even…”, zei hij en hij staarde nadenkend voor zich uit. “Ik denk tussen de 450 en 500 jaar, in mensenjaren dan”, antwoordde hij uiteindelijk en lachte even om het gezicht dat ik trok. “Geloof me, mentaal is hij ergens blijven hangen, maar hij is wel degelijk zo oud”, zei hij en ik glimlachte.

Toen verdween mijn glimlach en verscheen er een frons op mijn gezicht. “Wacht… je zei dat jij hem van jullie kindertijd kende… Hoe oud ben jij dan?” vroeg ik verbaasd en ik zag Nick grijnzen. “Wat denk jij?” vroeg hij nieuwsgierig en ik dacht na. “Ik had gegokt op 100 of zo, qua kennis en mysterieus gedrag…”, zei ik peinzend en ik hoorde hem even grinniken. “Wel, ik weet zelf niet meer hoe oud ik exact ben, maar je mag er al zeker 300 jaar bij doen…”, zei hij toen en ik keek hem met open mond aan. Wat? Zo oud? Wauw… “En hoe doe je dat dan met je identiteitskaart en zo?” vroeg ik toen en hij antwoordde zuchtend: “Veel vernieuwen en op verschillende plekken gaan wonen.” Ik knikte en het was even stil, totdat hij opeens vroeg: “En hoe oud ben jij?” Meteen kreeg ik het gevoel dat hij nog steeds niet geloofde dat ik gewoon mens was en eerlijk gezegd, het frustreerde me. Ik besloot er niets van te zeggen en antwoordde: “Vergeleken met jou ben ik een baby: ik ben 19 geworden in mei.” Nick glimlachte even en zei toen plagend: “Hmm, ik zou eerder kleuter zeggen…” Hij lachte even toen ik hem tegen zijn arm sloeg, maar daarna werd het terug stil. Een kleuter, pffffff… bedankt hoor.

“Ohhaio!” riep Miyuki vrolijk terwijl ze naar ons toe kwam gewandeld. “Ohhaio!” zei ik blij terug en we bogen even ter begroeting. “Jij duidelijk beter zijn!” zei ze met een brede glimlach en ik fronste. “Jij bent ook heel vrolijk, wat is er gebeurd?” vroeg ik en ze lachte. “Ohhaio”, hoorde ik Nick toen zeggen en hij en Miyuki bogen naar elkaar. “Kom, mee naar binnen komen!” zei ze geheimzinnig en ik pakte onze spullen. Oh jee, hopelijk had ze geen pedicuur gepland of zo…

Zodra Nick en ik onze spullen hadden weggezet, gingen we naar de woonkamer. Miyuki wachtte ons al met een grote glimlach op en zodra we bij haar waren, zwaaide ze met iets voor ons gezicht. Ze riep iets vrolijk in het Japans, maar het was te snel voor mij om het te begrijpen. Nick had het echter wel begrepen en trok zijn wenkbrauwen op. “Wat is er?” vroeg ik verward en hij zei: “Miyuki heeft een reis van 5 dagen naar de zee gewonnen bij een wedstrijd.” Nu fronste ik ook en zei tegen Miyuki: “Proficiat, het gaat je vast deugd doen.” “Arigato, maar…” zei ze en ze hield het papiertje met twee handen vast. Opeens vouwde ze het open als een waaier en er verschenen 2 extra tickets. “… jullie mee kunnen! En mooi weer voorspeld zijn!” vervolgde ze en ze sprong nog net niet van vreugde op en neer.

Reacties (1)

  • Kaffaljidhmah

    “Geloof me, mentaal is hij ergens blijven hangen, maar hij is wel degelijk zo oud”, zei hij

    Ik zei het toch! Een persoonlijkheidsstoornis.(A)

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen