Nathan en Samuel gingen als eerste naar de kledingmaker waar Nathan steevast zijn kostuums haalde. Hij zette het pak op de rekening van madame Rosella. Ze kwam pas op het einde van de maand om de rekening te betalen. Met die redenering kon ze dus nog denken dat hij het besteld had, toen hij nog voor haar werkte.
Het kostuum was feilloos. Nathan en Samuel bleven in de zaak zitten, tot de man klaar was en Nathan het meteen kon aantrekken. De gouden knoppen glansden in het licht van de winkel en het zag er stukken duurder uit dan het eigenlijk was.
‘En nu?’ vroeg Samuel, toen ze terug buiten de winkel stonden.
‘Nu ga ik naar mevrouw Lambert. Ze is een enorme fanatiekeling van Le nouveaux aude, een nieuw lid zal ze nooit weigeren.’
‘Goed, daarbij kan ik je niet meer helpen.’ Samuel sloeg een arm om Nathans schouder. ‘Succes Nathan. Je zal het nodig hebben.’
Nathan klopte op Samuels schouder. ‘Dankjewel. Voor alles.’
‘Zolang je maar heelhuids terugkomt,’ glimlachte Samuel. Ze namen afscheid van elkaar en Nathan liep rechtstreeks naar de villa van mevrouw Lambert. Hij kon zijn geluk amper geloven toen hij haar net uit de deur zag komen. Hij haalde diep adem en liep haastig op haar af.
‘Mevrouw Lambert?’ Ze draaide zich om.
‘Oh, hallo daar! Twee keer op één dag, wat is de kans!’ Mevrouw Lambert kwam op Nathan af en gaf hem een natte kus op iedere wang. ‘Ik had al gehoopt dat ik je nog eens zou tegenkomen. Ik was net opnieuw op weg naar de markt! Ik heb nog wat brood nodig voor deze middag en de bedienden kopen altijd het foute. Wat zie je er bovendien verzorgd uit! Is dat een nieuw vest?’
Nathan legde zijn hand op haar arm, om haar te doen stoppen met praten. ‘Ik zou u graag om een gunst willen vragen, mevrouw Lambert.’
‘Noem me toch Catherine,’ zei de vrouw licht blozend. ‘Mevrouw doet me zo oud voelen.’
‘Goed, Catherine.’ Nathan glimlachte.
‘Waar kan ik je mee helpen?’
Nathan besloot om er geen doekjes om te winden. Dit gesprek zou nog uren kunnen duren, als hij nu niet ter zake kwam. ‘Ik zou me graag bij Le nouveaux aude voegen.’
‘Oh, wat een goed idee!’ Catherine klapte in haar handen. ‘Ze gaan je goed kunnen gebruiken, een jonge, sterke man als jij.’
Nathan nam het compliment glimlachend in ontvangst. ‘Weet u wanneer ze nog eens samenkomen? Kan u me meenemen?’
Catherine lachte. ‘Ach zo gretig! Dat gaan ze graag horen. Volgende week is er nog een samenkomst, misschien kan ik je dan introduceren.’ Nathan moest alle moeite van de wereld doen om de teleurstelling niet op zijn gezicht door te laten schijnen. Volgende week? Dat was veel te lang! Wie weet wat ze in die periode met Aurore en haar gezin zouden doen.
‘Volgende week en niet eerder?’ vroeg hij terloops.
‘Jawel lieve jongen, ze komen iedere avond samen maar daar ga ik niet iedere keer heen hoor. Ik heb ook nog andere dingen te doen. Vanavond speel ik bridge met mevrouw Durlont, die hier iets verderop woont. En morgen-’
Nathan strook met zijn handpalm langs haar pols. ‘Catherine,’ zei hij, zo zacht mogelijk. ‘Je zou me een enorme dienst bewijzen als je me vanavond meeneemt. Ik kan niet wachten om de rest te ontmoeten.’ Hij boorde zijn blik in haar ogen.
‘Wel, als je het zo graag wilt...’ mompelde Catherine wat onsamenhangend. ‘Goed dan. Ik denk dat mevrouw Durlont wel een avondje kan wachten. Kom vanavond rond acht uur naar hier, dan geef ik je een rit.’
Nathan nam in een opwelling Catherines hand vast en drukte zijn lippen erop. ‘Bedankt!’
‘Oh gut,’ zei Catherine en ze woof zichzelf wat lucht toe. ‘Het is oké jongen. Zorg gewoon dat je vanavond op tijd bent!’

Ik wist niet wanneer ze papa juist hadden gevonden, maar na een tijdje vervoegde hij mama en mij in de cel. Ik hoorde hoe mijn ouders elkaar in de armen vlogen en luisterde naar moeders gesmoorde snikken, vanaf de hoek waar ik zat. Niet veel later kwam vader naar me toe en nam me voorzichtig in zijn armen. ‘Ik ben zo blij dat je ongedeerd bent,’ zei hij.
‘Dat kan ik niet van jou zeggen,’ antwoordde ik. In zijn stem hoorde ik de pijn die hij probeerde te verbergen en ik had hem eerder lichtjes horen kreunen, toen de mannen hem de cel in hadden gegooid.
‘Ze hebben me ondervraagd,’ zei vader, onverbloemd. Hij wist dat ik niet van liegen hield en ik apprecieerde zijn eerlijkheid.
‘Wat heb je gezegd?’ fluisterde ik. Ik hoorde geen bewakers in de gang, maar soms konden ze zo stil zijn dat ik zelfs hun ademhaling niet meer hoorde.
‘Niets,’ zei mijn vader net zo stil terug. ‘En daar heb ik voor mogen boeten ook.’
Ik kroop wat dichter tegen mijn vader aan en gooide voorzichtig mijn twee armen rond zijn nek. ‘Ik ben blij dat je hier bent,’ zei ik. Mijn vader knuffelde me, ondanks zijn verwondingen, stevig terug.
We bleven dicht bij elkaar zitten, ons gebroken gezin, en vader vertelde over zijn reis. Hij had nog meer mensen gevonden die de revolutionisten zouden steunen en financieren. Mijn vader praatte honderduit, vertelde over de mensen die hij ontmoet en overtuigd had. Met ieder woord dat hij sprak, verdreef hij de duisternis in mijn hoofd en liet hij me zien dat wat we deden, het juiste was.
Op dat moment hoorde ik duidelijke voetstappen naderen in de gang. Ik hoorde ze eerder als mijn ouders en liet hen vlug los. De voeten stopten voor de cel.
‘Als jij niet wil praten, oude man, nemen we haar mee.’ Ik wist meteen dat de stem het over mij had. Mijn vaders greep versterkte rond mijn schouders en ik hoorde mijn moeder luidkeels protesteren. Ik stond echter op en volgde het geluid van de stem, terwijl ik met mijn vingers langs de rand van de cel wreef. Mijn ouders hadden me altijd gezien als hun porseleinen popje. Ik wist dat ze dachten dat ik zou breken onder druk, maar ze hadden ongelijk. Ik was altijd veel sterker geweest dan ze dachten. Ik zou niet breken.
De bewakers namen me hardhandig mee en ik slikte. Ik zou niet breken. Niet nu. Nog niet.


Reacties (2)

  • Hephaistion

    Oh no :C

    1 maand geleden
  • AmeranthaGaia

    Ik: *ziet dat er een nieuw hoofdstuk is*
    Ik: Oké, dit gaat helemaal goed komen. Waarom zou ik in paniek raken vanwege een of ander fictief verhaal? Het is niet alsof ze echt zijn, of zo. Ik ben prima in staat rustig te blijven. No big deal.
    Ik: *opent het hoofdstuk*
    Ik: *begint al te gillen voordat ik überhaupt begonnen ben met lezen*

    1 maand geleden
    • Sunnyrainbow

      Dit is mega herkenbaar

      1 maand geleden
    • Frodo

      Hahahha jullie zijn echt te lief!

      1 maand geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen