Foto bij Hoofdstuk 91

De punt van de stok prikt in mijn hals. Ik mag dat mens van een Bellatrix echt niet. Voor me zie ik Harry en Lucius bij de poort staan.
‘Geef me de Profetie en je vrienden blijven leven.’ Sist Lucius naar Harry.
‘Niet doen Harry!’ Roept Marcel, maar toch geeft Harry Lucius de Profetie. Achter me verschijnt wit fel licht en voor me verschijnt Sirius bij Harry.
‘Handen af van mijn peetzoon.’ Roept hij en geeft Lucius een stomp in zij gezicht. In eens verschijnt Tops langs me en bevrijd me van Bellatrix. Ik knik naar haar en ren op Sirius af. Lucius staat achter hem en wilt hem vervloeken maar ik bescherm hem. Sirius kijkt op van zijn gesprek met Harry en komt langs me staan.
‘Dank je.’ Roept hij waarop ik knik. Harry mengt zich ook in ons gevecht tegen Lucius en nog twee anderen. Ik zie dat Topt samen met Lupos de rest in veiligheid probeert te brengen. Gelukkig maar. Harry verslaat zijn tegenstander die als een lappen pop in elkaar zakt.
‘Heel goed James.’ Roept Sirius en op dat zelfde moment versla ik mijn tegenstander.
‘Net je moeder, Serena.’ Roept hij naar mij. Ik begin te glimlachen en knik ‘Ik hield echt van die vrouw, maar alles liep anders dan we wilden’ Roept Sirius naar mij. ‘Ze is voor mijn eigen ogen vermoord door je vader!’ Schreeuwt hij waarop ik vlug knik. ‘Je hebt je moeders prachtige groene ogen.’ Zegt hij waardoor er een glimlach op mijn gezicht verschijnt.
‘Avada Kedavra.’ Schreeuwt er iemand van achter me. ik draai me om en zie Bellatrix gemeen lachen zodra ik weer terug kijk zie ik Sirius dood voorzicht uit staren. Hij valt in de stenen poort en verdwijnt voor mijn ogen. Is hij dood? Hij is dood! Mijn ogen branden van woede van verdriet van de tranen. Alle mijn emotie razen door mijn lichaam en woedend draai ik mezelf om. Dooddoeners staren me aan, maar ook mijn vrienden. Bellatrix laat haar gemene schater lach weer horen en huppelt vrolijk weg. Ik zie hoe Harry word vast gegrepen door Lupus en Romeo wil mij vastgrijpen, maar ik ben al weg gerend.
‘Ik heb Sirius zwarts vermoord!’ Schreeuwt de vrouw en ze laat haar schater lach weer door de gang galmen. Ik zet nog een tandje bij en ren nog sneller op haar af. ‘Ga je me pakken?’ Vraagt ze me lachend. Ik pak met trillende handen mijn stok en richt hem op haar.
‘Crusio!’ Schreeuw ik en ze schreeuwt kort en valt op de grond. Ze kruipt hopeloos naar achteren en ik lach kort.
‘Meen het, vermoord haar. Ze heeft je Sirius vermoord!’ Schreeuwt de stem van Marten achter me. Ik kijk naar Bellatrix die opnieuw begint te lachen. Ik draai me om naar Voldemort en wil een spreuk afvuren maar hij slaat mijn stok uit mijn handen.
‘Je bent net zo zwak als je moeder!’ Schreeuwt hij.
‘Misschien ben ik net zo zwak als mijn vader. Wie zal het zeggen?’ Sis ik naar de man. ‘Ik snap niet hou mijn moeder van jou heeft kunnen houden!’ schreeuw ik naar de man waarop ik een woedende blik krijg. Hij kijkt in mijn ogen en glimlacht dan naar me.
‘Mooie oogjes liefje. Ze zijn zo rood, zo dodelijk, zo hatend, maar ook zo prachtig.’ Zegt hij en lacht zijn koude dunne hand op mijn wang. Langs me laait er een vuur op en Perkamentus komt er uit stappen. De man komt langs me staan en kijkt van mij naar Voldemort.
‘Het was dwaas van je om hier te komen Marten.’ Zegt de man dan zachtjes. Op dat zelfde moment spreekt Voldemort een spreuk uit en gaan ze de strijd met elkaar aan.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen